Toon Tellegen Op mijn tenen recensie en informatie boek met nieuwe gedichten en poëzie. Op 4 maart 2026 verschijnt bij Uitgeverij Querido de nieuwe dichtbundel van Toon Tellegen. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.
Toon Tellegen Op mijn tenen recensie
Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Op mijn tenen, de dichtbundel van Toon Tellegen, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.
Flaptekst van de nieuwe dichtbundel van Toon Tellegen
In Toon Tellegens nieuwe dichtbundel is het einde van het leven niet zo ver meer uit zicht als dat vroeger was. Als hij op zijn tenen staat, is de overzijde al haast te zien. Er staat iets te gebeuren, de wereld is onveilig geworden. Deugt de mensheid wel ergens voor? Heeft hij zelf alles uit het leven gehaald? In heldere, melancholische gedichten herinnert hij zich zijn jeugd, zijn moeder en de liefde.
en vergeet niet dat ik altijd, altijd op mijn tenen sta voor jou
Toon Tellegen is geboren op 18 november 1941 in Brielle, Zuid-Holland. Hij is schrijver en dichter. Zijn werk werd bekroond met onder meer de Woutertje Pieterse Prijs, De Gouden Uil en de Constantijn Huygens-prijs. Van zijn boeken zijn al meer dan 1 miljoen exemplaren verkocht in Nederland. Ook in het buitenland oogst hij groot succes met zijn dierenverhalen. Zo verschijnt Het verlangen van de egel in 16 landen in vertaling, stond het nummer 1 in Japan met meer dan 200.000 verkochte exemplaren, en zullen in 2025 in één klap alle elf zijn dierenromans worden gepubliceerd in China.
Wanderings Nepalese Anglophone Diaspora Poetry review and information the book edited by Asma Sayed and Pushparaj Acharya. Mawenzi House will publish An Anthology of Anglophone Nepali Diaspora Poetry, titled Wanderings, on November 25, 2026. Here you can read information about the content of the book, the author and the publication.
Whenever a review of Wanderings Nepalese Anglophone Diaspora Poetry , appears in the media, we’ll highlight it on this page.
Blurb of the book with Anglophone poetry from Nepalese poets
Wanderings: An Anthology of Anglophone Nepali Diaspora Poetry is a groundbreaking collection that brings together the distinct voices of poets who trace their roots to Nepal yet live, write, and dream in the diaspora. The anthology brings together a montage of cultural memory, displacement, and reimagined belonging, and paints a vivid portrait of the in-betweenness of diasporic lives. Melding global literary currents with Nepali cultural threads, the poems explore themes of home, nostalgia, exile, and identity, while experimenting with a range of forms—from free verse and sonnets to ghazals, lyrical meditations, and ekphrasis.
Through personal yet universal reflections, poets in Wanderings bridge the gap between local Nepali heritage and world literature, offering a clear entry point for those who wish to understand, teach, or experience the unfolding story of Nepali writing in English. This collection serves as both an intimate lens into Nepali culture and a testament to the power of poetry to transcend borders. The anthology, including a detailed introduction about Nepali diasporic writing, stands as an essential addition to the global poetry scene, ensuring that the Anglophone Nepali diasporic voices resonate in contemporary literary conversations everywhere.
The poets featured in this collection, listed alphabetically, include Pushparaj Acharya, Rohan Chhetri, Mukul Dahal, Tsering Wangmo Dhompa, Anuja Ghimire, Saraswoti Lamichhane, Mukahang Limbu, Nabin K. Chhetri, Samyak Shertok, and Y.B. Shakya.
Susan Smit Ik sta in wilde schoonheid recensie en informatie boek met meer dan 100 gedichten over het vrouwenlichaam, geschreven door vrouwen. Op 14 oktober 2025 verschijnt bij Uitgever Lebowski dit moet met gedichten over de vrouw, samengesteld door Susan Smit. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteurs en over de uitgave.
Susan Smit Ik sta in wilde schoonheid recensie
Op donderdag 23 oktober 2025 zal in het televisieprogramma Tijd voor Max aandacht besteed worden aan het. Susan Smit zal te gast zijn om het door haar samengestelde boek met 100 gedichten over het vrouwenlichaam toe te lichten.
