Tag archieven: Atlas Contact

Sanne van Heijst – Else biografie van Els Pelgrom

Sanne van Heijst Else biografie vsn Els Pelgrom recensie en informatie boek over de Nederlandse de kinderboekenschrijfster. Op 26 maart 2026 verschijnt bij Uitgeverij Atlas Contact de biografie van Els Pelgrom, geschreven door Sanne van Heijst. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Sanne van Heijst Else biografie van Els Pelgrom recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijn van Else, Het leven van kinderboekenschrijfster Els Pelgrom, de biografie geschreven door Sanne van Heijst, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Sanne van Heijst Else biografie van Els Pelgrom

Else

Het leven van kinderboekenschrijfster Els Pelgrom

  • Auteur: Sanne van Heijst (Nederland)
  • Soort boek: biografie
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 26 maart 2026
  • Omvang: 368 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek / ebook
  • Prijs: € 29,99 / € 15,99
  • Bestelmogelijkheden biografie >

Flaptekst van de biografie van Els Pelgrom de Nederlandse kinderboekenschrijfster

De biografie van een briljant schrijfster, een icoon in de Nederlandse jeugdliteratuur, die haar plek moest bevechten in een door mannen gedomineerde wereld en een avontuurlijk leven leidde.

Met drie Gouden Griffels en de Theo Thijssen-prijs behoort Els Pelgrom (1934) tot de allergrootsten van de Nederlandse jeugdliteratuur, in de traditie van schrijvers als Tonke Dragt en Imme Dros. Op haar vierenveertigste brak ze door met De kinderen van het Achtste Woud, haar autobiografische boek over de oorlogswinter die haar leven veranderde. Haar leven leest als een roman: oorlogskind, moeder in een kunstenaarscommune, bewoonster van een Spaanse grot. Ze was een briljant maar ook onzeker schrijfster, een vrouw die haar plek moest bevechten in een door mannen gedomineerde wereld. Deze biografie laat zien hoe verbeeldingskracht en fantasie van levensbelang kunnen zijn, en onderzoekt waarom Pelgroms werk nog altijd blijft ontroeren, troosten en verrassen.

Sanne van Heijst is geboren in 1980 in Den Bosch. Ze studeerde bedrijfskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen. Vanaf 2004 werkte ze negen jaar lang als educatief medewerker bij Nationaal Monument Kamp Vught. Inmiddels ontwikkelt ze lesmateriaal, met name op het gebied van leesbevordering. Eerder schreef ze Philips-meisje van Kamp Vught (2016). Else is de publieksversie van het proefschrift dat ze in 2026 aan Tilburg University verdedigt.

Bijpassende boeken en informatie

Astrid Haerens – Erosie

Astrid Haerens Erosie recensie, review en informatie over de inhoud van de roman van de Vlaamse schrijfster. Op 22 april 2026 verschijnt bij Uitgeverij Atlas Contact de nieuwe roman van Astrid Haerens, de schrijfster uit Vlaanderen. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Astrid Haerens Erosie recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Erosie, de Astrid Haerens roman, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Astrid Haerens Erosie

Erosie

  • Auteur: Astrid Haerens (België)
  • Soort boek: Vlaamse roman
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 22 april 2026
  • Omvang: 160 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek / ebook
  • Prijs: € 21,99 / € 14,99
  • Bestelmogelijkheden roman >

Flaptekst van de roman van Astrid Haerens

Indringende roman over de intensiteit van vriendschap. Herkenbaar voor iedereen wier vriendschap ooit verbroken werd.

Erosie laat de uitzonderlijke kracht van een vriendschap tussen twee vrouwen zien – een band die zowel vormend als verwoestend kan zijn. Helle, een internationaal succesvolle kunstenaar, verliest plots haar levenslange vriendin Alma. Het contact wordt verbroken en een gapend gat blijft achter: een allesverterend vriendschapsverdriet waar geen woorden voor lijken te bestaan. Op drift besluit Helle zich terug te trekken op een Duits Waddeneiland, waar ze in de stilte en ruigheid van de natuur de lagen van rouw en zorg afpelt.

Astrid Haerens is geboren in 1989 in Krotrijk, groeide op in Zwevegem en woont in Brussel. Ze behaalde een Master in Woordkunst aan het Conservatorium van Antwerpen. In september 2017 verscheen haar debuutroman Stadspanters bij uitgeverij Polis. Ander werk publiceerde ze onder meer in Revisor, De Gids, Het liegend konijn en de Poëziekrant.

Bijpassende boeken

Haruki Murakami – Jazzportretten

Haruki Murakami Jazzportretten recensie, review en informatie boek van de Japanse schrijver met verhalen over de jazzmuziek. Op 10 maart 2026 verschijnt bij Uitgeverij Atlas Contact de Nederlandse vertaling van ポ-トレイト・イン・ジャズ / Pōtoreito in jazu, het boek over jazz, geschreven door Haruki Murakami, de schrijver uit Japan. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Haruki Murakami Jazzportretten recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Jazzportrette, het boek van Haruki Murakami over de jazzmuziek, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Recensie van de redactie

Wie bekend is met de romans beroemde Japanse schrijver Haruki Marakami weet dat muziek een bijzondere inspiratiebron voor hem is. Zijn werk is misschien wel doordesemd met muziek. En zijn liefde voor jazzmuziek is misschien wel het grootst.

Lang voordat hij als schrijver aan de slag ging, laat staan voor hij wereldfaam kreeg, werkt Murakami in een klein jazzcafé in Tokio. Toen hij hier aan de slag ging, decennia geleden, was zijn kennis van de muziek zo goed als nul. Maar achter de toog nam hij de muziek die hij hoorde gulzig tot zich. En zo ontstond al vrij snel zijn grote liefde voor het genre die tot op de dag van vandaag onafgebroken voortduurt. Dit leidde uiteindelijk tot het schrijver van portretten van door hem gewaardeerde en geliefde jazzmusici.

De portretten schreef hij touwen al ruim twee decennia geleden en zijn nu voor het eerst in Nederlandse vertaling verschenen. Maar dat maakt voor het lezen niets uit. Mocht de muzikant in de tussentijd overleden zijn, dan wordt daar gewag van gemaakt.

Het lezen van de portretten is een groot genoegen, zeker voor liefhebbers van jazz, maar ook voor lezers die het genre nog moeten ontdekken. In korte bondige stukken beschrijft Murakami het leven en de kwaliteiten van de jazzmuzikanten en verrijkt dit met zijn eigen ervaring met de muziek. Bovendien geeft hij aan wat volgens hem de beste plaat is die kunt beluisteren ter illustratie. Wat het boek dat verzorgd is uitgegeven door Atlas Contact verder nog mooi maakt zijn de illustraties die Makoto Wada maakte en die zijn opgenomen in het boek dat door de redactie gewaardeerd is met ∗∗∗∗ (uitstekend).

Haruki Murakami Jazzportretten

Jazzportretten

  • Auteur: Haruki Murakami (Japan)
  • Soort boek: muziekboek
  • Origineel: ポ-トレイト・イン・ジャズ (1997)
  • Nederlandse vertaling: Luk Van Haute
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 10 maart 2026
  • Omvang: 256 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 24,99 / € 14,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Bestelmogelijkheden boek >

Flaptekst boek van Haruki Murakami over jazz

Japanse bestsellerauteur van o.a. Norwegian Wood en De moord op Commendatore over een van zijn grootste passies en inspiratiebronnen: de jazzmuziek.

Voordat hij fulltime schrijver werd was Haruki Murakami jarenlang de uitbater van jazzcafé Peter Cat in Tokio. Het mag dus niet verbazen dat de jazzmuziek een terugkerend motief is in zijn verhalen en romans. Nog meer dan hardlopen is het zijn belangrijkste inspiratiebron. Hij kan als geen ander zelf uitleggen hoe dit precies zit. De lezer van de vijfenvijftig Jazzportretten in deze bundel krijgt het gevoel aan de toog van Peter Cat plaats te nemen, terwijl de eigenaar een drankje inschenkt en op een vertrouwde, innemende manier anekdotes en weetjes opdist over de plaat die op dat moment draait. Meer dan ooit krijg je de indruk naar de échte stem van Murakami te luisteren. Van Chet Baker tot Charlie Parker, van Duke Ellington tot Ella Fitzgerald: hij maakt je deelgenoot van zijn enthousiasme, en stelt en passant de ideale luistergids samen.

