Tag archieven: Stig Sæterbakken

Stig Sæterbakken – Siamese

Stig Sæterbakken Siamese recensie, review en informatie over de inhoud van het boek met poëzie van de dichter uit Noorwegen. Bij Uitgeverij Dalkey Archive Press verschijnt de Engelse vertaling van Siamesisk de dichtbundel van de in 2012 overleden Noorse dichter Stig Sæterbakken. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Stig Sæterbakken Siamese recensie van Tim Donker

Een man. Een vrouw. Ouder echtpaar. Ooit moeten ze van elkaar gehouden hebben. Maar hoe gaan die dingen. Je bent jong, je ontmoet iemand, je gaat van elkaar houden, of je denkt van elkaar te houden, of je ziet hele andere dingen aan voor liefde, en je gaat trouwen, want dat is hoe het hoort te lopen in het leven. En voor je het weet is je leven alweer bijna voorbij en ben je vijftig jaar lang bij iemand geweest van wie je je nu hard afvraagt wat je ermee moet. In Siamese resteert voornamelijk afstand, afkeer, nijd en wat misschien nog het best als een vorm van stockholmsyndroom omschreven kan worden. De vrouw richt zich op het hier en nu, huishoudelijke taken, dingen die gedaan moeten worden, boodschappen, eten, klusjes. De man heeft zich teruggetrokken in de badkamer en doet niets meer dan zitten, denken en kauwgom kauwen. Dat is geen Samuel Beckett of Thomas Bernhardt, die er op het achterplat maar weer eens bijgehaald worden (want hee de situatie is absurd en vol van gal en animositeit dus met welke namen gaan we anders schermen?) maar, als je het mij vraagt, eerder Jean-Philippe Toussaint.

Dan flikkert de lamp in de badkamer, en gaat kapot. De vrouw haalt er de conciërge bij van het gebouw waar ze in wonen. Misschien is dat wat overdreven: de conciërge bellen om een lampje te vervangen. Maar allicht is dat in Noorwegen heel gebruikelijk. Wat heeft zo’n conciërge anders te doen in zo’n gebouw met, naar ik veronderstel, sociale huurappartementen.

In Siamese wisselt het vertelperspectief voortdurend tussen de man: Edwin Mortens en zijn vrouw: Erna Mortens. Maar Sæterbakken geeft blijk van zijn meesterschap door het eerste hoofdstuk door Erna te laten vertellen. Zo komt de ongemakkelijkheid van de situatie optimaal tot zijn recht. Erna loopt met de conciërge de badkamer in en daar zit haar man zwijgend in een stoel. Ze haalt er een opstapje bij zodat de conciërge de lamp eruit kan drajen. Edwin boert een paar keer luid, Erna staat er even bij, en kijkt erna, gaat weg, reddert wat in de keuken (“rommelen”, noemde mijn tante dat – heeldurdagen was zij in de keuken aan het “rommelen”, ieder kopje waaruit een van ons koffie had gedronken waste ze ogenblikkelijk af, en bovendien begon ze idioot vroeg met het avondeten, veelal reeds aan het eind van de ochtend – terwijl ze doodnormale oerhollandse gerechten op tafel zette: aardappels, vlees, groente. de aardappels waren bijna altijd gegratineerd dus allicht dienden die kort gekookt vooraleer ze in de oven gingen maar alsnog geen maaltijden waarmee een mens uren bezig moest zijn. haar groenten waren dan ook altijd volledig kapot gekookt omdat ze die meerdere keren op een dag opwarmde. maar haar jus was altijd goed op smaak, dat moet ik zeggen), totdat de conciërge terugkomt uit de badkamer. Ze biedt hem een kopje koffie aan, ze gaan zitten in de huiskamer, ze praten niet of nauwelijks, zitten daar maar, de conciërge steekt een sigaret op. Dat moet ook in het 1997 waarin Sæterbakken dit Siamesisk, zoals Siamese in de originele versie heette, het levenslicht liet zien, bijzonder onattent geweest zijn. Maar Erna zegt er niks van.