Ik sta in wilde schoonheid
Meer dan 100 gedichten over het vrouwenlichaam, geschreven door vrouwen
Samenstelling en inleiding: Susan Smit (Nederland)
Flaptekst boek met gedichten over het vrouwenlichaam geschreven door vrouwen
Lieve vrouw, kom erbij. Wees welkom in onze prachtige, weelderige, wilde tuin. Wandel maar naar binnen, hier zijn we onder elkaar. Zie hoe mooi en sterk ons vrouwenlichaam is, inclusief al onze eigenaardigheden. Hoe fijntjes ze is afgestemd. Hoe ze jong en onbezonnen kan zijn, hoe ze leven kan geven en hoe ze tekens draagt van de tijd. Hoe ruimhartig ze in staat stelt om te jubelen, te rouwen, te verwerken, te verlustigen.
In deze bundel staan meer dan 100 gedichten over het vrouwenlichaam, door Nederlandse en Vlaamse dichters die er een bewonen, geselecteerd door Susan Smit. Ik sta in wilde schoonheid wil bevrijden en aanklagen, maar vooral vieren. Want een vrouw zijn, is verrukkelijk.
Susan Smit is geboren op 24 februari 1974, Leiden. Ze is schrijfster en columniste van Happinez. Ze debuteerde in 2001 met Heks en heeft inmiddels vele boeken op haar naam staan, zoals de bestsellers Gisèle, Tropenbruid en De wijsheid van de heks. Met haar roman De heks van Limbrichtwerd ze genomineerd voor de NS Publieksprijs. In het voorjaar van 2024 publiceerde ze Alles wat beweegt, een historische roman over Isadora Duncan en in oktober van het zelfde jaar verscheen De tweede helft van je leven, over de kracht en wijsheid van de vrouw.
Nora Claire Miller Groceries recensie, review en informatie over de inhoud van het lange gedicht. Op 21 oktober 2025 verschijnt bij Fonograf Editions het debuut van de Amerikaanse dichter Nora Claire Miller. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en de uitgave.
Nora Claire Miller Groceries recensie en review van Tim Donker
Groceries gaat over het leven op aarde. Want wat is er immers meer op aarde dan boodschappen? Even een boodschap doen. Ergens geen boodschap aan hebben. Je kunt die zoon van jou wel om een boodschap sturen. & heb je die boodschap begrepen? Zender. Boodschap. Ontvanger. (één van de eerste recensies die ik ooit schreef, toen ik als student stage liep bij Roodkoper, titelde ik Boodschapper zonder boodschap).
Het leven op aarde dus, en hoe dat bezien kan worden. Bij Miller zijn de invalshoeken en de variaties in belichting welhaast eindeloos. Leven op aarde is een vervagend experiment in beslissingen nemen of met vingers wijzen terwijl de video’s van de buren in hun bier of in hun koken schreeuwen.
?
Dat is vraagteken.
Vraagtekens kietelen onophoudelijk in deze bundel. Miller spreekt in de prachtigste raadsels die je ooit zult lezen. Leven op aarde valt niet te tolereren. We maken allemaal onze eigen omeletten in onze eigen appartementen. Hier op aarde zeggen ze dat het leven op aarde één grote teleurstelling is.
Zegt deze bundel.
Zegt Miller.
Zeggen, spreken deze bladzijden hier. Nog maar één gedicht ver, en Miller scheerde al lang experimenten, teleurstellingen, buren, omeletten, video’s en bier. Je kunt je afvragen wat de samenhang is, maar je kunt je ook laten meevoeren door de stroom. Zoals. Ja. Het leven op aarde is, dus. Toch wel de grootste ongelijksoortige verzameling die zelf niet verzameld kan worden, nietwaar? En hoe luidt het weerwoord op de uitspraak dat het leven op aarde zo teleurstellend zou zijn? Ik sieteer: “maar ik kan je zeggen alle tanden die ik heb: snijtand. snijtand. voorkies. snijtand. kies. voorkies. kies. snijtand. kies. voorkies. snijtand. voorkies. voorkies. hoektand. hoektand. snijtand. kies. snijtand. voorkies. hoektand. kies. kies. kies. voorkies. kies. snijtand. voorkies. hoektand.” – als je dit kunt accepteren als antwoord op de teleurstelling die het leven is, ben je klaar voor Groceries. Want dan kun je ook wel inzien hoe het leven op aarde een gigantiese roze cilinder is met zout langs alle wanden. Of een kleine harde deur. Een kruidenierszaak. In ieder geval iets, dat is zeker.