Haruki Murakami is geboren op 12 januari 1949 in Kyoto, Japan. schreef onder andere de romans Norwegian Wood, Kafka op het strand, 1q84 en De moord op Commendatore en de verhalenbundels Mannen zonder vrouw en Eerste persoon enkelvoud. Murakami’s werk wordt in meer dan veertig landen uitgegeven en is bekroond met talloze prijzen, waaronder de Welt-Literaturpreis en de Hans Christian Andersen Literatuurprijs. Hij wordt regelmatig getipt als kandidaat voor de Nobelprijs voor de Literatuur. Zijn roman De stad en zijn onvaste muren verscheen in mei 2024.

Bijpassende boeken en informatie

Rob Waumans – Nest

Rob Waumans Nest recensie, review en informatie over de inhoud van de roman van de Nederlandse schrijver. Op 10 maart 2026 verschijnt bij Uitgeverij Atlas Contact de nieuwe roman van Rob Waumans, de schrijver uit Nederland. Hier lees je informatie over de inhoud van de roman, de auteur en over de uitgave.

Rob Waumans Nest recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Nest, de Rob Waumans roman, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Rob Waumans Nest

Nest

  • Auteur: Rob Waumans (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse roman
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 10 maart 2026
  • Omvang: 176 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 21,99 / € 13,99
  • Bestelmogelijkheden roman >

Flaptekst van de nieuwe Rob Waumans roman

Een ontroerende roman over de kracht en breekbaarheid van een gezin. Hoe blijf je met elkaar verbonden als de lijm tussen iedereen wegvalt?

Een overleden moeder kijkt toe vanuit het hiernamaals als haar man en drie zoons een weekend doorbrengen in een duinhuis. Anton, de jongste, heeft het initiatief genomen en hoopt op meer dan kaartspelletjes en zwijgen. Maar hoe blijf je verbonden als de lijm tussen iedereen is weggevallen? Terwijl er buiten een storm opsteekt en vader Frans onwel wordt, dwaalt Anton door de mistige duinen, opgesloten in zijn familiegeschiedenis en eigen gedachten. Hoe een uitweg te vinden uit de pijnlijke patronen die generaties lang zijn doorgegeven? Een indringende roman over families gevangen in stilte, en de moed die het vergt om een eigen weg te kiezen.

Rob Waumans is geboren op 2 mei 1977 in Alkmaar. Hij debuteerde in 2011 met de roman Als je de stad binnenrijdt, die werd genomineerd voor de Academica Literatuurprijs. In 2013 verscheen De nacht van Lolita. Hij schreef artikelen en verhalen voor o.a. NRC Handelsblad, De Revisor en De Brakke Hond, en hij publiceert in Hard Gras. In 2019 verscheen zijn derde roman De solist en in 2022 het veelgeprezen Oevers.

Bijpassende boeken

Wouter Godijn – Het offer

Wouter Godijn Het offer recensie en informatie over de inhoud van de roman van de Nederlandse schrijver. Op 5 maart 2026 verschijnt bij Uitgeverij Atlas Contact de nieuwe Wouter Godijn roman. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Wouter Godijn Het offer recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Het offer, de roman van Wouder Godijn, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

  • “Het offer’ is een gelukzalige tuimeling in de wereld van freejazz en vrije liefde.” (Saskia Pieterze, Trouw)
  • “In wonderlijke taal dwaalt Wouter Godijn door een labyrint van popelende emoties.” (Thomas Verbogt, Het Parool)

Recensie van Tim Donker

Poëzie was mijn eerste liefde.

Ofnee. Dat is niet helemaal waar. Liefde voor poëzie was altijd al ergens, maar sluimerend, latent. Werd pas goed wakker toen ik ver in de twintig was, voor in de dertig misschien zelfs wel. Toen had ik echt al de nodige romans gelezen, en geapprecieerd. Maar voor het werk van Godijn gaat de uitspraak hierboven zeker op.

Wat zijn poëzie. O god, zijn poëzie. Soms vind ik hem de beste dichter van Nederland. (maar soms ook vind ik H.H. ter Balt de beste dichter van Nederland) (of Maarten van der Graaff) (of Micha Hamel) (of Radna Fabias) (of Richard Nobbe) (of Tsead Bruinja) (of Maria van Daalen) (of Kreek Daey Ouwens) (of F. van Dixhoorn) (of Gerrit Krol) (of Astrid Lampe) (of K. Michel) (of Tonnus Oosterhoff) (of K. Schippers) (of B. Zwaal) (of Marwin Vos) (of Martijn den Ouden) (of Hélène Gelens) (of Robin Block) (of Eva Gerlach) (of Bas Kwakman) (of Onno Kosters) (of Anneke Brassinga) (of Peter van Lier) (of Remco Ekkers)

maar zijn proza. Zijn romans. Sja. Wat is daarmee. Ik weet het niet. Ik probeer ze. Keer na keer. Juist omdat ik hem als dichter zo hoog heb zitten. Maar wat. Ja. Nee. Ik weet het niet. Ik kom er niet doorheen. Ik kom er nooit doorheen. Meestal kom ik er niet doorheen. Ik liep vast in De dood van een auteur die een beetje op Wouter Godijn lijkt (ik herinner me niet eens meer waar dat over ging, kwam er niet een oorlog in voor?), ik liep vast in Meneer L en het meisje (het was geloof ik iets met iemand, en die stak een grens over waarachter hij in een soort alice in wonderland-achtige fantastiewereld terecht kwam, en het beloofde, ja, het beloofde veel, en toch kwam ik er niet doorheen) (ik vond het ook wel een beetje obligaat met zoon fantasiewereld waar dan alles kan en alles mogelijk is, klein beetje uitgekauwd, dat weer wel); ik liep geloof ik niet vast in De liefdesmachine, blauw boek toch?, met zo’n Lissabons trammetje op de voorkant, toch?, besprak ik het niet ooit, hier, of daar, of elders maar toch heb ik geen idee meer waar het over ging of wat ik ervan vond, dusja, hoe zit dat met zijn proza & waarom het me nooit zo grijpt zoals zijn poëzie me grijpt?

Maar dan, één dag, landt Het offer op mijn recenseertafel.

Ik begon er met de nodige scepsis aan, dat zal u bij nu begrijpen. Prozagodijn, ik dacht, het vervelende broertje van poëziegodijn. Diep zucht & het begin van een lichte hoofdpijn. Toch. Dit mensken is een besprekerken, en uit loyaliteit aan zijn briljante broer gunde ik prozagodijn maar weder eens een kans.

En.
Het.
Was.
Tegen.
Alle.
Verwachting.
In.
Heel.
Erg.
Goed.

Ja het was godzalmekraken fucking goed! (totdat -) (maar neen, daar kom ik later nog op). Reeds op de eerste bladzijde word ik om mijn oren geslagen met bizarheden (een verband tussen de smaak van gesmolten kaas en de verhalen die de ouders van de ikfiguur vertelden over de experimenten van de nazis op levende slachtoffers, met name op kinderen), en ik hou er wel van als een schrijver je al direct aan de haren trekt, onontkoombaar, geen mededogen, recht in je gezicht.

En eigenlijk gaat het dan niet eens over de tweede wereldoorlog, en kampen, en de holocaust. Of toch wel een beetje misschien. Maar zeker niet geheel.

Maarten is zeventig, en kijkt terug op zijn tijd met jeugdliefde Nicole. Als zulke liefdes zijn, was het groots, overweldigend, onvergetelijk; niets of niemand haalt het bij zo’n vroege liefde. Dat alles is bekend, Godijn is zeker niet de eerste die een boek schrijft over dit thema. Maar anders dan wat het achterplat suggereert, deed Het offer mij niet denken aan Turks fruit of Terug tot Ina Damman. Niet alleen omdat ik beide romans niet gelezen heb (ik zag de film Turks fruit wel, ooit, niet zo’n beste film als u het mij vraagt maar wat maakt het uit u vraagt het mij immers toch niet) (en dan weder, ook hier, een totdat) (totdat?) (todat, ja, al eventjes dan: het einde van Het offer is wel regelrechte Turks fruit) (als boek en film qua structuur een beetje gelijk op gaan dan tenminste). Vooral heeft Godijn zo’n totaal unieke stem dat elke vergelijking sowieso volledig mank gaat. Hij komt af met neologismen, hij onderbreekt zichzelf, levert commentaar op zijn eigen schrijven, aarzelt, stokt, heroverweegt zijn woordkeuze, en alles maakt dat zijn taal leeft, zingt, jubelt, ontstaat en tot wasdom komt waar de lezer bij is, je bent erbij als zijn taal leert lopen, je bent erbij als zijn taal leert fietsen, er is geen schrijver die zijn lezers er zo bij kan betrekken als Godijn. Het is zo totaal. Het is zo maximaal. Het is zo overal. En daardoor zo volledig navoelbaar. Je begrijpt Maarten. Je begrijpt hem helemaal. Want jij, lezer, ongeacht geslacht of geaardheid, jij wordt ook verliefd op Nicole. Tot over je oren. Todat (- maar daar kom ik nog op) (hou je paarden).