Hiermee zet Sæterbakken de lezer feitelijk op het verkeerde been. Of misschien. Op een half been. Bij nu kun je nog denken te maken hebben met een absurdistische komedie over menselijk onvermogen. Twee echtelieden die tot elkaar veroordeeld zijn, een man die verdrinkt in zijn walging en ervoor gekozen heeft de wereld de rug toe te keren; een vrouw die het liefst blijft doen alsof er niks aan de hand is. Niet raar, hij zit gewoon graag in die badkamer, moet kunnen. Zich ondertussen wel afvragend wat de conciërge ervan denken zal. Pijnlijk. Menselijk. Grappig.

Had Edwin als eerste het woord gekregen, dan had het eerste hoofdstuk er heel anders uitgezien. Woede en achterdocht hadden geprevaleerd. Bovendien had hij niet goed begrepen wat er precies aan de hand was. Niet alleen omdat de conciërge niet de hele tijd in de badkamer is, en Edwin weigert de badkamer uit te gaan. Maar ook, zo blijkt, is Edwin blind.

Pas in opvolgende hoofstukken wordt de achtergrond meer en meer ingekleurd. Edwin begon op een bepaald moment zijn zicht te verliezen, tot op het nivo waarop hij nu zit: volledige blindheid. Bovendien lijkt hij ziek te zijn. Terminaal wellicht? (alles is terminaal, zei Zappa ooit toen een journalist hem vroeg in welk stadium zijn ziekte was) Zit hij vast aan een of meerde apparaten? Het kan ook alleen maar een stoma zijn. Kleinswijltjens lang dacht ik dat hij daar in een rolstoel zat, maar het blijkt een schommelstoel te zijn. Is hij verlamd? Het lijkt erop dat hij niet eens kán opstaan. Eén of andere progressieve ziekte, kun je denken, die steeds meer van zijn lichaamsfuncties aantast. Of depriveert hij uit verkozen inactiviteit? Ook een mogelijkheid: Edwin heeft zich toegelegd op het voltijds vegeteren en omdat hij niets anders meer wil dan zitten, en denken, verzwakken al zijn andere spieren. Misschien toch niet ziek, afgezien van zijn blindheid. Erna denkt soms dat hij alles simuleert. Dat hij misschien helemaal gezond is, kan zien, haar en iedereen in de maling neemt. Sæterbakken laat de lezer heen en weer slingeren tussen beide veronderstellingen. De Edwin-hoofdstukken lezend zou je denken dat hij elk moment dood kan gaan. Wanneer je echter door Erna’s ogen kijkt is er misschien echt niet zoveel aan de hand. Gans het boek doorheen blijft het in het midden.

Misschien is Edwin onbetrouwbaar. Uiteindelijk is hij de gek. Een vent die in een schommelstoel zit in de badkamer, op de vloer een zee van kauwgompapiertjes. Hij eet niet, hij praat nauwelijks, hij schreeuwt en scheldt alleen maar. De hoofstukken waarin hij aan het woord is, zijn wel het langst en gaandeweg krijgt hij steeds meer diepte. Gedurende een groot deel van zijn leven was hij de directeur van een verzorgingstehuis, Kronsæter. Hoe hij daar weggegaan is, is niet geheel helder. Gewoon met pensioen misschien? Of moest hij weg toen hij zijn zicht begon te verliezen? Er is ook een incident geweest met een verpleegster; Edwin werd driftig om iets kleins en iedereen op Kronsæther koos de kant van de verpleegster.

Langzaamaan tekent zich het plaatje. Zijn hele leven lang al, was Edwin een temperamentvol man. Maar ook consciëntieus, toegewijd, precies, en zeer intelligent. Op het idiote af. Ja, in de Edwin-hoofdstukken neemt Siamese een beckettiaanse toon aan – het gaat over dood, verrotting, stront, vuiligheid, een enkele keer met een licht erotiese lading. Maar zijn herinneringen aan Kronsæther zijn net zo goed nietzscheaans: de wil tot macht, hoe wat de een vergaart altijd ten koste van de ander gaat. Een ex-collega over wie hij voornamelijk in deze termen nadenkt is De-Sarg; een man waarmee hij een soort haatliefde-verhouding lijkt te hebben gehad. Geen goed woord heeft Edwin over voor De-Sarg maar het lijkt wel een man geweest te zijn die hij met liefde heeft gehaat. Daarnaast denkt Edwin veel na over politieke, sociale, maatschappelijke en emotionele zaken. En komt daarbij vaak tot moje bevindingen. Bijvoorbeeld dat de wet er niet is om de burger te beschermen maar juist om hem te onderdrukken. Of neem dit idee over het huwelijk – of lange relaties tout court: “A liar, that’s what you turn into when you’re with a woman. You have to liet he whole time. Otherwise you’d never be able to keep her.” Kijk met Erna mee en je ziet een onhebbelijk monster vol chagrijn zitten daar in die stoel in de badkamer. Maar eens Edwin zelf aan het woord is, kun je niet anders dan sympathie voor hem opvatten.