Misschien is het leven op aarde ook wel iets met dingen. Niet de dingen die toch gaan zoals ze gaan maar de dingen die zijn. Het zijn van het zijnde. De stof van alle dingen (God, had Spinoza gezeid). Alles waar je langs komt als je loopt. Lichtschakelaars. Rubberen spatels. Automatiese waarschuwingen. Alles wat is, en wat ooit niet meer zal zijn. Jasmijn in bloei. Zonnebrillen. Dweilen. Apostroffen. Natuurrampen. Latexvrije handschoenen. Inspanningen. Externe harde schijven. Leugendetectortesten. Verbijsterende beetjes informatie. Schuld. Vermaningen.
Maar hier staat niet alleen bliksoep op het spel. Of konijnenhaar. Op aarde zijn er immers ook dromen, en absurdisme, en metafysica, en ongerijmdheden, en onbeantwoordbare vragen. Miller denkt ook na over het weer: waar het van gemaakt is, wat het wil. Je kunt evengoed iemands voicemail inspreken als nadenken over een ochtend in de elektriese stad – de stad die alleen maar bestaat in een klein stukje glas in je broekzak en in een paar pakhuizen een paar honderd kilometer verderop. Je kunt zitten lezen in het park, of uitgedaagd worden door een abstract beeldhouwwerk (een gevecht dat jij natuurlijk gaat winnen want jij bent geen beeldhouwwerk). Je kunt een perfecte zoom in je broek strijken of andere mensen laten zien hoe je met paarden praat. Naar een video kijken waarin iedereen zwemt of bedenken hoe een universiteit geen televisiestation is. Als je koken met universiteit combineert, zal de universiteit gekookt worden of het koken geüniversiteerd. In ieder geval zal er niemand iets leren. Wat een groeiend probleem is waarover rap een paneldiscussie gehouden zal worden. Je kunt je elektriese kat uitlaten en dan een man tegenkomen die je vraagt: Heb je trek in wat garnering? En het weer is nog niet voorbij. Je kunt schreeuwen alleen maar om een vorm van je schreeuw te maken. Want alles is vorm. De toekomst wordt apart verzonden. Met een zakje schroeven. Maar langs de andere kant, ziploc is geen woord. Het is een woord dat werd besloten. Elke uitvinding is een woord. Behalve ziploc. Ziploc is een absolute. Deze dingen bestaan hier op aarde.
Want in een volgende wereld, houdt Miller ons voor, zal vertellen niet bestaan. Of praten. Of ondersteboven hangen. Of calorievrije suikervervangers. Of hartvormige zonnebrillen. Wat in deze wereld nog wel bestaat, doet zich echter niet aan iedereen op dezelfde manier voor. Zo is alleen voor ons herkenning een blauw en groene wekker, een amandelfestival of een opwaarts gerichte pijl; voor de kat Ramona is dit helemaal anders. Voor haar zijn geluiden geen geluiden en is opmerken niet opmerken. Zodus zal niemand Ramona ooit werkelijk helemaal zien.
En op het einde is er misschien niks dan regen die te doodgewoon is en licht dat te grijs is. Wat vuistregels die te onnavolgbaar zijn. Grappige haat. Leven als een middag. Een papieren pretzel. Onbenoembare metalen structuren. En de buschauffeur die de naam van de volgende halte afroept.
Veelvuldig duiken ze op in Groceries: kleine, lege hokjes: []. Het kunnen andere levensvormen zijn, wat doen ze op deze bladzijden? Soms lijken het stoorzenders, witte ruis, verkeerslawaai, een passerend vliegtuig, iets dat overstemt wat er gezegd wordt. Andere keren lijken ze veeleer ingezet te worden als bewuste censureringen. Of misschien moeten de lege hokjes juist het onuitdrukbare uitdrukken, datgene zeggen waar geen woorden voor zijn. Mij voerden ze vooral terug naar de tijden van weleer, toen ik als één der laatsten in Nederland nog geen smartphone had, gewoon een oud klein mobieltje waarmee je alleen kon bellen en sms’en. Een vriendin van mij, een tiepe van het slag dat wel graag de nieuwste snufjes als eerste had, stuurde in de sms’en die ze aan mij richtte wel eens “smileys” (o mijn god) mee, maar mijn telefoon kon die niet weergeven: op de plek van wat bij haar een “smiley” was, stond bij mij een leeg hokje. Ik kon de oorspronkelijke “smiley” alleen maar vermoeden: de lachende als ze iets grappigs schreef, die knipogende zeikerd bij iets met een dubbele betekenis (zo van por por, knipoog knipoog, je weet wel wat ik bedoel), de kussende op het einde van een bericht. Daar moest ik aan denken. En denken aan onweergeefbare “smileys” deed me verder denken aan de leegte van de volheid: al die vele, die heel erg vele, die zo heel erg belachelijk veel vele dingen die er hier op aarde zijn en die steeds om onze aandacht schreeuwen, of juist de dingen die we allang niet meer opmerken of nooit opgemerkt hebben: “zonder naam zijn de dingen gewoon massa” – dat die Roderik Six hier nog moet opduiken! Waar de hokjes soms overheen de pagina regenen, bijna de woorden bedekken, leken ze me wel die naamloze massa te zijn.