Nicole is afkomstig uit een gegoede familie. Maar daar kan zij niks aan doen. Wat meer is, ze is briljant. Humoristisch. Muzikaal (speelt viool!). Geïnteresseerd in filosofie, literatuur, psychologie. Voor alle vakken haalt ze alleen maar negens en achten. Zo slentert ze op haar gemakje door haar middelbare school heen. En daar, op die middelbare school, ontmoet ze Maarten. Er ontspint zich een bijzondere vriendschap tussen de twee; een vriendschap die vanzelf overgaat in een diepe, innige, onverbrekelijke liefde. Alles in die wervelende, bloedwarme taal van Godijn die de lezer ook laat baden in dat licht. Zelfs de sexscenes. O. Dat. Wacht.

Sex is altijd lastig in literatuur. En al helemaal in de Nederlandse literatuur. Het wordt lomp, het wordt ranzig, het wordt liefdeloos. Of het praat, om juist niet in diergelijke valkuilen terecht te komen, er zodanig omheen dat het van bijna lachwekkende truttigheid wordt. Opgewonden word je er in elk geval zelden van. Maar hier, in dit Het offer hier, hier is het van geheel andere abcdefghijk. De sexscenes, en dat zijn er zijn best nog veel of meer toch dan ik vermoed zou hebben bij Godijn (maar waarom vermoed ik niet veel sex bij Godijn?) (weet jij dat?), zijn, hoe tegenstrijdig dat ook mag klinken, haast kinderlijk. Of komisch, op een wat slapstick- dan wel theatervandelach-achtige wijze; het gevoel, bedoel ik, van een toneelstuk waarbij personages om de haverklap op hun billen vallen en dan even versuft en met kolderieke expressie op het gelaat blijven zitten zodat andere personages dan weer over hen struikelen; het soort toneelstuk waarvoor in het theaterboekje termen als “doldwaas” of “knotsgek” gereserveerd worden (maar wat weet ik er eigenlijk van, ik ben nog nooit in mijn leven naar het theater geweest); het soort toneelstuk dat eigenlijk kinderachtig of flauw zou moeten zijn maar alles is zo potsierlijk en zo sterk uitvergroot dat je jezelf niet kan helpen, je moet er toch om lachen. Ofwel zijn ze, nog steeds die sexscenes in Het offer, lichtelijk surrealistisch, alsof ze plaatshebben op een andere planeet of in één of andere verre toekomst. Sja, héét (sorry) word je er bij Godijn ook niet direct van, maar wel warmig, lichtend, zweverig, een klein beetje licht in het hoofd misschien, een heel klein beetje dronken denk ik – en is dat niet net zo goed verwant aan sex? En dat alles, dat – totdat (en. goed. u weet).

Dat kriebelige gevoel, één deur voor geluk, weet Godijn het grootste gedeelte van Het offer vast te houden. Je leest dit boek niet, je zweeft erdoorheen. Ik. Daar. Leviterend. Een paar sentimeter boven mijn leesstoel. Totdat.

Oké. Ja. Nu is er geen ontkomen meer aan.

De liefde tussen Maarten en Nicole begon op de middelbare school. Nicole staat op het punt van studeren, Maarten niet, hij sukkelt een beetje op school, ook daarin is Nicole zijn meerdere, en daar ergens, op dat scharnierpunt naar de volwassenheid, gaan ze voor het eerst alleen op vakantie. Naja, met z’n tweeën dan natuurlijk. Maar zonder ouders. Naar Engeland, naar Denemarken, door Maarten al snel samengetrokken tot het sprookjesland Engelmarken. Het is de zomer van 1974, misschien zegt sommige mensen dat al iets (en als dat zo zou zijn, is dat al erg genoeg waarde lezer!). Voetbal. Een EK of een WK, wat weet ik ervan, voor zover het het Nederlands elftal betreft klaarblijkelijk beheerst door (de gekte rondom) Johan Cruijff. Maarten is al een heel klein beetje verdrietig omdat hij vreest dat hij nu ze op vakantie zijn niet alle wedstrijden meer gaat kunnen zien. Maar dat maakt de lezer, of dat maakte deze lezer toch, nog niet zoveel uit, die Maarten vond je heel het boek doorheen al een beetje een onnozelaar, eigenlijk te suf en te onwetend voor zo’n fantastisch creatuur als Nicole. Echter, overal waar ze komen is het Cruijff voor en na, overal mogen ze binnen, overal moeten ze aanschuiven, overal moeten ze met de lokale bevolking meekijken naar weeral de volgende wedstrijd. En dan het allerergste. Daar. Op bladzijde 169. Ze zegt het. Verdomme, zegt ze dat nou echt? Ja, ze zegt het. Nicole zegt, over Johan Cruijff: “Die man is geniaal.” Zegt ze. Zegt zij. Nicole, dat fantastische creatuur. Verdomme. Ja, verdomme en bam. Want gelijk is mijn verliefdheid aan gruzelementen geslagen. Met nog een bladzijde of zestig, zeventig te gaan. Zit ik. Bam. Weer heel gewoon op de zitting van mijn leesstoel. Niet meer verliefd, niet meer badend in licht, niet meer halfdronken te leviteren. Maar gewoon. Zit ik daar. Een boek te lezen. Loop ik nou zo vlak voor het eind dan toch weer vast bij prozagodijn?

Nee. Niet. Ik blijf lezen. Maar er is wel duidelijk iets veranderd.

Voor mij was het niet waar wat het achterplat zei. Het haalde bij mij niet de herinneringen aan mijn eigen eerste liefde naar boven. Of niet werkelijk toch. Misschien als een geschreven leven – je kunt je een leven schrijven waarin een Dregke en een schrijverken sex hebben op een landgoed waar ze eigenlijk niet mogen komen, of dwalen door een betoverend Engelmarken of liever nog een ongerept Asturias, maar meer dan dat nog nam het me mee na een voor-tijd, een tijd van voor de tijd. Als ik maar even stopte met lezen zag ik mezelf als het peutertje dat ik ooit was. Ik zat in de zitkamer (ja het was een zitkamer dus wat ging ik er anders kunnen doen dan zitten?) van het huis aan de Oudartstraat in Stiphout. Ik speelde met mijn blokken, het licht viel door de ramen (want laat ze praten over klimaatverandering en hoe het vroeger altijd veel kouder was en het de hele winter door vroor, en altijd sneeuw, en altijd schaatsten, en altijd ijspret maar in mijn herinnering heeft mijn hele kindertijd door de zon geschenen, altijd, ook ’s nachts (want ook de nacht is een zon) (Albert Bontridder zei het al), en ik bouwde wegen met mijn blokken, en garages met mijn blokken, en benzinestations met mijn blokken (want die blokken waren eigenlijk alleen maar nodig om nog beter met mijn autootjes te kunnen spelen), en achter me mijn moeder, ik denk dat ze naar me keek, dat ik wist of voelde of dacht dat ze naar me keek. Het bijzondere van die tijd was dat er nog geen tijd was. Er was geen vroeger, en geen later. Er was alleen maar dat wat ik op dat moment aan het doen was. Doch op enig moment dringt zich het besef aan je op dat elk moment voortkomt uit een ander moment en leidt tot een volgend moment, en vanaf dan ben je nooit meer helemaal vrij. Vanaf dat moment weet je wat er onderweg verloren is gegaan (een eerste liefde bijvoorbeeld), en dat er altijd nog iets komen moet, nog iets gedaan moet worden; vanaf het moment dat de tijd zich laat kennen, kom je altijd tijd te kort. En precies dat is wat er gebeurd: ik viel van de on-tijd terug in de al-tijd (waar in dit boek zelfs nog sprake van is, al wordt het niet precies zo gebruikt als ik hier doe). Het gelul kwam binnen. En met het gelul de wereld. En met de wereld de tijd. En dus viel ik terug, want geen gelul is meer gelul dan gelul over voetbal.

