De wereld als constellatie Hartmut Rosa boek Hoe de handelingsruimte verdwijnt

Hartmut Rosa – De wereld als constellatie

Hartmut Rosa De wereld als constellatie recensie, review en informatie boek over hoe de handelingsruimte verdwijnt. Op 26 juni 2026 verschijnt bij Boom Uitgevers de Nederlandse vertaling van Situation und Konstellation, het boek van de Duitse socioloog Hartmut Rosa. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Hartmut Rosa De wereld als constellatie recensie en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van De wereld als constellatie, Hoe de handelingsruimte verdwijnt, het boek geschreven door Hartmut Rosa, de socioloog uit Duitsland, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

  • “De socioloog gebruikt suggestieve kracht om een ​​toenemend aantal situaties te beschrijven waarin mensen geen controle meer hebben over hun eigen oordeel.” (Die Welt)
  • “Er zijn boeken die niet alleen je kijk op de wereld kunnen veranderen, maar ook hoe je jezelf ziet. Dit is er één van.” (Tobias Becker, Der Spiegel)

Recensie van Tim Donker

Stel je voor. Ofnee. Stel je dit voor:

Een werknemer. Een baas. Een werknemer, en een baas, en de werknemer zit met een probleem. Laten we zeggen dat er iets met zijn fiets is, en hij belt zijn baas. Een handreiking. Een tegemoetkoming. Meer vraagt hij niet. Hij denkt ik bel de baas, die kan me helpen, daar is die man voor, daarom noemen ze hem de baas. Alleen maar een kleine tegemoetkoming. Ik doe wat, hij regelt wat. Als ze alleen maar één klein wijkje kunnen weggeven, dan kom ik mijn andere vier wijken zelf wel doen, dat lukt wel, een klein kiertje, meer heb ik niet nodig, een kleine ruimte om te doen wat moet, en dit is overmacht, dit is een noodsituatie, dit was niet te voorzien, ik bel mijn baas, daar is die man voor. Die gaat kunnen helpen, dat is zijn baan. Maar neen. Het enige wat de man zegt dat is niet het protocol dat is niet het protocol. Zo zijn de afspraken. Dat zijn de regels. Die heb ik niet bedacht. Je moet zelf maar, ik kan niet helpen, dat is niet het protocol dat is niet het protocol. En stel. Iedere keer als de werknemer nu weer zijn baas ziet, denkt hij, ik zal je met een protocol voor je kale rotkop man, ik zal je stomme ouwemannensnor van je bovenlip protocollen. En vraag me nooit meer om iets op te lossen hier, want daar ben ik niet voor, dat is niet het protocol man.

Over exact deze frustratie heeft Hartmut Rosa een boek geschreven.

Eigenlijk heb ik daar weinig mee op. Zoon tiep die de noden van zijn tijd ziet, en benoemt, en er nog oplossingen voor aandragen weet ook. Doorgaans gaat het met enige tunnelvisie gepaard. Om alles maar onder die ene noemer te kunnen schuiven. Maar Rosa legt eenvoudigweg de vinger op een inderdaad wel erg zere plek. De protocollisering van de samenleving. De wereld als constellatie.

Rosa’s sentrale punt berust op het onderscheid tussen situatie en constellatie. Wie het woord constellatie hoort, denkt misschien aan sterren, aan welkwegstelsels of aan een Canadees platenlabel dat zich spesialiseert in postrock, en waarvan geweten is dat ze al eens een briljant plaatje of twee de wereld in geworpen hebben. Maar dat is alles -uiteraard- niet wat Rosa bedoelt.

