Tagarchief: Nijmegen

Kees ’t Hart – VICTORIEN, ik hou van je

Kees ’t Hart VICTORIEN, ik hou van je recensie en informatie nieuwe Nederlandse verhalenbundel. Op 24 augustus 2021 verschijnt bij uitgeverij Querido de nieuwe roman van de Nederlandse schrijver Kees ’t Hart.

Kees ’t Hart VICTORIEN, ik hou van je recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op deze pagina de recensie en waardering vinden van VICTORIEN, ik hou van je. Het boek is geschreven door Kees ’t Hart. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de nieuwe bundel met verhalen van de Nederlandse schrijver Kees ’t Hart.

Recensie van Tim Donker

Toen we Kees ’t Hart hadden zien lopen. Toen we gingen lunchen. Toen dat nog kon, toen je nog gedachteloos een restaurant in kon lopen, toen de Hugo restauranteigenaren nog niet verplicht had te discrimineren op medische gronden. Toen het al herfst begon te worden. Toen we daar zaten. Toen we doorheen het raam Kees ’t Hart zagen lopen. Toen het nog dat jaar was waarin ik geloven kon dat we vrienden waren.

Wie is die Kees ’t Hart eigenlijk, een oplichter ofzo? Een illusionist? Een zwendelaar? Een querulant? (dat artikel in nY was raar, Kees) Ik weet het niet. Kees ’t Hart kan je dingen verkopen die je eigenlijk niet kopen wil, dat weet ik wel. Zoals toen. Met die dichtbundel van hem. Zijn tweede. Welk jaar was dat? Ja, 2008, dat kan ik ook wel opzoeken in het boek. Maar 2008 was niet het jaar waarin ik het kocht, al kan het ook niet veel later geweest zijn. Want het was in Eindhoven. Bij De Slegte. Daar kwam ik vaak, bij De Slegte in Eindhoven. Mijn vader woonde in Eindhoven. Mijn zus en mijn nichtje woonden in Eindhoven. Mijn moeder was er aan het doodgaan. Ik kwam vaak in Eindhoven en altijd als ik er kwam ging ik er naar De Slegte. Mooie De Slegte was dat. Hoe het licht daar door de ruiten viel. Zo viel er nergens licht door ruiten. Ik kuierde er rond. Verbleef er meerdere uren. Op elke afdeling moest ik zijn. Literatuur. Proza. Poëzie. Filosofie. Wetenschap. Engels. Nederlands. Strips. Oud. Nieuw. Wat & wat zag mijn oog nu weer liggen. Stapeltje dichtbundels. Ramsj. Maffe kaft. Met die bloempot. Dat ene kinderlijk getekende bloemetje erin en die andere bloem die veel “affer” oogde. Zoiets pak je meteen op. Zoiets blader je door. Zeker in De Slegte in Eindhoven, met dat licht en hoe dat er door de ramen viel (er valt daar geen licht door ramen meer) (wat voor winkel zou er nu in zitten? vast een of andere hippe kledingwinkel met een Engelse naam). God. Hoe nu? Een ode aan Frank Zappa! Die gast heeft me daar een ode aan Frank Zappa geschreven! Gedicht van bijna tien pagina’s lang. Ja hier moet ik geen enkel ander gedicht meer in lezen, dit gaat gewoon meteen mee naar huis. Misschien was het wel 2008. 2009 misschien? Niet later dan 2010 want toen is mijn moeder overleden. Frank Zappa was niet meer de onaantastbare held die hij voor mij was geweest toen ik zijn mjoeziek kennen leerde. Begin negentiger jaren was dat, ik was nog scholier, ik was zeventien ofzo, ik zat op de HAVO, ik weet niet meer waar ik voor het eerst iets van hem hoorde maar wel dat ik meteen verkocht was. Het was ook zoon onnavolgbare vent, die Zappa. Helemaal geen tiepiese popmuzikant. Over alles had hij meningen, over alles had hij uitspraken gedaan, haast altijd rare maar wel zeer doordachte en meestal ook erg rake uitspraken. Hij had een boek geschreven, dat ook in het Nederlands vertaald was. Het Echte Frank Zappa Boek. Pluspunt dat het vertaald was want op de HAVO las ik nog geen Engels. Dat deed teveel aan school denken, dat deed ik in mijn vrije tijd niet. Ik herinner me het kopen. Het Echte Frank Zappa Boek. Bij Van Pierre Boeken zoals die boekwinkel als ik me het goed herinner heette. In Eindhoven ja want verrek, begin jaren negentig woonde ik er zelf ook nog. De boekverkoper zei dat Frank Zappa bijna dood was, dat vond ik een grappige uitspraak, dat vertelde ik de volgende dag op school aan Patrick. “Dat kan niet,” zei Patrick. “Ofwel ben je dood ofwel ben je niet dood. Je kunt niet een beetje dood zijn zoals je ook niet een beetje zwanger kunt zijn.” Ik bewonderde Patrick. Hoe hij altijd op zeer betweterige toon de stompzinnigste dingen kon zeggen. Dat wilde ik ook kunnen: mijn domheden als slimheden presenteren. Niet veel later ging Zappa inderdaad dood. De onbetwiste God. Humoristisch, intelligent, maf, intrigerend, geweldig instrumentalist (zijn solo’s! sjeesis! zijn solo’s!). Maar dat was vroeg in de jaren negentig, In 2008, of 2009 (of was het nou 2010?) dacht ik allang niet meer zo over Frank Zappa. Maar als ik een dichtbundel aantrof met een bijna tien pagina’s lange ode aan hem dan ging die dichtbundel zonder enige twijfel meteen met mij mee naar huis – zo hoog had ik ‘m in die dagen nog wél zitten (inmiddels vind ik bijna niks meer van die man, een arrogante zeur misschien. van zijn wagon- en wagonladingen cd’s zijn er misschien maar een stuk of vijf écht goed en dan nog eens een stuk of tien “wel aardig”. de rest heb ik allemaal aan mijn zoon gegeven) (naja vijf goede en tien aardige cd’s maken, dat is natuurlijk wel nog altijd iets waar de gemiddelde muzikant zijn rechterarm voor over zou moeten hebben). Ik denk dat ik die dag niet eens meer lang gebleven ben in De Slegte. Ik denk dat ik naar buiten wilde. Ik denk dat ik wilde gaan lezen in die dichtbundel van die Kees ’t Hart (die ik alleen van naam kende).