Alles wat na pagina 169 kwam, was voor mij een toegift. Misschien ken je dat wel. Het konsert is over, het was een mooi optreden, hele fijne muziek, en het is goed geweest. Maar dat stomme publiek blijft maar we want more scanderen, jezus, straks komen ze echt terug, en je wil gewoon naar huis, nu dat fijne gevoel nog intact is.

En ja hoor ze komen terug.

En dus gaat Nicole naar Groningen, en even later Maarten ook, en Nicole ontwikkelt een bizarre fascinatie die niet echt charmant is maar het maakt me niets meer uit, ik ben niet meer verliefd op haar, en Het offer is gewoon maar een boek, een boek dat geen goed meer kan en dus ook geen kwaad meer, een boek dat niet in de vriezer hoeft (wat?) (nee laat maar dat snapt toch niemand). De sex lijkt vanaf dan ook harder, liefdelozer, ranziger. En dan komt er nog een ziekte bij ook, ja dat is allemaal op en top Turks fruit ja, daar had dat achterplat dan wel weer gelijk in (is het pastiesj, of ode, of doodordinair jatwerk?). En op de valreep ook nog eventjes iets idioots met Maartens ouders, iets wat niet goed past bij hoe je die mensen inmiddels dacht te kennen, misschien had Godijn dat allemaal nodig om een parallel te hebben met dat roddelblad-gelul over Cruijff en zijn huwelijk, misschien was er een offer nodig om het boek Het offer te kunnen noemen, had voor mij niet gehoeven, er hoeft niet altijd thema en ontwikkeling en motief en weetikveel, heel dat literatuurles-gezever meer. Maar het is er, het staat er, het boek gaat nog verder naar die vermaledijde bladzijde 169, zo gaat het wel vaker, er zijn wel meer bijna briljante boeken die vlak voor de eindstreep struikelen en zieltogend heen moeten, waarom eigenlijk, wat is er voor een schrijver toch zo verdomde moeilijk aan het einde van zijn boek, eindes zijn helemaal niet moeilijk, je hoeft alleen maar op te houden met schrijven.

Je kunt alles vanaf bladzijde 169 uit dit boek scheuren en dan hou je het beste boek van dit voorjaar over (al zullen er ook van die figuren zijn die vinden dan het wezen van dit boek zich na bladzijde 169 bevindt) (ik moet trouwens ineens denken aan die gasten die hadden opgeroepen om naar de boekhandel te gaan en het begin uit één of ander boek te scheuren, ik ben vergeten welk boek, je moest dat geloof ik ook nog in één bepaalde boekhandel doen, Paagman als ik me niet vergis, hoe zat dat ook alweer?) (weet jij dat?).

Of je kunt je erbij neerleggen dat Godijn met Het offer eindelijk een boek geschreven heeft waarmee hij het geniale van zijn poëzie benadert. Ja benadert, maar niet haalt. Maar toch. Iets schrijven dat bijna net zo goed is als de gedichten van Wouter Godijn, is er iets hogers haalbaar in de literatuur? Hum. Ja. Vast. Maar ik kan het op dit moment echt even niet bedenken.

Wouter Godijn Het offer

Het offer

  • Auteur: Wouter Godijn (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse roman
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 5 maart 2026
  • Omvang: 208 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 22,99 / € 14,99
  • Bestelmogelijkheden roman >

Flaptekst van de nieuwe Wouter Godijn roman

Een hartstochtelijk verhaal over een grote eerste liefde, ontdekkingstochten van lichaam en geest, verlangens en verlies.

Een oude man vertelt het verhaal van zijn grote liefde, een jeugdliefde zo hevig dat zijn hele leven erdoor werd overschaduwd. Wouter Godijn voert ons mee naar de beginjaren van Nicole en Maarten, twee jonge mensen die, belast door de trauma’s van hun ouders, een wereld ontdekken waarin begeerte en tederheid alles overheersen. Maar zullen ze daar kunnen blijven? In fonkelend proza vangt Godijn de fysieke en mentale gewaarwordingen van een eerste, allesverterende liefde, zo precies dat het de herinneringen van de lezer aan de eerste eigen liefde naar boven haalt.

Het offer is een roman die doet denken aan Terug tot Ina Damman en Turks Fruit: een hartstochtelijk verhaal over verlangen en verlies.

Wouter Godijn is op 31 juli 1955 in Amsterdam. Hij schrijft romans en poëzie. Zijn literaire universum is volstrekt uniek en keer op keer verrast hij de lezer. Zijn werk wordt zeer gewaardeerd door pers en lezers, en verschillende romans werden genomineerd voor de grote prijzen. Zijn poëzie werd bekroond met de Jan Campertprijs.

Bijpassende boeken

Lionel Shriver – Gelukszoekers

Lionel Shriver Gelukszoekers recensie, review en informatie over de inhoud van de nieuwe Amerikaanse roman. Op 5 maart 2026 verschijnt bij Uitgeverij Atlas Contact de Nederlandse vertaling van A Better Life, geschreven door Lionel Shriver, de schrijfster uit de Verenigde Staten. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Lionel Shriver Gelukszoekers recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Gelukszoekers, de roman van Lionel Shriver, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

  • Een schrijver die ons aanzet tot meer nadenken, dieper graven en meer uitdagen – en die er ook nog eens voor zorgt dat het leuk is.” (Sunday Times)

Recensie van Tim Donker

Die van Nieuwkerk hoorde je er nog wel eens over. Het schuldige pleziertje. Dat gaat dan geloof ik voornamelijk over muziek. Iets waarover je je schuldig voelt omdat je er plezier aan beleeft. Denk aan een liedje dat je mooi vindt ondanks dat het gemaakt is door een artiest die je haat. Een album dat kippenvel over gans je huid zendt terwijl het thuis hoort in een genre dat je niet geacht wordt te waarderen in kringen van muzieksnobs. Mjoeziek die lage instincten aanspreekt, instincten die je overwonnen dacht te hebben. Dat heet dat een schuldig pleziertje. Je vindt het mooi, stiekem, er is plezier in mooi vinden, en daarover voel je je dan schuldig. Ik moet dit niet mooi vinden maar toch.

Als het om literatuur gaat, hoor je al minder over schuldige pleziertjes. Ja, Kees ’t Hart schreef een essayistische ode aan wat men met een denigrerende term wel “damesromannetjes” heet, maar hier moet meer over te zeggen zijn. Natuurlijk kan een literatuurliefhebber zich verliezen in iets wat door mensen die er weet van hebben niet tot literatuur gerekend wordt. Maar zijn er nog andere schuldige pleziertjes?

Misschien.

Een schrijver die je helemaal niks vindt, en dan dat ene boek toch.
Een liefdesgedicht dat veel te erg voor de hand ligt maar dat je desondanks niet zonder tranen in je ogen lezen kunt.
Iets dat meevaart op de zoveelste hype die je verafschuwt en niettemin las je het in één adem uit.
Zulke dingen.

Of.

Gelukszoekers.

Ja.

Dit boek vertegenwoordigt alles waar ik mij verre van wens te houden zover als literatuur gaat.

Die titel alleen al. Gelukszoekers. Iemand zoekt zijn geluk, en dat is de mens inmiddels pejoratief aan het gebruiken. Alsof het iets vreselijks is om te denken dat je in een ander land meer kansen hebt op een goed leven. Alsof het iets vreselijks is om gelukkig te willen zijn. Alsof er niet genoeg mensen zijn geweest die in Canada, Australië, Zuid-Frankrijk, Spanje of, hee Margaret Ann, Portugal (zonder geldig verblijfsrecht, nee?) dachten te vinden wat ze elders vruchteloos gezocht hebben. Alsof je altijd maar achter dat lijntje moet blijven dat anderen voor jou getrokken hebben.