Situaties zijn naar hun aard dynamisch, grillig, levendig en geladen met historie (de achtergronden van de actoren) en onvatbare variabelen; humeur, weer, plaats van handeling – alles kan van invloed zijn op het verloop van een situatie. Rosa ziet echter het constellationisme een opmars maken. In het constellationisme wordt alle hoger geschetste dynamiek uit een situatie weggelaten; de situatie wordt gereduceerd tot een x-aantal parameters en handelingsvoorschriften die in alle soortgelijke situaties gelden, en waarvan niet afgeweken mag worden. Maar aangezien twee situaties, hoeveel ze ook op elkaar lijken, nooit helemaal gelijk zijn, leidt dit constellationisme tot een voortdurend gevoel van vervreemding.

Constellationisme heerst op werkvloeren. Het protocol moet altijd leidend zijn. Marx zei al dat de arbeider niet meer was dan een aanhangsel van zijn machine; tegenwoordig is de mens nog slechts een aanhangsel van het algoritme. Het zit verankerd in de wet. De agent die het niet toegestaan is een oogje dicht te knijpen. Maar een notoire hardrijder is een ander persoon dan een vader die met een doodziek kind op de achterbank naar het ziekenhuis sjeest, zelfs al zouden ze precies even hard rijden. Volgens het constellationisme is het dan niet meer dan rechtvaardig als die twee dezelfde bekeuring krijgen, maar in sociaal opzicht lijkt dat toch niet helemaal eerlijk. Het is in allerlei alledaagse situaties geslopen: het keuzemenu dat je krijgt als je een dienst of een instelling probeert te bellen; de voorgeprogrammeerde mogelijkheden waarvan niet één exact van toepassing is op jouw situatie, de digitalisering die elke menselijkheid steeds verder lijkt te marginaliseren; de kreet “regels zijn regels” die overal klinkt, en het is zelfs terug te vinden in de speelkamer. Rosa komt met Lego als voorbeeld. Vroeger was Lego een verzameling bouwsteentjes waar je van alles mee kon maken. Tegenwoordig zijn het bouwsets waar je aan de hand van een strikte handleiding maar één object mee kan maken: een raket, een vliegtuig, een politiebureau. Dat legovoorbeeld sprak me wel aan, al vroeg ik me af in hoeverre dit echt als een teken des tijds opgevat moet worden. Het is waar dat het moderne Lego minder ruimte voor de verbeelding overlaat. Iets wat ik bemerkte toen mijn kinderen nog graag met Lego speelden. Na vele sets samen met mij gebouwd te hebben, kwamen ze op de leeftijd dat ze geen hulp meer wilden. Gingen ze zelf aan de slag, liepen ze toch halverwege vast. Moest ik zo’n bouwwerk weer steentje voor steentje afbreken om te constateren dat er vrij in het begin één steentje verkeerd geplaatst was waardoor later een ander steentje niet meer goed geplaatst kon worden, zodat het hele bouwwerk in de soep liep. Zo was de Lego uit mijn jeugdjaren inderdaad niet. Maar legpuzzels bestaan ook al heel lang, en daarbij kunnen stukjes immers evenmin willekeurig geplaatst worden. Toch zou het symptomatisch kunnen zijn. Het constellationisme is misschien wel sterker zichtbaar bij computerspellen. Ook daar geen mogelijkheid tot vormgeven; slechts laveren doorheen vastgestelde velden. Dat geeft te denken en in ieder geval komt Rosa hiermee met een originele impuls aan de computerspellen-discussie. Nu eens niet de idee dat het zou resulteren in slechtziendheid op latere leeftijd (wat mij altijd aandoet als een variant op het oeroude “vierkante ogen”; het dreigement dat vroeger nog wel eens klonk als ouders vonden dat je teveel televisie keek), of dat computerspellen de jeugd zou immuniseren tegen geweld (want dat kennen we ook nog van vroeger: van gangstarap, black metal en horrorfilms werd in de jaren tachtig reeds beweert dat daar een zeer gewelddadige generatie van zou komen); nee, als ik Rosa goed begrijp, bereiden computerspellen kinderen juist iets te goed voor op het constellationisme, de bureaucratie en de bullshitbanen die hen wachten door hun geest op jonge leeftijd reeds te doden.