Ik, ik buiten, ik zitten, ik lezen. Maar watte – …? Wat waren dat in jezusnaam voor een gedichten? Gedichten van het soort dat ik normaal niet las. Het NEE-gedicht. God. Ja. Of nee. Dat was geweldig. Het leven van Frank Zappa mocht er ook zijn. Zeker. Maar er was iets. Er was iets met die gedichten. Eigenlijk hadden ze alle elementen van het soort gedichten dat ik haat. Vaak, veel te vaak liet die ‘t Hart iedere nieuwe regel. Van zijn gedichten. Beginnen met een hoofdletter. Of de zin nu eindigt aan het eind. Van een regel. Of niet. Steeds die hoofdletters. Ik moet niet hebben. Van gedichten. Vol met hoofdletters. Waar ze niet hoeven staan. Een hoofdletter. Waar wel de regel. Maar niet de zin begint. Dat leest bijzonder. Irritant. Zeg nou zelf. Of gedichten waarvan elke strofe hetzelfde aantal regels heeft, was dat een of andere klassieke versvorm ofzo? En dat die regels dan ook steeds ongeveer dezelfde lengte hebben. Ik hou niet van die regelmaat, ik hou van gedichten die overheen de pagina’s vliegen, met zinnen die maar nooit eens willen blijven staan. Soms rijmden zijn gedichten, of leken ze te rijmen, of rijmde er zomaar ineens iets en vroeg ik me verschrikt af Hoe lang staat dat hier allemaal al te rijmen, is die gozer me nu bezig me gedichten op rijm door mijn strot te douwen? Lees ik nu rijmende poëzie? Op een bankje ergens in het centrum of Eindhoven dan nog? Deze gedichten hebben alles wat ik niet wil, eigenlijk zou ik deze gedichten moeten haten, eigenlijk zou ik deze bundel hier en nu in een vuilnisvat moeten werpen. Ergens in het centrum van Eindhoven. Maar ik wierp niet, ik zat, ik las, ik las bijna heel die bundel in één keer uit. Ergens in het centrum van Eindhoven. Ik wist het niet. Ik wist niks meer. Vond ik dit nu goed of slecht? Ik wilde mijn geld terug vragen, ik wilde die Kees ‘t Hart gaan opzoeken, ik wilde nog meer boeken van hem lezen om zeker te zijn. Ik had iets gelezen, bijna in één adem uit gelezen, dat ik normaal nooit zou lezen. Had ik gelezen. Daar. Ergens in het centrum van Eindhoven.

Of neem dit hier Victorien, ik hou van je.

(die titel, daar begon het al mee. in eerste instantie las ik Victoriën, ik hou van je. en ik dacht. is het meervoud van victorie victories of victoriën? of victorieën? kent victorie wel een meervoud?, en zo ja waarom dat laatste woord van de titel wel weer enkelvoudig, en niet victoriën, ik hou van jullie? en ik was geprikkeld, en ik vond mezelf peinzend over de titel, en verder nog: want ook dacht ik nog een fractie de titel te moeten lezen als Victori, en ik hou van je – en dat alles in slechts enkele seconden tot ik de titel klaar zag zoals die is)

Neem het titelverhaal. Ja neem dat.

(Nee tegen het titelverhaal, zei Kees ’t Hart jaren eerder in zijn NEE-gedicht)

(& ja toch maar weer eens een bundel gewoon in volgorde zitten lezen)

Dat gaat daar 25 bladzijden lang ofzo over een zin die tussen 1980 en 1992 te lezen was op een brug aan de Waalkade in Nijmegen. Wat moet ik met een zin die tussen 1980 en 1992 gestaan heeft op een brug in Nijmegen? Ik ben die hele periode lang niet één keer in Nijmegen geweest. Ergens na het jaar 2000 ja, toen ben ik enkele jaren lang diverse malen in Nijmegen geweest. Ik studeerde, of misschien net niet meer, en we maakten een literair undergroundblaadje (dat wij – de tweekoppige redaksie – voornamelijk zelf volschreven) en dat we zelf distribueerden onder de verkooppunten waarvan er enkele (één of twee) in Nijmegen waren. Toen kwam ik er wel eens, toen at ik er wel eens in een restaurant, is er kans dat ik toen ook wel eens op de Waalkade gelopen heb? Ja. Goed. Waarom niet. Maar die zin was er toen al niet meer en zou zo’n zin me überhaupt zijn opgevallen anders? Tussen 1980 en 1992 kwam mijn vader wel vaak in Nijmegen. Hij moest daar geregeld zijn voor zijn werk. Een keer per maand? Weetikveel, valt een kind een regelmaat op? Het was vaak, of dat vond ik, maar niet zo vaak als bijvoorbeeld judo waar ik elke week heen moest. Dan was hij voor zijn werk in Nijmegen, dat ik overigens hardnekkig bleef uitspreken als Nijmnegen, dan was hij laat thuis, dan at hij niet mee en dan was hij er zelfs ook nog niet als ik naar bed moest. Moet pappa vandaag naar Nijmnegen?, vroeg ik mijn moeder. Zei ze Ja, dan wist ik genoeg. Dan was het slapen gaan zonder kietelen en stoeien en grapjes maken. Dat is waar Nijmnegen in de jaren tachtig voor mij voor stond: naar bed zonder kietelen en stoeien en grapjes maken.