Er valt zoveel te beleven in dit boek. En je kunt ervan leren. Leer die ene ovaal te zijn die moet invallen tot de sirkels terugkomen. Leer kijken. Leer zien. Opnieuw zien. Het ding op zich zien, of hoe kun je weten dat je het ding zelf ziet in plaats van jouw waarneming ervan. En zie jij de dingen wel zoals ik ze zie. Ontzien. Bezien. Herzien. Afzien. Bijzien. Overzien. Omzien. Doorzien.
Op haast elke bladzijde staat wel iets dat je brein ondersteboven gooit. Want Groceries is zowel experimenteel als humoristisch; zowel filosofisch als observerend; zowel een oneindig taalavontuur als een reisgids voor buitenaardse ontdekkingsreizigers. De toon varieert van speels naar kinderlijk naar ten diepste poëtisch. Maar altijd adembenemend.
Wauw. Wat een onvergelijkbare prachtbundel is dit! Een mens zou zomaar kunnen zeggen dat dit het mooiste poëzieboek van het decennium is en dan zou ik een mens niet eens voor gek verklaren. Het is in ieder geval alles wat je van poëzie wil. Het zet aan het denken, het maakt aan het lachen, het ontroert, het verbijstert en het betovert – een bundel zo rijk als deze lees je niet vaak.
Flaptekst van het poëziedebuut van Nora Claire Miller
The winner of the 2023 Fonograf Editions Open Genre Book Prize contest, as chosen by Srikanth Reddy, Groceries is a book-length poem about what to do about objects. Not where to put them exactly, but how to print them out from the sky so they get sucked back down to earth. How to tell a noun from a category of noun, an image from a category of image. Cereal from USB ports. Motorcycles from escalators. Grapevines from hair elastics. They’re more similar than you’d think.
Foreword by Srikanth Reddy.
Nora Claire Miller is a poet. Their work has recently appeared in The Paris Review, FENCE, Chicago Review, and Bennington Review. Their first book Groceries was the winner of the Fonograf Editions Open Genre Contest, judged by Srikanth Reddy, and is forthcoming in fall 2025. They are also the author of the chapbook LULL (2020). Nora is based in Western Massachusetts, where they’re the editor-in-chief of Ghost Proposal, a journal and small press focused on visual poetry and experimental writing. Nora has an MFA from the Iowa Writers’ Workshop and a BA from Hampshire College.
Ella Wassenaer Rode runen recensie en informatie over de inhoud van de dichtbundel uit 1955 van de dichteres uit Friesland. Op 14 november 2025 verschijnt bij Pelckmans Uitgevers de Nederlandse vertaling van de dichtbundel Reade Runen van Ella Wassenaer, de Friese dichteres. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.
Ella Wassenaer Rode runen recensie
Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Rode runen, de dichtbundel van Ella Wassenaer, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.
Flaptekst van de dichtbundel van Ella Wassenaer, de Friese dichteres
In 1955 verscheen de dichtbundel Reade runen van Ella Wassenaer. Een wervelend werk dat thema als vrouwelijkheid, religie en erotiek in een vernieuwende vorm tot een literair kookpunt brengt. Een schot in de roos tijdens de hoogtijdagen van de Vijftigers? Nee, want ze schreef in het Fries en was een vrouw.
Vijfenzestig jaar later herontdekken vier jonge makers en vijf essayisten dit zinderende werk en brengen het opnieuw tot leven. reade runen verschijnt opnieuw in het Fries en als rode runen in een eigentijdse Nederlandse vertaling, verrijkt met literaire teksten en verdiepende essays. Een verrassende en overrompelende leeservaring!
