Categorie archieven: Nederlandse schrijfster

Inge Schilperoord – Het licht in de stad

Inge Schilperoord Het licht in de stad recensie en informatie over de inhoud van de nieuwe roman. Op 4 oktober 2022 verschijnt bij Uitgeverij Podium de tweede roman van de Nederlandse schrijfster Inge Schilperoord.

Inge Schilperoord Het licht in de stad recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op deze pagina de recensie en waardering vinden van de roman Het licht in de stad. Het boek is geschreven door Inge Schilperoord. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de nieuwe roman van de Nederlandse schrijfster Inge Schilperoord.

Inge Schilperoord Het licht in de stad Recensie

Het licht in de stad

  • Schrijfster: Inge Schilperoord (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse roman
  • Uitgever: Podium
  • Verschijnt: 4 oktober 2022
  • Omvang: 224 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 22,50
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol 

Flaptekst van de tweede roman van Inge Schilperoord

Wanneer de vader van de zeventienjarige Sofie door een noodlottig ongeval om het leven komt, voelt ze zich eenzamer dan ooit. Verloren doolt ze urenlang door de grote stad. Haar vader verdedigde als strafrechtadvocaat jonge moslimextremisten. Hun geweld, zei hij, heeft niets te maken met hun religie. Maar waarmee dan wel?

In een poging dichter bij hem te komen stort Sofie zich op een werkstuk over de islam en extremisme. Zo wordt ze bevriend met haar Afghaanse klasgenote Zayah en raakt ze betoverd door de geheimzinnige schoonheid van Zayahs geloof. Het contrast met haar eigen kille bestaan kan niet groter zijn. Voor Sofie is er geen God. Of toch wel? Haar zoektocht maakt dat Sofie haar vader in een ander licht gaat zien, en dwingt haar uiteindelijk om zelf kleur te bekennen.

Na haar internationaal bejubelde debuut Muidhond slaagt Inge Schilperoord er opnieuw in om dicht onder de huid te kruipen van een niet-alledaags personage. Ze deed jarenlang research naar de Islam en naar de belevingswereld van de bekeerling. Op basis daarvan, en vanuit haar werk als onderzoekspsycholoog op de Terroristenafdeling van de gevangenis, neemt ze in haar tweede roman de lezer mee in een wereld die voor velen onbekend is.

Bijpassende boeken en informatie

Joke van Leeuwen – Aan tafels

Joke van Leeuwen Aan tafels recensie en informatie over de inhoud van de dichtbundel met eigen tekeningen. Op 4 oktober 2022 verschijnt bij uitgeverij Querido het nieuwe boek met een lang gedicht en tekening van Joke van Leeuwen.

Joke van Leeuwen Aan tafels recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op deze pagina de recensie en waardering vinden van de dichtbundel Aan tafels. Het boek is geschreven door Joke van Leeuwen en bovendien heeft ze ook de tekeningen gemaakt Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden te vinden. Bovendien kun je op deze pagina informatie over de inhoud van het boek met lang gedicht en tekeningen van Joke van Leeuwen.

Recensie van Tim Donker

Joke van Leeuwen. Waarom las ik haar niet eerder? Ja, ik weet denk ik wel waarom ik haar niet eerder las. Maar dan weer. De vraag beantwoorden is een vervolgvraag uitlokken. Want vermoedelijk las ik haar nooit omdat ze ook kinderboeken schrijft. Maarja. Wat is dan toch dat diepgewortelde wantrouwen tegen kinderboekenschrijvers? Er is toch helemaal niks mis met kinderboeken? Toen ik kind was las ik notabene zelf kinderboeken (sterker nog: ik zat in de kinderboekenjury, en we mochten met ons clubje naar Het Speelhuis, en kinderboekenschrijvers lazen voor en gaven handtekeningen, ik had de handtekening van Evert Hartman, dat vond ik een hele moje handtekening maar zijn boeken las ik nooit). Het is dan ook pas later mis gegaan tussen mij en kinderboekenschrijvers. Dat was toen een millennium op heur laatste benen liep. Eind jaren negentig bevonden er zich in mijn kennissenkring plotseling verbazend veel volwassenen die bij voorkeur, of zelfs alleen maar, kinderboeken lazen. “Die zijn tenminste nog fantasievol,” zeiden ze dan vaak maar als ik ze dan absurdistische boeken liet lezen, of dada, of grotesken, of automatisch schrijven, of cabaret voltaire, vonden ze het meestal alleen maar raar. Ik weet niet of dat indertijd een landelijke trend was, dat van die kinderboeken bedoel ik, of dat ik me mogelijkerwijs alleen maar in verkeerde kringen had begeven. Maar ik kon in ieder geval met bijna niemand meer een gesprek over literatuur beginnen zonder dat binnen een paar minuten over kinderboeken ging. Na een tijd ging dat storen. Na een tijd ging het goed mijn kloten uithangen. Na een tijd vond ik het nogal aanstellerig, al die volwassenen die zich de hele dag alleen maar met kinderboeken bezig hielden. Dacht ik ook: kinderboekenschrijvers zijn volwassenen die zich de hele dag alleen maar met kinderboeken bezig houden. Hield ik me verre dus. Dus hield ik me verre. Het ging langzaamaan weer beter toen mijn kinderen geboren werden, en het voorlezen er kwam, en tochtjes naar de bibliotheek. Maar toch las ik Joke van Leeuwen niet eerder nee, en nu las ik Aan tafels en nu denk ik Waarom las ik haar toch niet veel en veel eerder.