En ook. Een boek met politieke basis, goed, dat kan nog net. Maar boeken over actuele thema’s? Ja. Sorry. Ik weet niet. Maar ik persoonlijk kan geen klimaatroman meer zien, en boeken met zo’n Trump-achtige president mogen van mij ook wel het raam uit. Van die schrijvers die ons, onwetenden, menen te waarschuwen dat we aan de vooravond van een ecologische catastrofe staan of dat er een machthebber is, hier of daar, die bezig is de hele wereld in het verderf te storten, ja, dank u, monneer of mevrouw schrijver, dat hadden we nog niet gezien, dank u om dit onder onze aandacht te brengen, nu weten wat ons te doen staat – in een hoekje kruipen en bang zijn.

Vraagt u het mij? Ik weet het niet, maar als zo dan zou ik u zeggen dat het lichtelijk suspect is om te schrijven over die dingen waar iedereen al de mond van vol heeft. Elk kaffeegesprek loopt ervan over, en bij de koffieautomaat op het werk praten ze over niks anders. Schrijf daarover een boek en het zal gelezen worden. Ja goed. Maar dat kunstje is me toch wat al te koud.

Dus ik hoef nie te lees nie een boek nie over asielzoekers nie.

En dan.

Gooi meer in het mengsel.

Gooi.

Een weinig bijzondere schrijfstijl. Een opbouw die traditioneel heten mag: gewoon ab ovo, heel gewoon, en gewoon lineair, heel gewoon, en dan ook nog, heel gewoon, kleine gebeurtenisjes als eerste die culmineren in, ja hoor. De Gewelddadige Climax. Verhaalfiguren die zo onbeschaamd clichématig zijn dat het welhaast typetjes zijn, nogal plat in ieder geval; ze functioneren duidelijk als (maatschappelijke) archetypen en deze functionaliteit heeft Shriver klaarblijkelijk boven literaire zeggingskracht (of, zo u daar belang aan hecht, zoiets als “geloofwaardigheid”) gesteld.

Gooi het erin, en het mengsel zou ondrinkbaar moeten zijn.

(meng de zeedruif met de wijn. en geef de dichter ook wat. geef de dichter wat, geef de dichter wat)

Zou moeten. Maar is niet.

Nee, ondanks dat het boek minimaal op vijf-nul achterstand begint (ofzo, ik tel de punten nooit), heb ik het min of meer in één ruk uit gelezen (feitelijk moet het een ruk of zes geweest zijn, maar dat klinkt minder goed).

Hoe zit dat dan?, vraagt een mens zich af.

(het besprekerken zit, verslagen, met een boek op schoot, en het einde, oja het einde, weeral helemaal niks, maar dat komt nog, dat komt nog, hij zit daar, de laatste tonen van Der weg der toten sterven weg, hij heeft gelezen, hij heeft gezeten, hij was weeral geen parelduiker, hij wil Dregke niet weer teleurstellen, hij wil niet opnieuw een broer moordenaar, moet hij spreken, moet hij zwijgen, hij zit, hij is een klein en armzalig besprekerken, dus hij zal spreken, het zit immers al in het woord)

Hoe zit dat met boeken als dit. Boeken die zich bijna aan je opdringen. Boeken die je geboeid houden ondanks dat je al hun truukjes doorziet. Oja want dat gooide Shriver ook nog in het mengsel: een beetje sex (niet teveel uiteraard), een beetje liefde, wat intriges, een hollywoodiaanse spanningsopbouw; dit boek leest als een thriller (nog een genre dat doorgaans mijn aandacht hoegenaamd niet heeft).

Je wil er niet over nadenken.

Je wil erover nadenken.

Je denkt – één meesterzet van Shriver is alvast om het verhaal vanuit Nico te vertellen.

Wie is –

Nico?, u vraagt.

Misschien is dit het moment waarop ik wat meer informatie moet gaan geven. Goed. Gloria Bonaventura is een gescheiden moeder van drie volwassen kinderen: Palermo, Vanessa en Nico. De twee zussen Palermo en Vanessa zijn het huis al uit, hebben zoiets gedaan als een glansrijk eigen leven opbouwen. Daar valt misschien nog wel wat op af te dingen: Palermo was hard op weg een wereldberoemd turnster te worden tot een auto-ongeluk die droom definitief aan diggelen sloeg; nu verricht ze administratieve werkzaamheden in het niet overdreven succesvolle bouwbedrijfje van haar man en Vanessa heeft zo’n groot hart dat ze het nooit heel veel verder zal schoppen dan de kinderopvang waar ze werkzaam is – ze mist de zelfzuchtige component die nodig is om “de maatschappelijke ladder” tot de bovenste sport te bestijgen (ja sorry ik wist even geen andere woorden hiervoor). Nico, echter, woont nog bij zijn moeder in de ooit (in gelukkiger tijden, toen de ouders nog samen waren) goedkoop aangeschafte maar door vader geheel vertimmerde villa in hartje New York – een huis dat inmiddels miljoenen waard is. Hij heeft een studie gedaan die hem niet begeesterde: vlak voor hij zijn diploma behaalde wist hij het al: hij wil geen ingenieur worden (dan is u nog ver gekomen, Nico, ik dacht in het eerste halve jaar van mijn studie al Hier Wil Ik Nooit Iets Mee Gaan Doen, en toch, hangend, wurgend, in bijna twee keer de tijd die ervoor stond, naar het diploma toe, ik wilde mijn vader de schande besparen van een ongediplomeerde stamhouder); werkloos slijt hij zijn dagen als zelfbenoemd observator die de uiterste graad van neutraliteit wil bereiken. Daar zal hij het gezien de verdere ontwikkelingen nog moeilijk mee krijgen. Maar dat komt straks. Want neutraal is hij sowieso al niet, Nico is, ehm, nogal, sja, rechts.

Ja, rechts.

En we zitten de hele tijd in zijn hoofd, zijn rechtse hoofd, en dus kun je je verheugen op vermakelijke en niet zelden zeer rake tirades.

Als.

“De coronalockdowns waren al stom genoeg geweest, ze hadden kleine winkels en restaurants de kop gekost en de straten ontsierd met multiplex en met hangsloten afgesloten rolluiken. Maar boven op al die economische zelfbeschadiging was de stad waar hij geboren was in anderhalf jaar veranderd in een onbekende derdewereldhel.”

Of.

“Veel van de tegen het hotel leunende buitenlanders droegen mondkapjes, hoewel ze in de buitenlucht stonden en de mondkapjesplicht in New York zelfs voor openbare binnenruimtes al ruim anderhalf jaar niet meer gold. Waren de bijgelovige voorbehoedmiddelen een teken van oprechte angst voor ziekte, oprechte bezorgdheid over de verspreiding ervan, verwarring over de huidige voorschriften van het ministerie, of een kruiperig verlangen om te behagen?”

Of.

“Maart was ongewoon warm voor de tijd van het jaar, en daarin zagen onbekenden die bij de plaatselijke pinautomaat stonden te wachten aanleiding om te mopperen over de ‘klimaatcrisis’, aangezien je in de progressieve wereldvisie nu zelfs moedeloos kon worden van mooi weer.”

En meer zulks.

En het gaat er niet om of u dit ook vermakelijk vindt, of raak.

Nee.

Daar gaat het niet om.

Want ik varieer op woorden van Ilja Leonard Pfeiffer (en ja dat is een lul van jewelste ja, dat weet ik ook wel)(maar maakt dat uit?)(lullen snijden soms ook wel hout): “Literatuur moet gevaarlijk zijn of het is geen literatuur.”

En dus is dit Gelukszoekers al meer literatuur dan elke recente of minder recente deugroman. Als literatuur ergens om gaat, dan is het om grenzen op zoeken. Om durven zeggen wat elders niet gezegd kan of mag worden. Om de vrijplaats. Waar alles kan, en alles mogelijk is. Schrijvers, literatuurliefhebbers, academici, intellectuelen, kunstenaars, noem het, zij zijn vaak van linkse signatuur en wat je ter linkerzijde geacht wordt te denken en vooral ook geacht wordt verwerpelijk te vinden, is genoegzaam bekend. We weten wie de goedmensen zijn, we weten aan welke kant we moeten staan in welke oorlog dan ook, we weten waaruit solidariteit geacht wordt te bestaan. Hoe fijn is het daarom om eens al die dingen te lezen die je eigenlijk niet mag zeggen, niet mag denken, niet mag vinden. En Shriver voert het naar mijn gevoelen niet eens ironiserend op – al valt daar misschien ook wel wat op af te dingen. Maar ook dat komt later.

