Categorie archieven: Nederlandse dichters

Dean Bowen – Mascr

Dean Bowen Masc:r recensie, review en informatie over de inhoud van de dichtbundel. Op 10 februari 2026 verschijnt bij Uitgeverij Pluim het boek met gedichten van .deanbowen. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Dean Bowen Masc:r recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Masc:r, het boek met gedichten van Dean Bowen, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Dean Bowen Masc:r recensie van Tim Donker

wat is deze tijd. waarom dit vooruitgaan. waarom deze tijd. waar was ik in 2018, & ook:, waarom denk ik altijd dat het was het jaar dat mijn vader overleed en dat ik liep en dat ik ging doorheen het Eindhoven waar hij toen woonde, en lopen, en gaan, om een boek te kopen bij zijn vaste boekhandel maar dat kan het niet geweest zijn want hij overleed in 2015 dus het moet een elders geweest zijn, een elders ergens anders, een boekhandel en we waren een weekendje weg misschien, een weekje zou ook nog kunnen, in een hoek van Nederland, of misschien een andere hoek, stond ik, in een of andere boekhandel, zeer waarschijnlijk samen met mijn kinderen & hoe oud waren die toen, vijf en drie, kunnen niet ouder geweest zijn dan dat en we stonden in een boekhandel in deze hoek van Nederland of in een andere, altijd gingen ze mee met mij als ik een boekhandel zag en erin wou, in die andere hoek van Nederland of in deze, en ik zag, toen, in dat 2018 geheten jaar ja viel mijn oog op: _ . het viel. het was. Bokman en de dichter heette. de dichter was. Dean Bowen. en het sprak. en het zei. dingen over het afwerpen van het poreuze instrument of wist jij veel je las maar half je had één oog op je kinderen die daar rond liepen en die terugkwamen met dingen. dingen waarvan je niet eens wist dat een boekhandel die verkocht. dingen als. wel. wist jij veel. poppetjes. stickervellen. potloden. dingen. en dingetjes. het was wat je kocht die keer poppetjes stickervellen potloden dingen dingetjes en bokman.

en ik weet niet. of ik las ook. in 2018. of later misschien. menig een maand toch. heb ik gedaan over. Bokman. het was denk ik. hoe hermeties het was. er is een hermetisme (noem je dat zo?) waarvan ik hou, het is het hermetisme dat de lezer terugwerpt op de taal, die taal tot zingen brengt, er is niets dan de woorden, het zijn de woorden konkreet het is de poëzie konkreet, het verwijst alleen maar terug naar zichzelf en het is dat golven op woorden het is dat drijven op taal waar ik zo van hou want je hoeft het niet te zoeken buiten de direkte woorden of buiten de onmiddellijke taal je hoeft alleen dat drijven maar je hoeft alleen dat dobberen maar je hoeft alleen maar de muzikaliteit en dit dansen is het enige dat je nog moet. en er is een hermetiek (noem je dat zó?) waar ik minder van hou & dat is de hermetiek die pretenties heeft meer te zijn dan het in zijn naakte zijn is; de woorden spellen een kode die de lezer kraken kan als hij net zo intelligent is als de dichter, dat heet, als hij zich -ooit- laafde aan dezelfde bronnen en in zijn hoofd dezelfde mythologie dezelfde filosofie dezelfde klassieke literatuur dezelfde bijbel stromen weet. in Bokman leken beide hermetismen te stromen en ik wist niet, ik las nu weer wel en dan weer niet, de bundel werd een zwerfboek dat steeds op andere plekken in mijn huis weer opdook, op het eind, we waren al maanden later, vond ik het niet slecht en niet geweldig, er was een bodem die Bowen opeiste en die bodem kreeg hij het was een plank in mijn poëzielkast.

en steeds het vooruitgaan. waarom het vooruitgaan. hoe kan het inmiddels weeral acht jaar later zijn die zich helemaal niet hebben voorgedaan als acht jaren maar als een week of okee als een maand of zeg ik langer misschien. een andere bundel van Dean Bowen bereikt mij & ditmaal is het via de recenseertafel. Masc:r. zo heet de bundel. en wederom. een vraag naar. een vraag naar geboren zijn, en dan. uit gelaagde opmaak is hij geboren, zo stelde hij in Bokman en in Masc:r gaat dat verder over de jongen die geboren is zonder gezicht, onder de nimmerzon of in de immernacht.

wat het zeggen wil deze mens te zijn dit ras te zijn deze sexe te zijn.

het zoeken.

Bowen zoekt en de lezer zoekt mee.

doorheen, niet anders dan bij Bokman, verschillende taallagen.

want: meer nog dan in Bokman zingt een andere taal een partijtje mee. je zoekt de man die je hebt te zijn in al je moedertalen:

“you’re a man. sta op & be a man. sta op & make hard decisions & be a man. sta op & sacrifice & be  a man. sta op & make unpopular decisions & be a man. sta op & learn to be comfortable in your own skin & be a man. herhaal. & herhaal. sta op & if you aren’t comfortable being alone with yourself, take control & be a man. sta op & figure out how you become a man & then become one. sta op & be responsible for others & be a man. sta op & take accountability & be a man. herhaal & herhaal.”

die man zijn. die man te schrijven:

“schrijf de man uit de god uit de hemel die geschept uit de vraag wie wij meer als we kwijt uit het lijf dat gebukt in de zon in de greep van de man die ik schreef uit de god uit de hemel omdat wij zijn verscheurd in de bek van het beest dat verscheen in de het hart van de man die ik schrijf uit de god uit de hemel die gevolgd door het volk dat verdwaald in het licht van de zon dat te scherp voor het oog van de man die ik schreef uit de god uit de hemel die ik vond in het boek dat vertelt van de man uit de god uit de hemel […]”

de man
het menszijn
de taal

te zoeken in de boeken in het bloed in het land in de afkomst. deed Dean Bowen in Bokman en doet. Dean Bowen in Masc:r. maar meer nog dan in Bokman laat hij in Masc:r de taal buiten de oevers treden tot het aan andere talen raakt (of: andere talen overstromen doet). dat heet. met name. of nog. alleen nog. Engels. het Nederlands en het Engels, het duister en het licht, het hermetisme en de poëzie. en ik dacht (stond mezelf toe te denken) dat Masc:r de bundel is die Yves Coussement en Seth Abramson samen hadden geschreven als je ze met elkaar in een kamer had opgesloten. maar ik heb geen idee waar Yves Coussement is gebleven en of hij überhaupt nog schrijft en hee “professor” Abramson schrijft alleen nog maar non-fictie boeken over het grote gevaar dat Donald Trump vormt voor (de democratie in) Amerika, en voor de wereld, en voor het leven op  aarde in het algemeen. dus laat Dean Bowen maar. Masc:r schrijven helemaal in zijn eentje en overtalig zijn en over alle grenzen heen zingen en alle muzikaliteit inzetten in de inkt van deze bundel.

en ik dacht (stond mezelf toe te denken) hoe mooi het zou zijn om de taal in Masc:r tot een werkelijk zingen te brengen; hoe mooi zou het zijn om Dean Bowen op toernee te laten gaan met Het Beukorkest. maar ik heb geen idee hoe hard dat orkest nog beukt in deze tijden, ik vroeg het ooit aan Johnny Dowd en ook hij wist het niet (na een optreden schudde ik hand met Dowd en keek hem in de ogen, dat waren nu pas met recht eyes like black holes in the sky) maar misschien is de muziek van deze bijna zeventig pagina’s hier al mooi genoeg.

misschien moet je als lezer alleen maar meedrijven op de golven van het zingen.
misschien moet je als lezer alleen maar meegaan in de zoektocht naar wat het betekent.

mens te zijn onder de mensen
(man onder de mannen)
(en daartussen misschien iets wat je thuis zou kunnen noemen
(beschouw deze flat een realiteit waarmee je te maken hebt);
alle mensen:

“een vriend werd vader acht jaar na de geboorte van zijn kind. een vriend is manisch vandaag & vraagt alweer niet om hulp.”; “een vriend is alleen, de meeste dagen. een vriend is mishandeld door zijn moeder maar spreekt geen kwaad van de doden. een vriend bezwijkt elke dag onder het gewicht van zijn gezin. een vriend stierf alleen. een vriend zal nooit zijn vader herkennen. een vriend is verkracht & niemand gelooft hem. een vriend drinkt te veel & is de gangmaker op elk feest.”; “een vriend leest zelfhulpboeken & komt niet vooruit.”; “een vriend woont weer bij zijn moeder. een vriend is bang voor de dood. een vriend verraadde een vriendschap & weet dit nog steeds niet. een vriend versierde mijn lief.”  –

want leven en opgroeien en man worden en mens zijn is zulks: pijnlijk en stompzinnig en lachwekkend en schrijnend en moeilijk en zo vol van alles.

van alles dat je aantreft wanneer je geworpen wordt.