Door van elke situatie een constellatie te maken, wordt handelen uitvoeren. Werknemers, werkgevers, agenten, maar ook burgers in eerdergenoemde dagdagelijkse situaties handelen niet langer. Ze voeren uit. Regeltjes. Protocolletjes. Gedigitaliseerde formuliertjes. Keuzemenuutjes afwerken. Toetsen indrukken. Eigen inbreng is niet meer mogelijk, en wordt in veel gevallen zelfs als ongewenst beschouwd. En omdat, stelt Rosa, leven handelen is, voelt de van handelen gedepriveerde mens zich een zombie. Futloos. Afgemat. Depressief. Pathologieèn. Ziek. Mag je nog hopen dat Jort Kelder niet aan je bent komt staan te zeiken. Volgens Rosa is bijvoorbeeld ook de populariteit van het “duivels-komisch duo” (zijn woorden) Trump en Musk terug te voeren op hun radikale anti-constellationisme. Tegen de eis van beheersbaarheid, tegen transparantie, tegen gelijke behandeling, tegen rechtszekerheid: tegen alle vrijheidsbeperkende regels in, om de handelingsruimte weer terug te winnen. Zo bezien maakt het constellationisme de wereld ziek, radicaal, en onvrij?

Waarom is het dan toch zo alomtegenwoordig? Rosa gaat terug. Rosa gaat ver terug. To answer this question we have to go way back to the civil war. Of in ieder geval de tweede wereldoorlog. Een op charisma geënte politiek had tot het nationaalsocialisme geleid; er was nu behoefte aan zakelijkheid. Neutraliteit. Een verfijnder soort wetten. Overal waar mensen macht bezitten, kan die macht worden misbruikt. Het constellationisme moest behoeden voor willekeur. Racisme, sexisme, discriminatie uitbannen. Iedereen gelijk behandelen. Een ander punt is de diepgewortelde menselijke behoefte aan zekerheid. Carlo Rovelli heeft het zelfs over een obsessie met zekerheid (waarom komt de naam Carlo Rovelli nergens in dit boek voor?) (waarom komt de naam Paul Feyerabend nergens in dit boek voor?) (waarom komt). Beheersbaarheid, het woord viel zoëven al. Hoe meer alles tot in de puntjes vastligt, hoe beheersbaarder het verloop van zaken zal gaan. Toch? Ook commercie is gericht op constellationisme, door ons een leven vol gemak en vrije tijd voor te stellen als we onze huishoudens steeds verder robotiseren. Digitalisering en vertechnisering vervolmaken het; we kunnen alleen nog maar klikken en scrollen. En niets meer van onszelf tot uitdrukking brengen. Een andere belangrijke beweegreden is angst. Ergens spreekt Rosa, mijns inziens de nagel op de kop hamerend, over de hermeneutiek van de angst. Zich baserend op boeken van Frank Fured (“How fear works. Culture of fear in the 21st century”), Roland Paulsen (“Die große Angst. Warum wir uns mehr Sorgen machen als je eine Gesellschaft zuvor“) (dat boek mag van mij onmiddellijk in het nederlands vertaald worden, vandaag nog) (niks voor jullie, Boom?) en uiteraard Jonathan Haidt (“Generatie angststoornis”) van wie Rosa het konsept “safetyism” leent (dat was een goed idee, Haidt) (dat van die olifant vond ik dan weer minder) (u weet wel, u is niet de olifant, u is niet de berijder, u is olifant en berijder samen), legt Rosa meedogenloos de kloppende angstzenuw van deze tijd bloot. Inderdaad wordt elk nieuwsfeit al enige tijd van een apocalyptisch randje voorzien en staat alle onheil steeds maar weer voor de deur. De Russen staan voor de deur, een klimaatramp staat voor de deur, algehele dagenlange stroomuitval staat voor de deur, inbrekers staan voor de deur, het is bijzonder druk daar voor die deur. En klaarblijkelijk is bij vrees de inmiddels ingesleten reactie: meer regeltjes! meer regeltjes! beleid! voorschriften! nieuwe wetten (of revitalisering van oude) (Rosa ziet sinds 2022 een toename van het aantal geweldsdelicten onder jongeren, en komt met een opmerkelijke analyse daarvoor: de reactie van “het Westen” op de oorlog in Oekraïne: “Wanneer politici van de regering én de oppositie stellen dat Duitsland voorbereid moet zijn op een oorlog, dat het land in staat zou moeten zijn om in antwoord op de wereldpolitieke situatie oorlog te voeren, dat met agressoren onder geen beding mag worden onderhandeld omdat we anders agressie belonen, en dat in toonaangevende media wordt verkondigd dat we vanaf nu in de vooroorlogse tijd leven – dan is het misschien niet zo vreemd dat jongeren die voor dit soort signalen van volwassenen ontvankelijk zijn, daaruit de handelingspraktische conclusie trekken dat het zo nu en dan toch legitiem is om conflicten met geweld op te lossen.” Ik peins dat je het “Duitsland” uit dit sitaat makkelijk kunt vervangen voor “Nederland”, al heb ik geen idee of de sijfers van geweldsdelicten onder jongeren hier ook stijgende zijn. Mijn meest linkse, toch niet geheel achterlijke collega vond de herinvoering van de dienstplicht een goed idee: “Want als straks de Russen voor de deur staan…” (ja weeral die eeuwige deur ja); en ook het koningshuis -voor zover dat nog enige voorbeeldfunctie heeft (hopelijk niet)- houdt ons keer na keer voor dat het van goed burgerschap, vaderlandsliefde, verantwoordelijkheid getuigt (of het misschien eenvoudigweg “cool” is) om je bij het leger aan te melden – maar dit koningshuis is misschien wel het slechtste koningshuis dat we ooit gehad hebben). Echter: regeltjes, voorschriften en wetten blijven, ook als de vrees verdwenen is: “[H]et probleem [begint] dan ook daar waar de situatie waarop de wetten of de politiek maatregelen proberen te reageren verdwijnt achter de strijd om constellatieve maatregelen en ‘het eigenlijke probleem’ welhaast vergeten dreigt te worden”.

