Categoriearchief: Dystopische roman

Russell Hoban – Riddley Walker

Russell Hoban Riddley Walker recensie en informatie dystopische roman uit 1980. Op 29 april 2021 verschijnt bij uitgeverij Penguin Modern Classic de heruitgave van de sf-roman uit 1980 van de Amerikaanse schrijver Russell Hoban.

Russell Hoban Riddley Walker recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op deze pagina de recensie en waardering vinden van de roman Riddley Walker. Het boek is geschreven door Russell Hoban. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de dystopische roman uit 1980 van de Amerikaanse schrijver Russell Hoban.

Russell Hoban Riddley Walker Roman uit 1980

Riddley Walker

  • Schrijver: Russell Hoban (Verenigde Staten)
  • Soort boek: dystopische roman
  • Taal: Engels
  • Eerste druk: 1980
  • Heruitgave: Penguin Mondern Classic
  • Verschijnt: 29 april 2021
  • Omvang: 272 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook

Recensie en waardering van de roman

  • “Funny, terrible, haunting and unsettling, this book is a masterpiece.” (Observer)
  • “A timeless portrayal of the human condition…frightening and uncanny.” (Will Self)
  • “A book that I could read every day forever and still be finding things.” (Max Porter)

Flaptekst van de roman uit 1980 van Russell Hoban

‘O what we ben! And what we come to…’ Wandering a desolate post-apocalyptic landscape, speaking a broken-down English lost after the end of civilization, Riddley Walker sets out to find out what brought humanity here. This is his story.

Bijpassende boeken en informatie

P.D. James – The Children of Men

P.D. James The Children of Men dystopische thriller over 2021 recensie en informatie. In 1992 verscheen deze dyspische thriller die zich afspeelt in het jaar 2021 van de Engelse schrijfster P.D. James. De romen is jaren terug in Nederlandse vertaling verschenen met als titel De verloren generatie.

P.D. James The Children of Men recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op de pagina de recensie en waardering vinden van de roman The Children of Men. Het boek is geschreven door P.D. James. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de geruchtmakende dystopische roman uit 1992 van de Engelse schrijfster P.D. James.

P.D. James The Children of Men Dystopische thriller over 2021

The Children of Men

  • Schrijfster: P.D. James (Engeland)
  • Soort boek: dystopische thriller
  • Taal: Engels
  • Eerste uitgave: 1992
  • Uitgever heruitgave: Faber & Faber
  • Omvang: 352 pagina’s
  • Uitgave: Paperback / Ebook

Recensie en waardering van het boek

  • “One of the BBC’s ‘100 novels that shaped our world.”

Flaptekst van de dystopische roman van P.D. James

The year is 2021. No child has been born for twenty-five years. The human race faces extinction. Under the despotic rule of Xan Lyppiat, the Warden of England, the old are despairing and the young cruel. Theo Faren, a cousin of the Warden, lives a solitary life in this ominous atmosphere. That is, until a chance encounter with a young woman leads him into contact with a group of dissenters. Suddenly his life is changed irrevocably as he faces agonising choices which could affect the future of mankind.

Bijpassende boeken en informatie

Octavia E. Butler – Parable of the Talents

Octavia E. Butler Parable of the Talents dystopische roman uit 1998 recensie en informatie. In 1993 verscheen deel één van deze roman met als titel Parable of the Sower. Winnaar van de Nebula Award voor beste roman.

Octavia E. Butler Parable of the Talents recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op de pagina de recensie en waardering vinden van de roman Parable of the Talents. Het boek is geschreven door Octavia E. Butler. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de geruchtmakende dystopische roman uit 1998 van de Afro-Amerikaanse schrijfster Octavia E. Butler die de Nebula Award for Best Novel won.

Octavia E. Butler Parable of the Talents Roman uit 1998

Parable of the Talents

Earthseed deel 2

  • Schrijfster: Octavia E. Butler (Verenigde Staten)
  • Soort boek: Afro-Amerikaanse dystopische roman
  • Taal: Engels
  • Eerste uitgave: 1998
  • Omvang: 390 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Boek bestellen bij: Amazon / Bol

Flaptekst van deze dystopische roman uit 1998

Lauren Olamina was only eighteen when her family was killed, and anarchy encroached on her Southern California home. She fled the war zone for the hope of quiet and safety in the north. There she founded Acorn, a peaceful community based on a religion of her creation, called Earthseed, whose central tenet is that God is change. Five years later, Lauren has married a doctor and given birth to a daughter. Acorn is beginning to thrive. But outside the tranquil group’s walls, America is changing for the worse.

Presidential candidate Andrew Steele Jarret wins national fame by preaching a return to the values of the American golden age. To his marauding followers, who are identified by their crosses and black robes, this is a call to arms to end religious tolerance and racial equality—a brutal doctrine they enforce by machine gun. And as this band of violent extremists sets its deadly sights on Earthseed, Acorn is plunged into a harrowing fight for its very survival.

Taking its place alongside Margaret Atwood’s The Handmaid’s Tale, Butler’s eerily prophetic novel offers a terrifying vision of our potential future, but also one of hope.

Bijpassende boeken en informatie

Octavia E. Butler – Parable of the Sower

Octavia E. Butler Parable of the Sower Afro-Amerikaanse roman uit 1993 recensie en informatie. In 1998 verscheen een vervolg op deze roman met als titel Parable of the Talents.

Octavia E. Butler Parable of the Sower recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op de pagina de recensie en waardering vinden van de roman Parable of the Sower. Het boek is geschreven door Octavia E. Butler. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de geruchtmakende dystopische roman uit 1993 van de Afro-Amerikaanse schrijfster Octavia E. Butler.