Ofnee. Wacht ik lás haar eerder. Wel. Ja. Ik las haar vlaggen als werkwoord niet zelfstandig naamwoord in Rasters Vergeetwoordenboek. Nummer 58. Een fantastiese foto van een tienjarige Joke, en vele onderhoudende gedachten over jurken en nylons en jarretels & ge moogt gaan maar ge moogt niet lopen. Ja. En ik las haar in Raster 105, Lettres, Velouté heette dat gedicht, fantasties gedicht, fantasties resept. En ik las haar in Raster 106: De plek. Een fijn verhaal over intrek nemen in een oud Antwerps huis. En Bezichtiging. Een mooi gedicht. En ik las haar in Raster 123/24. Het einde. Met die prachtige tiepmasjiene op de voorkant. O God. Waarom zijn die dingen eigenlijk ooit in onbruik geraakt? De wereld was een betere wereld toen tiepmasjienes nog niet in onbruik waren geraakt. Het is het einde van Raster en Joke van Leeuwen schrijft over eindes. Het einde van het einde van de geschiedenis. Krijgt die Fukuyama me daar mooi even een tik. Of zo stel ik me voor. B’voorbeeld misschien omdat ik vind dat die Fukuyama het allemaal een beetje te serieus neemt, zichzelve voorop. Ik had haar meer kunnen lezen, want ze stond in veel meer Rasters maar plotseling was aan mijn Rasterverzamelwoede een einde gekomen, soms gebeurt dat, soms komen dingen ineens aan hun einde, soms hou je ergens gewoon mee op, ik liep vaak naar de kamer waar ik mijn Rasters bewaarde, de meeste toen nog ongelezen, dan strekte mijn arm zich uit, dat opende zich mijn hand, dan pakte ik er eentje van de plank, willekeurig, dan bladerde ik, dan verheugde ik mij, dan dacht ik aan de dag dat ik deze Raster zou gaan lezen, zonnig moest het dan zijn, in het park moest het zijn, op mijn rug in het gras moest het zijn, lekker liggen met mijn open ogen lezen, met een appel en een moje mandarijn. Dan kwam de dag dat het verheugen verflauwde, dat ik de eigenste Raster daar nu in mijn hand niet zonodig hoefde te lezen ooit, niet in het park en ook niet op mijn rug, ach waarom spaarde ik die dingen eigenlijk nog? En de plekken waar je gelezen Rasters kon vinden verdwenen ook, alles verdwijnt maar, het einde van de tijd. Ook dat nog.

Joke van Leeuwen & nu lees ik haar. Aan tafels heet het en het is een boeklang poëem en ik ben verrukt. Ja al op de eerste bladzijde van Aan tafels ben ik verrukt. In verrukking of hoe heet dat. “ik ben, nee ik heb / zeventig” staat daar, amper zeven regels ver zijn we, ik vind dat zo mooi. Dat zeggen ze ook in Spanje, tengo setenta años, dat heb ik altijd zoveel beter gevonden dan wat wij zeggen. Liever dat je de jaren die je bent gewoon maar hebt, de jaren die je hebt die heb je al en je weet niet wat je nog krijgen gaat. Of neem dit: “ik ben geboren / als een zij en gottegot wat een gedoe / dat wie geboren als een zij met lijf dat / alles kan door heeldur maatschappijen / weggepraat achter wie man, door / godsverhalen uit hun rib, maak dat / de kat wijs en de olifant en de dolfijn / die haar dolfijnenklit door vinnen / van vriendinnen strelen laat” – daar kun je op zuigen, toch, op zulke woorden. Daar kun je lang op zuigen en steeds weer een andere smaak proeven. Het gaat tekeer en het is grappig en dat van die dolfijnen komt trouwens helemaal op het einde nog een keertje terug. En vegen uit de pan voor man of maatschappij, en ook voor de bijbel trouwens. En dat zijn dan nog maar de eerste regels, Van Leeuwen gaat verder, en spreekt en dicht en schrijft: “dat / koude scherm waar sneeuw van vroeger / uit verdween, waar binnenscamera’s / gelachen wordt, waar zoete zelfronk / triomfeert, scheefte rechtop gezeten / wordt becommentarieerd” en dan zie ik een teevee en niet een teevee van vroeger waar het nog sneeuwen kon (dan zat de antenne er niet goed in) (ik probeerde mijn kinderen laatst het testbeeld uit te leggen) maar de teevee van nu met zijn overdaad aan talkshows vol bekende nederlanders en deskundigen en anderszins schaapjesophetdrogehebbenden of nietsteklagenhebbenden die vanuit een misschien net iets te gemakkelijke positie heel politiek correct misstanden aankaarten en ook de journalistiek moet haar failliet inmiddels toegeven: “een krant vraagt een / bekend geworden mens wanner hij / voor het laatst gehuild, want dat is / entertainend voor wie zelf terwijl / geen ander kijkt of weten wil”, en woorden als binnenscamera’s en zelfronk hoef je maar te rapen.

En in 71 pagina’s krijgt uiteindelijk heel de samenleving er duchtig van langs. De computersamenleving. De vermaaksamenleving. De smileyssamenleving. De googleteamssamenleving. Hoe leuk, hoe gestroomlijnd, hoe efficiënt, hoe vervelend (zegt, zingt Wannes: Het zit allemaal goed in mekaar Het zit allemaal goed in mekaar Het zit allemaal goed in mekaar Het zit godverdomme allemaal toch zo goed in mekaar). Een samenleving van (on)maakbaarheid, een samenleving van consumentisme en afval, een samenleving van niet of nauwelijks, een samenleving, misschien, die druk bezig is zichzelf uit de markt te prijzen. En onze angsten kunnen we altijd nog overschilderen.