Dus nogmaals. Wat moet ik met de zin Victorien, ik hou van je die tussen 1980 en 1992 geschreven stond op een brug in Nijmegen?

En die Victorien ken ik ook al niet.

En toch. Ik lees het smaak. Ik lees het geboeid. Ik lees het geamuseerd, en in de ban.

Ofnee. Niet helemaal correct. Ik luister.

Want zo is het. Het is maf, maar zo is het. Ik lees deze teksten niet. Dit is geen proza, is het wel bedoeld als proza, het zijn verhalen en ontboezemingen. Ik hoor dit aan. Ik hoor dit alles aan. Nee niet van een “rasverteller” of zoiets debiels, god bewaar me. Erger nog. Ik luister naar een goede vriend. Ik luister naar mijn beste vriend. Kees ’t Hart en ik zitten op kaffee en hij is aan het woord – alleen hij is aan het woord, ik krijg er niks tussen en dat wil ik ook niet. Dat soort beste vriend is hij. Je hangt aan zijn lippen. Je wil alleen hem nog horen. Je hoopt dat hij nooit ophoudt met vertellen.

Dat soort vriend en dat soort kaffee.

Of is het een restaurant misschien.

We gingen op restaurant want toen kon dat nog. Toen mocht iedereen nog op restaurant: zij die konden bewijzen dat ze “gezond” waren (dat heet: gezond in de opvatting van de Hugo) en zij die dat niet konden. Iedereen mocht, er bestond nog geen uitsluiting (wat wel weer duidelijk maakt waarom apartheid om te beginnen al een Nederlands woord is) (diegenen weren die niet doen zoals de massa doet, daar zijn Nederlanders goed in) (normaal doen, daar houden Nederlanders van) (norm-aal: volgens de norm) (dat waaraan bijna iedereen voldoet) (bijna) (Normaal) (Ik ben moar een eenvoudige boerenlul) (inderdaad, Bennie: eenvoudig is dat simpel breintje van je zeker en een lul dat ben je ook) (g’woon) (Nederland houdt van gewoon) (het enigste wossie wa so lekker gewoon is geblefuh) (en die anderen) (die mottuh altijd so nodig anders sijn as een ander) (apartheid: een Hollandse traditie in ere hersteld) (goed van de Hugo!) (de Hugo for president!), en dus daar gingen we. We zaten aan tafel, we bestelden broodjes. We zagen Kees ’t Hart lopen. Dat kon. Het was immers Den Haag, daar. We bestelden broodjes in een restaurant in Den Haag en we zagen Kees ’t Hart lopen. Edwin zag hem het eerst. Hij wees naar buiten, Ricco en ik keken door het raam. Daar loopt Kees ’t Hart, zei Edwin. Oja, zeiden we, daar loopt Kees ’t Hart. Nu weet ik alles weer, zei ik. Edwin keek me een moment niet-begrijpend aan. Zei toen: O, is dat van hem? Ja, zei ik. Dichtbundel. Zijn tweede. (pas in de trein terug naar huis bedacht ik me dat het is: Ik weet nu alles weer). Misschien voelden we ons een momentje goed. We hadden een dichter zien lopen. Het klootjesvolk herkent mensen van televisie, wij hadden een dichter herkend. Misschien voelden we ons een momentje goed maar toen kwamen de broodjes. Er zat komkommer bij mijn broodje. De zaadlijsten waren eruit verwijderd. Ik begon een relaas over de voors maar vooral over de tegens van het verwijderen van zaadlijsten uit komkommer. Een lang relaas. Misschien een iets té lang relaas, afgaand op de blikken in de ogen van Ricco en Edwin. Blikken die gingen van geamuseerd via ongeduldig naar verveeld en misschien wel verbijsterd. Maar het maakte niet uit. In dat jaar kon ik nog geloven dat we vrienden waren en ik hoopte dat ik het soort vriend was van wie je het hebben kon als hij je verveelde. Het soort vriend waarvan je wist dat hij soms te lang op dingen door ging maar dat maakte niet uit want hij vertelde smakelijk en op zekere manier was het ook zijn charme, van hem, van die vriend: die stokpaardjes die hij soms een weinig te lang bereed.

Dat soort beste vriend dus. In dat soort restaurant. Is hij. Is Kees ’t Hart.

Het proefschrift begint als een soort bespotting van het academische wereldje, misschien een soort hekeling van literatuurwetenschappen? Aan alles betekenis willen hechten, overal iets achter zoeken, alles doordenken, elke regel kapot redeneren? Geweldig, op al wat zich doet als wetenschap zonder ooit werkelijk wetenschap te kunnen zijn kan niet genoeg gescholden worden als je het mij vraagt (je vraagt het mij niet). Maar het stevent helaas af op een flauwzinnig einde: dat met die afgietsels vond ik bij Zappa / GTO’s al niet heel erg grappig maar de herneming ervan in een literaire setting vond ik zelfs op het gênante af (waar las ik Zappa’s versie ook alweer? schreef hij erover in Het echte Frank Zappa boek? ik weet het niet ik kan het ook niet meer nagaan want ik heb al mijn Zappa-boeken naar de kringloop gebracht). Maar Kees ’t Hart mag gênant zijn, zelfs gênant is hij nog uiterst vermakelijk.