(geworpen zijnde)

en meer is dat in één taal uit te drukken valt. normalerwijze ben ik niet bijzonder dol op de manier waarop het Engels het Nederlands meer en meer overwoekert maar Bowen toont klip en klaar dat uit een huwelijk tussen deze twee talen ook een totaal nieuwe schoonheid te puren valt, met als mooiste zin misschien wel: “het was een hot girl summer & iedereen was bezig uniek hetzelfde te zijn but i’ve always liked a good girl.”; ja zo heerlijk gekruid heb ik de boventaligheid niet meer geproefd sedert Richard Nobbe schreef: “Ich will dit allemaal niet. I just want aandacht. I have no need to be joen Gott. Ik heb alleen honger.” –(en gesproken van god; hem aanroepende: wat een prachtbundel Waar iemand woont was, nietwaar?, misschien nog wel een slagje mojer dan Masc:r).

dit is een meerstemmige bundel
dit is een veellagige bundel
& misschien heb je aan twee ogen niet genoeg.

Maar zet je raam op een kier en fluister I remember that bundel. Want je zult. Voor minder of voor meer. Rememberen deze bundel.

Dean Bowen Mascr

Masc:r

  • Auteur: Dean Bowen (Nederland)
  • Soort boek: gedichten, poezie
  • Uitgever: Uitgeverij Pluim
  • Verschijnt: 6 februari 2026
  • Omvang: 64 pagina’s
  • Afmetingen: 16,1 x 24 x 0,8 cm
  • Gewicht: 136 gram
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 24,99 / € 12,99
  • Bestelmogelijkheden boek >

Flaptekst van de dichtbundel van Dean Bowen

Dean Bowen laat vragen, manifesten en gebaren uit de online en offline wereld in dit boek spreken. De stemmen van voorouders, vaders, broeders, vrienden en de vrouwen om hen heen zijn een koor dat dwingend de vraag stelt: wat kan mannelijkheid zijn, en hoe pas je de stukjes van die totale versplintering weer in elkaar?

Dean Bowen debuteerde in 2018 met de bundel Bokman, die voor de C. Buddingh’-prijs werd genomineerd. In 2020 volgde Ik vond geen spoken in Achtmaal. Hij was twee jaar lang stadsdichter van Rotterdam, is program- mamaker, en er is geen podium in de Lage Landen waarop hij niet heeft gestaan.

Bijpassende boeken

Anne van Amstel – De geboorte van de Trooster

Anne van Amstel De geboorte van de Trooster recensie en informatie over de inhoud van de nieuwe dichtbundel. Op 13 januari 2026 verschijnt bij Uitgeverij Prometheus het nieuwe boek met gedichten van Anne van Amstel. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Anne van Amstel De geboorte van de Trooster recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van De geboorte van de Trooster, het boek met gedichten van Anne van Amstel, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

  • “De jury kan over de poëzie van deze laureaat kort zijn: alles in dit werk wijst naar dat ene simpele woord “waarachtig-werkelijk-overtuigend.” (Juryrapport Hollands Maandblad Schrijversbeurs)

Recensie van Tim Donker

Hoe ver kun je komen op een verkeerd been? Want dat is waar Anne van Amstel me op gezet had. Het verkeerde been. Ik dacht, ik wist niet wat te denken. Ik zag dat omslag, ik las iets over een trooster, ik dacht Dit gaat één of ander halfzacht werkje worden. Ik dacht aan esoterie, aan spiritualiteit, aan astrologie. Ik dacht aan alle dingen vreselijk. Of, al wat beter misschien, het boek van een mysticus, iets occults, zoiets als dat prachtige Year of the Inverted Star waar Matthew Kosinski onlangs mee afkwam. Wat ook nog kon, en weeral wat graadjes erger zou zijn, is zoiets als “literaire fantasy” (want dat, zo heb ik me laten vertellen, schijnt te bestaan).

Dan zou ik nu iets kunnen schrijven als “Ik begon dus met de nodige scepsis aan De geboorte van de trooster”. Maar die zin moet ik net iets te vaak uit het klavier mijner laptop rammen de jongste tijd. Bovendien is er een punt waarop “de nodige scepsis”, want, zeg nu zelf, hoeveel scepsis is precies de nodige scepsis?, een punt dus, waarop “de nodige scepsis” zoiets als weerzin begint te naderen en ik kan u zeggen dat Van Amstel dat punt aanvankelijk griezelig dichtbij leek te zijn.

Ik zeg aanvankelijk.
En ik zeg leek te zijn.

Want.

Ziet u, toen ik, hoeveel jaar geleden nu alweer, voor deze site begon te schrijven, heb ik mezelf een principe gesteld. Stapels boeken landden ineens op mijn recenseertafel. Ik was dat niet gewend. Ik was gewend mijn boeken te kopen. Of te bestellen. Niet zelden vanuit het verre Amerika. In boekhandels blader je boeken door, je leest een hiere of een daare passage; wat ik bestelde probeerde ik ook in te zien, het alles sloot een miskoop nooit uit maar wat ik kocht was te overzien en als ik het echt heel erg goed vond, schreef ik erover op een site elders. Maar de immer aanwassende recenseerstapels bevatten van alles en lang niet alles ervan behoort tot het soort literatuur dat ik doorgaans lees. Dan gaan mensen al snel wauwelen over comfortzones, of ze beginnen over een doos en dat je daarbuiten moet denken (ik zit nooit in een doos als ik denk) (ik zit sowieso vrij zelden in een doos), of weet ik veel wat, naja, wat blijkt is dat je iets waarvan je weinig tot niets verwacht toch heel mooi kunt vinden. Dus moet een besprekerken alles een kans geven, zelfs al sloft het besprekerken met lood in zijn schoenen naar zijn leesstoel, want wat heeft hij nu weer aan zijn recenseertafel gehangen gekregen, wie geeft hem dat nu, wie schrijft dat nu, wie leest dat nu, al die vragen en toch – lezen zal hij lezen doet hij. Al moet ik toegeven dat ik het minimum aantal pagina’s dat ik gelezen moet hebben vooraleer ik een boek een in mijn ogen “eerlijke kans” gegund heb steeds verder teruggeschroefd heb. Het waren er ooit vijftig. Want als de schrijver me in de eerste vijftig pagina’s niet heeft kunnen aanspreken, gaat hij het nooit doen. Misschien kiest een schrijver een wat ongelukkig begin, misschien moet je een stijl nog een beetje aftasten, misschien neemt het een beetje krijgen gewend aan, misschien komt het traag op gang, misschien moet het allerinnemendste personage nog geïntroduceerd worden, misschien behoeft het nog maar twee verhaalwendingen om het interessant te maken maar in vijftig bladzijden moet dat alles toch wel bekeken zijn, niet? (mijn ooitmalig buurman, Sergio, had het over nog veel meer pagina’s, een honderdtal docht mij, of meer nog, ik kan het hem niet meer vragen hij is mijn buurman niet meer hoewel ik het was die wegging maar dat heeft me altijd al vrij veel geleken), naja, met zoveel stapels te gaan nog, het kan ook wel minder dan vijftig bladzijden zijn misschien, wat zou ik me moe worstelen terwijl er verder naar onderen in de stapel nog veel moois ligt te wachten misschien, een bladzijde of dertig of twintig of tien is ook wel genoeg om een gefundeerde mening te vormen nietwaar?

De geboorte van de trooster krijgt dus in ieder geval mijn aandacht gedurende een pagina of wat, Anne van Amster schreef bovendien Trapezista en dat boek herinner ik mij als lang niet kwaad. Zwijgen dus en lezen nu.

Er is een Parakleta die “met de trage hartslag van een vinvis” “haar baan om de aarde” zwemt; een bladzijde later stelt AvA (waarin men moeiteloos Anne van Amstel herkent) de vraag: “Wat is er geworden van de kinderen die hun juf zagen ontploffen?”. Oké. Ik ben geïntrigeerd. Het lezen is geen werk meer nu, niet langer het principieel halen van een quotum. Het lezen is nu gewoon lezen. AvA heeft me bij de hand genomen en voert me mee.

Hier wordt het verhaal verteld van Elisabeth Dorothea Parr. Ook gekend als Lili. Ook gekend als Parakleta. Ze werd te vondeling gelegd bij een nonnenklooster, bleek al snel een voorlijk kind te zijn. Ze sloeg drie klassen over en werd op Concord High leerlinge van Christa McAuliffe, de lerares die in 1986 aan boord was van de spaceshuttle Challenger die kort na de lancering ontplofte. Het was de bedoeling dat McAuliffe via het project “leraar in de ruimte” kinderen vanuit de ruimte zou onderwijzen en ze op deze manier ook warm zou maken voor ruimtevaart. Zodoende werd er op veel scholen naar de lancering gekeken; massa’s kinderen waren getuige van de ramp. Ik wist dat eerlijk gezegd niet, of als ik het wel wist (ik was twaalf toen dit gebeurde) ben ik het weer vergeten. Maar de ramp met de Challenger was echt, en ruimtevaart bestaat, en nonnen bestaan, en televisie bestaat, en Amerika bestaat, en met al deze elementen smeedt Anne van Amstel, p’don ik bedoel natuurlijk AvA een “poëtische novelle” (welja) die me in beginsel niet direct esoterisch leek. Lili, zoals astronaut Elisabeth Dorothea Parr liefkozend wordt genoemd (evenals haar jammerlijk omgekomen juf meteen een publiekslieveling), heeft tot taak een ISS-module te repareren. Hiervoor moet ze via een mangat het ruimteschip verlaten; al zwevende de reparatiewerkzaamheden uitvoeren. Vanover heel de wereld wordt gekeken hoe Elisabeth uit het ruimteschip komt. Ze spreekt de aarde toe. “I love you all. Don’t ever forget that now.”, zegt ze. Dan gespt ze haar “lifeline” los. En weg zweeft ze. Weg van het ruimteschip. Weg van de aarde. Weg van de mensheid.