Lipkje Beuckens, de vrouw achter het pseudoniem Ella Wassenaer, werd geboren op 15 februari 1908 te Sondel in Friesland en hoewel ze maar vier jaar in Gaasterland heeft gewoond en toen met haar ouders verhuisde naar Rotsterhaule en later naar Heerenveen, werd haar karakter en schrijverschap beïnvloed door haar Gaasterlandse achtergrond. Zij won vier keer een Rely Jorritsmapriis en in 1979 heeft Ypk van der Fear naar aanleiding van haar roman De dei is jong de Gysbert Japicxprijs gekregen voor haar hele oeuvre, met name voor haar historische romans. Ze overleed op 3 juni 1986 in Veenwouden, Friesland.
Douglas Kearney I Imagine I Been Science Fiction Always review, recensie en informatie bundel van de Amerikaanse dichter. Op 8 april 2025 verschijnt bij Wave Books de nieuwe dichtbundel van Douglas Kearney, de uit de Verenigde Staten afkomstige dichter. Een Nederlandse vertaling van het boek is niet verkrijgbaar.
Douglas Kearney I Imagine I Been Science Fiction Always review en recensie
En
ook hij.
In de trein van elders naar zuid nee in de trein van Utrecht naar Arnhem en later ook de bus was wat ik zeg. Wat ik zeg was dat er een vader was en een zoon en een trein en een bus en een stad en een andere stad en een boek en een dichter. De zoon zat, en reisde, en las. De vader ging dood. De vader ging dood in Arnhem. Ik was die zoon. Mijn vader was die vader. What I Say was het boek.
Ik
ging. Ik ging om hem nog één keer te zien. Ik ging om hem een allerlaatste keer te zien.
En om
te delen. Te lezen. Misschien jazzpoëzie misschien want al zo lang deelden we jazz en deelden we poëzie. De woorden die me op dat moment doorstroomden waren die van de experimentele dichters in een anthologie die ik ergens opgeduikeld had, je kon het jazzpoëzie noemen of beatpoëzie of postmoderne poëzie of poëzie zonder meer (konkrete poëzie, iemand?), en het waren die woorden die ik ging fluisteren als ultieme boodschap in zijn morfinedrip.
(braaksel als articulatie)
(is het het gewicht van woorden en ze zullen zeggen dat het nooit gebeurd is)
(ik voel de halfgegeten appel klem zitten onder me in de auto)
Dat was mijn tocht. Woorden in zijn doodgaan te fluisteren was mijn tocht.
Dus
las ik.
Ik las.
Soms zei ik
dingen.
Las van.
Harems van drums die aan mijn voeten likken.
Ingevette vleugels.
Verduisterende wolken.
Stille zeeën.
(was het jazz genoeg voor je pappa?)
(weet je nog van de black dada nihilismus pappa?)
(waren het de woorden die we prevelden, pappa, als we whisky dronken en kaartten terwijl iedereen rond ons naar bed ging?)
Iets van dat alles zong me hier weer tegemoet. Ik stel me voor ik ben wetenschappelijke fiksie geweest altijd. Deze hier Douglas Kearney, hij behoorde tot de stemmen die het welsprekendst tot mij spraken in die anthologie waar ik dan & daar uit voorlas en de kans is niet nihil dat het effectief woorden van Douglas Kearney waren die de oren van mijn stervende vader bereikten.
(en iemand bracht me terug naar huis in een auto)
(en ik dacht:)
Zou het ook niet hier kunnen zijn?
Alfabet is een roman.
Poëzie is overal.
Water de gedachtegang de idee stil deur sukses wachtwoord regen pijn muur oogst regressie obsessie maagzuur lijm glimlach tranen punt zwart pedaal gas zand wolken situatie geluk firmament honderd pinda’s slagzin mus troost moeder fiets tafel buiten boodschap mond leuning stoel bedeesd zien vrouwelijkheid schoensmeer oost akkers landweg helikopter spiegel onzin toekomst geluid schaduw zolder drift vis onrecht blos moord getuige god standbeeld bedwang veren lamp tram beweging kelk kwelling eekhoorn
Zegt iemand
(zegt wie)
geen gedicht is ook een gedicht
Zegt iemand
(zegt wie)
waaristwerkvan
Laat me u dus verzekeren dat het niet zonder emoties was dat ik daar zat in mijn leesstoel met in mijn handen I Imagine I Been Science Fiction Always van Douglas Kearney, de man van wie er werk, naast dat van anderen, was opgenomen in What I Say. Innovative Poetry by Black Writers in America, een anthologie uit het tumultueuze jaar 2015, toen mijn dochter geboren werd en mijn vader stierf. Maar. Daar heeft de dichter natuurlijk geen zaken mee, dat zit alleen maar in mijn hoofd. Douglas Kearney is niet de tijd die hij bij mij oproept, en deze bundel is zoveel meer dan handenvol associaties aan een veelbewogen jaar. Maar dat is poëzie. Poëzie is alle associaties die het is, en dan nog meer. Steeds weer meer. Poëzie is altijd meer dan poëzie alleen. En deze poëzie zeker.