Meestal is hij niet gênant.

Meestal is hij niet eens vermakelijk – of liever: ver voorbij vermakelijk is hij meestal.

Toeren met Toon Tellegen en Corrie van Binsbergen – die laatste trouwens ook alweer zo’n naam uit het verleden maar al haar cd’s gaf ik niet eens meer aan mijn zoon, die gingen samen met de Zappa-boeken naar de kringloop; en daarna wilde ik het stedenspel met mijn zoon spelen (wilde ik, wilde ik. maar deed ik niet, Kees ’t Hart kletst mij deze avond de oren van het hoofd en voor enig “ik” (als in doen wat ik wil doen) is hier helemaal geen ruimte en dat is de schoonheid ervan).

Een vogelkerkhof, feitelijk weer een gedicht, en weer met hoofdletters enzo, en elke strofe vier regels en alle regels ongeveer even lang, en aksidenteel rijm of rijmt dat al langer dan ik dacht misschien en valt het me alleen maar af en toe op?, maar mooi en ontroerend en zo bloedwarm dat het ook hier is of ik hem praten hoor, misschien draagt hij tussendoor wel even één van zijn gedichten voor, hoe ging het ookalweer, de avond was zo lang, en zo onwezenlijk vol, achteraf weet je niet meer wat werkelijk zo ging en wat je er later in je kop aan toegevoegd hebt.

En of hij nu een prachtige, verstillende herinnering aan De Eenzame Uitvaart (iets wat ik voornamelijk kende van F. Starik) (ook hij nu dood) (ik deelde ooit een podium met hem) (tenminste als “vlak na hem een eigen schrijfsel in de mikrofoon sputteren” hetzelfde is als “een podium delen”) met je deelt; op even humoristische als erudiete en bevlogen wijze vertelt over een lezing in wording; het keelsnoerende verhaal vertelt dat zit achter een simpel (en overigens mij onbekend) boekje van Søren Kierkegaard of op je vloekt omdat je geboren bent zonder voeling met de schoonheid van het Noorden – je houdt van die man, je houdt van zijn woorden, je houdt van hoe hij daar alles, zittend tegenover je, (& jullie allebei al een beetje dronken misschien), zit te vertellen, en praat, en praat en praat. Je kunt er geen genoeg van krijgen. Je luistert en luistert en luistert. Nu al 184 pagina’s lang.

Maar dan: Na afloop is van papier en blijft van papier. Wat is dat eigenlijk, Kees? Een parodie op David Markson? Waarom zou je David Markson willen parodiëren? Je kunt niets hebben met diens proza, akkoord, maar wat hij doet is uniek en ik weet niet of je het unieke moet parodiëren. Bij iets als wat Markson deed past mijns inziens alleen maar ontzag, en áls je hem als parodiëert doe het dan in ieder geval een stuk beter en niet zo allejezus flauw als in Na afloop (“Suske en Wiske zien elkaar alleen nog maar met Kerstmis.”; “Tristram Shandy schreef in 1762 een roman met alleen maar eerste zinnen.”; “André Hazes heeft zelf nooit gevliegerd”; “Met Josef K. kon in de pauzes van de roman enorm lachen.”; “Vader Abraham is in 2028 bij een poging door een waterkraan te kruipen overleden.” – voor een postje op Facebook was het een geknipte tekst geweest (was je was op tienduizenden “likes” komen te staan), maar na de meeslependheid die dit boek tot hier toe was, doet het me toch een heel klein beetje goedkoopjes aan).

De laatste tientallen pagina’s blijft ’t Hart voor mij een papieren ’t Hart. Het hoofddoekje, over een meisje dat de jeugdinrichting Het Poortje in Groningen bezoekt, is fantastisch en heel “voelbaar”, maar het blijft een papieren verhaal over een meisje dat de jeugdinrichting Het Poortje in Groningen bezoekt. Misschien zijn sommige van de verhalen van ná Na afloop even sterk als die ervoor, kan. Misschien is er alleen maar een ander licht aan gezet. Misschien is de teevee aangezet. Het hoofddoekje zie ik vooral voor me als een kortfilm op Nederland drie (of heet die zender anders tegenwoordig?); Bij de uitgever kon een sketch zijn van Jiskefet of misschien zelfs van André van Duin (maar dat laatste kan evengoed als een geweldig groot compliment gelden want die absurde dialogen die Van Duin en Van Dusschoten vroeger deden (was dat in de zeventiger jaren?) (ze speelden zich meestentijds af in een bar geloof ik), mogen zonder enige terughoudendheid geniaal genoemd worden).

Misschien is het ook maar de laatste truc van illusionist / oplichter / querulant / verdwijnkunstenaar Kees ’t Hart: hij sprong levend en briesend en fulminerend en pratend uit een boek tevoorschijn en bijna op het einde verdwijnt hij weer in datzelfde boek. Mij verward achterlatend, hongerend naar meer.