Omdat de hele wereld toekijkt, heeft de hele wereld een mening over wat er daar gebeurde. Deskundigen zijn uiteraard niet meer weg te branden van de buis, want only an expert can deal with the problem. Laurie Anderson zei het al. Al snel wordt duidelijk dat Lili zich opzettelijk losmaakte, er kan geen sprake zijn van een ongeluk. Is het zelfmoord of andere waanzin? Deskundigen bemoeien zich, de president van Amerika bemoeit zich, landen nemen stelling, burgers hebben stellige meningen. Er zijn er die in Parakleta, zoals Lili al snel komt te heten, een martelares zien, een ziener, een heilige. Miljonairs zien er de allerultiemste zelfmoord in en zijn bereid grote bedragen neer te tellen voor hun eigen “ruimtesuïcide”. Er zijn er natuurlijk ook die Parr als uitschot zien, een aanstelster die ondenkbaar egocentrisch drama heeft gemaakt en daarmee heel veel belastinggeld verspilde. Er komen duiders. Wat betekende een vlag die ze vasthield? De duif? Vredesduif of iets anders nog? Commercie springt erop in; duiven zijn niet meer aan te slepen. Televisie doet vierentwintig uur per dag verslag van alles wat maar enigszins te maken heeft met Lili. Leeft ze nog? Hoelang kun je eigenlijk overleven, zwevend in de ruimte? Waarom deed ze wat ze deed? Er is rep. Er is roer. De president wil Lili uit haar baan schieten. Massale verontwaardiging, demonstraties, duiven die op alle pleinen in de wereld de lucht ingelaten worden, oproerpolitie die gericht schiet, eerst op duiven, later eenvoudigweg op burgers. Soon there will be shooting at unarmend men, en dat is ook een hele goede seedee.

Hierin is De geboorte van de trooster sterk, heel sterk. Het toont heel duidelijk de drie gangbare manieren waarop er altijd weer gereageerd wordt op internationale gebeurtenissen. Totale onderwerping, devotie, kritiekloos geloof (bijvoorbeeld in het heersende discours, in wetenschap, in overheden, in (een nieuwe) religie); alles op het fanatieke af zodat andersdenkenden of sceptici almeteens als moreel verwerpelijk worden gezien (of “wapppies” voor die materie). Dat is één manier om om te gaan met gebeurtenissen die het gemiddelde voorstellingsvermogen te boven gaan. Een andere heeft te maken met hebzucht. Gewin. Materialisme. Als verklaringen niet meer toereikend zijn, laat de economie het dan maar overnemen. Als je er niets aan kunt veranderen, kun je er altijd nog aan verdienen. Het boek laat zich gedeeltelijk lezen als televisieverslagen; verslagen die veelvuldig worden onderbroken door reclameboodschappen. Ook ellende kan geld genereren (juist ellende misschien zelfs wel). De laatste manier is favoriet bij overheden: repressie. Geweld. Onderdrukking. Alles wat we niet begrijpen, slaan we dood. Wat afwijkt, moet geëlimineerd worden. Wees niet die eigenwijze Nederlander – Rutte zei het al. Het moet in een hokje. En anders moet het maar kapot.

Maar omdat Parakleta ook wijd en zijd vereerd wordt, zegt De geboorte van de trooster ook veel moois over religie. Misschien raakt het via apocriefe en deuterocanonieke boeken (wat wel en niet tot enige bijbel mag horen is iets dat me altijd gefascineerd heeft), hindoeïstische en tantrische geschriften aan theosofie (er moet een oerbron zijn waaraan alle oerbronnen ontspruiten); een gedacht waardoor Yann Martel zich ook al liet inspireren toen hij Zoon van Niemand schreef. Parakleta is echter onmiskenbaar een vrouw, dus AvA zegt vooral veel over thealogie. Waarom zijn zoveel religies zo buitengemeen patriarchaal? Wat heeft het voor betekenis om het goddelijke als vrouwelijk te denken? In één van haar noten (het notenapparaat moet u vooral niet overslaan want het bevat echt heel veel interessants) schrijft Van Amstel: “Allah en Jahweh hebben officieel geen gender, ook de christelijke God niet, maar in praktijk zijn er maar weinig gelovigen die niet spreken van ‘Hij’ en ‘Hem’, een grammaticale vorm die het godsbeeld sterk heeft beïnvloed.” – zou het door religie gekatalyseerde sexisme louter een gevolg van grammatica zijn? En omdat Parakleta naastenliefde en begrip predikt, zegt De geboorte van de trooster natuurlijk ook zo wat over oorlog en vrede, en de agressieve aard van het mensdier.

Al vind ik de passages waarin Parakleta sprekend opgevoerd wordt, niet het sterkst in De geboorte van de trooster.

Sja.

Ik weet niet.

Kun je de grenzen van de geloofwaardigheid tarten zonder de maatschappijkritische laag aan te tasten? Ja er is metaforiek, er bestaat zoiets als symbolisme. Je kunt ook op indirecte wijze een punt maken. Science fiction, surrealisme en absurdisme kunnen heel goed over een konkrete leefomgeving, en een specifieke tijd gaan. Maar hier wringt het naar mijn gevoel toch een heel klein beetje. Een vrouw die feitelijk allang dood had moeten zijn, spreekt heel de wereld toe. En de hele wereld luistert. En Parakleta lijkt ook te weten wat er op aarde speelt, dus de communicatie werkt beide kanten op. Zoals het een echte God betaamt ja. Maar als God spreekt, luistert lang niet iedereen en zelf lijkt hij af en toe toch ook wel een beetje Oost-Indisch doof (mag deze uitdrukking nog of is dat langzamerhand veel te onwoke geworden?). Het is ook een beetje obligaat, zo’n messias die verkeerd begrepen wordt, een roepende in de woestijn is. Met monologen die mij ook iets te prekerig zijn. Maar misschien kun je een domineesdochter die het evangelie wil vernieuwen het niet euvel duiden af en toe te preken.

Maar er is nog iets, en dat heeft te maken met taal. Zolang Parakleta zwijgend in de ruimte zweeft, is ze voorwerp. Iedereen speculeert, analyseert, vormt meningen, fulmineert op sociale media of dweept ongebreideld met Parakleta. Dat is hoe dingen gaan, en dat is waarom De geboorte van de trooster zo sterk is. Maar kan er een teveel aan taal ontstaan? Zegt Jan Arends niet “Een boom is geen taal. Een getekende boom is taal.” (ja dat zegt Jan Arends wel, in Lunchpauzegedichten zei hij dat en dat weet je allemaal best, Donker, dus stop te vragen naar de bekende weg – uw moeder moest dat vroeger al iets te vaak tegen u zeggen toen gij nog een kinderken waart). Zo ook is Elisabeth Dorothea Parr geen taal, Parakleta is taal. Maar als zij als taal nog begint te spreken, wordt het teveel taal. In plaats van als symbool aan ieders fantasie te appelleren, drukt ze zich woordelijk uit. Daarmee wordt Parakleta als fenomeen gedeeltelijk gedemystificeerd, Wat ze zegt, verschilt daarenboven niet zoveel van wat menig een messias voor haar al zei. Langs de andere kant heeft Van Amstel door deze grenzen van de taal te bewandelen, weliswaar onbedoeld, misschien wel eenvoudigweg nog een laag aan De geboorte van de trooster toevoegd.

Waar een klein boek vol van kan zijn. Waar het van overloopt. Filosofie, religie, politiek, poëzie, wetenschap, feminisme, geschiedenis. Dat. Hoe wonderschoon dat toch is. Dat is literatuur, mensen. Dat kan allemaal met literatuur. Hou allemaal onmiddellijk op met dat kijken naar dat Netflix van jullie. Ga lezen. Te beginnen met De geboorte van de trooster.

Anne van Amstel De geboorte van de Trooster

De geboorte van de Trooster

  • Auteur: Anne van Amstel (Nederland)
  • Soort boek: gedichten, poëzie
  • Uitgever: Prometheus
  • Verschijnt: 13 januari 2026
  • Omvang; 96 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Prijs: € 21,99
  • Boek bestellen >

Flaptekst van de nieuwe Anne van Amstel dichtbundel

Met de trage hartslag van een vinvis
zwemt Parakleta haar baan om de aarde.