Octavia E. Butler Parable of the Sower Roman uit 1993

Parable of the Sower

Earthseed deel 1

  • Schrijfster: Octavia E. Butler (Verenigde Staten)
  • Soort boek: Afro-Amerikaanse dystopische roman
  • Taal: Engels
  • Eerste uitgave: 1993
  • Omvang: 320 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Boek bestellen bij: Amazon / Bol
  • Winnaar Nebula Award voor beste roman

Flaptekst van deze dystopische roman uit 1993

If there is one thing scarier than a dystopian novel about the future, its one written in the past that has already begun to come true. This is what makes Parable of the Sower even more impressive than it was when first published Gloria Steinem We are coming apart. Were a rope, breaking, a single strand at a time. America is a place of chaos, where violence rules and only the rich and powerful are safe.

Lauren Olamina, a young woman with the extraordinary power to feel the pain of others as her own, records everything she sees of this broken world in her journal. then, one terrible night, everything alters beyond recognition, and Lauren must make her voice heard for the sake of those she loves. Soon, her vision becomes reality and her dreams of a better way to live gain the power to change humanity forever. All that you touch, You Change. All that you Change, Changes you.

Bijpassende boeken en informatie

Anthony Burgess – A Clockwork Orange Roman

Anthony Burgess A Clockwork Orange roman uit 1962 recensie en informatie. De speelfilm uit 1971 die regisseur Stanley Kubrick maakte, is trouwens nog bekender dan de roman.

Anthony Burgess A Clockwork Orange roman recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op de pagina de recensie en waardering vinden van de roman A Clockwork Orange. Het boek is geschreven door Anthony Burgess. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de geruchtmakende dystopische roman uit 1962 van de Engelse schrijver Anthony Burgess.

Anthony Burgess A Clockwork Orange Roman uit 1962

A Clockwork Orange

  • Schrijver: Anthony Burgess (Engeland)
  • Soort boek: Engelse dystopische roman
  • Taal: Engels
  • Eerste druk: 1962
  • Heruitgave: paperback / ebook
  • Boek bestellen bij: Amazon / Bol

Flaptekst van de dystopische roman uit 1962

In Anthony Burgess’s influential nightmare vision of the future, where the criminals take over after dark, the story is told by the central character, Alex, a teen who talks in a fantastically inventive slang that evocatively renders his and his friends’ intense reaction against their society. Dazzling and transgressive, A Clockwork Orange is a frightening fable about good and evil and the meaning of human freedom. This edition includes the controversial last chapter not published in the first edition, and Burgess’s introduction, A Clockwork Orange Resucked.

Bijpassende boeken en informatie

J.G. Ballard – The Drowned World

J.G. Ballard The Drowned World Dystopische roman uit 1962 recensie en informatie. In 1962 verscheen deze dystopische roman die zich afspeelt in het jaar 2145 van de Engelse schrijver J.G. Ballard.

J.G. Ballard The Drowned World recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op de pagina de recensie en waardering vinden van de roman The Drowned World. Het boek is geschreven door J.G. Ballard. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de geruchtmakende dystopische roman uit 1962 van de Engelse schrijver J.G. Ballard.

J.G. Ballard The Drowned World Dystopische roman uit 1962

The Drowned World

  • Schrijver: J.G. Ballard (Engeland)
  • Soort boek: dystopische roman
  • Taal: Engels
  • Eerste druk 1962
  • Uitgever heruitgave: HarperCollins
  • Omvang: 192 pagina’s
  • Uitgave: Paperback / Ebook

Flaptekst van de roman uit 1962 van J.G. Ballard

When London is lost beneath the rising tides, unconscious desires rush to the surface in this apocalyptic tale from the author of Crash’ and Empire of the Sun’, reissued here with a new introduction from Martin Amis.

Fluctuations in solar radiation have melted the ice caps, sending the planet into a new Triassic Age of unendurable heat. London is a swamp; lush tropical vegetation grows up the walls of the Ritz and primeval reptiles are sighted, swimming through the newly-formed lagoons. Some flee the capital; others remain to pursue reckless schemes, either in the name of science or profit. While the submerged streets of London are drained in search of treasure, Dr Robert Kerans – part of a group of intrepid scientists – comes to accept this submarine city and finds himself strangely resistant to the idea of saving it.

First published in 1962, Ballard’s mesmerising and ferociously imaginative novel gained him widespread critical acclaim and established his reputation as one of Britain’s finest writers of science fiction.

This edition is part of a new commemorative series of Ballard’s works, featuring introductions from a number of his admirers (including Robert Macfarlane, Martin Amis, James Lever and Ali Smith) and brand-new cover designs.

Bijpassende boeken en informatie

Karin Boye – Kallocaïne

Karin Boye Kallocaïne recensie en informatie over de inhoud van deze dystopische roman. Op 7 april 2021 verschijnt bij Uitgeverij Koppernik de Nederlandse vertaling van de roman Kallocaïn van de Zweedse schrijfster Karin Boye.

Karin Boye Kallocaïne recensie en informatie

Als de redactie het boek gelezen heeft, kun je op deze pagina de recensie en waardering vinden de roman Kallocaïne. Het boek is geschreven door Karin Boye. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de beroemde dystopische roman uit 1940 van de Zweedse schrijfster Karin Boye.

Recensie van Tim Donker

Er is het boek. En er is de tijd. Soms neemt de tijd iets van het boek weg. En soms geeft de tijd iets aan het boek mee. Daar zal ik zo meer over vertellen. Maar eerst wil ik u vermoeien met een anekdote.