Want eerst.

Ja, waar was ik ookalweer. Oja. Gloria Bonaventura dus. Een activiste. Op een wat verbeten, en niet geheel oprecht overkomende manier. Als al die activisten zijn misschien. Het is niet bijzonder ver gezocht te denken dat Gloria’s activisme een reactie is op het rechtse denken van haar man; zoals de boodschap van de gemiddelde a12-bezetter eerst en vooral is Wij Zijn Beter Dan Zij. En dus neigt haar goedheidssyndroom soms tot in het bizarre (wil je daar iets mee zeggen, Shriver?). Als de burgemeester van New York zijn stadgenoten er op een dag toe oproept om een vluchteling in huis te nemen, aarzelt Gloria dan ook geen seconde. Zussen Vanessa en Palermo steunen hun moeder hier van harte in. Eerstgenoemde is misschien de enige in deze roman die vanuit haar ziel lijkt te spreken. Zij heeft de hele wereld lief, ze wil iedereen redden, ze ziet alleen maar het goede in elke mens. Je kunt van haar als lezer ook geen typetje maken, al lijkt ze ook nergens volledig van vlees en bloed te worden: iemand die zo lief is, heeft niet geleefd. Palermo daarentegen lijkt eerder het NIMBY-type. Iemand die het uit principe goedkeurt om minderheden bij te staan, en dat in dit geval ook makkelijk kan: ze woont niet meer thuis en ondervindt dan ook niet de nadelen van Gloria’s keuze. Niet op de manier van Nico.

Hij is al enige fel tegen het besluit van zijn moeder. Eerst en vooral omdat de vluchteling zijn ruimte in gaat nemen. Hij woont al een tijdje in het souterrain van hun New Yorkse miljoenenpand en moet daar nu uit – terug in zijn oude kinder-/jongenskamer omdat het souterrain vanaf heden het terrein is van de Hondurese Martine.

Die in alles wordt gekenschetst als het stereotype van de Midden-Amerikaanse vrouw. Vanaf dag één laat ze zich zien als vrolijk, extravert, gedienstig, warmbloedig, temperamentvol, sexy – al gelooft Nico van ganser harte dat ze vooral uit berekening in deze rol kruipt. Gloria, Vanessa en Palermo zijn weg van haar. Nico heeft zijn bedenkingen. Bedenkingen die niet minder worden als op enig moment Domingo opduikt. Zogezegd Martines broer, al hebben die twee voor broer en zus wel een aardig intieme verhouding. Domingo is in alles Martines tegendeel. Hij is een lompe, zwijgzame, sexistische, arrogante profiteur. Hij meent recht te hebben op alles wat de Bonaventura’s te bieden hebben. En hij gaat ook niet meer weg uit hun huis.

In het kielzog van “broer” Domingo komt Alonso, een “zakenpartner” van Domingo. Omdat hij spraakzamer en socialer is dan Domingo, en ruimbaan geeft aan een zeker cynisme mag Nico hem in eerste instantie wel – zeer in tegenstelling tot zijn moeder voor wie Alonso niet goed aansluit op haar zelfverkozen wokeïaanse aard. Enige hekken geraken echter pas echt van evenzovele dammen wanneer een verrassingsfeestje voor Gloria’s 63ste verjaardag ontaard in een Midden-Amerikaanse fiesta. Martine had Nico en zijn zussen op het hart gedrukt om Gloria zo lang mogelijk buitenshuis te houden opdat zij alle voorbereidingen voor het feest zou kunnen treffen maar wanneer de vier dan eindelijk thuis komen, treffen ze het huis aan in een complete ravage. Er weerklinkt slechts de vreselijke Punta-muziek die Nico juist verboden had, er wordt gedronken, geschreeuwd, vernield, gelachen en gedanst – maar niet door de genodigde vrienden van Gloria. Die staan angstig in een hoekje te kijken naar een stel gewelddadige, van kop tot teen getatoeëerde, volslagen ongemanierde Midden-Amerikanen die vanuit het niets opgedoken zijn. En ook zij weigeren het huis te verlaten. Sterker nog: wanneer Gloria na een paar dagen met deze overduidelijk criminele elementen geleefd te hebben (Nico en zijn moeder samengedromd in een verre kamer op het eerste verdiep terwijl de nieuwaangekomenen de rest van het huis hebben overgenomen, inklusief moeders auto, creditkaart en keuken, alsmede Nico’s laptop) er eindelijk toe bereid is de politie in te schakelen, blijkt dat het recht hier niets kan uitrichten. De mannen hebben zich immer niet wederrechtelijk toegang verschaft tot het huis. Op de dag dat de politie komt, zitten ze in hun beste pak en met een boek in hun hand aan de keukentafel. En Alonso heeft vervalste huurovereenkomsten voor ze geregeld. Ze weten niet waar Gloria het over heeft, ze zijn doodeerlijke huurders, ze hebben geen kwaad in de zin, ze veroorzaken geen overlast.

Het is niet moeilijk maatschappelijke parallellen te trekken. En daar wordt het zelfs mij een beetje suspect. Het huis van de Bonaventura’s als het land, om het even welk land, dat “overgenomen” wordt door “nieuwkomers”, om het even van welke signatuur. De politie in de rol van een te zwak rechtssysteem dat als het ware misbruik uitnodigt. Palermo als gemakzuchtige NIMBY, en Gloria als verblinde deuger die zo graag goed wil doen dan ze niet eens kan inzien welke kwalijke gevolgen haar goedwillendheid eventueel zou kunnen hebben. De Midden-Amerikanen, vol minachting en kwade intenties. Zelfs Nico, als hoofdfiguur is net iets te voordehandliggend getekend: de werkeloze luiaard die vanaf de zijlijn commentaar heeft op alles wat hij in feite zelf is. Het is dan ook veelzeggend dat in één van de weinige rechtstreekste confrontaties tussen Martine en hem, hij eigenlijk de zwakste argumenten in handen heeft. “’[G]oede landen’ [zijn] [..] het cumulatieve gevolg [..] van jarenlange ijver, sociale samenwerking en innovatie, terwijl ‘slechte landen’ het resultaat [zijn] van tirannie, gebrek aan sociale orde en corruptie, en het vormgeven van een aantrekkelijke plek om te wonen [heeft] intergenerationeel gezien daarom bijzonder weinig te maken [..] met geluk. Dus probe[ren] Martine en haar soortgenoten munt te slaan uit de verworvenheden van een beschaving die niet door hun voorouders [is] opgebouwd; hun poging om een kortere afslag naar welvaart te nemen [is] in feite een vorm van bedrog, bietsen of diefstal.” Is dat niet een al te simplistisch zoethoudertje om niet tegen de status quo in opstand te hoeven komen? Zelfs als dit waar is (en dat staat nog te bezien, wat is immers de kip, wat is het ei; komen tirannie en corruptie niet veeleer voort uit ellende, zijn sommige landen door hun ligging, bodem, klimaat, gebrek aan vruchtbare omstandigheden niet bij voorbaat al in het nadeel?), dan kun je je altijd nog afvragen wat voor gevolgen dit dan op individueel niveau heeft. Moet je maar passief blijven liggen in het bedje dat voorgaande generaties voor jou gespreid hebben? Is elke poging om te kijken of het gras elders allicht een tintje groener kunnen zijn, almeteens een vorm van bietsen? Hoeveel aandeel heeft het individu in de corruptie dan wel de verworvenheden van de beschaving waarin zij toevallig ook maar geworpen zijn? Is dit in een bewuste poging van Shriver om Nico lulkoek in de schoenen te schuiven, met het oog op wat volgen gaat? Nico draagt immers ook bitter weinig bij aan de “verworvenheden” van zijn samenleving, niet die van zijn land (hij heeft immers geen baan), en ook niet die van het huis waarin hij woont (want hij voert geen klap uit). Het lijkt erop dat Shriver gaandeweg het boek steeds meer voor een veilig geen rechts en geen links kiest (maar “recht door zee”,  zoals dat ene mens ooit zei, hoe heet ze ookalweer).

Hoe zwabber het boek ook in politiek of literair opzicht is, het houdt de lezer in de ban. Met doorzichtige technieken misschien. Maar de lezer leest.

De lezer leest tot het eind.

Actie, actie, en dan drama. Jaja. We weten het wel.