In De geboorte van de Trooster gaan we de kosmos in, vondeling Lily achterna. Ze is een leerling geweest van juf Christa, die omkwam bij de ramp met de spaceshuttle Challenger. Lily zelf wordt ook astronaut, maar wat gebeurt daar voor het oog van de wereld bij het ruimteschip? ‘Mijn God, ze is los!’ Zo wordt ze Parakleta, middelaar, toevlucht, trooster voor de belaagde mens.

Anne van Amstel heeft in haar werk altijd haar betrokkenheid bij de wereld van vandaag laten zien. Maar in dit wonderbaarlijke werk – is het poëzie, proëzie of nog iets anders? – ontpopt ze zich tot apostel. Thealogie vervangt theologie in dit overrompelende, onheilige nieuwe evangelie; een goede boodschap in kwade tijden.

Anne van Amstel is geboren in 1974 in een domineesgezin te Hoogeveen. gezondheidszorgpsycholoog, docent postdoctoraal onderwijs en dichter van vier bundels, van Het oog van de storm (2004) tot en met Trapezista (2022). Ze woont sinds haar studietijd in Amsterdam.

Bijpassende boeken en informatie

Anton Korteweg – Ik, om maar iemand te noemen

Anton Korteweg Ik, om maar iemand te noemen recensie en informatie het boek met nieuwe gedichten. Op 24 april 2026 verschijnt bij Uitgeverij Meulenhoff de nieuwe dichtbundel van Anton Korteweg, de Nederlandse dichter. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Anton Korteweg Ik, om maar iemand te noemen recensies

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Ik, om maar iemand te noemen, het boek met nieuwe gedichten van Anton Korteweg, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

  • “Anton Korteweg verklapt […] de titel van een nieuwe bundel gedichten: Ik, om maar iemand te noemen. Dat is passende zelfspot in een tijd waarin de literatuur op het narcistische af persoonlijk is geworden.” (Carel Peeters, Vrij Nederland)
  • “Melancholieke maar altijd sprankelende dichter.” (Elsbeth Etty, NRC)
  • “Een van de aangenaamste Hollandse dichters is Anton Korteweg, een te burgerlijk calvinist om in dit tranendal op verlossing te mogen hopen, en dat weet hij verdraaid goed.” (de Volkskrant)

Anton Korteweg Ik, om maar iemand te noemen

Ik, om maar iemand te noemen

  • Auteur: Anton Korteweg (Nederland)
  • Soort boek: gedichten, poëzie
  • Uitgever: Meulenhoff
  • Verschijnt: 24 april 2026
  • Omvang: 88 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Prijs: € 21,99
  • Boek bestellen bij: Boekenwereld / Bol / Libris

Flaptekst van de Anton Korteweg dichtbundel

Een sombere tijd schept sombere gedachten.
De dag plukken is vaak te veel gevraagd.
Toch, elke morgen heeft het leven nog, tot overmaat,
het gore lef me met zijn grauwe prikkelbaard
’t bed uit te kussen. Of ik daar op lig te wachten.
Het sleept me bij de haren uit de slaap
de dag in. ’t Is nog steeds op me gesteld.
Ik mag nog meedoen. En dat is wat telt.

Luchthartig en scherp, ontroerend en licht melancholisch – in zijn vijftiende bundel is dichter Anton Korteweg weer op zijn best!

‘Een dichter schrijft slechts voor een dichter verzen, en voor de vrouwen, die geen vers verstaan,’ schreef Bertus Aafjes ooit. Zo erg is het voor Anton Korteweg, meer dan een halve eeuw bezig, nou ook weer niet. Hij is een man die zijn zegeningen telt, en de kleine dissonanten in het leven maakt hij onschadelijk in zijn poëzie.

In Ik, om maar iemand te noemen zijn het niet alleen de vertrouwde ongemakken van het ouder worden die bezongen worden, maar wordt geprobeerd om te gaan met de overweldigende hoeveelheid pakken om bij neer te zitten. En om op steeds wankeler benen staande te blijven in de actualiteit van een opdringeriger, meedogenlozer wereld.

Anton Korteweg is geboren op 31 januari in Zevenbergen, Noord-Brabant. Hij debuteerde in 1971 bij Meulenhoff met Niks geen Romantic Agony. In 2015 verscheen zijn verzamelbundel Ouderen zijn het gelukkigst, in 2021 verscheen Enfin. In 1986 ontving hij voor zijn werk de A. Roland Holstpenning. Korteweg was van 1979 tot 2009 directeur van het Literatuurmuseum in Den Haag. Ik, om maar iemand te noemen is zijn vijftiende dichtbundel.

Bijpassende boeken en informatie

Alle boeken van Wouter Godijn

Alle boeken van Wouter Godijn romans en dichtbundels. Welke boeken heeft de Nederlandse schrijver Wouter Godijn geschreven en gepubliceerd?

Alle boeken van Wouter Godijn

De Nederlandse schrijver Wouter Godijn is op 31 juli 1955 geboren in Amsterdam. Zijn debuutroman Witte tongen verscheen in 1997. Hierna schreef meerdere romans en bundels met gedichten.

Nieuwe romans en andere boeken van Wouter Godijn

Het overzicht is ingedeeld op datum van verschijnen. Links verwijzen naar uitgebreide informatie over de inhoud, recensies en bestelmogelijkheden.

Wouter Godijn Het offer recensieHet offer

  • Auteur: Wouter Godijn (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse roman
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 5 maart 2026
  • Omvang: 208 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 22,99 / € 14,99
  • Boek bestellen bij: Boekenwereld / Bol / Libris
  • Inhoud roman: Een oude man vertelt het verhaal van zijn grote liefde, een jeugdliefde zo hevig dat zijn hele leven erdoor werd overschaduwd. Wouter Godijn voert ons mee naar de beginjaren van Nicole en Maarten, twee jonge mensen die, belast door de trauma’s van hun ouders, een wereld ontdekken waarin begeerte en tederheid alles overheersen. Maar zullen ze daar kunnen blijven?…lees verder >

Wouter Godijn Meneer L en het meisje recensieMeneer L. en het meisje

  • Auteur: Wouter Godijn (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse roman
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 25 januari 2024
  • Omvang: 368 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 23,99 / € 13,99
  • Waardering redactie∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris
  • Inhoud roman: De achtjarige Wout wordt ’s nachts wakker gemaakt door Katja, een mysterieus meisje uit zijn klas. Ze neemt hem mee om de raadselachtige Meneer L. uit te schakelen om zo het kwaad in de wereld te bestrijden. De twee verdwijnen in de nacht, en de queeste begint. Blootgesteld aan zware beproevingen en levensbedreigende ontberingen doorstaan zij een avontuur dat de vormen aanneemt van fantasy. Sagen, legenden en mythologie versmelten tot één geheel…lees verder >

Poging een luchtig gedicht te schrijven

  • Schrijver: Wouter Godijn (Nederland)
  • Wouter Godijn Poging een luchtig gedicht te schrijven recensieSoort boek: gedichten, poëzie
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 17 november 2022
  • Omvang: 104 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Prijs: € 21,99
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris
  • Recensie van Tim DonkerDe bundel te stoelnagelend om steeds naar de seedeespeler te lopen. Het is te mooi, te vrij, te speels, te vrolijk, te grappig ook. Ja. Hardop lachen. Hardop lachend poëzie lezen. Is wat kan en wat (soms) goed is. Zelfs het titelgedicht waarin Godijns multiple sclerose een duidelijke (maar niet expliciete) rol krijgt zit vol zomwijlen bijkans slapstick-achtige humor. In veel gedichten speelt zijn ziekte een rol, maar meestal niet zo pijnlijk grappig als hier…lees verder >

Karina of de ondergang van Nederland

  • Wouter Godijn Karina of de ondergang van Nederland RecensieSchrijver: Wouter Godijn (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse dystopische roman
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 5 maart 2021
  • Omvang: 350 pagina’s
  • Uitgave: Paperback / Ebook
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol
  • Waardering redactie∗∗∗∗∗ (uitmuntend)
  • Recensie romanFlashbacks en herinneringen worden afgewisseld met uitbarstingen van woede en onmacht waarin de schrijver de lezer rechtstreeks aanspreekt. Wouter Godijn doet dit in een eigenzinnige stijl waarin hij speelt met de wetten van de roman. Hierdoor roept hij unieke, enigszins onheilspellende sfeer op die zo spannend is dat je het boek in één ruk wilt uitlezen. Karina of de ondergang van Nederland is zeer indrukwekkend, verdient veel aandacht en een groot lezerspubliek…lees verder >