Het monster, de volslagen gek in de badkamer. Erna kookt voor hem, brengt hem zijn cola – de enige drank die hij nog drinkt – en vult zijn kauwgom en zijn medicijnen steeds aan. Voorheen nam ze ook zijn persoonlijke verzorging op zich. Knipte zijn haren en zijn vinger- en teennagels. Duwde zijn nagelriemen terug. Schoor en waste hem. Daar is ze omdat ze niet echt veel dankbaarheid hierbij ontmoette mee opgehouden. Nu is Edwin vervuild, stinkend, lang haar, lange baard – om hem een nog iets sardonieser aanzien te geven allicht. Maar is Erna echt wel betrouwbaarder dan Edwin? Ze is onzeker, stil, naïef, beïnvloedbaar en een beetje karakterloos. Ze heeft zeer zeker niet per se een helderder zicht op de waarheid dat de blinde en “gestoorde” Edwin.

Misschien is het aan de lezer, of ligt het ergens in één of ander midden – misschien wat meer naar links, misschien wat meer naar rechts ervan. Geloof je Erna, dan is Edwin een vreselijke man. Bezie je het van de andere kant dan is Erna een emotieloze, ijskoude vrouw die een blinde hulpeloze man aan zijn lot over laat, hem alleen maar het hoogstnoodzakelijke brengt om hem in leven te houden en verder in huis de hele dag door met dingen bezig is waarop Edwin geen enkel zicht meer heeft. Letterlijk en figuurlijk.

Je hoeft niet heel veel fantasie te hebben om Siamese te lezen als emblematisch voor alle huwelijken. Hoe abnormaal de situatie van Erna en Edwin ook is, in essentie is het niet heel anders dan datgene waar veel mensen mee overblijven wanneer ze tientallen jaren bij elkaar zijn geweest. Ze hebben alles gegeven, de anders was ondankbaar. Ze waren en deden zoveel dat de ander nooit zag. Ten beste blijft er een kameraadschap over waarin de ander gedoogd kan worden. Maar pure weerzin is ook niet onmogelijk. Doorschoten met flitsen van genegenheid. Edwin noemt Erna Sweetie. Uit dodelijk cynisme. Maar soms ook met de compassie die de twee altijd nog voor elkaar hebben, ergens, diep verscholen onder de zwarte teer van alle andere lagen.

Iemand van de New York Times zegt: “Siamese is a difficult and brilliant book, like one of those skulls inscribed: ‘As I am now, so shall you be’ that a death besotted Romantic might have kept by his bedside.”; wel – Siamese is geen moeilijk boek. Een pijnlijk boek misschien, omdat het gaat over verval. Verval van liefde, verval van decorum, verval van aanzien. Verval van gezondheid ook. Dood gaan we allemaal, en de laatste stappen erheen zijn vaak niet de mooiste in een mensenleven. En briljant is Siamese ook niet echt. Het had briljant kunnen zijn, maar Sæterbakken laat na zijn geniale opening net iets teveel liggen. De ontwikkelingen met de conciërge, die, zo komen als we het boek al bijna uit hebben nog te weten, Olav Martiniussen blijkt te heten, zijn net iets te voorspelbaar. Al heeft Sæterbakken het einde dan wel weer zodanig open gelaten dat wat er op het allerlaatst aan de hand is een weinig in de lucht blijft hangen. En Erna is me toch iets te tweedimensionaal gelaten. Ik kon haar niet anders zien dan als Edith Bunker. De archetypische huisvrouw. Voornamelijk bezig met praktische zaken. Ondanks al het zuur dat haar ten deel valt, toch altijd loyaal aan haar man. Zelfs als ze boosaardige dingen over hem denkt, houdt ze een marge open waarin ze hem toch niet helemaal wil afvallen. Ook blijkt veel van wat ze in eerste instantie als gekheid terzijde schuift, later in het boek toch op waarheid te berusten (zoals een schuld die De-Sarg volgens Edwin nog bij hem heeft openstaan). Misschien had Edwin toch gelijk. Misschien zag Edwin het toch allemaal juist. Zulke gedachten. Zulke twijfels. Die Erna als personage in ieder geval niet krachtiger maken. Tot slot had er meer met de taal gedaan kunnen worden. De taal had gestoorder, kapotter gekund. Maar dat euvel ligt misschien eerder bij vertaler Stokes Schwartz. Die behalve literatuur ook -of misschien vooral- technisch en historisch werk heeft vertaald. Mogelijkerwijs heeft hij een te zakelijke benadering van het Noors gehad? Alleen diegenen die het Noors machtig zijn, kunnen die vraag beantwoorden.