En doorheen alles gewoon het leven: “waar woensdags nog / een taart, een gaatje in je trui / een opdrachtje voor school, een / lumineus idee, en donderdags / alleen het hoogstnoodzakelijke mee / naar ergens waar daar hier heet / en hier daar”, omdat dagen toch ook gewoon dagen blijven: “elk jaar complimentendag, tussen / een rare disease day en een hearing day”, want gekte blijft ook gewoon gekte en dat is hoe de dagen gaat en hoe het leven gaat en hoe de gekte gaat die daar ook alleen maar is om grip te krijgen op dat andere, op dat leven en op die dagen: daarom dit afbakenen, dit verdelen in ruimtes en tijden en namen: “we hadden jullie niet verwacht en / al dit licht is weliswaar van ons / maar jullie mogen erin lopen / toon jullie wijdte om die op te meten – / ach, is het waar, lijken hier onze / vorken zo op die van jullie daar?”

De mens bekeken, de mens gemeten (waarom dook niet uit de nalatenschap op dat De gemeten mens dat ik mijn vader ooit kado deed, een boek, van Stephen Jay Gould als ik het me wel herinner, we spraken er nog over toen hij in het ziekenhuis lag, hij vertelde me dat hij en zijn nieuwe vrouw er elkaar uit voorlazen als ze in bed lagen, mijn moeder was toen al dood, de gedachte van hem in bed met haar ergerde me, mijn moeder was nog niet zo lang dood, later kon ik er ook iets vertederends in zien maar het boek had ik graag gehad), de mens gekeurd, de mens gewogen, de mens vergeleken want we kunnen lijken op de Ander in al zijn vreemdheid en desnoods kunnen we het vreemde dusdanig exotiseren dan het nog een klein beetje leuk wordt (ik had een collega ooit die uit Java kwam, op een keer ging hij het depot aanvegen, geen idee waarom hij het depot aan ging vegen want daar was hij helemaal niet voor aangenomen hij was aangenomen om de post te bezorgen maar goed hij ging het depot vegen en omdat er geen langstelige bezem aanwezig was maar wel een stoffer en blik ging hij zoon beetje op zijn hurken doorheen het depot om beetjes vuil op het blik te vegen en later zei iemand heel anders as dat wij souwen doen hun doen dat heel anders as wij hun doen dat op hun hurken en niet staand – alsof dat gehurkte vegen cultureel bepaald was en niet uit een gebrek aan materiaal voortkwam) want als het niet bekend is, is het vreemd en als het niet al te vreemd is, kunnen we het misschien wel bekend noemen. Want wie niet weg is, is gezien. En wie niet gezien is, is weg en daarom ook toch ook facebook tv prikkeldraad de guillotine. En verder niks nog, of toch maar weer dat liefdevolle klojen, dat warmbloedig gesukkel, dat naarstig getimmer aan tafels om aan te zitten.

En aldurwijle foto’s en herinneringen.
En aldurwijle vallende en vervangende en verdwijnende stoelen.
En uiteindelijk niets om ons nog te houden.

Aan tafels is een ongekend rijk en mooi boek. Het klaagt aan, maar het is niet bitter. Het ziet er nog de humor in, maar het lacht niet uit. Het legt vingers op zere plekken, maar het strooit geen zout in open wonden. En als je mocht gaan denken dat we inmiddels een vogel voor de kat zijn, lijkt het toch nog te eindigen met hoop. Of met het begin. Of, in ieder geval, aan tafel(s). En in mijn geval met muziek. Dat was het: aan tafel, met een gedicht en muziek. Als jij iets mojers weet, mag je het zeggen.

Joke van Leeuwen Aan tafels Recensie

Aan tafels

Een gedicht

  • Schrijfster: Joke van Leeuwen (Nederland)
  • Soort boek: gedicht, poëzie
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt: 4 oktober 2022
  • Omvang: 80 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Prijs: € 18,99
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol

Flaptekst van de nieuwe dichtbundel van Joke van Leeuwen

Tafels zijn uitgelezen plaatsen van samenkomst, maar laten ook de lege plekken zien van wie gemist wordt. Van overledenen of van wie op een andere manier vertrokken is, voor wie zijn tafel een schuilplaats was en heeft moeten vluchten.

Aan tafels is één ononderbroken sprankelend gedicht over de sporen die mensen in dingen achterlaten, over het ouder zijn in de jongste jaren. Maar Aan tafels is óók beeld: de bundel wordt gesierd door stoelen die als vluchtelingen een nieuw thuis zoeken.

Bijpassende boeken en informatie

Solomonica de Winter Romans Boeken

Solomonica de Winter is een Nederlandse schrijfster die al op 17-jarige leeftijd in 2014 debuteerde met het haar eerste roman Achter de regenboog die ze trouwens in het Engels schreef onder de titel Over the Rainbow. De debuutroman is niet onopgemerkt verschenen en redelijk positief ontvangen. Ze werd trouwens geboren op 3 juni 1997 in Bloemendaal, Noord-Holland. Een belangrijke reden voor de aandacht voor de eerste roman van Solomonica de Winter zal ook geweest zijn dat zijn de dochter is van de schrijfster Jessica Durlacher en schrijver Leon de Winter. En ze stamt uit een echte schrijversgeslacht als je in ogenschouw neemt dat haar opa van moederszijde de schrijver G.L. Durlacher is. Haar debuutroman is in 2014 ook in Duitse vertaling verschenen bij uitgeverij Diogenes Verlag en kreeg als titel Die Geschichte von Blue.