Kees 't Hart VICTORIEN, ik hou van je Recensie

VICTORIEN, ik hou van je

  • Schrijver: Kees ’t Hart (Nederland)
  • Soort boek: verhalen
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt: 24 augustus 2021
  • Omvang: 256 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol

Flaptekst van het nieuwe boek van Kees ’t Hart

In VICTORIEN, ik hou van je verplaatst Kees ’t Hart ons onder meer naar een eindexamenfeest in Nijmegen in de jaren tachtig, naar de wereld van lezingen en congressen, zingt hij de lof van het Noorden, predikt hij de waarheid over Gorter en Bordewijk, bezoekt hij met Alina een instituut voor jeugddelinquenten, maakt hij een reis met het muziekgezelschap van Toon Tellegen, begraaft hij Lord Lister, poseert hij voor een halfzusje, leest hij gedichten voor aan de Syrische grootvader van een garagemonteur en koopt hij in Ieper een speelgoedmitrailleur. Altijd nieuwsgierig, altijd verlangend naar betere herinneringen. Lichtpuntjes zien, daar doet hij het voor.

Bijpassende boeken en informatie

Judith Fanto – Viktor

Judith Fanto Viktor recensie en informatie over de inhoud van deze nieuwe historische roman. Op 17 maart 2020 verschijnt bij Uitgeverij Ambo Anthos de eerste roman van de Nederlandse schrijfster Judith Fanto.

Judith Fanto Viktor Recensie en Informatie

Als de redactie het boek gelezen heeft, kun je op deze pagina de recensie en waardering vinden van Viktor, de eerste historische roman van Judith Fanto. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie vinden over de inhoud van de debuutroman van Judith Fanto.

Het boek gaat over de rechtenstudente Geertje van den Berg, die haar verhaal vertelt in de ik-vorm midden in de jaren negentig. Maar centraal staat het leven van Viktor Rosenbaum, haar achteroom. Zijn verhaal wordt in de hij-vorm verteld, waardoor wat afstand wordt genomen van zijn leven. Eposodes uit hun beide levens komen steeds in wisselende hoofdstukken aan de orde. Beide verhaallijnen lopen naar elkaar toe, omdat Geertje op zoek gaat naar haar Joodse identiteit en daardoor gefascineerd wordt door het verborgen leven van Viktor. Volgens de familieverhalen wilde hij niet deugen, was hij een rokkenjager en maakte zijn studies niet af. De jonge jaren van Viktor verliepen in Wenen rond 1914. Wanneer de nazi’s bij de Anschluss in 1938 in Oostenrijk de overhand kregen, speelde Viktor een heldenrol. Judiths familie wil nauwelijks over Viktor praten. Zij moet stiekem in het familiearchief op zolder van haar oma duiken om achter de waarheid te komen.

Op zoek naar een joods familiegeheim

Geertje is van moederskant van Joodse afkomst, maar haar familie houdt zich niet meer aan de joodse tradities. Zij rebelleert en gaat zich Judith noemen. Ook sluit zij zich aan bij Nederlandse Israëlitische Gemeente in Nijmegen, al kost het wel wat moeite om aan te tonen dat ze echt van joodse afkomst is.  “U bent Joods als uw moeder halachisch Joods is”, krijgt ze te horen. En met de geboorteakte van haar moeder is geknoeid.

Wanneer de twee verhaallijnen bij elkaar komen, en het familiegeheim opgelost wordt, is dat een onverwachte en verrassende wending in het verhaal dat ik hier niet zullen verraden.

Namen

Judith Fanto heeft in haar roman veel informatie verborgen. Zo is de betekenis van Judith Joodse vrouw en Viktor betekent overwinnaar. Een vriend van Judith heet Lex en dat betekent de wet. Heel passend bij een rechtenstudent. Opmerkelijk is ook dat Viktor in de opdracht in het begin van het boek anders geschreven wordt: Ter eervolle nagedachtenis van Victor S.  Zou Fanto daarmee bedoelen dat de Viktor uit de roman, niet dezelfde is als haar oudoom. Of een typefout?

De moeder van Judith heet Paulina, afgeleid van Paulus, de apostel die zich tot het christendom bekeerde. De Jodin Paulina is dan ook getrouwd met een katholiek, de vader van Judith.

De hoofdpersoon Geertje verandert haar naam in Judith, omdat ze ervoor uit wil komen dat ze een Jodin is. Ze motiveert dat in haar Verzoekschrift tot Naamswijziging als volgt: Letters zijn symbolen en alleen daarom al heeft elke naam zijn eigen lading. De essentie van ieder wezen komt in die lading tot uitdrukking. Niet voor niets noemen de Joden hun God Hasjem: De Naam. Het is van belang dat je naam de juiste lading draagt, want je leven vangt aan zodra je naam hardop wordt uitgesproken. Vanaf dat moment is een koerswijzing uitsluitend nog mogelijk door een naamswijziging.

Mahler

De componist Mahler is prominent in het boek aanwezig. De families in de twee vertellijnen zijn dol op zijn muziek. De voorouders van Judith hadden bij Mahler om de hoek gewoond. Zo wist Judith dat het zusje van haar grootvader geboren was op de avond waarop Mahlers Tweede Symfonie in de Wiener Musik Verein werd opgevoerd. En dat een ander familielid getrouwd was op de dag dat Mahler zijn Vijfde voltooide. Wanneer Judith een bezoek brengt aan de ouders van haar vriend Thomas draait de vader muziek van Mahler en Mahlers muziek wordt ook opgezet als Judith Thomas aan haar grootouders komt voorstellen. Judith glipt bij dat bezoek naar zolder om snel wat te zoeken in het familiearchief. Wanneer ze weer de woonkamer wil binnengaan, klinken de laatste tonen van de Auferstehung het vertrek. Dat betekent dat ze ten minste 90 minuten op zolder is geweest. Niet zo logisch. De muziek van Mahler, ook een Jood, zit vol symboliek. Behalve een verwijzing naar de dood komt dat niet zo goed uit de verf in het boek.