Dat het op een donderdag was doet niet ter zake maar misschien wel dat het in een depot was waar ik normaal nooit kom. In ieder geval dat het ging om een collega die ik nog nooit gezien had. Ik zag hem en ik noemde zijn naam (want ik had op het rooster gezien wie de enige wijken die nu nog op de schappen stonden weg moest lopen). We raakten aan de praat. We spraken over politiek. Over communisten. Over liberalen. Over absolutisme. Over een eeuwig gelijk. Over het collectief. En over de dystopie. Ik kende diene mens niet eens. Soms heb je bizarre gesprekken met mensen die je niet kent. Ik zei dat ik een dystopische roman uit 1940 had gelezen waarin een personage zijn afschuw uitsprak over zoiets volstrekt onhygiënisch als handen schudden. Het was eigenlijk de opmaat naar een ruimere verhandeling, die over steriele samenlevingen had zullen gaan, maar de collega onderbrak me: “Ja dat is dan typisch zo’n zinnetje dat alleen door deze tijd dan een toevallige meerwaarde krijgt.” Ik meende zelfs een gnuif te horen in zijn stem. Ik zweeg even. Mompelde: “Sja, als je zoiets in de jaren tachtig had gelezen had je er natuurlijk glad overheen gelezen. En nu staat het zelfs op het achterplat!”. We spraken nog even door maar de vaart was merkbaar uit het gesprek. Niet veel later ging hij zijn ronde lopen, en ik de mijne. En ik dacht. Ik dacht na.

“Dat moet je in die tijd zien.” zei mijn vader altijd. Mijn vader en ik waren beide muziekliefhebber. Of liever. Ik heb muziek altijd nog lief met hart en ziel maar mijn vader is dood. Ik weet niet of je na je dood nog muziekliefhebber bent, of dat de dood maakt dat je alles was je was voorgoed geweest bent. Het lijkt mij logisch dat er na de dood nog bitter weinig te liefhebben valt maar wat weet ik er nou van. Ik ben nog nooit dood geweest. Wat er ook van zij, mijn vader en ik wisselden dingen uit. Tapes. Cd’s. Platen. Dan zaten we op zijn werkkamer en dan luisterden we. Dingen die ik mooi vond, dingen die hij mooi vond. We commentaarden ook op elkaars dingen. Als ik hem bijvoorbeeld iets van meer elektronische aard liet horen, zei hij meestal: “Hier komt denk ik geen instrument meer aan te pas, is het wel? Niet dat dat erg is maar…” Na die maar bleef het stil. Veelzeggend stil, want natuurlijk vond hij het wel erg dat daar geen instrument meer aan te pas kwam. Muziek, dat hoorde je met instrumenten te maken. Op die instrumenten mocht je zo waanzinnig te keer gaan als je maar wilde, maar instrumenten moesten het zijn! Als ik weer eens iets bij me had “waar geen instrument meer aan te pas kwam”, bereidde ik in mijn kop meestal een lange verhandeling voor over wat een instrument precies is, en hoe je moet bepalen of iets al of niet een instrument is, welke criteria je daarvoor kunt hanteren. Ik kwam er nooit toe wat in mijn kop zat daadwerkelijk uit te spreken.

Het kwam ook voor dat mijn vader met iets kwam dat mij niet meteen als muziek in de oren klonk. De liefde voor jazz, die deelden we maar als hij met één van zijn jaren zestig bandjes aan kwam zetten, raakte het negen keer op tien mijn kouwe kleren niet. “Dat moet je in die tijd zien,” was zijn eeuwige verweer op mijn bedenkingen. “Toen was dit revolutionair!”. Ik zakte verder onderuit in mijn zetel. Dronk mijn whisky. Zei “Goede muziek veroudert nooit”. Of: “Klassiek is wat levenskrachtig is.” Of misschien zei ik niets.

Dat is waar ik over na liep te denken toen ik links en rechts brieven in brievenbussen stopte. Over die “toevallige meerwaarde” waar mijn collega van gesproken had. En het “je moet het in de tijd zien” van mijn vader. Er is de kunst (want blijkbaar gaat dit verder dan boeken alleen). En er is de tijd. Er is geen eeuwige kunstbeleving. Iets kan revolutionair zijn in de ene tijd en tientallen jaren later slechts nog flauwe drab. Een passage over handen schudden kan in elke gegeven tijd niets te betekenen hebben. Totdat 2020 komt en alles anders wordt.

Laten we wel wezen. Ja laten we dat vooral wezen: wel. Karin Boye kon onmogelijk hebben voorzien dat er een tijd zou komen waarin iedereen met graagte al hun rechten en alle normale omgangsvormen aan de kapstok zou hangen om te voorkomen dat iemand verderop in de straat een snotvalling zou krijgen die zijn oude omaatje fataal kon zijn (stel je voor dat je het aan een ander doorgeeft die daar minder goed tegen kan, zei iemand tegen me die zonder enige bedenkingen zijn prik had gehaald) (want we doen het niet voor onszelf, we doen het voor de ander) (de eeuwige ander) (we doen het voor elkaar) (want de prik is heilig en het collectief is heilig) (maar over prikken en over het collectief straks meer) (veel meer). De schrijfster haalde de inspiratie voor Kallocaïne uit het stalinisme en het nationaalsocialisme. Kallocaïne is geen visionaire roman, en beoogde dat ook niet te zijn. Maar er is het boek, en er is de tijd. En de tijd heeft met 2020 iets gegeven aan Kallocaïne. Een beklemming bovenop de beklemming die het al had. Het zal wel geen toeval zijn dat Koppernik het dit jaar weer onder het stof vandaan heeft gehaald: dit is slechts de tweede vertaling in het Nederlands sinds 1949. En het zal ook wel geen toeval zijn dat Koppernik uitgerekend de passage over dat handen schudden op het achterplat geciteerd heeft. Je zou bijna gaan denken dat Koppernik aan de goede kant van de streep staat.

Maar eerst wat het is. Wat het eigenlijk is. Wat is het eigenlijk, dat Kallocaïne. Het is een roman, mensen. Jawel. Een roman van een Zweedse schrijfster. Geschreven in 1940. Klassiek ja. En dystopisch. Een klassieke dystopische roman. Ik hoor u al Orwell denken. U denkt er niet naast. U had ook Opstaan op zaterdag van Jan Gerhard Toonder kunnen denken (inderdaad, de broer van) en dan had u er evenmin ver naast gedacht. De ene dystopie wil nog wel eens lijken op de andere dystopie. Misschien is er voorbij de ultieme nachtmerrie niet veel anders meer.