Alle boeken van Wouter Godijn romans en dichtbundels

Chronologisch overzicht van de romans en dichtbundels van Wouter Godijn

2026 | Het offer (roman)
2024 | Meneer L en het meisje (roman, ∗∗∗∗∗)
2022 | Poging een luchtig gedicht te schrijven (gedichten)
2021 | Karina of de ondergang van Nederland (roman, ∗∗∗∗∗)
2019 | De kamer waar alle verhalen beginnen (roman)
2018 | Niets is iets (gedichten)
2016 | De liefdesmachine (roman)
2015 | De professor en de hyena (gedichten)
2013 | Hoe ik een beroemde Nederlander werd (roman)
2021 | Hoe H.H. de wereld redde (gedichten)
Winnaar Jan Campertprijs 2012
2010 | Wiegeliederen en blaaskikkermuziek (gedichten)
2010 | Mijn ontmoeting met God en andere avonturen (roman)
2008 | De zieken breken (gedichten)
2007 | De dood van de auteur die een beetje op Wouter Godijn lijkt (roman)
2005 | Kamermuziek, of De weg naar de onverschilligheid (gedichten)
2003 | De karpers en de krab (gedichten)
2002 | Langzame nederlaag (gedichten)
2000 | Alle kinderen zijn van glas (gedichten)
1997 | Witte tongen (roman, debuut)


Bijpassende informatie

 

 

Lévi Weemoedt – Vreugde heeft geen vat op mij

Lévi Weemoedt Vreugde heeft geen vat op mij recensie en informatie nieuw boek met gedichten va n de Nederlandse dichter. Op 18 november 2025 verschijnt bij Uitgeverij Nijgh & Van Ditmar het nieuwe boek van met poëzie Lévi Weemoedt, de uit Nederland afkomstige dichter. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Lévi Weemoedt Vreugde heeft geen vat op mij recensie

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Vreugde heeft geen vat op mij, het nieuwe boek met gedichten van Lévi Weemoedt, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Lévi Weemoedt Vreugde heeft geen vat op mij

Vreugde heeft geen vat op mij

  • Auteur: Lévi Weemoedt (Nederland)
  • Soort boek: gedichten, poëzie
  • Uitgever: Nijgh & Van Ditmar
  • Verschijnt: 18 november 2025
  • Omvang: 112 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek / ebook
  • Prijs: € 16,99
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de nieuwe dichtbundel van Lévi Weemoedt

Ik voel mijn tijd ten einde snellen.
Ik ga de doodgraver vast bellen:
‘Doodgraver! Begin maar aan mijn graf.
Ik kom eraan. En op een draf!’

Doodsverlangen, het is een vast thema in het oeuvre van Lévi Weemoedt. Maar het begint nu toch echt op te schieten. In zijn nieuwe bundel Vreugde heeft geen vat op mij maakt Weemoedt de balans op. Hij blikt terug op zijn onnozele kinderjaren en zijn roemloze liefdesleven. Steeds korter worden zijn verzen, maar des te pregnanter. En wat worden we vrolijk van zo veel droefenis!

Lévi Weemoedt is geboren op 22 oktober 1948 in Geldrop. Hij is schrijver van korte verhalen en gedichten, die hij als geen ander voor publiek ten gehore brengt. Zijn dichtbundels zijn onverminderd populair. Daarnaast schreef hij de roman De ziekte van Lodesteijn, een ‘minor classic’ aldus de kritiek. In 2021 verscheen het vervolg daarop: Het nut van Lodesteijn. De bundel met gedichten Het leven is zo eenzaam niet verscheen in oktober 2021

Bijpassende informatie

Maxime Garcia Diaz – Het netwerk moet gebouwd worden

Maxime Garcia Diaz Het netwerk moet gebouwd worden recensie, review en informatie over de inhoud van het nieuwe boek met gedichten. Op 13 november 2025 verschijnt bij Uitgeverij De Bezige Bij de nieuwe dichtbundel van Maxime Garcia Diaz, de Nederlandse schrijfster. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Maxime Garcia Diaz Het netwerk moet gebouwd worden recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Het netwerk moet gebouwd worden, het boek met gedichten van Maxime Garcia Diaz, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Recensie van Tim Donker

Maar eigenlijk was mijn dochter dus de aanleiding. Want ze werd elf en ze wilde met het hele gezin naar de stad, ze wilde winkelen, en ik wist wel dat dat ook een werkwoord kon zijn maar toch verbaasde het me. En dus in de stad liepen we, in het sentrum van Utrecht liepen we, en ik dacht hier loop ik nooit, over de oude gracht liepen we, en ik dacht, als student kwam ik hier geregeld maar nu kom ik hier nooit meer. Het was zondag. We waren allemaal vrij en we liepen. En Broese was open, verrek, het is zondag en Broese is open dacht ik, en ik wilde naar binnen want hoe vaak kom ik nu helemaal in een boekhandel, in het dorp waar we nu wonen is geen boekhandel, wel een hele gekke winkel die tegelijkertijd huishoudwinkel, opticien, ING- en postkantoor, biologiese supermarkt, speelgoedwinkel, en ook wat boeken verkopende tijdschriftenhandel is, daar heb ik wel eens een Lauwereyns uit de voordeelbakken gevist, monkey business, in zoon idiote winkel gekocht dat ik het nog altijd niet heb durven lezen, Lauwereyns of niet. Maar Broese is een echte boekhandel, een hele grote boekhandel van meerdere verdiepingen, het doet mijn hart deugd dat dat nog kan blijven bestaan, ontlezing zeggen de mensen, maar in het vast niet goedkope sentrum van Utrecht, vooraan op de oude gracht, is een hele grote, misschien net iets te moje boekhandel, en die is open op zondag, en het was er druk ook, misschien omdat er iemand sprak, ik weet het niet, mensen in een boekhandel, er is zoveel, ik wou filosofie, ik wou engelstalig, ik wou proza, ik wou poëzie maarja ik ben de enige boekenliefhebber in het gezin en ik wou niet alle anderen op me laten wachten, ten slotte was het de verjaardag van mijn dochter en niet die van mij, dus ik beperkte me tot de poëziekast. En er sprak iemand, heb ik dat al gezegd, er sprak iemand, iemand werd geïnterviewd, een engelsman, ik meende die stem wel te kennen, volgens mij zoon mannetje dat er op de staatstelevisie wordt bijgehaald als het over klassieke muziek gaat, ik dacht hem wel te kennen, later speelde hij nog iets, cello docht mij en het was niet slecht docht mij, wie was het weer, ik hoefde mijn kop maar boven de poëziekast uit te steken om het te zien maar ik wilde mijn kop niet boven de poëziekast uitsteken, ik wilde de poëziekast en niets dan de poëziekast, best een grote poëziekast hebben ze daar en ik wilde hem helemaal zien en voelen en besnuffelen en betasten en lezen en kijken en zien en zien en zien. Er was moois te vinden. Er werd moois gevonden. Een bundel van Radna Fabias bijvoorbeeld & ik wilde al zo lang een keer een bundel van Radna Fabias, waarom belanden zulke dingen nou nooit eens spontaan op mijn recenseertafel?, en ook dit.

Dit.
Dit is.
Dit is dit.

Maxime Garcia Diaz, ik kende haar eerlijk gezegd niet, Het netwerk moet gebouwd worden. Is wat dit is. Is. Hybride, noemen ze dat niet zo? Want het is poëzie, uiteraard is het poëzie, het stond in de poëziekast dus het moet haast wel poëzie zijn. Maar het is ook techniekfilosofie. Een geschiedenis van het internet. Dag- en fotoboek. Reisverslag. Meer nog – want Sybilaanval is een krankzinnige theatertekst met een uiterst beckettiaanse mis-en-scene. En evengoed zijn er politicologische en sociologische en feministische overpeinzingen. Niet alles is rechtstreeks van Garcia Diaz; rode teksten komen ergens anders vandaan en blauwe teksten komen uit een vertaalmachine. Vele werkelijkheden komen samen dit ongekend intrigerende boek.

Intrigerend in weerwil van alles.

Alles zijnde die dingen die normaal gezien mijn interesse niet hebben. Zoals. Haast alles dat hier aan de orde gesteld wordt.

Maar ik ben oud, Maxime Garcia Diaz, vind je het goed als ik dat als excuus aanvoer?