Biografische Informatie Solomonica de Winter

  • Volledige naam: Solomonica de Winter
  • Geboren op: 3 juni 1997
  • Geboorteplaats: Bloemendaal, Noord-Holland
  • Nationaliteit: Nederland
  • Taal: Engels, Nederlands
  • Moeder: Jessica Durlacher
  • Vader: Leon de Winter
  • Discipline: schrijfster
  • Debuut: Achter de regenboog (2014)

Solomonica de Winter romans en andere boeken

Natural Law

  • Schrijfster: Solomonica de Winter (Nederland)
  • Solomonica de Winter Natural Law RecensieSoort boek: dystopische roman
  • Taal; Engels
  • Uitgever: Prometheus
  • Verschijnt: 5 oktober 2022
  • Omvang: 392 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek / ebook
  • Prijs: € 25,00 / € 14,99
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris
  • Inhoud roman: In New America, people live divided into four different rival nations according to Natural Law. The world as we know it no longer exists, and life is hard and bleak, but, most importantly, it is a world without written record. Continuous war renders peace impossible, and amid all this chaos Gaia Marinos is trying to hide. She is a survivor, a mutant, hiding from the nations that are trying to kill her…lees verder >

Solomonica de Winter - Achter de regenboogAchter de regenboog

  • Genre: psychologische roman
  • Uitgever: Prometheus
  • Verschenen: 31 oktober 2014
  • Omvang: 209 pagina’s
  • Prijs: € 17,95
  • Origineel: Over the Rainbow (2014)
  • Bijzonderheden: debuutroman
  • Inhoud: Blue, de hoofdpersoon van de roman, beschrijft voor haar psychiater waarom zij ertoe is gekomen een man en een vrouw te vermoorden.
  • …uitgebreide informatie >

Ananda Serné – Nachtbloeiers

Ananda Serné Nachtbloeiers recensie en informatie over de inhoud van de Nederlandse roman. Op 27 september 2022 verschijnt bij uitgeverij Cossee de debuutroman van de Nederlandse schrijfster Ananda Serné.

Ananda Serné Nachtbloeiers recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op deze pagina de recensie en waardering vinden van de roman Nachtbloeiers. Het boek is geschreven door Ananda Serné. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de eerste roman van de Nederlandse schrijfster Ananda Serné.

Ananda Serné Nachtbloeiers Recensie

Nachtbloeiers

  • Schrijfster: Ananda Serné (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse debuutroman
  • Uitgever: Cossee
  • Verschijnt: 27 september 2022
  • Omvang: 160 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 22,99
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol
  • Waardering∗∗∗∗ (uitstekend)

Flaptekst van de eerste roman van Ananda Serné

Een fascinerend debuut over een jonge vrouw op zoek naar verbinding, naar een thuis en naar een goede nachtrust.

Voor de lezers van Yoko Ogawa en Bregje Hofstede Eliza is gestrand in Stavanger en doet voor het Instituut voor Slapeloosheid onderzoek naar de samenhang tussen insomnia en partnerkeuze. Als haar Noorse vriend Andreas hun relatie verbreekt, vraagt Eliza zich af wat ze nog in Noorwegen te zoeken heeft. Al haar vrienden kent ze via Andreas, en met haar onderzoek loopt ze vast. En dan die nachten, kon ze ooit maar een oog dichtdoen.

In een slapeloze roes gaat Eliza op zoek naar een veilige haven, naar een persoon bij wie en een plek waar ze zich wél thuis voelt. Het brengt haar van Noorwegen naar Taiwan en terug. Overal waar ze komt merkt ze dat slapeloosheid de gemoederen bezighoudt: de een houdt een slaapdagboek bij, de ander zweert bij slaapdruppels. Elders ontwikkelt men straatlantaarns die daglicht nabootsen om de slapelozen tegemoet te komen. De ergste probleemgevallen worden zelfs van de straat geplukt door slaapwachters, en vervolgens opgenomen in speciale sluimerklinieken.

In haar onstuimige romandebuut brengt Ananda Serné haar lezers in een ijldroom; wat is de realiteit en waar houdt die op? Nachtbloeiers is een fascinerende meditatie over de samenhang tussen natuur en de mens, tussen slaap en droom, tussen verankering en vrijheid.

Bijpassende boeken en informatie

Minke Douwesz – Het laatste voorjaar

Minke Douwesz Het laatste voorjaar recensie en informatie over de inhoud van de nieuwe roman. Op 20 januari 2023 verschijnt bij uitgeverij Van Oorschot de nieuwe roman van de Nederlandse schrijfster en psychiater Minke Douwesz.

Minke Douwesz Het laatste voorjaar recensie en informatie

Als het de redactie het boek leest, kun je op deze pagina de recensie en waardering lezen van de roman Het laatste voorjaar. Het boek is geschreven door Minke Douwesz. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de nieuwe roman van schrijfster en psychiater Minke Douwesz.

Minke Douwesz Het laatste voorjaar Recensie

Het laatste voorjaar

  • Schrijfster: Minke Douwesz (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse roman
  • Uitgever: Van Oorschot
  • Verschijnt: 20 januari 2023
  • Omvang: 356 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 23,50
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de nieuwe roman van Minke Douwesz

Verlies en verandering kenmerken het leven. Minke Douwesz schetst in haar derde roman de gebeurtenissen die Ese Jelles, lerares Duits, 53 jaar oud, van de ene dag op de andere haar baan doen opzeggen en op de fiets laten stappen, weg van huis, met een hoofd vol malende gedachten. Onderwijsvernieuwing en de dood van haar geliefde Martie zijn de duidelijke aanleidingen voor deze plotselinge stap. Maar er speelt meer. Afwisselend op fietspaden door Duitsland en Polen – richting het huis van Ese’s grote held Anton Tsjechov, in Jalta op de Krim – en in haar hoofd en haar verleden, toont Douwesz in haar typerende stijl hoe het besluit tot deze reis genomen werd. En waar het toe leidt.

Bijpassende boeken en informatie

Roxane van Iperen – De genocidefax

Roxane van Iperen De genocidefax recensie en informatie over de inhoud van het essay over opstaan tegen groepsdruk. Op 17 oktober 2022 verschijnt bij uitgeverij Lebowski het nieuwe boek van journalist en schrijfster Roxane van Iperen.