Auschwitz

Judith is dus op zoek naar haar Joodse identiteit en daar hoort een bezoek aan het vernietigingskamp Auschwitz bij, vindt ze. Ze vraagt aan een nabestaande of er veel veranderd is. De man dacht lang na. De stilte, zei hij uiteindelijk. Nooit hoor ik er en vogel fluiten, een blad ritselen, een bij horen zoeken. In Auschwitz zweeg de natuur als het graf. De schrijfster sluit het toch wel korte hoofdstuk over deze reis af met de indrukwekkende tekst: Hoewel het regende, klapte ik mijn paraplu in. Ik wilde koud worden tot op mijn botten.

Judith Fanto Viktor Recensie001Boek-Bestellen

De jaren 90, waarin Geertje (Judith) in het verhaal leeft, wordt goed weergegeven. De auteur put ongetwijfeld uit haar ervaring: De losse manier van leven en studeren. Viktor, het zwarte schaap van de familie, leeft er schijnbaar op los in Wenen totdat in 1938 de Nazi’s het leven van Joden onleefbaar maken. Dat de familie van Viktor kan ontsnappen, is een wonder, want we lezen in het boek dat de bureaucratie voor Joden die het land willen verlaten, ongenadig is. De naweeën van de Tweede Wereldoorlog en de Holocaust zijn voelbaar in de tweede en wellicht ook in de derde generatie.

Judith Fanto heeft een schilderachtige manier van schrijven met originele vergelijkingen

Is de auteur de Judith uit het boek? Ik weet het niet. Op de kaft wordt vermeld dat Viktor echt heeft bestaan. Fanto werd geboren in 1965 en is jurist en publicist. Ze heet eigenlijk Geertruide van den Heuvel en haar levenspartner heet Thomas, net als in het boek. Het heeft er dus wel de schijn van dat ze haar familiegeschiedenis beschrijft. Viktor is haar debuutroman.

Fanto heeft een schilderachtige manier van schrijven met originele vergelijkingen. Een literair debuut? Ze is er niet ver vandaan. Ze zet de karakters van haar familie en van de Judith uit het boek duidelijk en overtuigend neer. De lezer voelt zich in Wenen opgenomen in de familie.  Maar datzelfde gevoel heeft hij ook in de jaren 90 in Nederland. De verhaallijnen lopen naar een climax, het onwaarschijnlijke familiegeheim. Wie was Viktor werkelijk en is het terecht dat Geertje zich omvormt tot een Jodin. Op die vragen krijgt de lezer antwoord, al vind ik de dubbele climax aan het eind van het boek wat overtrokken. Dat had beter gekund.  Het boek zit vol met symbolen. Wellicht ook iets te veel van het goede. De epiloog waarmee het boek afsluit is indrukwekkend. (vernietigingskamp Maly Trostenets, 1942).  Achterin staat nog een verklarende woordenlijst met veel joodse woorden en gebruiken en een stamboom van de familie. De roman is gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (zeer goed).

Recensie van Jos van Raan

Viktor

  • Schrijfster: Judith Fanto (Nederland)
  • Soort boek: historische roman, debuutroman
  • Uitgever: Ambo Anthos
  • Verschenen: 17 maart 2020
  • Omvang: 392 pagina’s
  • Uitgave: Gebonden Boek / Ebook
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (zeer goed)

Flaptekst van de roman van Judith Fanto

Viktor is het debuut van Judith Fanto. Viktor is een hartveroverende roman, gebaseerd op de lotgevallen van de Weens-Joodse familie van Fanto. Viktor heeft echt bestaan.

Wenen, 1914. De zesjarige Viktor Rosenbaum redt weeskind Bubi uit een vijver in het Praterpark. Tussen hen ontstaat een levenslange vriendschap en Bubi wordt opgenomen in de gegoede Weens-Joodse familie. Viktor, die maar niet wil deugen, ontpopt zich als patser en rokkenjager en maakt geen van zijn vele studies af, tot groot verdriet van de intellectuele Rosenbaums. De Anschluß in 1938 vormt een keerpunt: met heldhaftige vindingrijkheid en brutaliteit beschermt Viktor iedereen die hij liefheeft.

Nijmegen, 1994. Geertje Rosenbaum, de jongste telg van de familie, rebelleert tegen de angst en schaamte waarmee de Rosenbaums hun Joodse identiteit beleven. Wanneer houdt haar familie nu eindelijk op met onderduiken? En waarom wordt Viktor, de broer van haar grootvader, doodgezwegen? Als Geertje op onderzoek uitgaat, stuit ze op een onwaarschijnlijk familiegeheim.

Bijpassende boeken en informatie

Nijmeegse Schrijvers en Schrijfsters

Nijmeegse Schrijvers Schrijfsters Auteurs uit Nijmegen Boeken Romans en Verhalen. Welke schrijvers zijn in Nijmegen geboren? Welke bekende Nijmeegse romans zijn er? Bij welke schrijvers en schrijfsters speelt Nijmegen een grote en belangrijke rol? Welke auteurs uit Nijmegen hebben recent romans, verhalen, poëzie en andere boeken uitgebracht?

Nijmeegse Schrijvers Schrijfsters Auteurs uit Nijmegen

Op deze pagina proberen we antwoord te geven op deze vragen Je vindt een overzicht van bekende Nijmeegse schrijvers schrijfsters boeken en biografische informatie. En niet alleen wordt er aandacht besteed aan schrijfsters en schrijfsters die geboren zijn in Nijmegen, ook auteurs waarvan bekend is dat ze een sterke band hebben met de stad Nijmegen, bijvoorbeeld omdat ze er lang gewoond hebben, zijn opgenomen.