In deze dystopie gaat het om die tiep die Leo Kall heet. En het gaat er meteen goed op met Leo Kall want op de eerste bladzij zit die tiep al in het kasjot. “Mijn levensomstandigheden verschillen slechts marginaal van die waarin ik als vrij man leefde.”, zegt hij. De lezer komt al snel te weten dat dat niet is om dat het gevangenisbeleid zo libertair is. Gans de roman is feitelijk een terugblik op het leven van Leo Kall van voor zijn gevangenschap. Wat er voor de gevangenschap was, was gevangenschap.

Buiten de gevangenismuren is er in de tijd waarin Kallocaïne speelt een wereldstaat. Een wereldstaat met “schoensteden”, “chemiesteden”, “molensteden”, “textielsteden”. Burgers bestaan niet meer, iedereen is medesoldaat en wordt op grond van zijn capaciteiten te werk gesteld in één van de steden. Kall diende als chemicus in een chemiestad. Medesoldaten dragen werkkleren tijdens de werkuren en vrijetijdsuniformen na het werk. Ook zijn er kleren voor de verplichte leger- en politiediensten.

Iedereen woont in gelijkvormige woningen

Iedereen woont in gelijkvormige woningen, dat zijn eenkamerwoningen voor ongehuwden en tweekamerwoningen voor gehuwden en gezinnen. Het eten en de huishoudelijke taken worden verzorgd door een hulp in de huishouding die ook een controlerende functie heeft en aan het eind van de week verslag uitbrengt over alles wat er in huis gebeurd is, en dan met name over eventuele ongeregeldheden. Daarnaast zijn overal “politieogen” en “politieoren” aangebracht in de huizen en daarbuiten; lees: camera’s en microfoontjes.

Kinderen zijn overdag in het kinderverblijf waar ze in een nogal bizarre speelbak mogen spelen: “een reusachtige kuip van email, vier vierkante meter groot en een meter diep, waarin je niet alleen kleine speelbommen kon laten vallen en bossen en huizen met licht ontvlambaar materiaal in brand kon steken, maar als de kuip met water werd gevuld ook complete miniatuurzeeslagen kon uitvechten, waarbij de kanonnen van de scheepjes met dezelfde lichte springstof werden geladen als in de speelgoedbommen werd gebruikt, er waren zelfs torpedoboten bij. Hierdoor kregen kinderen spelenderwijs zoveel strategisch inzicht dat het hun tweede natuur werd, bijna een instinct, en tegelijkertijd was het natuurlijk eersteklasvermaak.” Op hun zevende gaan ze naar een kinderkamp, waar ze ook ’s nachts verblijven; dan komen ze nog maar twee dagen per week thuis. Als in hun volwassenheid het moment daar is dat ze te werk gesteld zullen worden in één van de steden, wordt er een groot, publiek, streng gereguleerd afscheid gevierd onder het toeziend oog van medesoldaten op politiedienst. Dan wordt er gegeten en naar een kunstmatig opgewekte “groepsextase” toegewerkt. Het is niet toegestaan verdrietig te zijn, of te praten over of zelfs maar te denken aan toekomstig gemis. Eenmaal aan het werk in een andere stad zien mensen hun ouders nooit meer terug. De opdracht is dan om elkaar zo snel mogelijk te vergeten.

Zwakkere emoties, zoals melankolie, verlangen en zoals gezegd verdriet of gemis zijn niet toegestaan: slechts een kontinue opgewektheid en de op de afscheidsfeesten georganiseerde groepsextase. Medesoldaten spreken elkaar in deze panoptische samenleving meteen aan op zulke zwaktes. Het zal weinig verwondering wekken dat in deze wereldstaat liefde op sterven na dood is: “Ik denk dat het woord liefde op zijn plaats is wanneer je je in alle troosteloosheid toch aan elkaar vastklampt,” laat Boye Kall peinzen, “alsof er ondanks alles een wonder zou kunnen gebeuren, wanneer de pijn zelf een soort waarde heeft gekregen en getuigenis aflegt van het feit dat je tenminste één ding gemeen hebt: het wachten op iets dat niet bestaat.” (misschien niet eens zo’n onrake definitie van liefde; op zijn minst heel toepasbaar voor “huwelijk”).

In het verlengde hiervan is ook lichamelijk contact tot een minimum beperkt. Uiteraard wordt het aangemoedigd als man en vrouw voor nieuwe medesoldaten zorgen, maar lichamelijk contact buiten deze pure functionaliteit wordt als afkeurenswaardig en verwerpelijk beschouwt (want dat zou maar zo een uiting kunnen zijn van affectie, of, erger nog, pure lust). In dit licht moet ook de passage waarover ik met mijn collega sprak (en die op het achterplat geciteerd staat) gelezen worden. Een zekere groep vrijdenkers gedraagt zich volgens een ooggetuige wel zeer staatsgevaarlijk: “En trouwens, alleen al hoe ze elkaar begroetten! Ze pakten elkaars handen vast. Is dat normaal? Het moet onhygiënisch zijn en bovendien is het zo intiem dat het beschamend is. Elkaars lichamen zo aan te raken, opzettelijk! Ze beweerden dat het een heel oude begroeting was die ze nieuw leven hadden ingeblazen, maar je hoefde het niet te doen als je niet wilde, je werd nergens toe gedwongen.”

(ja stel je een staat voor waarin je tot niets gedwongen wordt, dat zou pas echt verwerpelijk zijn) (nicht wahr, Hugo de Jonge?)