Zegt Linda Mence:
een symbool is niet een overstijging van het persoonlijke
een symbool is persoonlijker dan een biografie
Maar ook heeft Linda Mence het over “woorden wisselen die heel hun zwijgen lang hebben staan gisten”.
En dat
vond ik mooi.
In bad
dacht ik even Misschien is dat maar dan omgedraaid een werkbare definitie voor de poëzie die Douglas Kearney bedrijft (bedrijf je poëzie?): woorden tot zwijgen laten gisten.
Maar neen.
Dit is geen zwijgen.
Dit is misschien wel het ultieme tegendeel van zwijgen.
(te klasseren is dit wel dit heeft een naam dit noem je visuele poëzie)|
(zieteratuur noemde iemand dat maar dat vond ik wel een heel klein
beetje een flauwzinnige woordspeling)
(maar dan weer alle woordspelingen zijn flauwzinnig)
Dus:
Poëzie tot beeld. Beeld tot poëzie.
&
verder teruggeworpen in de tijd
(altijd maar verder)
(is dat niet wat kunst doet? je werpen naar waar je momenteel niet bent? je verre houden van je hier en nu?) –
Ik was een jaar of twintig toen ik een foto zag van iets dat me op eerste gezicht toch duidelijk een installatie leek te zijn: rubberen banden gespannen van pilaar naar pilaar in een verder lege fabriekshal. Alleen had de kunstenaar, Dan Geesin, er deze titel aan gegeven: painting. Meer nog dan het kunstwerk zelf trof die titel me. Iets wat weinigen als schilderij zouden beschouwen glashard “Schilderij” noemen, dat was een daad. Kunst zat hem hier in de titel. Goede kunst heeft lak aan grenzen. Span rubberen banden waar je niet schilderen kunt. Schreeuw wat je niet zingen kunt. Verbeeld wat onverwoordbaar is. Sedert ik -ook al weer in mijn twintigs- K. Schippers kennenleerde, heb ik me altijd gegrepen geweest door literatuur die door het talige heen breekt. En nergens gebeurt dat nadrukkelijker dan in poëzie van deze soort, “visuele poëzie” ja.
Wat Douglas Kearney hier doet:
visualiseren, zo goed met als ook doorheen woorden. Van ostaijeneske woorddansen via beeldloze strips naar collages of gewoon regelrechte schilderijen: hier zingt poëzie zich los van literatuur. Hier wenst poëzie niet langer een (sub)categorie te zijn; hier eist het een autonoom leven op.
Precies dat.
I Imagine I Been Science Fiction Always eist I Imagine I Been Science Fiction Always zingt I Imagine I Been Science Fiction Always danst I Imagine I Been Science Fiction Always schreeuwt
poëzie tot beeld tot eigen kunstvorm tot autonoom leven.
Wat kun je dan als armzalig besprekerken nog zeggen? Zeggen dat het tien jaar samenbalt, en meer nog dan dat? Zeggen dat dit voor mij begon in 2015 en dwars doorheen 2025 heen voortleeft tot geeneind? Zeggen im Sein des Seienden geschieht das Nichten des Nichts? Zeggen de eieren van Gog zullen omarmd worden? Zeggen als je een gedicht kan parafraseren is het geen gedicht? (maar geen gedicht is ook een gedicht en alles overal) Of eenvoudigweg zeggen:
Flaptekst van de bundel van de Amerikaanse dichter Douglas Kearney
On the heels of Sho (winner, Griffin Poetry Prize) and Optic Subwoof (Pegasus Award in Poetry Criticism), Douglas Kearney’s visual poetry masterpiece, I Imagine I Been Science Fiction Always, pushes further into Kearney’s long-time practices of performance typography, collaging pre-existing media sources to create singular, multiplicitous texts that defy neat categorization. Through AfroFuturistic exploration of these techniques, Kearney presents a sustained consideration of precarious Black subjectivity, cultural production as self-defense, the transhistoric emancipatory logics of the preposition over, Anarcho-Black temporal disruption, and seriocomic meditations on the material and metaphysical nature of shadow. Engaging a rich history of visual poetics, I Imagine I Been Science Fiction Always almost predicts its endurance as a visionary work of genius.