En dan het eind. Het godvergeten slappe eind. Het teleurstellende eind. Ik bleef lezen en lezen en lezen en lezen, bijna vierhonderd pagina’s lang in een boek dat ik eigenlijk helemaal niet wilde lezen om tot zo een afzichtelijk, slap, nietszeggend einde te komen.

Want alle ellende met de Midden-Amerikanen en het vreselijke dat het alles tot het gevolg heeft, is niet genoeg. Gloria heeft ook nog een keuze gemaakt die Nico’s hele leven op zijn kop zet. Die echter, alle enen opgeteld, voor Nico toch een positief gevolg zal hebben.

Dat is dus dat einde.

Shriver sleept je door heel dat boek heen.
Met al die hollywoodiaanse truukjes. Dit boek leest als een thriller, of zei ik dat al. Je ziet het allemaal voor je. Met al die typische typetjes: Gloria als verbeten activiste, Palermo als de NIMBY, Nico als de rechtse bal die boos is op alles wat hij zelf in essentie is, de Midden-Amerikanen die getatoeëerd en wel overduidelijk als agressief, ongemanierd en mogelijkerwijs crimineel moeten verschijnen, Nico’s vader en zijn vrienden als pre-Trump elementen (dit werd in de Biden-era geschreven); je ziet het allemaal voor je, je ziet het allemaal zo duidelijk voor je, dit kon een veel ween, of een serie op netniks, je ziet het wel; en ze betrekt jou, de lezer erbij, misschien voel je even wat de verhaalfiguren voelen, en dan komt dat slappe einde, dat laffe, gevaarloze einde, dat geen wit zoekt en geen zwart, zo’n laf compromisje inzet waarmee iedereen maar gelukkig moet zijn, wat in essentie zijn we allemaal gelukzoekers, jaja, dat is waar maar ik dacht toch ergens anders heen te gaan.

Niet om iets te lezen waar ik me in politiek opzicht achter zou kunnen scharen. Nee. Ik vind dat iedereen overal mag wonen, dat elk mens mag zoeken naar welk hoekje het dan ook is in deze wereld dat hem of haar het gelukkigst maakt. Martine zocht haar geluk en Nico vond het zijne. Het zal allemaal wel. Maar op het laatst staat hij daar en hij ziet de man die aanleiding heeft gegeven tot zijn moeders dood (oeps nou heb ik het verraden), hij ziet de vrouw die door een laatste opwelling van zijn moeder het huis heeft gekregen dat hij de langste tijd als het zijne heeft beschouwd en hij behoudt zijn flegma? Weinig geloofwaardig gezien het voorgaande, en een verrotte anticlimax voor de lezer bovendien.

Het doet mij afvragen voor wie dit boek is.

In politiek opzicht zal elke linksgeoriënteerde lezer zich alleen maar ergeren aan de beschouwingen van Nico, aan de iets te scherp gesneden archetypen als het om de Midden-Amerikaanse personages gaat, aan de tendentieuze toon die het grootste gedeelte van het boek uitmaakt. Wie wat rechtser van aard is en hoopt eindelijk eens wat te lezen dat meer in overeenstemming is met zijn eigen gedacht, zal zich verraden voelen door het slappe einde dat zonder gêne hengelt naar een middenpositie: geen vis, geen vlees, geen hier, geen daar, iedereen een beetje dit en een beetje dat, we zijn allemaal mensen, we zoeken allemaal naar iets, iedereen heeft wel iets waar een ander beter van kan worden, etcetera.

Wie het los van alles ziet, leest gewoon een spannend en meeslepend boek. Wat sex, wat humor, wat opwinding, wat ontroering. Voor mij een schuldig pleziertje. Voor heel veel andere mensen gewoon alles wat een boek nodig heeft.

Lionel Shriver Gelukszoekers

Gelukszoekers

  • Auteur: Lionel Shriver (Verenigde Staten)
  • Soort boek: Amerikaanse roman
  • Origineel: A Better Life (2026)
  • Nederlandse vertaling: Karina van Santen, Marian van der Ster
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 5 maart 2026
  • Omvang: 320 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 24,99 / € 14,99
  • Roman bestellen >

Flaptekst nieuwe Lionel Schriver roman

Scherpe satire over het thema migratie van de auteur van Waanzin.

Brooklyn, ca. 2022. Een welgestelde, gescheiden New Yorkse vrouw, moeder van drie volwassen kinderen, besluit om een vluchteling uit Honduras in huis te nemen. De lieve, behulpzame, bloedmooie Martine betrekt het souterrain en maakt zichzelf algauw onmisbaar. Maar de oudste zoon Nico, tevens de verteller (overigens een thuiswonende, werkloze twintiger met zijn eigen opvattingen over ‘de vluchtelingencrisis’), heeft zijn twijfels over Martines afkomst. Die alleen maar groter worden wanneer een vreemde, ietwat norse man bij Martine intrekt, gevolgd door nog een paar landgenoten. Het statige huis in de chique buurt wordt al snel te klein; moeder en zoon komen lijnrecht tegenover elkaar te staan. Een complicerende factor: Nico’s gevoelens voor Martine.

Lionel Shriver is geboren op 18 mei 1957 in Gastonia, North Carolina, Verenigde Staten. Ze schreef onder andere de internationale bestseller We moeten het over Kevin hebben, bekroond met de Orange Prize en in 2012 succesvol verfilmd. Eerder verschenen ook de romans De weg van de meeste weerstand, Tot de dood ons scheidt en de essaybundel Tegendraads. In 2024 verscheen de roman Waanzin.

Bijpassende boeken

Gabriel Yoran – Waarom je nieuwe mixer kapot gaat en die van je oma het nog steeds doet

Gabriel Yoran Waarom je nieuwe mixer kapot gaat en die van je oma het nog steeds doet recensie, review en informatie boek over de verrotzooiing van de wereld. Op 5 maart 2026 verschijnt bij Uitgeverij Atlas Contact de Nederlandse vertaling het boek van Gabriel Yoran, de Duitse schrijver en ondernemer. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Waarom je nieuwe mixer kapot gaat en die van je oma het nog steeds doet recensies

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Waarom je nieuwe mixer kapot gaat en die van je oma het nog steeds doet, Over de verrotzooiing van de wereld, geschreven door Gabriel Yoran dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

  • De eerste stap naar minder rommel in de wereld is daarom het lezen van Gabriel Yorans fantastische boek. Het is zo goed dat het eigenlijk niet eens zou moeten bestaan.” (Bernhard Heckler, Süddeutsche Zeitung)
  • Dit essay is allesbehalve onzin. Het is geschreven met geestigheid en elan en dient zelfs als een handboek.” (Paul Jandl, Neue Zürcher Zeitung)

Gabriel Yoran Waarom je nieuwe mixer kapot gaat en die van je oma het nog steeds doet

Waarom je nieuwe mixer kapot gaat en die van je oma het nog steeds doet

Over de verrotzooiing van de wereld

  • Auteur: Gabriel Yoran (Duitsland)
  • Soort boek: over de gevolgen van de consumptiemaatschappij
  • Origineel: Die Verkrempelung der Welt (2025)
  • Nederlandse vertaling: Jan Sietsma
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 5 maart 2026
  • Omvang: 192 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook/ luisterboek
  • Prijs: € 21,99 / € 13,99 / € 13,99
  • Bestelmogelijkheden boek >

Flaptekst boek van Gabriel Yoran over de gevolgen van de wegwerpmaatschappij

Waarom hebben we zoveel rommel? Een kritische blik op de hedendaagse consumptiemaatschappij.

Waarom gaat je gloednieuwe mixer kapot maar doet die ouderwetse van je oma het nog steeds? Dat heeft alles te maken met wat Gabriel Yoran ‘verrotzooiing’ noemt. Hij duikt in de wereld van inductieplaten, doucheslangen, volautomatische koffiemachines en onderzoekt waarom spullen steeds sneller kapotgaan of überhaupt nooit werken. Hoe komt dit en waarom zijn we dat eigenlijk normaal gaan vinden? Met humor, scherpte en een flinke dosis inzicht legt Yoran in deze bestseller de vinger op de zere plek van onze consumptiemaatschappij. Geen eenvoudige oplossingen, wel een helder en verrassend betoog dat je anders naar je spullen laat kijken.