  • Stijn Aerden (18 februari 1966)
    verhalenschrijver, biograaf, essayist
  • Ed van Eeden (12 juni 1957)
    Echte naam: Steven Klamm
    roman- en thrillerschrijver
  • Esther Gerritsen (2 februari 1972)
    romanschrijfster
  • Paul Goeken (4 oktober 1962 – 21 juni 2011)
    thrillerschrijver (pseudoniem: Suzanne Vermeer)
  • A.F.Th. van der Heijden (15 oktober 1951)
    romanschrijver
  • Bas Heijne ((9 januari 1960)
    columnist, essayist, romanschrijver
  • Loes den Hollander (1948)
    thrillerschrijfster
  • Frans Kellendonk (7 januari 1951 – 15 februari 1950)
    roman- en verhalenschrijvers
  • Frans Kusters (16 september 1949 – 20 november 2012)
    verhalenschrijver
  • Thomas Olde Heuvelt (16 april 1983)
    thrillerschrijver
  • Tjalie Robinson/Vincent Mahieu (10 januari 1911 – 22 april 1974)
    Echte naam: Jan Johannes Theodorus Boon
    roman- en verhalenschrijver
  • Thomas Verbogt (9 december 1952)
    roman- en verhalenschrijver
  • Niña Weijers (1987)
    romanschrijfster

Nieuwe Boeken over Nijmegen

111 Plekken in Nijmegen die je gezien moet hebben

  • 111 Plekken in Nijmegen die je gezien moet hebben Nijmegen ReisgidsSchrijver: Andrew Groeneveld, Bart Speelers (Nederland)
  • Soort boek: Nijmegen reisgids, cultuurgids
  • Uitgever: Uitgeverij Thoth
  • Verschijnt: 19 april 2019
  • Omvang: 240 pagina’s
  • Uitgave: Paperback
  • Inhoud boek: Nijmegen is niet alleen de oudste, maar ook een van de meest veelzijdige (studenten)steden van het land. Met tal van bijzondere plekken waarover de toeristenfolders zwijgen. Neem het museum van de universiteit, waar je baby’s op sterk water kunt bekijken. Of het winkeltje in de stad dat vergeten kantoorplanten verkoopt…lees verder >

Vlammen boven de rivier

Nijmegen over Nijmegen

  • Thomas Verbogt Vlammen boven de rivier Recensie en InformatieSchrijver: Thomas Verbogt (Nederland)
  • Soort boek: Nijmegen verhalen
  • Uitgever: Uitgeverij Vantilt
  • Verschenen: 19 februari 2019
  • Omvang: 80 pagina’s
  • Uitgave: Paperback
  • Waardering redactie:  ∗∗∗∗∗ (zeer goed)
  • Recensie boekDat Thomas Verbogt zich verbonden voelt met de stad Nijmegen kan voor de lezers van zijn werk geen verrassing zijn. In een aantal van zijn beste romans en verhalen figureert de stad dan ook. In opdracht van de Vierdaagsefeesten heeft hij tijdens het evenement een aantal verhalen geschreven die in Vlammen boven de rivier gebundeld zijn…lees verder >

Meer Boekentips Nijmeegse Schrijvers en Schrijfsters

Vallende ouders - A.F.Th. van der HeijdenVallende ouders (De Tandeloze Tijd, deel 2)

  • Schrijver: A.F.Th. van der Heijden
  • Soort boek: roman
  • Eerste uitgave: 1983
  • Uitgeverij: Querido, De Bezige Bij
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Inhoud roman: Het eerste deel van de romancyclus waarin een 30-jarige man terugkijkt op zijn jeugd in Geldrop en zijn studententijd in Nijmegen…lees verder >

De gevarendriehoek - A.F.Th. van der HeijdenDe gevarendriehoek (De Tandeloze Tijd, deel 2)

  • Schrijver: A.F.Th. van der Heijden
  • Soort boek: roman
  • Eerste uitgave: 1989
  • Uitgeverij: Querido, De Bezige Bij
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Inhoud roman: Het tweede deel van de romancyclus waarin een Brabantse jongen opgroeit tot student in Nijmegen…lees verder >

De ochtendgave - A.F.Th. van der HeijdenDe ochtendgave

  • Schrijver: A.F.Th. van der Heijden
  • Soort boek: historische roman
  • Eerste uitgave: 2015
  • Uitgeverij: De Bezige Bij
  • Omvang: 256 pagina’s
  • Inhoud roman: Historische roman over Nijmegen die zich 17e eeuw afspeelt wanneer de troepen van Lodewijk XIV de stad belegeren…lees verder >

Koos van Zomeren - Die stad, dat jaarDie stad, dat jaar

  • Schrijver: Koos van Zomeren
  • Soort boek: autobiografische roman
  • Jaar: 2009
  • Uitgeverij: De Arbeiderspers
  • Waardering redactie: ∗∗∗ (zeer goed)
  • Inhoud roman: Autobiografische roman over het ontstaan van de Socialistische Partij en de radicaal-linkse beweging in het Nijmegen van de begin jaren zeventig van de vorige eeuw…lees verder >

Bijpassende Boeken en Informatie

Thomas Verbogt – Vlammen boven de rivier

Thomas Verbogt Vlammen boven de rivier recensie en informatie over de inhoud van dit boek over Nijmegen. Op 19 februari 2019 is bij Uitgeverij Vantilt het boek over Nijmegen verschenen van Thomas Verbogt – Vlammen boven de rivier.