Roxane van Iperen De genocidefax recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op deze pagina de recensie en waardering vinden van het essay De genocidefax. Het boek is geschreven door Roxane van Iperen. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van het nieuwe boek van Roxane van Iperen

Roxane van Iperen De genocidefax Recensie

De genocidefax

  • Schrijfster: Roxane van Iperen (Nederland)
  • Soort boek: essay
  • Uitgever: Lebowski
  • Verschijnt: 17 oktober 2022
  • Omvang: 96 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek / ebook
  • Prijs: € 18,99 / € 9,99
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van het nieuwe boek van Roxane van Iperen

‘Vanaf jonge leeftijd zoeken mensen aansluiting bij een collectief – een gezin, (sub)cultuur of gemeenschap – en willen erin opgenomen worden, ook als dat betekent: zwijgend toekijken of actief bijdragen aan uitsluiting en wanpraktijken.’

In haar ijzersterke essay De genocidefax laat Roxane van Iperen zien dat we altijd op zoek zijn naar bevestiging en aansluiting bij een groep, ook als dat betekent: liegen, zwijgen of wegkijken. In helder proza laat ze de voorgeschiedenis van de Rwandese genocide in 1994 zien, en hoe er toen niet werd ingegrepen. Naadloos trekt ze de lijn van haar betoog door naar het heden, naar ons, naar Nederland. Want bovenal is het een essay over ieder individu, en over de gecompliceerde keuze tussen je conformeren aan de groep of je uitspreken over onacceptabel gedrag, met elk risico van dien.

Bijpassende boeken en informatie

Hedwig Selles – Niet mijn lichaam

Hedwig Selles Niet mijn lichaam recensie en informatie over de inhoud van de nieuwe Nederlandse roman. Op 10 oktober 2022 verschijnt bij Uitgeverij Vrijdag de nieuwe roman van schrijfster Hedwig Selles.

Hedwig Selles Niet mijn lichaam recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op deze pagina de recensie en waardering vinden van de roman Niet mijn lichaam. Het boek is geschreven door Hedwig Selles. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de nieuwe roman van de Nederlandse schrijfster Hedwig Selles.

Hedwig Selles Niet mijn lichaam Recensie

Niet mijn lichaam

  • Schrijfster: Hedwig Selles (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse roman
  • Uitgever: Uitgeverij Vrijdag
  • Verschijnt: 10 oktober 2022
  • Omvang: 240 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 22,50
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol

Flaptekst van de roman Hedwig Selles

Carlotta groeit op in een liefdeloos gezin, waar ze zich staande weet te houden door haar eigen wereld te creëren. Als tot overmaat van ramp haar beste vriendin haar in de steek laat, probeert ze grip op haar leven te houden door steeds minder te eten. Gelukkig ontmoet ze Gilles en kan ze door bij hem te gaan wonen aan het ouderlijk huis ontsnappen. Terwijl ze hunkert naar liefdevol contact, drijven Gilles en zij steeds verder uit elkaar en raakt ze steeds meer verstrikt in haar eigen hersenspinsels met alle gevolgen van dien.

Hedwig Selles (1968) studeerde Cultuurwetenschappen en bracht meerdere poëziebundels uit. Korte verhalen en gedichten van haar hand verschenen eerder onder andere in De Gids, Tirade, Hollands Maandblad, DW B, De Brakke Hond en Het Liegend Konijn.

Bijpassende boeken en informatie

Andreas Burnier – Het jongensuur

Andreas Burnier Het jongensuur recensie en informatie over de inhoud van de Nederlandse roman uit 1969. Op 6 september 2022 verschijnt de heruitgave van de roman uit 1969 onder onderduiken tijdens de Tweede Wereldoorlog, geschreven door Andreas Burnier.

Andreas Burnier Het jongensuur recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op deze pagina de recensie en waardering vinden van de roman Het jongensuur. Het boek is geschreven door Andreas Burnier. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de oorlogsroman over de onderduik tijdens de Tweede Wereldoorlog, geschreven door Andreas Burnier.

Andreas Burnier Het jongensuur Roman uit 1969

Het jongensuur

  • Schrijfster: Andreas Burnier (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse oorlogsroman
  • Eerste editie: 1969
  • Uitgever heruitgave: Atlas Contact
  • Verschijnt: 6 september 2022
  • Omvang: 69 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 15,00 / € 6,99
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de roman uit 1969 van Andreas Burnier

In “Het jongensuur”, naar eigen zeggen haar meest autobiografische boek, heeft Andreas Burnier haar ervaringen als onderduikkind in de oorlogsjaren 1940/45 verwerkt. Tegen de achtergrond van bezetting en bevrijding probeert de joodse Simone, de hoofdpersoon, zich een plaats te veroveren in de jongenswereld. Op de adressen waar zij zich moet schuilhouden moet zij zich telkens een nieuwe identiteit aanmeten. Zo heeft zij grote moeite met de streng calvinistische moraal van boerengezinnen en voelt ze zich gevangen in een vrouwenlichaam: zij had een man moeten zijn. Naarmate de bevrijding van de Duitsers nadert, raakt het meisje Simone steeds meer gevangen, verstrikt in haar lichamelijkheid.

Andreas Burnier Elk boek is een gevaar Privé-domein 322 RecensieAndreas Burnier (Nederland) – Elk boek is een gevaar
autobiografie
Uitgever: De Arbeiderspers, Privé-domein 322
Verschijnt: 13 september 2022

Bijpassende boeken en informatie

Hedda Martens – Bij wijze van leven

Hedda Martens Bij wijze van leven recensie en informatie over de inhoud van het nieuwe boek met verhalen. Op 6 september 2022 verschijnt na geruime tijd een nieuwe bundel met verhalen van de Nederlandse schrijfster Hedda Martens.

Hedda Martens Bij wijze van leven recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op deze pagina de recensie en waardering vinden van Bij wijze van leven. Het boek is geschreven door Hedda Martens. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van dit nieuwe boek van de Nederlandse schrijfster Hedda Martens.