Hartmut Rosa kruidt zijn “De wereld als constellatie” met vele voorbeelden (kruidt? zeg ik nou echt kruidt? welke gek heeft het nou over de kruiden van een boek?) (echt, in godsnaam), waarvan de meest aansprekende al direkt aan het begin. Het spreekt aan omdat het nogal larmoyant is (o wacht daar wil ik zo trouwens nog iets over zeggen). De Duitse socioloog komt af met een meisje in een hamburgertent. Zij heeft, eindelijk eindelijk, genoeg zakgeld gespaard om, eindelijk eindelijk, die hamburger te kunnen kopen waarover zij haar klasgenoten al heeft horen praten maar die zij zelf nog niet heeft kunnen proeven. Blij als een kind, want ze is een kind, gaat ze de zaak binnen, koopt de burger, maar ai ai ai, ze laat hem vallen. Burger op de grond. Vies, geplet, oneetbaar. Volmaakt oneetbare burger. In een wereld waar situaties nog situaties zijn en geen constellaties, strijkt de verkoper over zijn hart en geeft hij het meisje een twede burger. Gratis. In een constellationistische wereld is dat onmogelijk. Dan klopt het aantal verkochte burgers niet meer het geld dat in kas zit, dan krijgt de verkoper problemen met zijn baas, regels zijn regels en hij maakt de regels niet hij voert ze slechts uit. Even los van het melodrama maken de voorbeelden gelijk voelbaar waar het probleem zit. Je kent dat meisje of je bent dat meisje of je was erbij toen het gebeurde. Een ander sterk punt aan dit boek is dat Rosa laat zien hoe wijdverbreid het contellationisme inmiddels is. Je ziet het terug in politiek, in het wetboek, in onze huizen, en zelfs in wetenschap (waar komt de naam Paul Feyerabend, ofnee wacht, dat zei ik al). Daarbij concentreert hij zich op sociologie. Uiteraard, de man ís socioloog. Er zijn pogingen gaande om sociologie een wat meer hard-wetenschappelijk karakter te verlenen. “Constellatieve sociologie”, zo schrijft Rosa, “is een wetenschap die probeert door middel van inductief en deductief onderzoek hypothesen te formuleren en door middel van methodisch gecontroleerde, systematische dataverzameling en -analyse eenduidige feiten, correlaties en zo mogelijk causale verbanden van het sociale leven vast te stellen. Meer concreet bereikt men dat met behulp van kwantitatieve, respectievelijk statistische procedures die met wiskundige nauwkeurigheid de objectiviteit, validiteit en betrouwbaarheid van de claims mogelijk maken. Dit type onderzoek is in zijn methodische en theoretische uitgangspunten eenduidig georiënteerd op het model van de ‘exacte’ empirische natuurwetenschappen”. Maar volgens Rosa levert dit maar het halve verhaal op, en mist het waar het in de sociologie om draait (waarom welk gedrag waar waarneembaar is, bijvoorbeeld). Het zou mij niet verbazen als deze observatie breder getrokken zou kunnen worden; Rovelli’s weerzin tegen de hang naar zekerheid moet ergens vandaan komen. In ieder geval is het opvallend dat in veel gevallen het laatste woord aan cijfers gegeven wordt – zoals duidelijk te zien was in de coronaperiode.