Douglas Kearney was born in 1974 in the United States. He has published nine books ranging from poetry to essays to libretti. His most recent poetry book is I Imagine I Been Science Fiction Always, a collection of visual poetry. He is also the author of a collection of talks he presented for the Bagley Wright Lecture Series titled Optic Subwoof (Wave Books, 2022). His poetry collection, Sho (Wave Books, 2021), is a Griffin Poetry Prize and Minnesota Book Award winner, and a National Book Award, Pen America, Hurston/Wright, Kingsley Tufts, and Big Other Book Award finalist. He is the 2021 recipient of OPERA America’s Campbell Opera Librettist Prize, created and generously funded by librettist/lyricist Mark Campbell. Kearney is a 2022 McKnight Writing Fellow. A Whiting Writer’s and Foundation for Contemporary Arts Cy Twombly awardee with residencies/fellowships from Cave Canem, The Rauschenberg Foundation, and others, he teaches Creative Writing at the University of Minnesota–Twin Cities.
H.C. ten Berge Hier & ginder recensie en informatie boek met nieuwe poëzie van de Nederlandse dichter en schrijver. Op 25 september 2025 verschijnt bij Uitgeverij Koppenik de nieuwe dichtbundel van H.C. ten Berge. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.
H.C. ten Berge Hier & ginder recensie
Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Hier & ginder, de dichtbundel van H.C. ten Berge, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.
Zoals gebruikelijk bij deze dichter biedt de nieuwe bundel Hier & Ginder meerdere afdelingen van zeer uiteenlopende aard, waaruit niettemin eenzelfde grondtoon opstijgt. Deze toon verbindt in dit geval oude en nieuwe elementen met elkaar. Nu eens expliciet, dan weer in versluierde bewoordingen worden leven en dood tegen elkaar afgewogen en soms uitgespeeld, zoals onder meer blijkt uit enkele zeer persoonlijke teksten uit de eerste afdeling, maar vooral ook uit de reeks ‘Oude en nieuwe dodendansen’ die zowel op hedendaagse als middeleeuwse motieven berust.
Daarnaast bevat de bundel drie oude Noorse volksverhalen die ter afwisseling als lichtvoetige balladen worden gepresenteerd, gevolgd door taferelen ‘uit de vroege jeugd van Xander Specht’ die aansluiten bij de bundel Een kinderoog uit 2022.
Deze contrastrijke poëzie is geschreven in een tijd van toenemend geweld en inhumaan gedrag, wat vrijblijvende en argeloze lyriek bijna onmogelijk maakt. Met de regel ‘Al die oorlogen tussen twee eeuwige vredes’ – een citaat van Gerrit Kouwenaar – wordt deze omstandigheid in het gedicht ‘Kouw indachtig’ nader verklaard en uitgewerkt.
Tomas Lieske In de bijvoetbossen recensie en informatie over het boek met nieuwe gedichten van de Nederlandse schrijver. Op 24 september 2025 verschijnt bij Uitgeverij Querido de nieuwe dichtbundel van Tomas Lieske. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de dichter en over de uitgave.
Tomas Lieske In de bijvoetbossen recensie
Als er in de media een boekbespreking of recensie verschijnt van In de bijvoetbossen, het boek met nieuwe poëzie van Tomas Lieske, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.
Flaptekst van de nieuwe dichtbundel van Tomas Lieske
Toen wij jong waren en roekeloos
en onze eigen wetten toepasten zonder te wachten
op groene lichten want rood was dood
en wie geraakt was moest verdwalen. Wie was niet
eigen rechter, wie kreeg niet het hovaardige
gevoel dat alles in de wereld naar je eigen
lentelicht verwees en wat dat dan was?
In zijn nieuwe dichtbundel verbindt Tomas Lieske herinneringen aan zijn kindertijd met het leven van Charlotte de Bourbon. Die kindertijd speelde zich af op het gebombardeerde ‘Sjalotte de Bonbonplein’. De derde echtgenote van Willem van Oranje klinkt steeds luider tussen de ruïnes en het puin, waar de bijvoet volop groeit.