Gabriel Yoran is geboren in 1978 ondernemer en auteur. Hij promoveerde in speculatief realisme aan de European Graduate School. Hij is medeoprichter van diverse bedrijven en schrijft voor publicaties zoals MerkurZeit Online en taz.

Bijpassende boeken

Truus Duisterwinkel – De man die verdween in de Waddenzee

Truus Duisterwinkel De man die verdween in de Waddenzee recensie en informatie over de inhoud van het boek met de geschiedenis van een verdwijning. Op 27 augustus 2026 verschijnt bij uitgeverij Atlas Contact het boek van Truus Duisterwinkel over een verdwijning in de Waddenzee. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de schrijfster en over de uitgave.

Truus Duisterwinkel De man die verdween in de Waddenzee recensies en reviews

Zodra  er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnen van het boek De man die verdween in de Waddenzee, Een poldergeschiedenis, geschreven door Truus Duisterwinkel, dan besteden we er hier aandacht aan.

Truus Duisterwinkel De man die verdween in de Waddenzee

De man die verdween in de Waddenzee

Een poldergeschiedenis

  • Auteur: Truus Duisterwinkel (Nederland)
  • Soort boek: literaire non-fictie
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 27 augustus 2026
  • Omvang: 224 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 22,99
  • Bestelmogelijkheden boek >

Flaptekst van het boek van Truus Duisterwinkel

Een oude vermissing blijkt het begin van een intrigerend polderverhaal. 60 jaar na dato leiden nieuwe sporen van een verdwenen slikarbeider – en stuit op een verrassende geschiedenis. Achter de dijk van de Westpolder verdween in de jaren zestig een man in de Waddenzee. De 39-jarige Friese slikwerker Willem van der Ploeg was met zijn collega’s aan het werk op de bodem van het Groninger Wad. Van het slik maakten zij nieuw land. Totdat zij plots overvallen werden door mist en vloed. Van Willem is nooit meer iets vernomen.

Polderbewoner Truus Duisterwinkel kent de roemruchte geschiedenis van het gebied, maar over de vermissing van Willem hoort zij niets. Boeren en bestuurders kregen boeken en monumenten, maar over de mannen die met gevaar voor eigen leven het kustlandschap vormgaven, is amper iets bekend. Wie was Willem? En wat weet de politie eigenlijk over zijn verdwijning? Bieden nieuwe opsporingstechnieken alsnog duidelijkheid? Met een indrukwekkende vastberadenheid speurt Duisterwinkel ruim zestig jaar na dato naar snippers informatie over Willem en de plek waar hij verdween. Zo laat ze zien welke onvertelde verhalen er schuilgaan achter de geschiedenis van een polder.

Truus Duisterwinkel groeide op aan het Groninger Wad, vlak bij de plek waar Willem van der Ploeg ooit verdween. Tot 2010 was ze journalist bij onder meer de Leeuwarder Courant. Ze werkt tegenwoordig bij de recherche. De man die verdween in de Waddenzee zal verschijnen in augustus 2026.

Bijpassende boeken

Rachid Benzine – De boekhandelaar van Gaza

Rachid Benzine De boekhandelaar van Gaza recensie en informatie roman van de Marokkaans-Franse schrijver. Op 19 februari 2026 verschijnt bij Uitgeverij Atlas Contact de Nederlandse vertaling van L’homme qui lisait des livres, de roman van Rachid Benzine. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Rachid Benzine De boekhandelaar van Gaza recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van De boekhandelaar van Gaza, geschreven door Rachid Benzine, dan besteden we er op deze pagina aandacht.

Rachid Benzine De boekhandelaar van Gaza

De boekhandelaar van Gaza

  • Auteur: Rachid Benzine (Marokko)
  • Soort boek: roman over Gaza
  • Origineel: L’homme qui lisait des livres (2025)
  • Nederlandse vertaling: Ursula Teijink
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 19 februari 2026
  • Omvang: 144 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek / ebook
  • Prijs: € 19,99 / € 13,99
  • Bestelmogelijkheden roman >

Flaptekst van de Gaza roman van Rachid Benzine

Aangrijpende Franse roman over het leven en leed van een gewone Palestijnse boekenhandelaar in Gaza, verrijkt met verhalen en lessen uit zijn lievelingsromans

Een jonge Franse fotograaf reist af naar Gaza-Stad om een reportage te maken. Hij raakt in gesprek met een boekhandelaar op leeftijd en in ruil voor toestemming om hem te fotograferen luistert hij naar diens levensverhaal: een verhaal van ballingschap, vlucht, ontheemding, politiek activisme, vaderschap en van het onmetelijke leed dat daaruit kan ontstaan. Een persoonlijke geschiedenis die onlosmakelijk verbonden is met het collectieve leed van de Palestijnen vanaf de stichting van de staat Israël in 1948 tot en met de oorlog in Gaza nu. De boekhandelaar vertelt hem ook over zijn lievelingsromans, en over de verbindende kracht van het geschreven woord. Boeken vormen de rode draad in het levensverhaal van de oude man, en een onuitputtelijke bron van medemenselijkheid en troost.

Rachid Benzine is geboren 5 januari 1971 in Kénitra, Marokko. Hij is een is een Frans-Marokkaanse schrijver, islamgeleerde, politicoloog en docent. Eerder verschenen zijn boeken De Koran uitgelegd, Wat staat er nu eigenlijk in de Koran en Nour, waarom zag ik het niet aankomen?  

Bijpassende boeken en informatie

Jaap Seidell – Grenzen aan de gulzigheid

Jaap Seidell Grenzen aan de gulzigheid recensie, review en informatie boek over gezond eten in een ziek systeem. Op 19 februari 2026 verschijnt bij Uitgeverij Atlas Contact het boek van Jaap Seidell, emeritus hoogleraar Voeding en Gezondheid aan de Vrije Universiteit Amsterdam over het gulzige systeem van voedselproducenten. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Jaap Seidell Grenzen aan de gulzigheid  recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Grenzen aan de gulzigheid, Gezond eten in een ziek systeem, geschreven door Jaap Seidell, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Jaap Seidell Grenzen aan de gulzigheid

Grenzen aan de gulzigheid

Gezond eten in een ziek systeem

  • Auteur: Jaap Seidell (Nederland)
  • Soort boek: gezondheidsboek
  • Uitgever: Atlas Contact
  • Verschijnt: 19 februari 2026
  • Omvang: 192 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 22,99 / € 14,99
  • Bestelmogelijkheden boek >

Flaptekst van het nieuwe boek van Jaap Seidell

Waarom lijden we steeds vaker aan welvaartsziekten? Niet per se door onze eigen keuzes, zegt obesitasprofessor Jaap Seidell, maar door het gulzige systeem van voedselproducenten.

We willen allemaal gezond(er) leven. Maar in het huidige voedselsysteem wordt het ons niet makkelijk gemaakt. De ongezonde producten schreeuwen ons toe vanaf de schappen en in reclames. Op stations en in winkelstraten word je verleid tot de aankoop van snacks. Reden voor het Voedingscentrum om zelfs een campagne tegen ‘eetdrammen’ te beginnen. Mensen met een lage sociaaleconomische status worden bovendien nog zwaarder getroffen door deze ‘obesogene omgeving’, doordat gezond eten vaak duurder is en moeilijker te verkrijgen. Dit leidt tot obesitas, diabetes en andere chronische welvaartsziektes.

Voedselprofessor Jaap Seidell werd er soms bijna moedeloos van: als hij de minister adviseerde, zaten na zijn afspraak de lobbyisten van Big Agro en voedselfabrikanten al te wachten. Bijná moedeloos, want Seidell is een optimistisch mens. In Grenzen aan de gulzigheid toont hij hoe een gezondere en duurzamere voedselomgeving mogelijk is.

Jaap Seidell is geboren in 1957 in Weert, limburg. Hij is emeritus hoogleraar Voeding en Gezondheid aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Als deskundige op dit gebied adviseert hij verschillende nationale en internationale wetenschappelijke organisaties, waaronder de World Health Organisation. Hij is lid van de KNAW. Samen met Jutka Halberstadt schreef hij ‘Tegenwicht’ (2011), ‘Het voedsellabyrint’ (2014) en ‘Jongleren met voeding’ (2018). Ze publiceren regelmatig in onder meer ‘Het Parool’ over voeding, gedrag en gezondheid. In 2021 verscheen hun  boek, ‘Andere kost‘.

Bijpassende boeken