Rosa heeft hiermee dus een rijk, diepgaand en verrassend leesbaar boek geschreven over een zeer verontrustende trend in haast alle samenlevingen – in ieder geval in de westerse. Toch overtuigt “De wereld als constellatie” niet over de gehele linie. Van mij had Rosa bijvoorbeeld nog wel wat dieper op de angstcultuur mogen ingaan. En in zijn poging om de breedheid van het constellationisme aan te tonen, schiet hij af en toe een beetje door. Zo vergelijkt hij, aan de hand van Frederic Jameson, een schilderij van Van Gogh met een soortgelijk schilderij van Warhol. Beide schilderijen tonen schoenen: op die van Van Gogh een paar afgetrapte boerenschoenen, bij Warhol willekeurige, van elke context ontdane damesschoenen. Ik ken die schilderijen allebei niet, en ik ben allerminst een liefhebber van het werk van Andy Warhol. Sterker nog, als iemand mij zou vertellen dat hij door de schilderijen van Warhol een hekel heeft gekregen aan moderne kunst, zou ik hem helemaal snappen. Maar het punt is dat Jamesons voorkeur (en ook die van Rosa) uitgaat naar het schilderij van Vincent van Gogh, omdat “zijn” schoenen geschiedenis tonen. Leven. Sociale status, met alle associaties van dien. Een bepaald historisch tijdperk. De schoenen van Andy Warhol hebben dat allemaal niet, en ik krijg een beetje het gevoel dat Rosa en Jameson decontextualisering zien als het punt waarop het misgaat met het postmodernisme – het zou hierom ook niet meer kunnen emotioneren. Maar wat gedecontextualiseerd wordt, toont een object op een totaal nieuwe manier en emotioneert in mijn ogen daarom juist meer. De boerenschoen van Van Gogh tonen, zo stel ik mij ook zonder dat schilderij te kennen voor, misschien niet zo heel veel meer dan wat mijn eigen werkschoenen ook tonen: hier is op gelopen, hier is (zwaar) werk op verricht, deze schoenen dragen sporen. En omdat lichamelijke arbeid veelal ongeschoold is, kun je het ook gemakkelijk associëren met armoede (ik ben niet arm maar dat weten mijn schoenen niet) of met een moeizaam bestaan (maar elk bestaan is moeizaam). De schoenen van Warhol, daarentegen, losgezongen van elke achtergrond, jagen misschien gedachten bij de kijker aan die hij over geen enkele schoen ooit gehad heeft. Als decontextualisering dan inderdaad het wezenskenmerk is van postmodernisme, en dit lijkt wel de bewering te zijn, raakt het, door aan alle clichés voorbij te gaan, juist vele malen harder. En is de idee dat moderne kunst, experimentele literatuur, muziek uit de eenentwintigste eeuw oppervlakkige onzin is en het nooit halen kan bij Rembrandt, Shakespeare en Bach überhaupt niet een beetje truttig? Die truttigheid lees ik ook terug in het voorbeeld van een onverwacht “leuk avondje sporten” dat “energie tanken” is na onze constellationistische banen die al het handelen teruggebracht hebben tot het uitvoeren van regeltjes en beleid. Ja, uiteraard komt zo’n man met sporten als voorbeeld, het zal ook eens een stevige kroegentocht zijn. Straks schuift men hem nog in zijn schoenen dat hij beweert dat alcohol voldoening kan schenken (ja schenken ja, haha, heel leuk). Tot slot heeft Rosa ook nogal eens de neiging om in herhaling te vallen; een iets strengere eindredactie was geen slecht idee geweest.