Ik ben één van die mensen. Ik heb het internet zien komen. Toen ik kind was, was het er nog niet. Wij hadden thuis wel een computer, niet veel mensen hadden een computer, mensen uit de straat kwamen bij ons binnen om te kijken naar de computer. Maar internet hadden we niet. Toen ik studeerde had je van die gasten, mensen als Chananja en Sandra enzo, en die gingen in de pauzes naar het computerlokaal om te “internetten”, het leek iets te zijn om de verveling te verdrijven, een aktiviteit ofzo, je kon misschien net zo goed gaan pingpongen. En toen, later, leek het meer te zijn dan dat. Een Grote Broer. Een dwingeland. Een hulpmiddel dat jou net zo goed dwong als andersom. Het leek me ook iets dat dingen kapot kon maken, ik herinner me spreken met iemand, ergens halfweg de negentiger jaren, over internet in deze trant, en dat mijn gesprekspartner zei Maar als journalist kan jij straks niet om internet heen, en ik zei Wie zegt jou dat ik journalist ben of zijn wil, en waarom kan ik niet om het internet heen, staat dat dan straks voor mijn huis ofzo en moet ik door het internet heen als ik boodschappen wil gaan doen?, want ik dacht nog, toen, dat het iets marginaals kon zijn en blijven, iets dat zou overwajen misschien, er waren tijden dat het er niet was en waarom zouden er geen tijden aanbreken dat het weer weg was. Maar Maxime Garcia Diaz is een millennial, die heeft nooit anders geweten. Die heeft het niet zien komen. Die heeft het aangetroffen. Zoals ik televisie aantrof, en de supermarkt, en auto’s. Zoals mijn kinderen internet aantreffen, en computerspellen, en youtube. En hoe je reflecteert op dingen die je aantreft is anders dan hoe je reflecteert op dingen die je hebt zien komen. En daarom. Intrigeert Het netwerk moet gebouwd worden.

Of Amerika. Maxime Garcia Diaz heeft iets met Amerika, het zit in de genen, ze was daar verschillende malen. Ik was ook ooit in Amerika, in Kentucky dan nog, het is enige tijd her, Bill Clinton was daar toen president, ik vind het een fascinerend land maar ik vind het geen boeiend land, maar Garcia Diaz heeft daar notoire voetstappen liggen, mijn god, Elizabeth Willis was haar scriptiebegeleider, ik zou een moord doen om Elizabeth Willis als scriptiebegeleider te hebben gehad, wat een prachtbundel Address was, tel je zegeningen met zo een scriptiebegeleider, publiceert ze tegenwoordig niet bij New Directions, wat een geniale uitgeverij is dat zeg.

(tegelijk met Het netwerk moet gebouwd worden komt een engelstalige versie uit, die is mij even ontgaan, die stond niet in die poëziekast misschien bij engelstalig maar daar heb ik om vermelde redenen niet meer kunnen kijken, zou het niet wat zijn als de engelstalige versie van dit boek bij new directions uitgekomen is?)

Maxime Garcia Diaz bestrijkt levens, era’s, werelden en haast alles kun je in dit boek wel tegenkomen. Iemand steekt de sociale huurwoning in brand terwijl iemand anders nog binnen was en voelt daarover geen spijt. Honger gaat dood, maag gaat dood, vijand gaat dood. Communistische penetraties in het politieke lichaam. Het geboorterecht van een cybernetische organisatie. Autopoëse versus allopoëse. Deep blue. Kasparov. Een datacenter met een skeuomorfische kramp. (en ik dacht aan die amerikaanse auto’s die eruit zien alsof ze deels van hout gemaakt zijn) (en het datacenter huilt en de hele stad heeft last van verbindingsproblemen). Latour die zegt: Netwerken hebben geen binnenkant, ze bestaan alleen uit randen en Steyerl die zegt: Het internet is niet dood, het is ondood en het is overal. (en Latour dat zal dan wel Bruno Latour zijn maar die Steyerl, die ken ik niet). Computerspellen die ik ten hoogste van naam ken. De Sims, Neopets, Travel Town. Wat je mee zou nemen als je huis in brand stond (Jean Cocteau zou de brand meenemen). Een vader die sterft (althans ik denk dat het de vader is en ook dat hij een niet heel aardige man was) (later vraag ik me af of ik dat laatste oordeel niet moet bijstellen). En een hele moje vrouw een onvoorstelbaar moje vrouw een ongekend moje vrouw heeft een tandenborstel in haar mond.

En al denk ik niet dat ik Imago van Octavio Butler ooit zou willen lezen.
En al is Heal van Strand Oaks niet zoon heel erg goede seedee.
En al is Sophie Schwartz toch wel een heel klein beetje overschat.
En al is Lana Del Ray – ofnee laat maar.
Of Sylvia Plath. Ik herinner me mijn buurman, mijn voormalig buurman, en hoe hij een keer, op straat (want ik kwam hem tegen toen ik een vuilniszak ging weggojen) stond te betogen dat hij Sylvia Plath maar een aanstelster vond, en ik heel erg woke wilde zijn en iets wilde zeggen over Ted Hughes en ook iets over de man in het algemeen maar alles wat ik kon zeggen was dat ik ondanks herhaalde pogingen nooit door De Glazen Stolp was heen gekomen.

Ondanks al die dingen.

Of, wie weet, dank zij.

Weet ik me gegrepen.
Zo heel erg vast gegrepen. Tweehonderdvijftig pagina’s lang.

Door de foto’s de onderwerpen de stijlen de afwisseling, of zinnen.

Zinnen als “Toen ik een Amerikaan was / heette ik Meilissa”; “Toen ik een meisje was zat ik op de computer / Toen ik op de computer zat was ik een god/ / probleem/ Amerikaan/ volwassen man/zoon / van mijn vader/lichaam in wachtstand.”; “ik ben nooit offline gegaan”; “wij weten dat Pepto-Bismol roze is / maar we weten niet wat Pepto-Bismol is”; “ik wil niet naar België ik wil dood”; “in het ziekenhuis vuur ik een machinegeweer af / om hen god te laten vrezen”; “nooit voor Amerika buigen”; “als er een introverte Amerikaan wordt geboren / nemen ze hem mee naar de achtertuin / en schieten hem af” –

en ik denk aan het internet of body en aan alles wat ik vreesde en aan de dystopie die ons wacht.

Of misschien.

Dit is alles gezien door de ogen van een millennial.
Ik sprak een millennial ooit. Op een van mijn postrondes. Ze deed me denken aan Iris. Wat een ontzettend fantastisch gesprek zich ontspon. Ze deed de academische pabo, liep stage, en vond “de huidige generatie” al iets om zich over te verbazen, en ik weet niet of dat me heel erg oud deed voelen of juist weer een heel stuk jonger. Maar Het netwerk moet gebouwd worden deed mij, iemand die het internet heeft zien komen (zei ik dat al?), denken aan de nuttige ficties van Hans Vaihinger, hoe kantiaans wil je de wereld hebben, de narratieven die we hanteren om de wereld kenbaar beheersbaar overzichtelijk te maken, misschien is alles online niet anders dan een nuttige fictie, “de handelingen ceremoniëel maar echt”. Er is geen onderscheid tussen het alsof en de voeten op de grond – er is geen ding an sich, alleen wat wij ervan maken.

Het netwerk moet gebouwd worden sloopt het karkas van je zienswijzen en start daarna opnieuw op. En krachtiger dan dat zul je poëzie nooit krijgen. Dus wacht niet tot uw dochter jarig is maar haast u. Want ja. Zo mooi dus kan literatuur zijn.

Maxime Garcia Diaz Het netwerk moet gebouwd worden

Het netwerk moet gebouwd worden

  • Auteur: Maxime Garcia Diaz (Nederland)
  • Soort boek: gedichten, poëzie
  • Uitgever: De Bezige Bij
  • Verschijnt: 13 november 2025
  • Omvang: 240 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Prijs: € 25,00
  • Bestelmogelijkheden boek >

Flaptekst van de nieuwe dichtbundel van Maxime Garcia Diaz

Wat is een computer? Is de Amerikaanse eeuw al voorbij? Alles gaat dood, dood, dood. De stad, het internet, ____ _____. Het netwerk moet gebouwd worden is een hybride poëziebundel, gelijktijdig uitgegeven in het Nederlands en Engels, die verschillende vormen en genres mengt om een labyrintische geschiedenis op te tekenen. Deze veelvormige bundel trekt als een verwrongen reisverslag langs de data centers van Nederland en de siliconen valleien van Amerika, langs een Amsterdamse kindertijd en een universiteitsstad in Iowa.

Het netwerk moet gebouwd wordenis een persoonlijk onderzoek naar het dode scherm, de geannuleerde stad, het falen van taal en representatie, naar de waanzinscène en het kraakpand, de servers en de sociale huurwoningen, verlies en verzet. Deze computer spreekt Engels omdat hij Amerikaanse botten heeft; deze machine vermoordt fascisten omdat ze wil moorden. Alles gaat dood, behalve Neopets.

Maxime Garcia Diaz schrijft poëzie en proza in zowel het Nederlands als het Engels. Ze studeerde cultuurwetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam en poëzie aan de Iowa Writers’ Workshop. In 2019 won ze het NK Poetry Slam. Ze debuteerde in 2021 met Het is warm in de hivemind, een bundel die lovend werd ontvangen en bekroond met de C. Buddingh’-prijs, de prijs voor het beste poëziedebuut van het jaar. Haar tweede poëziebundel, Het netwerk moet gebouwd worden verscheen in november 2025 in het Nederlands en Engels.