Hedda Martens Bij wijze van leven Recensie

Bij wijze van leven

  • Schrijfster: Hedda Martens (Nederland)
  • Soort boek: verhalen
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt: 6 september 2022
  • Omvang: 200 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 20,00 / € 12,99
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Winnaar J.M.A. Biesheuvelprijs 2023

Recensie en waardering van de verhalenbundel

  • “In de handen van Hedda Martens verandert het allergewoonste in iets sprankelends.” (Bo van Houwelingen, de Volkskrant, ∗∗∗∗)

Flaptekst van het nieuwe boek van Hedda Martens

Trouw en afgunst, spijt en verlangen, onzekerheid, opluchting, hoop, gemis… De personages in Bij wijze van leven komen allen in situaties terecht waarin ze zulke gevoelens niet kunnen ontlopen; en dat terwijl ze het zichzelf, of anderen, al nooit erg gemakkelijk maakten. Toch vindt elk van hen binnen enkele bladzijden zijn eigen, grillige weg: een oplossing, een houding, een wijze van leven desnoods.

Soms doen hun keuzes ongebruikelijk aan, maar kijk, zulke mensen heb je ook – misschien kende je ze zelfs al.

Hedda Martens (1947) debuteerde in 1982 met de bundel Sjibbolet en andere verhalen. Haar verfijnde, nauwkeurig geschreven oeuvre bestaat voorts uit de bundels Een naald op het water en Iemandsland en de romans De postbode en Op dit uur van de dag; de laatste verscheen alweer elf jaar geleden. Regelmatig publiceerde ze in De GidsTiradeRaster en De Revisor.

Bijpassende boeken en informatie

Femke Brockhus – Kleine haperende vluchten

Femke Brockhus Kleine haperende vluchten recensie en informatie over de inhoud van de nieuwe Nederlandse roman. Op 25 augustus 2022 verschijnt bij uitgeverij De Bezige Bij de tweede roman van de Nederlandse schrijfster Femke Brockhus.

Femke Brockhus Kleine haperende vluchten recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op deze pagina de recensie en waardering lezen van de roman Kleine haperende vluchten. Het boek is geschreven en samengesteld door Femke Brockhus. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de nieuwe roman van de Nederlandse schrijfster Femke Brockhus.

Recensie van Tim Donker

Maar ik had het al gezegd. Toen. Toen en daar, in dat eeuwige portiek. De Theo had weer eens wat boeken voor me dus ik dacht komaan ik fiets eens langs bij de Theo. En we stonden daar, en daar stak nog een doos uit zijn brievenbus, man (dat had de Ivo niet goed gedaan zeg), en uithalen: uit de brievenbus de doos en uit de doos het boek (we hadden al gedacht dat er een boek in zou zitten, er zit nooit iets anders in). Ik kreeg dat boek dan in mijn handen gedrukt, want er zat nog iets in zijn brievenbus maar daarvoor moest de Theo naar binnen.

Dus hij: naar binnen, in flat.
Dus ik, doorbladeren, het boek.

Doorbladeren: het boek. Dit boek. Kleine haperende vluchten van Femke Brokhus (die ik niet kende) (zal wel een debutant zijn, had de Theo nog gemompeld vooraleer de grote zware deur van zijn flat achter hem was dichtgeslagen). Het zal seconden zijn geweest. Hoe lang had die tiep nodig gehad om naar zijn brievenbus te lopen, de brievenbus te openen, het poststuk eruit te halen en weer terug te keren naar daar waar ik was? Tien seconden? Twintig? Zelfs een slak doet zoiets toch binnen de halve minuut, kpeins. Dus ten hoogste een halve minuut van doorbladeren later, toen de deur openging en de Theo daar weer was, zei ik die Femke, dat is iets voor mij.

Toen had ik het gezegd.
Toen had ik het dus al gezegd.

“Gewonnen voor de bladspiegel” zei de Theo toen hij over mijn schouder meekeek. Hum. Ja. Of misschien had hij het anders gezegd. Ik weet het niet. Maar in seconden van kijken en bladeren en zien was het ingezogen worden. Meegezogen worden. Op het ritme van de bladspiegel.

Betoverd door de bladspiegel. Het typografisch wit. Leegte, leegte die ademt.

Leegte ademt niet alleen in een portiek. Het ademt in mijn huis ook nog. Het ademt in die stoel ook nog. Het ademt op de bank ook nog. Het ademt in mijn bed ook nog.

(bij manier van spreken dan he want ik lees nooit in bed)

Het ademt boven koffie boven bier boven cognac ook nog.

Het ademt overal. Het ritme. De bladspiegel. Het wit.

Het zijn korte hoofdstukjes met veel witregels en veel zinnen die amper totaan halverwege de regel reiken. Ik hou van korte hoofdstukjes met veel witregels en veel zinnen die amper totaan halverwege de regel reiken. Ik hou van zitten, en denken Kan ik misschien nog één hoofdstukje lezen?, en kijken, en zien Ha! n Kort hoofdstukje met veel witregels en veel zinnen die amper totaan halverwege de regel reiken – dát kan nog wel, dáár heb ik net nog wel even tijd voor en dan, voor je het goed en wel weet ben je dertig, veertig, vijftig bladzijden verder (terwijl je eigenlijk allang in bed had moeten liggen / of je moet nog terug want je bent eieren vergeten / of het is bijna bijna bijna maar nu echt bijna tijd om de kinderen uit school te halen / & er zit nog een wasje in de masjiene ook) (het lied slaapt in de masjiene), terwijl je jezelf nooit had toegestaan om een hoofdstuk van dertig, veertig of vijftig bladzijden te lezen (want hee, je had allang in bed moeten liggen / of je moet nog terug want je bent eieren vergeten / of het is al bijna bijna bijna maar nu echt bijna tijd om de kinderen uit school te halen / & er zit nog een wasje in de masjiene ook) (het lied slaapt in de masjiene).