Maar dat neemt het niet weg. Dat neemt wat niet weg. Iets neemt het niet weg. Ergens kom je nooit achter.

Dit boek gaat over in welk bedje we allemaal ziek zijn. En moet daarom ook gelezen worden door ons allemaal. In het bedje. Terwijl we ziek zijn. Als Jort Kelder komt zeiken, gooi hem dan het raam uit.

Hartmut Rosa De wereld als constellatie

De wereld als constellatie

Hoe de handelingsruimte verdwijnt

  • Auteur: Hartmut Rosa (Duitsland)
  • Soort boek: sociologisch boek
  • Origineel: Situation und Konstellation (2026)
  • Nederlandse vertaling: Huub Stegeman
  • Uitgever: Boom Uitgevers
  • Verschijnt: 26 juni 2026
  • Afmetingen: 13,6 x 21,1 x 2,3 cm
  • Gewicht: 342 gram
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 24,90 / € 19,90
  • Boek bestellen >

Flaptekst van het boek van Hartmut Rosa de Duitse socioloog

Wat betekent het om mens te blijven in een wereld vol systemen?

De moderne wereld wordt steeds meer bestuurd door regels, protocollen en algoritmes. Op scholen, in ziekenhuizen, bij bedrijven en bij overheden raken mensen verstrikt in systemen die alles meetbaar en controleerbaar willen maken. Waar ooit ruimte was voor een eigen oordeel, ervaring en improvisatie, rest nu het correct uitvoeren van een opdracht.

De spraakmakende Duitse socioloog Hartmut Rosa analyseert deze verschuiving als een beweging van situatie naar constellatie: levende, relationele contexten maken plaats voor vaste structuren die niets meer openlaten. Daarmee verdwijnt niet alleen de vrijheid om te handelen, maar ook de mogelijkheid van echte resonantie, van een wederkerige relatie met de wereld. In De wereld als constellatie laat Rosa zien hoe deze ontwikkeling onze tijdgeest bepaalt. Toch biedt hij ook hoop: herwaardering van vertrouwen, oordeel en speelruimte kan ons opnieuw leren omgaan met het onvoorspelbare en onbeschikbare.

Hartmut Rosa is op 15 augustus 1965 geboren in Lörrach, Duitsland. Hij is hoogleraar sociologie in Jena. In Duitsland is hij een bekend intellectueel en ook internationaal is Rosa een veelgevraagd spreker, over onderwerpen die veelal te maken hebben met onthaasting en vervreemding. In het Nederlands verschenen eerder Leven in tijden van versnelling (2016), Onbeschikbaarheid (2022) en Democratie vraagt om religie (2023).

Bijpassende boeken