En daar raken we aan het allerbelangrijkste: het ik mag niet meer zijn in de wereldstaat. Niemand mag nog individuele gevoelens, gedachten, twijfels, ideeën, opvattingen koesteren: alles moet in dienst staan van het collectief. De grootste schande die een mens over zichzelf kan afroepen, is iets gezegd, gedacht of gedaan te hebben dat niet volledig aan het collectief was toegewijd. Er is zelfs een “excuusuurtje” op de radio. Op vrijdagavond lezen mensen tussen acht en negen hun excuses voor als ze zich een keer wat al te “staatsgevaarlijk” hebben geuit in een publieke ruimte (iedereen die zich in een publieke binnenruimte beweegt draagt een mondkap, zegt Maffe Mark).

Tegen deze achtergrond vindt Leo Kall een waarheidsserum uit. Wie ingespoten wordt met “kallocaïne”, zoals het spul al snel komt te heten, vertelt in iets dat een beetje lijkt op een alcoholroes alles wat hij in normale omstandigheden nooit kwijt had gewild. Kalls uitvinding leidt ertoe dat gedachten strafbaar worden. Iedereen die in zijn gedachten maar de miniemste twijfels heeft bij de wereldstaat kan veroordeeld worden, als het moet tot de dood. In eerste instantie is Leo Kall erg fier op zijn uitvinding en de wettelijke consequenties ervan. Maar gedurende Kallocaïne begint hij steeds meer te twijfelen. Aan de wereldstaat, aan kallocaïne, aan de nieuwe wet. Het valt hem alsmaar moeilijker een onberispelijk medesoldaat te zijn.

Het grootste gedeelte van Kallocaïne vreesde ik dat het einde zeer voorspelbaar ging zijn. Dat je dat wel kilometers van te voren ging kunnen komen aanzien waar dat heen ging met die Leo Kall, en zijn twijfels, en zijn uitvinding. Maar zo voorspelbaar als ik dacht dat het zou zijn, was Kallocaïne niet. Daarmee is het boek van de eerste tot de laatste bladzijde spannend, beklemmend, koortsig en hallucinerend. Dat is het boek. En dan is er nog de tijd.

De tijd geeft ons allen gelijk op het eind

Neen. De tijd is gewoon maar de tijd. De tijd tikt. De minuten brengen uren, de uren brengen de dagen. De dagen weken, maanden, jaren. De jaren brengen tijdperken. Hebben dit tijdperk gebracht. Dit tijdperk dat Boye niet kon voorzien hebben maar dat wel hier is, nu. In het nu waarin ik Kallocaïne las. Het nu dat zoveel raakvlakken vertoont met Kallocaïne.

De injecties, ja. De injecties, gans het land, gans de wereld. Alles en iedereen geïnjecteerd. Weten de geïnjecteerden waarmee ze worden geïnjecteerd worden en wat voor gevolgen de injecties voor hen hebben? Nee, dat weten ze niet. Maar het zal De Staat; “het collectief” ten goede komen. “Want stel je voor dat je iemand anders aansteekt die daar minder goed tegen kan. Zo sta ik er toevallig nog eens een keer in.” of woorden van dien strekking sprak dus iemand tot mij. (maar wacht we konden elkaar toch al niet meer aansteken? want we moesten toch al anderhalve meter uit elkaars buurt blijven en we droegen toch al allemaal die maffe lappen voor ons bakkes). En lap, daar heb je het dan. De onbereidwilligen zijn staatsgevaarlijke gekken. Nee moordenaars. Vuile schoften die het niets kan schelen dat door hun toedoen iemand dood zou kunnen gaan. Moet je je maar laten inspuiten met eender welke zooi, moet je maar vertrouwen dat dat helpt, dat dat goed is. Want je slikt toch ook paracetamol? (ja, das een goeje vergelijking! een geneesmiddel dat bijna honderdvijftig jaar geleden werd uitgevonden enerzijds en een veel te snel ontwikkeld en totaal nieuw vaccin anderzijds. een in de supermarkt verkrijgbare pil die iedereen geheel vrijwillig en individueel kan slikken enerzijds en een spuit die de hele wereld wordt opgedrongen anderzijds). De mensen in Kallocaïne weten ook niet waarmee ze geïnjecteerd worden en wat voor (zeer nadelige) gevolgen die zal hebben. Het lijkt bijna een allegorie!

Het collectief! Hoe gans de wereld (gerealiseerde wereldstaat!) in de ban van een fascistoïde soort van pseudo-communisme het collectief tot de absolute norm heeft verheven waaraan alles opgeofferd moet worden. (want stel je fucking voor dat je fucking iemand anders fucking aansteekt die daar fucking minder goed tegen kan) (wees niet die eigenwijze Nederlander) (doe niet zo vervelend, doe nou eens mee) (dus laat je kop hangen en neem die spuit!) (ik heb geen seconde getwijfeld). Maar ook de paradox: wanneer het collectief boven alles en iedereen moet gaan, leidt alles en iedereen daar aan. Maar wat is het collectief meer dan “alles en iedereen”? Dus feitelijk wordt het collectief opgeofferd aan het collectief. Dat zie je goed in Kallocaïne. Het leven in de wereldstaat in onleefbaar, iedereen wantrouwt iedereen; wantrouwen is zelfs een groot goed geworden (niet alleen in de wereldstaat, dit, ook in de coronamaatregelenstaat in wantrouwen alom: kom de ander niet te nabij want de ander kan ziek zijn, de ander kan je dood worden, weest angstig mensen, wees toch zo doods- en doodsbang voor elkaar!) (nicht wahr, Van Ranst?). Geluk, liefde, warmte, spontaniteit en vrijheid zijn verdwenen; niet voor niks merkte Kall op dat zijn leven in gevangenschap niet zo gek veel verschilde van zijn leven daarvoor. In de wereldstaat kan elke gedachte die ook maar het miniemste beetje afwijkt van het allerbraafste braaf je de doodstraf opleveren. Iedereen, ook de allerbraafste braverik, heeft op zijn minst één keer in zijn leven een gedachte gehad die een miniem beetje afweek van het allerbraafste braaf. De conclusie moge duidelijk zijn. Wanneer het collectief belangrijker wordt dan de hele verzameling individuen bij elkaar, moet uiteindelijk iedereen dood.