Bijpassende boeken

Roelof Schipper – bleke gesp, beige zoom

Roelof Schipper bleke gesp, beige zoom recensie, review en informatie boek en debuut met gedichten. Op 10 oktober 2025 verschijnt bij Uitgeverij Vleugels de dichtbundel van Roelof Schipper. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Roelof Schipper bleke gesp, beige zoom recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van bleke gesp, beige zoom, de dichtbundel van Roelof Schipper, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Recensie van Tim Donkers

Stel: je bent verdwaald in een gedicht. De omgeving zou Antwerpen kunnen zijn, of Stadskanaal, Veendam, Ter Apel. Misschien bevind je je in een hotel, of in een kaffee in een voormalige watertoren. Je hoort flarden van gesprekken. Iets over de prijs van koffie, iemand die afwezig is, een bekende heeft een nieuwe betrekking aan de overkant. Er dringen wat flitsen tot je door. Bleke gezichten, een blauwe jas, je zoon die over het duister van de dijk fietst (beige zoom, bleke gesp). De versplintering is volledig. Een gedicht als een fragmentatiebom.

Dit is de ervaring die deze bundel u bieden kan. Abstracties worden afgewisseld met trivialiteiten, duister met licht. Zijn inderhaast afgebroken zinnen, zijn merkwaardige interpunctie en volledig naar eigen hand gezette grammatica genereren een koortsig ritme, en de soms lichtelijk verontrustende beelden versterken dit alleen maar.

Je weet het niet.
Steeds opnieuw weet je het niet.
En dan weer weet je nog minder.

Holofernes wordt aangeroepen. Wie was dat ookalweer? Waarom lette ik tijdens mijn studie niet op toen die cursus werd gegeven over de bronnen van onze beschaving, de docent die dat gaf mocht ik alleszins, en toch bleef mijn kop maar afdwalen, had Holofernes niet iets te maken met Nabukadnezar of is dat alleen maar een Duitse blackmetalband? In ieder geval overvallen licht nachtmerrie-achtige gevoelens me. Hitte, zweet, piramides, rituelen, een offermes. Ook is er sprake van schrijvers die naar tentenkampen worden gestuurd. Je kan denken aan oorlog, een of andere dystopie of anders maar meteen de apocalyps. Maar er zijn ook de allergewoonste dagdagelijksheden die nog niet het geringste vermoeden van gevaar inhouden. Christine vraagt wanneer je weer aan het werk gaat. Het boek van iemands zoon ligt nog in je auto. Er wordt getuinierd. Onkruid gewied. Je bestelling wordt straks in orde gemaakt.

Een droom over het grootste distributiecentrum van een supermarkt, het natte asfalt, in die droom ben je aan het werk (dromend dat hij moet werken) (dat droom ik ook wel eens, een collega ook, vertelde hij mij). In de eerste twee gedichten duiken herhaaldelijk vrachtvliegtuigen op, dat kan nog alle kanten op – misschien komen eindelijk die spullen die je besteld had of moet er toch gevreesd worden voor oorlogsmaterieel?

Naar de letter genomen is bleke gesp, beige zoom een dichtbundel. Deze 56 pagina’s bevatten vier gedichten: functie en wet; elke zee; brandhout-lege kamer en beige zoom. Maar er ademt een eenheid, een verbinding. Een gevoel dat ik één lang gedicht zit te lezen. Over de wunderschönen monat mai, een schooldag, borrelpraat, weer aan het werk, een apocrief bijbelboek of het einde der tijden. Maar deze ongrijpbaarheid is nu juist wat deze poëzie zo intrigerend maakt.

Met niets te vergelijken, las ik ergens, behalve misschien met Faverij. Hum. Mij deed het juist denken aan de poëzie van F. van Dixhoorn. En ook een beetje aan die van B. Zwaal. En dan de laatste zin van het laatste gedicht: “parken en fonteinen”. Hoe kun je dan niet denken aan Parken en woestijnen? Als kind las ik daar trouwens steevast in: Parkeerwoestijnen, en dan dacht ik aan woestijnen vol geparkeerde auto’s. Bumper aan bumper aan bumper, onder de brandende zon. Die geleidelijk aan, door hitte, wind en zand, transformeerden in wrakken. Een hele woestijn vol autowrakken, ja dat vond ik als kind heel erg mooi.

Schipper stuurt de geest uit wandelen. Naar Egypte, naar de woestijn, naar een haven, de dijk, het distributiecentrum, een tentenkamp. Dromen of nachtmerries of de banaalste dag die je je voor kunt stellen. De ultieme fragmentatie of juist de grootst mogelijke eenheid. Aan al die dingen kun je denken als je bleke gesp, beige zoom leest. Aan Zwaal of Vasalis of Van Dixhoorn (aan Faverij dacht ik nu net weer niet). Of andere namen andere beelden andere dingen andere flitsen.

Het soort poëzie dat tot herlezing uitnodigt. Om bij elke volgende lezing het weer anders te lezen, nieuwe dingen op te merken, door andere gevoelens bevangen te worden.

Het groeit.

Het blijft groeien.

Dat soort poëzie is het. Lees het. Lees het vele malen. Een zeer eigenzinnige uitgave van een zeer eigenzinnige uitgeverij.

Roelof Schipper bleke gesp, beige zoom

bleke gesp, beige zoom

  • Auteur: Roelof Schipper
  • Soort boek: gedichten, poëzie
  • Uitgever: Uitgeverij Vleugels
  • Verschijnt: 10 oktober 2025
  • Omvang: 58 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Prijs: € 23,95
  • Boek bestellen bij: Bol

Recensie van Tim Donkers

Stel: je bent verdwaald in een gedicht. De omgeving zou Antwerpen kunnen zijn, of Stadskanaal, Veendam, Ter Apel. Misschien bevind je je in een hotel, of in een kaffee in een voormalige watertoren. Je hoort flarden van gesprekken. Iets over de prijs van koffie, iemand die afwezig is, een bekende heeft een nieuwe betrekking aan de overkant. Er dringen wat flitsen tot je door. Bleke gezichten, een blauwe jas, je zoon die over het duister van de dijk fietst (beige zoom, bleke gesp). De versplintering is volledig. Een gedicht als een fragmentatiebom.

Dit is de ervaring die deze bundel u bieden kan. Abstracties worden afgewisseld met trivialiteiten, duister met licht. Zijn inderhaast afgebroken zinnen, zijn merkwaardige interpunctie en volledig naar eigen hand gezette grammatica genereren een koortsig ritme, en de soms lichtelijk verontrustende beelden versterken dit alleen maar.

Je weet het niet.
Steeds opnieuw weet je het niet.
En dan weer weet je nog minder.

Holofernes wordt aangeroepen. Wie was dat ookalweer? Waarom lette ik tijdens mijn studie niet op toen die cursus werd gegeven over de bronnen van onze beschaving, de docent die dat gaf mocht ik alleszins, en toch bleef mijn kop maar afdwalen, had Holofernes niet iets te maken met Nabukadnezar of is dat alleen maar een Duitse blackmetalband? In ieder geval overvallen licht nachtmerrie-achtige gevoelens me. Hitte, zweet, piramides, rituelen, een offermes. Ook is er sprake van schrijvers die naar tentenkampen worden gestuurd. Je kan denken aan oorlog, een of andere dystopie of anders maar meteen de apocalyps. Maar er zijn ook de allergewoonste dagdagelijksheden die nog niet het geringste vermoeden van gevaar inhouden. Christine vraagt wanneer je weer aan het werk gaat. Het boek van iemands zoon ligt nog in je auto. Er wordt getuinierd. Onkruid gewied. Je bestelling wordt straks in orde gemaakt.

Een droom over het grootste distributiecentrum van een supermarkt, het natte asfalt, in die droom ben je aan het werk (dromend dat hij moet werken) (dat droom ik ook wel eens, een collega ook, vertelde hij mij). In de eerste twee gedichten duiken herhaaldelijk vrachtvliegtuigen op, dat kan nog alle kanten op – misschien komen eindelijk die spullen die je besteld had of moet er toch gevreesd worden voor oorlogsmaterieel?

Naar de letter genomen is bleke gesp, beige zoom een dichtbundel. Deze 56 pagina’s bevatten vier gedichten: functie en wet; elke zee; brandhout-lege kamer en beige zoom. Maar er ademt een eenheid, een verbinding. Een gevoel dat ik één lang gedicht zit te lezen. Over de wunderschönen monat mai, een schooldag, borrelpraat, weer aan het werk, een apocrief bijbelboek of het einde der tijden. Maar deze ongrijpbaarheid is nu juist wat deze poëzie zo intrigerend maakt.

Met niets te vergelijken, las ik ergens, behalve misschien met Faverij. Hum. Mij deed het juist denken aan de poëzie van F. van Dixhoorn. En ook een beetje aan die van B. Zwaal. En dan de laatste zin van het laatste gedicht: “parken en fonteinen”. Hoe kun je dan niet denken aan Parken en woestijnen? Als kind las ik daar trouwens steevast in: Parkeerwoestijnen, en dan dacht ik aan woestijnen vol geparkeerde auto’s. Bumper aan bumper aan bumper, onder de brandende zon. Die geleidelijk aan, door hitte, wind en zand, transformeerden in wrakken. Een hele woestijn vol autowrakken, ja dat vond ik als kind heel erg mooi.