(en hoe een boek kan zijn als een schedel met inscriptie zie ik al helemaal niet, maar voor New Yorkers zal dat allemaal wel duidelijk zijn)

Misschien had er meer in kunnen zitten, maar Siamese is al bij al een zeer fijn boek. Pijnlijk. Absurd. Grappig. En, zeker op het eind, af en toe ook regelrecht ontroerend. Een boek over liefde. Een boek over dood. Een boek over leven. Ik kende Sæterbakken eerlijk gezegd niet, ik weet niets van zijn oeuvre. Geboren in 1966, overleden in 2012 en in ieder geval dus niet bijster oud geworden. Maar dat zegt niets over een oeuvre; sommige schrijvers pennen boek na boek na boek na boek in slechts enkele jaren. Siamese verscheen in 2010 al een keer in Engelse vertaling; deze twede editie is meer dan verdiend. Een vertaling in het Nederlands zou ook mooi zijn. Misschien iets voor Koppernik?

Stig Sæterbakken Siamese

Siamese

  • Auteur: Stig Sæterbakken (Noorwegen)
  • Soort boek: gedichten, poezie
  • Origineel: Siamesisk (1997)
  • Engelse vertaling: Stokes Schwartz
  • Uitgever: Dalkey Archive Press
  • Omvang: 164 pagina’s
  • Afmetingen: 14 x 20,3 x 1,3 cm
  • Gewicht: 227 gram
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 13,50 / € 12,99
  • Boek bestellen >

Flaptekst van de Stig Sæterbakken dichtbundel

Edwin Mortens is almost blind, but has good hearing; his wife Erna is hard of hearing, but has excellent eyes. Paralyzed from the waist down, Edwin sits locked in his bathroom all day, every day, trying to liberate his mind from his body.

Edwin Mortens is almost blind, but has good hearing; his wife Erna is hard of hearing, but has excellent eyes. Paralyzed from the waist down, Edwin sits locked in his bathroom all day, every day, trying to liberate his mind from his body. The experiment is going relatively well: nearly all his bodily functions have ceased, his limbs are in a state of decay, and his digestive system is in the process of breaking down. “This body,” he says, “is a sewer.”

To pass the time, Edwin dedicates his days to chewing gum and screaming at his wife, on whom he is, nonetheless, entirely dependent; while Erna’s life, despite Edwin’s constant abuse, revolves around her hideous husband. Edwin and Erna live in a state of perfect equilibrium—fueled by habit, cruelty, humiliation, and quite possibly love—until a young maintenance man is called to replace a lightbulb in Edwin’s bathroom, and the “Siamese twins” find themselves embroiled in a new and vicious struggle for power.

Stig Sæterbakken is op 4 januari 1966 geboren in Lillehammer, Noorwegen. Hij was een romanschrijver, dichter en vertaler. Van zijn werk is tot nu toe nog geen Nederlandse vertaling verschenen. Op 24 januari 2012 overleed Stig Sæterbakken op 46-jarige leeftijd. Hij pleegde zelfmoord.

Bijpassende boeken en informatie