Medesoldaten die elkaar aanspreken op “staatsgevaarlijke” uitlatingen en gedragingen, ow dat kennen we nu ook hè? Het lijkt wel alsof dat coronabeleid ruim baan gegeven heeft aan de allerlaagste karaktertrekken in de mens. Ik zat voor het zwembad van mijn kinderen te praten met de moeder van een ander kind. De vrouw had het erover dat ze het zo zielig vond voor de kinderen dat ouders nu niet meer mochten kijken, de vorderingen die ze maakten niet meer van nabij konden zien. Dat het afzwemmen met maar weinig publiek mocht, en niet groots en uitbundig gevierd kon worden. Ik zei (en ik dacht dat ik het zeggen kon tegen deze vrouw, die me heel redelijk leek: “Op de lange termijn zullen alle coronamaatregelen vele malen schadelijker blijven dat corona zelve ooit kon zijn.” De vrouw stoof op. “Nee! Totdat je het krijgt. WE moeten zeker blijven oppassen!”. Ik vond dat “we” opvallend. Waarom waren we ineens een “we” geworden? Zij kon anders denken over zaken, andere media raadplegen dan ik, dat is goed, dan vindt ze misschien dat zij moet blijven oppassen. Maar waarom waren wij ineens de WE die moesten blijven oppassen? Of toen ik in een winkel was waar ik normaal nooit kom, in een stad waar ik niet woon, en geen idee waarom ik daar was nee. Ik had mijn zoon in de winkelwagen. Mijn lieve moje wijze grappige gekke zoon van acht. Die sjipjes wilde, van die hoorntjes, waar je spuitkaas in kan spuiten. Ik kende het daar niet, ik kom daar nooit. Ik zocht me ongans naar het sjipjespad, vond het, schoot het in, liet hem kiezen, en wilde toen weer teruggaan. Maar er liep een man achter ons die hologig en met een halve pruillip een paar passen achteruit deinsde, en toen nog een paar. Het hologig en pruillipig persoon ving ineens te spreken aan. Nogal lomp, als je het mij vraagt: “Hee. Je gaat de verkeerde kant op, jij!” Ik denk dat je de verbazing met kruiwagens tegelijk van mijn gezicht kon afscheppen (een verkeerde kant? hebben supermarkten tegenwoordig verkeerde en goede kanten dan?) want de man verduidelijkte: “Er staan pijlen op de grond.” Inderdaad had een of andere zwakbegaafde met tape pijlen op de supermarktvloer gemaakt. Het was me niet opgevallen, welke gek gaat immers kijken of er geen pijlen op de vloer staan. Wat mij verbaasde was de onbeleefdheid die de man zich meende te mogen permitteren. Dat kan toch alleen in een wereldstaat waar brave medesoldaten geacht worden te weten hoe de pijlen staan?

Kallocaïne. De collega. Mijn vader. De muziek die hij me liet horen. Dat wat een “toevallige meerwaarde” heette te zijn.

Een boek dat mooi is, maar ook ongemakkelijk maakt. Dat is het boek, en dat is de tijd

Dat iets dat sterk is door onvoorziene ontwikkelingen nog sterker kan worden, is te mooi om een toevalligheid te kunnen zijn. Net zo goed als de revolutionaire muziek van mijn vader die luttele decennia later al niets revolutionairs meer heeft. Wanneer de revolutie zó efemeer is, had ze om te beginnen al niet veel kracht. Stel je voor: ik ken iemand die Le Sacre du Printemps nog steeds onbeluisterbare chaos vindt. Ik bedoel maar. Verbrijzeling kan hoorbaar blijven.

Boye schrijft niet over deze tijd, maar veel uit Kallocaïne is wel toepasbaar op deze tijd. Ik snap hoe voor de collega de verleiding groot is om in toevalligheden te denken. Maar het is wel degelijk een kwaliteit van Kallocaïne en van de schrijfkunst van Karin Boye. Iedereen kan een nachtmerrie verzinnen. Maar een mogelijke nachtmerrie is nog iets anders. De schrijfster van Kallocaïne had goed gekeken naar de spoken van haar tijd; spoken die klaarblijkelijk zo onuitroeibaar zijn dat ze ook in andere tijden -in een andere gedaante- weer op konden duiken. Ze maakte er een goed geschreven roman van, de tijd kwam en gaf er iets aan dat het nog huiveringwekkender maakte. Een boek dat mooi is, maar ook ongemakkelijk maakt. Dat is het boek, en dat is de tijd.

Recensie van Tim Donker

Karin Boye Kallocaïne Recensie

Kallocaïne

  • Schrijfster: Karin Boye (Zweden)
  • Soort boek: dystopische roman, Zweedse roman
  • Origineel: Kallocain (1940)
  • Nederlandse vertaling: Bart Kraamer
  • Uitgever: Koppernik
  • Verschijnt: 7 april 2021
  • Omvang: 196 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol
  • Recensie Tim Donker

Waardering voor Kallocaïne

  • “Een fascinerende roman in het genre van 1984 en Brave New World.” Literary Journal
  • “Ze schetst met een ontstellend combinatievermogen het beeld van een toekomstige wereld.” Tagesanzeiger Zürich
  • “Wat in Kallocaïne de strijd zo aangrijpend maakt, is het feit dat de held Kall zich er aanvankelijk in het geheel niet van bewust is, en pas gaandeweg tot het besef van zijn afwijkend en daarmee zijn verzet en staatsgevaarlijkheid komt.” Maatstaf

Flaptekst van de roman van Karin Boye

Karin Boye’s ‘roman uit de eenentwintigste eeuw’ is een spookachtig visioen van een door politie bestuurde en gemilitariseerde samenleving. Met zijn uitvinding kallocaïne heeft de scheikundige Leo Kall de Wereldstaat voorzien van een middel om totale controle uit te oefenen. Maar terwijl zijn waarheidsdrug de weg opent naar de zielen van zijn medeburgers komen de wildste dromen over opstand naar boven en verlangens naar vrijheid, liefde en vertrouwen – waardoor Leo Kall begint te twijfelen aan de voortreffelijkheid van de Staat en zijn rol erin als loyale soldaat.