Tomas Lieske is geboren 8 juni 1943 in Den Haag schrijft proza en poëzie. Hij ontving voor beide genres belangrijke prijzen, zoals de Libris Literatuur Prijs en de VSB Poëzieprijs. Niets dat hier hemelt (2023) werd bekroond met de F. Bordewijk-prijs. Zijn oeuvre getuigt van stilistische brille, en in elk boek combineert hij gedurfdheid met ontroering, en geschiedenis met het heden. Zijn werk is in verschillende talen vertaald.
Robbert-Jan Henkes Nachttrottoir recensie en informatie boek met de bewerking van het gedicht Nacht. Trottoir. Drogist. Lantaren van Aleksandr Blok op negenennegentig verschillende manieren. Het nieuwe boek van Robbert-Jan Henkes verschijnt op 18 september 2025 bij Uitgeverij Koppernik.
Robbert-Jan Henkes Nachttrottoir recensie
Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Nachttrottoir, het boek van de Nederlandse dichter Robbert-Jan Henkes, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.
Flaptekst van de dichtbundel van Robbert-Jan Henkes met de bewerking van het gedicht van Aleksandr Blok
Manuscript gevonden in een map.
Een voorval in Sint-Petersburg.
Nacht. Kou. Een drogist. Een straatlantaarn.
Een flits van inzicht. In de wereld, de mens.
Tijd en ruimte: opgeheven.
Een schicht van inzicht, aan de grond nagelend.
Iedereen is ik. Nu is hier. Altijd. Overal.
Verstommend, Verstijvend. Openbarend.
Niet in woorden te vatten.
Of toch?
In de map: stemmen, stemmen, veel stemmen.
Een kaleidofonie.
Het voorval door de mond van 99 dichters.
Van de eigenaar van de map ontbreekt elk spoor.
In Nachttrottoir bewerkt Robbert-Jan Henkes het gedicht ‘Nacht. Trottoir. Drogist. Lantaren’ van Aleksandr Blok op negenennegentig verschillende manieren. In de traditie van Stijloefeningen van Raymond Queneau komen we vertalingen tegen in de stijl van onder anderen Herman Gorter, Annie M.G. Schmidt of Delphine Lecompte, maar ook in de vorm van een limerick of carnavalskraker.
Robbert-Jan Henkes is geboren in 1962. Hij schrijft en vertaalt. Voor Koppernik vertaalde hij onlangs Flann O’Brien, Het Dalkey-archief (‘Geestiger dan Joyce en Beckett samen’ kopte de NRC) en Alasdair Gray, Arm ding. Momenteel werkt hij aan de vertaling vanInfinite Jestvan David Foster Wallace, die ook bij Koppernik zal verschijnen.
Amerikaanse dichters. Welke bekende Amerikaanse dichters zijn er? Wat zijn de dichtbundels die de dichters uit de Verenigde Staten hebben geschreven? Van welke dichters uit Amerika zijn bundels in het Nederlands vertaald? Wanneer zijn de dichters geboren wanneer zijn ze overleden?
Op deze pagina is het overzicht van bekende Amerikaanse dichters te vinden. Uiteraard is er beknopte biografische informatie zoals de datum waarop de dichters geboren zijn en de eventuele sterfdatum. Bovendien is er aandacht voor de geboorteplaats en de bekendste bundels en gedichten, inclusief de Nederlandse vertalingen.
Overzicht van dichters uit de Verenigde Staten
Allen Ginsberg
geboren op 3 juni 1926
geboorteplaats: Newark, New Jersey
overleden op 6 april 1997
sterfplaats: Manhattan, New York
leeftijd: 70 jaar
doodsoorzaak: leverkanker
begraafplaats: as uitgestrooid op de Gomel Chesed Cemetery in Newark
1956 } Howl and Other Poems
1961 | Kaddish and Other Poems
geboren op 17 september 1959
geboorteland: Verenigde Staten
overleden op 29 juli 2022
sterfplaats: Stonington, Connecticut
leeftijd: 62 jaar
doodsoorzaak: kanker
2024 | Seafarer (New Poems with Earthling and Forever)
geboren op 30 oktober 1885
geboorteplaats: Halley, Idoho
overleden op 1 november 1972
sterfplaats: San Giovanni e Paolo Ziekenhuis, Venetië, Italië
leeftijd: 87 jaar
bijzonderheden: omstreden dichter door zijn antisemitsche standpunten en liefde voor het fascisme van Mussolini. Desondanks wordt hij toch gezien als één van de grote dichters van de twintigste eeuw.
1964 | The Cantos