Ow. En dan die stijl. Die prachtige stijl. Die verstilde en verstillende stijl.

De stijl die je misschien “poëties” zou noemen.

“Poëties”.

Is dat niet een beetje een stukgekauwd woord?

“Poëties”. Alles is altijd maar “poëties”. Vooral als het niet strikt prozaïsch is.

Brockhus laat de woorden zingen ja. Dat wel. Zachtjes zingen de woorden samen in talloze prachtige zinnen. Toen ik het boek uit had, was mijn kladblok verrassend leeg gebleven. Meestal een slecht teken. Er is altijd wel iets dat ik de latere mij wil meegeven. De mij die ik ben als ik niet meer de lezende mij ben maar de schrijvende mij. Let op die passage op pagina 43 of 89 of 603, weetikveel. Dit vond ik grappig, dat zette me denkend, en daar: een bloedmoje zin. Als helemaal niets mijn kladblok heeft gehaald, dan vond ik er niet zo heel veel aan. Want wat moet je zeggen over een boek waarover je niets te zeggen hebt? Maar dit keer zat het anders. Het razende lezen. Het altijd maar blijven lezen. Het lezen om de woorden in te drinken, aan die dronkenschap geen eind willen zien. Altijd maar blijven lezen, door niets onderbroken. Ook niet voor een vlugge notitie. In de roes van Brockhus’ woorden willen blijven. En ik dacht, althans de lezende mij dacht dat de schrijvende mij het ook wel zelf kon uitzoeken. Op elke bladzijde zijn ze met bosjes te rapen, de schitterende zinnen, zie maar, het maakt niet zoveel uit, het is allemaal geweldig en laat me nu gerust ik zit te lezen zie je dat dan niet?

Nu. Hier zittend, en schrijvende ben ik toch wel een beetje nijdig op lezende mij. Die had goed praten daar in zijn luie leesstoel. Waarmee niet gezegd wil zijn dat mijn schrijfstoel een veel aktievere stoel is.

Ja zie maar. Ja ze zijn met bosjes te rapen.

Ja.

Doch tegenover elke zin die ik raap, staan er tien die ik niet raap.

Wat je niet raapt, laat je liggen.

Of erger nog: wat je niet raapt, laat je vallen.

Als een baksteen.

Welke zin of welke zinnen moet ik hier sieteren om u de schoonheid van Kleine haperende vluchten te tonen? En hoeveel zinnen zouden nodig zijn om u de kracht van Femke Brockhus ten volle te laten begrijpen? Kan ik niet gewoon dat hele boek sieteren? Zou dat mogen?

Als ik u zeg hoe ergens aan het begin van het boek de waarnemingen van de hoofdpersoon een poëem worden:

“haar sleutels aan het haakje
deurmat een tik verschoven
losgezongen schaap ver van de kudde
voetafdruk tegen het hek
vliegjes op de grashalmen
uitgedroogde mol aan het prikkeldraad
schoen naast het pad (niet van haar)
dwarrelend oranje plastic zakje
zwarte vogel tussen het bladerdek
trillingen van warme in de lucht
in de kroeg twee mannen aan de bar
vroeg voor bier
buitenlamp kapot bij de gevel
bordje GESLOTEN van de streekwinkel wiegt heen en weer, hij ziet niemand en het licht is uit.”

begrijpt u het dan?

Als ik u zeg dat ergens een intrigerend zinnetje staat “Medeleven kost een lichaam.”, een zinnetje dat ik niet ganselijk begreep maar dat me bezig hield, me vulde met vragen (lost het medeleven met een ander het lichaam op? is medeleven een puur geestelijke kwestie? is medeleven zo intiem dat je je er liever niet aan waagt? waar eindigt een lichaam?) (mystiek lichaam), vragen die me bezig hielden, minstens één fietstocht lang (naar de supermarkt) (maar ik ging naar één van mijn verre supermarkten die keer); een zoon klein zinnetje waarover ik, zo bedacht ik me tijdens die fietstocht, misschien een essay had kunnen schrijven – begrijpt u het dan?

Als er sprake is van een boek, een boek dat Wakefield zou heten (een schrijver wordt niet genoemd), en daar wordt dit over gezegd:

“Het is een verhaal over een man die doet alsof hij op reis gaat, en een kamer huurt op de hoek van zijn straat om daar twintig jaar lang het leven te observeren waar hij uit is verdwenen. Zijn vrouw is ontroostbaar, maar na verloop van tijd verwerkt ze het verlies, accepteert dat ze weduwe is, regelt zijn nalatenschap: iedereen gaat ervan uit dat hij dood is. En dan, op een avond, verlaat hij zijn kamer en komt hij thuis, alsof hij thuiskomt na een dag werken. Ze leven nog lang en gelukkig.”

en als ik u dan zeg dat ik vecht tegen de neiging om op te zoeken of dat boek echt bestaat omdat ik het als het echt bestaat wil lezen maar ik het anderzijds, moest het niet bestaat, bijna geniaal verzonnen vind van Brockhus en ik niet weet wat beter is: een fijne boekentip rijker zijn of de wetenschap dat de Femke de Brockhus, die ik niet kende, bijna geniaal is – begrijpt u het dan?

(ik zoek niet op of dat boek bestaat)

Of heeft u meer nodig misschien? Misschien bent u wel van het slag dat wil weten “waar het eigenlijk over gaat”, vooraleer u besluit een boek te willen lezen.

God. Waar het eigenlijk over gaat.