Kallocaïne heeft na tachtig jaar nog niets van zijn actualiteit verloren en behoort samen met Jevgeni Zamjatins Wij, George Orwells 1984 en Aldous Huxleys Brave New World tot de grote dystopische klassiekers van de twintigste eeuw.

Bijpassende boeken en informatie

Diane Cook – De nieuwe wildernis

Diane Cook De nieuwe wildernis recensie en informatie over de inhoud van deze nieuwe Amerikaanse roman. Op 6 juli 2021 verschijnt bij Uitgeverij Nieuw Amsterdam de Nederlandse vertaling van The New Wilderness, de debuutroman van de Amerikaanse schrijfster Diane Cook. De roman stond op de shortlist van de Booker Prize 2020.

Diane Cook De nieuwe wildernis recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op deze pagina de recensie en waardering vinden van de roman De nieuwe wildernis. Het boek is geschreven door Diane Cook. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de dystopische roman van de Amerikaanse schrijfster Diane Cook.

Diane Cook De nieuwe wildernis Recensie

De nieuwe wildernis

  • Schrijfster: Diane Cook (Verenigde Staten)
  • Soort boek: Amerikaanse roman, dystopische roman
  • Origineel: The New Wilderness (2020)
  • Nederlandse vertaling: Ineke Lenting
  • Uitgever: Nieuw Amsterdam
  • Verschijnt: 6 juli 2021
  • Omvang; 336 pagina’s
  • Uitgave: Paperback / Ebook
  • Booker Prize 2020 Shortlist

Waardering voor De nieuwe wildernis

  • “Een schokkende toekomstroman, maar ook een schitterende verkenning van een moeder-dochterrelatie onder extreme druk.” Jury Booker Prize
  • “Aangrijpend en urgent.” The Guardian
  • “Deze roman is meer dan actueel.” The Washington post

Flaptekst van de debuutroman van Diane Cook

De nabije toekomst. Bea’s vijfjarige dochter Agnes is langzaam aan het wegkwijnen. De smog en vervuiling van de overbevolkte stad verwoesten haar longen. Er is maar één alternatief: naar de nieuwe wildernis: het ongerepte natuurgebied waar de mens zich nooit heeft mogen wagen. Bea en Agnes voegen zich bij 18 andere vrijwilligers voor een radicaal experiment. Ze moeten leren overleven in de wildernis zonder zich te vestigen of sporen achter te laten. Terwijl Agnes het nieuwe bestaan omarmt, realiseert Bea zich dat ze haar dochter op heel andere manier zal verliezen.
In prachtige taal schrijft Cook over de onbestendigheid van het leven, over wat ons tot mens maakt en vooral over de liefde tussen moeder en dochter: hoever gaan ze om te overleven, en welke offers wil Bea brengen voor haar dochter?

Bijpassende boeken en informatie

Wouter Godijn – Karina of de ondergang van Nederland

Wouter Godijn Karina of de ondergang van Nederland recensie en informatie nieuwe roman. Op 5 maart 2021 verschijnt bij Uitgeverij Atlas Contact  de nieuwe roman van de Nederlandse schrijver Wouter Godijn.

Wouter Godijn Karina of de ondergang van Nederland recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op de pagina de recensie en waardering vinden van de roman Karina of de ondergang van Nederland. Het boek is geschreven door Wouter Godijn. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud van de nieuwe roman van de Nederlandse schrijver Wouter Godijn.

Soms stuit je op een roman die je in één keer in een roes uitleest

Soms stuit je op een roman die je in één keer in een roes uitleest. De nieuwe roman van Wouter Godijn is een goed voorbeeld hiervan. Het Nederland van 2031 wordt geteisterd door hoog water en de macht ligt in handen van een populistisch leider Groverd Wild. De schrijver en verteller in het boek probeert zo goed en zo kwaad als dit kan te leven onder deze omstandigheden.

Wouter Godijn Karina of de ondergang van Nederland Recensie

Echter tot overmaat van ramp is de relatie met Karina, de vrouw van zijn leven en moeder van zijn enige zoon, op de klippen gelopen. Bovendien wordt hij zelf geteisterd door ziekte en somberheid. Gedreven door de woede, onmacht en frustratie probeert de schrijver vat te krijgen op zijn leven.

Eigenzinnige, verontrustende en unieke roman die een groot lezerspubliek verdient

Flashbacks en herinneringen worden afgewisseld met uitbarstingen van woede en onmacht waarin de schrijver de lezer rechtstreeks aanspreekt. Wouter Godijn doet dit in een eigenzinnige stijl waarin hij speelt met de wetten van de roman. Hierdoor roept hij unieke, enigszins onheilspellende sfeer op die zo spannend is dat je het boek in één ruk wilt uitlezen. Karina of de ondergang van Nederland is zeer indrukwekkend, verdient veel aandacht en een groot lezerspubliek. De roman is gewaardeerd met de maximale ∗∗∗∗∗ (uitmuntend).