Schipper stuurt de geest uit wandelen. Naar Egypte, naar de woestijn, naar een haven, de dijk, het distributiecentrum, een tentenkamp. Dromen of nachtmerries of de banaalste dag die je je voor kunt stellen. De ultieme fragmentatie of juist de grootst mogelijke eenheid. Aan al die dingen kun je denken als je bleke gesp, beige zoom leest. Aan Zwaal of Vasalis of Van Dixhoorn (aan Faverij dacht ik nu net weer niet). Of andere namen andere beelden andere dingen andere flitsen.

Het soort poëzie dat tot herlezing uitnodigt. Om bij elke volgende lezing het weer anders te lezen, nieuwe dingen op te merken, door andere gevoelens bevangen te worden.

Het groeit.

Het blijft groeien.

Dat soort poëzie is het. Lees het. Lees het vele malen. Een zeer eigenzinnige uitgave van een zeer eigenzinnige uitgeverij.

Flaptekst van de dichtbundel van Roelof Schipper

Het debuut bleke gesp, beige zoom van Roelof Schipper is een gebeurtenis. Zijn gedichten vragen om herlezing, het liefst hardop, zodat zijn taal in je gaat rondzingen. Bijna als vanzelf verbind je je met het lyrisch ik, zijn manier van waarnemen, en het aftasten van zijn schrijven. De regels met hun aparte interpunctie zijn doordrenkt van het zintuiglijke en het abstracte. Zo word je een wereld in getrokken waar je steeds opnieuw een veranderd zicht krijgt op de mens en zijn zijn. Dit werk is met geen andere poëzie te vergelijken, hooguit met die van Faverey.

Bijpassende boeken en informatie

Willem Otterspeer – In alles ben ik groot

Willem Otterspeer In alles ben ik groot recensie en informatie biografie en boek over lezen en leven van Michaël Zeeman. Op 30 september 2025 verschijnt bij Uitgeverij Prometheus de biografie van Nederlandse schrijver, dichter, literatuurcriticus en televisiepresentator, geschreven door Willem Otterspeer. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Willem Otterspeer In alles ben ik groot recensie

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van In alles ben ik groot, Leven en lezen van Michaël Zeeman, de biografie geschreven door Willem Otterspeer, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Willem Otterspeer In alles ben ik groot

In alles ben ik groot

Leven en lezen van Michaël Zeeman

  • Auteur: Willem Otterspeer (Nederland)
  • Soort boek: biografie
  • Uitgever: Prometheus
  • Verschijnt: 30 september 2025
  • Omvang: 336 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek
  • Prijs: € 37,50
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de biografie van Michaël Zeeman, geschreven door Willem Otterspeer

Michaël Zeeman was de grootste en productiefste Nederlandse essayist en cultuurcriticus van zijn generatie. Hij was dichter en schrijver, journalist en tv-maker.

Tegelijk was hij, bij alles wat hij deed, controversieel. Hij was een man van uitersten, van vrienden en vijanden, van vriendinnen en verbroken relaties. Hij had niet zozeer de lach als wel het schandaal aan zijn kont hangen.

Dit is een boek over Michaël in al zijn facetten. Het zal gaan over zijn wonderlijke belezenheid en zijn betoverende boekenliefde, over zijn kwetsbaarheid en zijn tederheid, maar ook over zijn gekwetstheid en zijn woede, zijn angsten en zijn wreedheid.

In alles ben ik groot leest als een schelmenroman. Het leven van Michaël Zeeman was lezen, zijn lezen was schrijven, zijn schrijven schandaal. Elke minuut ervan was boeiend.

Michaël Zeeman is geboren op 12 september 1958 in Marken. Hij schrijver, dichter, literatuurcriticus en televisiepresentator. Op 27 juli 2009 overleed hij in Rotterdam, slechts 50 jaar oud aan de gevolgen van een hersentumor. Na zijn overlijden bleek dat hij ruim veertigduizend boeken had verzameld die in zijn Romeinse appartement stonden. Deze collectie werd in 2010 geveild bij een veilinghuis in Leiden.

Willem Otterspeer is geboren op 15 november 1950 in Ouderkerk aan den IJssel. Hij is historicus en biograaf. In die laatste hoedanigheid legde hij grote belangstelling aan de dag voor controversiële figuren als de filosoof Bolland en de schrijver W.F. Hermans. Zijn nieuwe schelm vond hij dicht bij huis: Michaël Zeeman was lange jaren zijn beste vriend.

Bijpassende boeken

H.C. ten Berge – Hier & ginder

H.C. ten Berge Hier & ginder recensie en informatie boek met nieuwe poëzie van de Nederlandse dichter en schrijver. Op 25 september 2025 verschijnt bij Uitgeverij Koppenik de nieuwe dichtbundel van H.C. ten Berge. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

H.C. ten Berge Hier & ginder recensie

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Hier & ginder, de dichtbundel van H.C. ten Berge, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

H.C. ten Berge Hier & ginder

Hier & ginder

  • Auteur: H.C. ten Berge (Nederland)
  • Soort boek: gedichten, poëzie
  • Uitgever: Koppernik
  • Verschijnt: 25 september 2025
  • Omvang: 136 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Prijs: € 22,50
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de dichtbundel van H.C. ten Berge

Zoals gebruikelijk bij deze dichter biedt de nieuwe bundel Hier & Ginder meerdere afdelingen van zeer uiteenlopende aard, waaruit niettemin eenzelfde grondtoon opstijgt. Deze toon verbindt in dit geval oude en nieuwe elementen met elkaar. Nu eens expliciet, dan weer in versluierde bewoordingen worden leven en dood tegen elkaar afgewogen en soms uitgespeeld, zoals onder meer blijkt uit enkele zeer persoonlijke teksten uit de eerste afdeling, maar vooral ook uit de reeks ‘Oude en nieuwe dodendansen’ die zowel op hedendaagse als middeleeuwse motieven berust.

Daarnaast bevat de bundel drie oude Noorse volksverhalen die ter afwisseling als lichtvoetige balladen worden gepresenteerd, gevolgd door taferelen ‘uit de vroege jeugd van Xander Specht’ die aansluiten bij de bundel Een kinderoog uit 2022.

Deze contrastrijke poëzie is geschreven in een tijd van toenemend geweld en inhumaan gedrag, wat vrijblijvende en argeloze lyriek bijna onmogelijk maakt. Met de regel ‘Al die oorlogen tussen twee eeuwige vredes’ – een citaat van Gerrit Kouwenaar – wordt deze omstandigheid in het gedicht ‘Kouw indachtig’ nader verklaard en uitgewerkt.

Bijpassende boeken en informatie

Tomas Lieske – In de bijvoetbossen

Tomas Lieske In de bijvoetbossen recensie en informatie over het boek met nieuwe gedichten van de Nederlandse schrijver. Op 24 september 2025 verschijnt bij Uitgeverij Querido de nieuwe dichtbundel van Tomas Lieske. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de dichter en over de uitgave.

Tomas Lieske In de bijvoetbossen recensie

Als er in de media een boekbespreking of recensie verschijnt van In de bijvoetbossen, het boek met nieuwe poëzie van Tomas Lieske, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Tomas Lieske In de bijvoetbossen

In de bijvoetbossen

  • Auteur: Tomas Lieske (Nederland)
  • Soort boek: gedichten, poëzie
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt: 24 september 2025
  • Omvang: 64 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Prijs: € 19,99
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de nieuwe dichtbundel van Tomas Lieske

Toen wij jong waren en roekeloos
en onze eigen wetten toepasten zonder te wachten
op groene lichten want rood was dood
en wie geraakt was moest verdwalen. Wie was niet
eigen rechter, wie kreeg niet het hovaardige
gevoel dat alles in de wereld naar je eigen
lentelicht verwees en wat dat dan was?

In zijn nieuwe dichtbundel verbindt Tomas Lieske herinneringen aan zijn kindertijd met het leven van Charlotte de Bourbon. Die kindertijd speelde zich af op het gebombardeerde ‘Sjalotte de Bonbonplein’. De derde echtgenote van Willem van Oranje klinkt steeds luider tussen de ruïnes en het puin, waar de bijvoet volop groeit.

Tomas Lieske is geboren 8 juni 1943 in Den Haag schrijft proza en poëzie. Hij ontving voor beide genres belangrijke prijzen, zoals de Libris Literatuur Prijs en de VSB Poëzieprijs. Niets dat hier hemelt (2023) werd bekroond met de F. Bordewijk-prijs. Zijn oeuvre getuigt van stilistische brille, en in elk boek combineert hij gedurfdheid met ontroering, en geschiedenis met het heden. Zijn werk is in verschillende talen vertaald.

Bijpassende boeken en informatie