Er is een man. Er is een vrouw. En er is een hele jonge dochter (feitelijk een beebie). De man is architect, de vrouw schrijfster, en ze verhuizen naar ergens een afgelegen, klein dorpje. t Kon ergens in Engeland ween (als die Ierland was zou ik beter kijken) want er is ergens sprake van rotskusten, kliffen, en er zijn schapen, en het weer lijkt meestentijds druilerig te zijn. De man is naar daar gegaan omdat hij er een groot gebouw heeft laten neerzetten, de vrouw om er in afzondering te kunnen schrijven. Het schrijven lukt haar niet. Meestentijds schrijft ze niets; en als ze iets schrijft, wist ze het later weer. Op enig moment verdwijnt ze. Of eigenlijk is ze al aan het begin van het boek verdwenen. De man blijft achter met hun dochter.

Dit komt tot de lezer in brokstukken. Alles gefragmenteerd (maar is er ooit iets anders dan fragmenten) (zegt wie) (zegt iemand). Als ik me kan voorstellen dat je zoon vermissing ook werkelijk beleven zou. Nu eens schuift dit, dan dat naar voren. Uiteindelijk weet je misschien niet eens wat eerder kwam.

Het gaat van heden naar vroeger naar een nog vroeger vroeger naar iets nabij het heden naar een voorschot op een mogelijke toekomst naar gisteren naar duizend jaar voor ik jou ontmoette (zong wie zong iemand) (ooit).

Brockhus maakt de verwarring van de hoofdpersoon voelbaar. Zo krijgt niemand een naam, behalve de verdwenen schrijfster, de verdwijnkunstenaar, die Julia heet. De hoofdpersoon zelf blijft naamloos (omdat hij alleen voor wie hij liefheeft, wil heten?); de beebie blijft meisje of dochtertje; alle anderen zijn een zee aan zij’s en hij’s & zo dobbert ook de lezer stuurloos omdat het ene hoofdstuk (of noem ik het liever fragment?) niet perse aansluit op het vorige zodat niet steeds duidelijk is wie spreekt, denkt, handelt, meningen geeft, of waar het over gaat; kontoeren, invulligen, gestalte krijgt het soms pas lopende het hoofdstuk, fragment, brokstuk.

Zo wordt paginawit breinwit: momenten waarop het blanco is, interval in de tijdslijn, geen blackout maar een wituit.

Brein houdt niet van wit, brein wil kleur, dus brein vult in. Want brein moet houvast, zonder houvast in brein nergens meer. Daarin is mijn eigen stomme brein helaas niet anders dus wajerde uit: assoosjasies (want waar kan brein aanhaken om eindelijk weer vaste grond onder breins voeten te krijgen?). Door de man met het hele jonge dochtertje dacht ik aan A crow looked at me, de afscheidsplaat die Phil Elverum als Mount Eerie maakte bij de dood van zijn vrouw, toen hij achterbleef met een meisje in de leeftijd van het meisje in het boek (een plaat die ik misschien best had kunnen drajen toen ik Kleine haperende vluchten las maar ik draaide Schaduwland van Jan Swers – een plaat die ik meestentijds veel te mooi vind: kijk mij eens mooi en stemmig en droefgeestig en melankoliek en het muzikaal ekwievalent van ochtendmist ween maar ik las dan ook niet eerder Kleine haperende vluchten bij Schaduwland en kijk aan, nu vond ik het echt een moje plaat & zelfs de koffie smaakte me beter).

Brein sleepte ook nog As if a bird flew by me van Sara Greenslit aan maar waar sloeg dat op? Dat was toch, ten dele, een historiese roman die, ten dele, over de heksenvervolgingen ging?

Kwam brein af met Brandingen van Paul Verrept misschien?

Of –

maar wacht nou hoor es ik ga nu echt niet opstaan en helemaal naar de boekenkast lopen om te zien of al die losse assoosjasies die dat zotte brein van mij aan het opboeren is enig hout snijden want ik zit hier veel te lekker te schrijven en bezijden: ik wil de eigenheid van Brockhus’  stem niet smoren onder de eigenheid van andere misschien verwante stemmen.

Hou het erop dat het een heel mooi boek is.

Hou het erop dat ze me heeft. De Femke. De Brockhus.

Zal wel een debutant zijn, had de Theo nog gemompeld. Neen. Kleine haperende vluchten is haar tweede boek. Het debuut heette Laat het stil zijn. 2017. Een veelgeprezen debuut, zegt het achterplat. Maar ik prees niks want ik wist het niet. Van de Femke. Van de Brockhus. Maar ik weet nu. Ze heeft me. Oja. Ze heeft me helemaal. En nu wil ik meer.

Femke Brockhus Kleine haperende vluchten Recensie

Kleine haperende vluchten

  • Schrijfster: Femke Brockhus (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse roman
  • Uitgever: De Bezige Bij
  • Verschijnt: 25 augustus 2022
  • Omvang: 160 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 21,99 / € 11,99
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol

Flaptekst van de tweede roman van Femke Brockhus

Een ongewoon mooie roman over een vrouw die verdwijnt en haar man en dochtertje achterlaat.

Een architect en een schrijfster verhuizen naar een afgelegen plek. Het is een toevluchtsoord aan de rand van een onbedorven dorp waarvoor hij het nieuwe dorpscentrum heeft ontworpen. Zij hoopt er te kunnen schrijven, er iets uitzonderlijks te maken. Maar de stilte en de afzondering trekken algauw naar binnen. Ze gedraagt zich steeds dromeriger, onttrekt zich aan de wereld en dan verdwijnt ze. Spoorloos, terwijl hij achterblijft met hun dochtertje.

In een uitzonderlijke stijl en met een zeldzame precisie schetst Femke Brockhus het leven van dit jonge stel, waarin altijd al barsten zaten. Kleine haperende vluchten is een ontroerende en beklemmende roman over ouderschap, omgaan met verlies en het al te menselijke verlangen om te willen verdwijnen. Een boek dat in stilte overdondert.

Bijpassende boeken en informatie