Karina of de ondergang van Nederland

  • Schrijver: Wouter Godijn (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse dystopische roman
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 5 maart 2021
  • Omvang: 350 pagina’s
  • Uitgave: Paperback / Ebook
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (uitmuntend)

Meer waardering voor de roman van Wouter Godijn

  • “Godijn schreef een roman waarin echt iets op het spel staat en die tegelijk zeer speels is – en erg goed getimed, trouwens. Literair vuurwerk!” (Thomas de Veen, NRC Handelsblad)

Flaptekst van de roman van Wouter Godijn

In de roman ‘Karina of de ondergang van Nederland’ van Wouter Godijn stijgt de zeespiegel, wordt Nederland steeds natter en is er sprake van de gestage opkomst van een ultrarechts populisme. Onder deze omstandigheden raken een schrijver en zijn ex-vrouw verstrikt in duistere machinaties van een politieke partij die eropuit is de democratie omver te werpen.

Wouter Godijn houdt in dit tegelijk humoristische en spannende boek een vergrootglas boven verschijnselen als radicalisme, intolerantie, bekrompenheid en onverdraagzaamheid, zowel ter rechter- als ter linkerzijde van het politieke spectrum. In zijn virtuoze stijl houdt hij een vurig pleidooi voor waarachtige vrijheid van meningsuiting. En de liefde? Jazeker, ‘Karina of de ondergang van Nederland’ is een eerbetoon aan de vrouw in het algemeen en aan de ex-vrouw in het bijzonder.

Bijpassende boeken en informatie

Adriaan van Dis – KLiFi

Adriaan van Dis KLiFi recensie en informatie over de inhoud van deze nieuwe dystopische roman. Op 16 februari 2021 verschijnt bij Uitgeverij Atlas Contact de nieuwe roman van de Nederlandse schrijver Adriaan van Dis.

Adriaan van Dis KLiFi recensie en informatie

Als de redactie het boek leest, kun je op deze pagina de recensie en waardering vinden van de roman KLiFi, Woede in de republiek Nederland. Het boek is geschreven door Adriaan van Dis. Daarnaast zijn hier gegevens van de uitgave en bestelmogelijkheden opgenomen. Bovendien kun je op deze pagina informatie lezen over de inhoud de nieuwe roman van Adriaan van Dis.

De koning is Nederland uit gejaagd en de populisten zijn aan de macht

In KliFi schets Adriaan van Dis een niet al te rooskleurig beeld van Nederland in 2030. Het land is kortgeleden getroffen door de eerste echte orkaan in de geschiedenis die een verwoestend effect heeft gehad en een overstroming vele levens heeft gekost. Bovendien is Nederland inmiddels een republiek. De koning is het land uit gejaagd en vooral populisten hebben het voor het zeggen.

Adriaan van Dis KLiFi Recensie

Volgzaam en gelaten lijken de meeste Nederlanders hun lot te aanvaarden en accepteren de grillen van een populistische president die liegen, bedriegen en het ontkennen van feiten als handelsmerk heeft. Maar bij Jákob Hemmelbahn, Hongaarse vluchteling en een man op leeftijd gaat dit knagen en dat terwijl eigenlijk helemaal geen man van verzet is. Tegen zijn aard in biedt hij onderdak aan een groep kleurrijke Nederlanders die dakloos zijn geworden. Hij luistert naar hun verhalen en schrijft deze op.

Lichtvoetig schetst Van Dis een dystopisch toekomstbeeld dat daardoor extra urgentie krijgt

Op geheel eigen en originele wijze houdt Adriaan van Dis met KliFi een spiegel voor. Hij laat zien waartoe sommige tendensen in het huidige tijdgewricht kunnen leiden. De keuze om te kiezen met een afwisseling van lettertypes, kleur en een vaak bijzondere opmaak voegen nog een extra dimensie aan de originele roman toe. Knap is bovendien dat Van Dis er uitstekend in slaagt om het boek dat ontegenzeggelijk dystopisch karakter heeft, lichtvoetig te houden waardoor de inhoud nog extra urgentie krijgt. KliFi is gewaardeerd met ∗∗∗∗ (uitstekend).

KLiFi

Woede in de republiek Nederland

  • Schrijver: Adriaan van Dis (Nederland)
  • Soort boek: dystopische roman, sociale roman
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 16 februari 2021
  • Omvang: 256 pagina’s
  • Uitgave: Paperback / Ebook
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)

Adriaan van Dis te gast bij radioprogramma Nieuwsweekend

Op zaterdag 20 februari 2021 is Adriaan van Dis te gast in het Max radioprogramma Nieuwsweekend naar aanleiding van het verschijnen van zijn nieuwe roman.

Adriaan van Dis te gast bij tv-programma De Vooravond

Op donderdag 18 februari 2021 is Adriaan van Dis te gast in het tv-programma De Vooravond om te vertellen over zijn nieuwe roman die deze week verscheen.

Flaptekst van de nieuwe roman van Adriaan van Dis

De aasgieren zweven boven de republiek Nederland. Na een verpletterend warme zomer wordt het land voor het eerst in zijn geschiedenis getroffen door een orkaan. De gepensioneerde bibliothecaris Jákob Hemmelbahn is getuige van een lokale ramp waarbij tientallen mensen omkomen. Wegkijken en ontkennen is van hogerhand tot kunst verheven.

Als zoon van Hongaarse vluchtelingen herinnert het meebuigen en in de pas lopen met de nieuwe orde hem aan zijn jeugd onder een communistisch regime. Hij wil de verhalen van de overlevenden optekenen maar wordt daarbij gehinderd door een dreigende censor. Jákob sjoemelt, komt in opstand en droomt van grootse daden. KLiFi is een allegorie over een veranderend Nederland, hoe nuance ondergronds is gegaan en redelijkheid schiftte tot haat. Maar bovenal is het een roman over luisteren, de kracht van verhalen, lastige vriendschappen en liefde.

Bijpassende boeken en informatie