Thomas Verbogt Vlammen boven de rivier Recensie en Informatie

Dat Thomas Verbogt zich verbonden voelt met de stad Nijmegen kan voor de lezers van zijn werk geen verrassing zijn. In een aantal van zijn beste romans en verhalen figureert de stad dan ook. In opdracht van de Vierdaagsefeesten heeft hij tijdens het evenement een aantal verhalen geschreven die in Vlammen boven de rivier gebundeld zijn.

Thomas Verbogt Vlammen boven de rivier Recensie en Informatie

Zonder sentimenteel te worden, verhaalt Thomas Verbogt zeer aanstekelijk over Nijmegen tijdens de Vierdaagse. Hierin speelt uiteraard zijn persoonlijke herinnering een belangrijk rol. Geboren in Nijmegen en er woonachtig geweest tot in de jaren 70 hebben de Vierdaagse en de feesten eromheen een belangrijke rol gespeeld in zijn jeugd er erna. Met veel liefde schets Verbogt een mooi beeld van de stad waarmee hij zich nog steeds erg verbonden voelt.

Zeer aanstekelijke verhalen over de stad Nijmegen

In het door Uitgeverij Vantilt mooi uitgegeven boekje zijn een tweetal langere verhalen opgenomen die zijn afgewisseld met korte stukjes. Voor de inwoners van Nijmegen zal Vlammen boven de rivier een feest van herkenning betekenen, net als voor de deelnemers aan de Vierdaagse en de feesten. Maar ook als je eigenlijk niets met de stad of het evenement hebt, is het boekje een groot plezier om te lezen. Sterker nog, het smaakt naar meer en roept de vraag op wanneer Thomas Verbogt een uitgebreider boek over Nijmegen schrijft. Thomas Verbogt – Vlammen boven de rivier is gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (zeer goed).

Recensie van Theo Jordaan

Thomas Verbogt – Vlammen boven de rivier

Nijmegen viert Nijmegen

  • Titel: Vlammen boven de rivier
  • Schrijver: Thomas Verbogt (Nederland)
  • Soort boek: verhalen over Nijmegen
  • Uitgever: Uitgeverij Vantilt
  • Verschenen: 19 februari 2019
  • Omvang: 72 pagina’s
  • Uitgave: Paperback
  • Tags: Nijmegen, Vierdaagse
  • Waardering redactie:  ∗∗∗∗∗ (zeer goed)

Uitgave Vlammen boven de rivier

Inhoud Thomas Verbogt Vlammen boven de rivier

Kun je je geboortestad wel verlaten? Thomas Verbogt ging eind jaren zeventig uit Nijmegen weg, maar de stad bleef in zijn hart. Hij schreef er bijvoorbeeld over in het bij Vantilt verschenen Herfst in het oosten. En zodra het in zijn romans over het paradijs van zijn kindertijd gaat, is Nijmegen altijd het decor. Bovendien is hij al ruim dertig jaar dagelijks columnist van De Gelderlander.

In de zomer van 2018 was er weer veel Nijmegen in zijn leven. Op verzoek van de organisatie van de Vierdaagsefeesten schreef hij in de wandelweek iedere dag een stukje en hield hij drie keer een lezing – bij de aftrap van de Vierdaagse en ook in die week zelf – over Nijmegen als inspiratiebron, en kort daarna over Nijmegen als Green Capital. Al deze teksten zijn in Vlammen boven de rivier gebundeld. En zoals altijd gaat het dan over de sfeer van de stad, over het licht en over de verhalen die op onthulling wachten.

Bijpassende Boeken en Informatie

111 Plekken in Nijmegen die je gezien moet hebben

111 Plekken in Nijmegen die gezien moet hebben Nijmegen reisgids. Op 19 april 2019 verschijnt bij Uitgeverij Thoth de Nijmegen reisgis, 111 plekken in Nijmegen die je gezien moet hebben.

111 Plekken in Nijmegen die gezien moet hebben Nijmegen Reisgids

Op deze pagina kun je informatie lezen over de Nijmegen reisgids 111 Plekken in Nijmegen die gezien moet hebben die bij Uitgeverij Thoth is uitgegeven. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden te vinden.

111 Plekken in Nijmegen die je gezien moet hebben Nijmegen Reisgids

Andrew Groeneveld – 111 Plekken in Nijmegen die gezien moet hebben

  • Titel: 111 Plekken in Nijmegen die je gezien moet hebben
  • Schrijver: Andrew Groeneveld, Bart Speelers (Nederland)
  • Soort boek: Nijmegen reisgids, cultuurgids
  • Uitgever: Uitgeverij Thoth
  • Verschijnt: 19 april 2019
  • Omvang: 240 pagina’s
  • Uitgave: Paperback
  • Tag: Nijmegen

Inhoud 111 Plekken in Nijmegen die je gezien moet hebben

Nijmegen is niet alleen de oudste, maar ook een van de meest veelzijdige (studenten)steden van het land. Met tal van bijzondere plekken waarover de toeristenfolders zwijgen. Neem het museum van de universiteit, waar je baby’s op sterk water kunt bekijken. Of het winkeltje in de stad dat vergeten kantoorplanten verkoopt. Ga eens langs bij een wijkcentrum “nieuwe stijl”, strijk neer op het meest charmante terrasje in de Ooijpolder, wandel je Walk of Wisdom door de uitgestrekte uiterwaarden en breng een bezoek aan het vergeten kinderdorp in Neerbosch. Of ga aan de slag in een speciaalzaak voor stoere mannen en een winkel voor opgezette beesten. In Nijmegen kan het allemaal.

Bijpassende Boeken en Informatie