Tag archieven: boekrecensie

Tina N. Martin – Het appelmeisje

Tina N. Martin Het appelmeisje recensie, review en informatie over de inhoud van de nieuwe Zweedse thriller. Op 7 januari 2025 verschijnt bij A.W. Bruna Uitgevers het eerste deel in een nieuwe reeks thrillers van de Zweedse schrijfster Tina N. Martin die zich in het noorden van Zweden afspelen. Hier lees je informatie over de inhoud van de thriller, de schrijfster en over de uitgave.

Tina N. Martin Het appelmeisje recensie

Het appelmeisje is het thrillerdebuut van de Zweedse schrijfster Tina N. Martin. En de liefhebber van de betere Scandinavische thriller zal na lezing ook deze keer niet teleurgesteld zijn. Het is niet te merken dat dit een eersteling is.

De thriller speelt zich af in en rond de Noord-Zweedse stad Boden. Maar alhoewel Boden in 1919 stadsrechten heeft de stad zelf slechts zo’n 16,500 inwoners en de gelijknamige gemeente iets meer dan 28.000 inwoners. Van een wereldstad kun je hier niet spreken. Maar door de ligging in het noorden van Zweden, niet ver van de Oostzee waarmee de verbonden is door de mondig van de rivier de Luleälven wel een prachtige locatie om een thriller in te situeren.

Rechercheur Idun Lund moet een moord oplossen die op brute en gruwelijke wijze is gepleegd en dat doet ze samen met Calle Brandt die misschien wel het prototype is van hoe wij de Noord-Scandinaviërs zien, gesloten, naar binnen gekeerd en nogal alleen. Zo op het eerste gezicht clichés die je bij Scandithrillers vaak tegenkomt en dat klopt ook wel. Maar Tina N. Martin weet er toch mee weg te komen. Ze weet de spanning op prima wijze op te bouwen en zorgt ervoor dat je als leze het boek moeilijk kunt wegleggen.

Kortom de liefhebber van de betere Zweedse thriller stelt ze zeker niet teleur en voor niet wachten kan, gelukkig ligt het tweede deel in de reeks De dondermaker sinds september ook in de boekhandel. Gewaardeerd met ∗∗∗∗ (uitstekend).

Tina N. Martin Het appelmeisje

Het appelmeisje

Idun Lind thriller deel 1

  • Auteur: Tina N. Martin (Zweden)
  • Soort boek: Zweedse thriller, Scandithriller
  • Origineel: Befriaren (2022)
  • Nederlandse vertaling: Nannie De Graaff
  • Uitgever: A.W. Bruna
  • Verschijnt: 7 januari 2025
  • Omvang: 432 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook / luisterboek
  • Prijs: € 22,99 / € 12,99 /
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol

Flaptekst van de eerste thriller van Tina N. Martin

Een reeks bijbelcitaten
Een duister geheim
Een brute moord

De eerste zaak voor rechercheur Idun Lind. Een macabere misdaad doet de Noord-Zweedse stad Boden op haar grondvesten schudden. Een docente die geen vijanden lijkt te hebben, wordt vermoord aangetroffen door haar man. De dader etaleerde haar lichaam op brute wijze: ze hangt aan een plafondhaak.

Rechercheur Idun Lind wordt op de gruwelijke zaak gezet. Ze worden geconfronteerd met een reeks anonieme bijbelcitaten die een duistere geschiedenis blootleggen. Samen met haar eenzame partner Calle Brandt duikt Idun diep in de schokkende zaak. Maar dan belandt Idun zelf in het vizier van de moordenaar.

Bijpassende boeken

Erik van Ommen & Wilma Brinkhof – Wadwachters

Erik van Ommen & Wilma Brinkhof Wadwachters recensie en informatie boek over tekenen van vogels, het getij en droogvallen op het wad. Op 10 december 2025 verschijnt bij Uitgeverij Noordboek het nieuwe boek natuur- en vogeltekenaar Erik van Ommen, geschreven door Wilma Brinkhof. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de tekenaar, schrijfster en over de uitgave.

Erik van Ommen & Wilma Brinkhof Wadwachters recensies en informatie

Als er in de media een boekbespreking of recensie verschijnt van Wadwachters, het nieuwe boek van Erik van Ommen en Wilma Brinkhof, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Recensie van de redactie

Vooral de tekeningen van Erik van Ommen die zoals altijd zeer trefzeker en mooi gestileerd zijn geven dit boek extra kwaliteit. De teksten zijn aardig op te lezen en bieden inzicht in wat het betekent om te verblijven in een huis op palen op Richel, de zandplaat in de Waddenzee.

Voor liefhebbers van het Wad en met name zij die gecharmeerd zijn van het werk van Erik van Ommen is het boek een echte verrijking. En bovendien heeft Uitgeverij Noordboek gezorgd voor een mooi en verzorgd boek. De redactie waardeert het boek met ∗∗∗∗∗ (zeer goed).

Erik van Ommen & Wilma Brinkhof Wadwachters

Wadwachters

Over tekenen van vogels, het getij en droogvallen op het wad

  • Tekeningen: Erik van Ommen (Nederland)
  • Auteur: Wilma Brinkhof (Nederland)
  • Soort boek: natuurboek, waddenboek
  • Uitgever: Noordboek
  • Verschijnt: 10 december 2024
  • Omvang: 80 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek
  • Prijs: € 24,90
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (zeer goed)
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol

Flaptekst van Wadwachters het boek over Richel in de Waddenzee

Voor het derde jaar op rij verblijven de auteurs op de onbewoonde zandplaat Richel in de Waddenzee. Tijdens hoogwater zijn ze volledig omringd door water en zeehonden waardoor ze hun tijdelijke huis niet kunnen verlaten. Bij laagwater daarentegen valt hun onderkomen droog op het wad en kunnen ze hun huis uit en genieten van talloze voedselzoekende vogels. Dan ontvangen de Wadwachters ook bezoekers van droogvallende zeilboten. Met enthousiasme delen ze hun ervaringen over het leven op deze schitterende plek en vertellen ze over de rijke dierenwereld en de noodzaak tot bescherming van de Waddenzee en haar bewoners.

Tijdens hun verblijf leggen Erik en Wilma ook hun belevenissen op het eiland vast. Erik brengt vogels en landschappen tot leven met sfeervolle aquarellen, houtsnedes en treffende penseelschetsen. Wilma schrijft een inspirerende tekst die, samen met de prachtige illustraties, het boeiende verhaal vertelt van de Wadwachters.

Bijpassende boeken en informatie

Phillipa Ashley – Een perfecte kerst in Cornwall

Phillipa Ashley Een perfecte kerst in Cornwall recensie en informatie feelgood kerstroman. Op 24 oktober 2024 verschijnt bij Uitgeverij Heartbeat de Nederlandse vertaling van A Perfect Cornish Christmas, de kerstroman over Cornwall van de uit Engeland afkomstige schrijfster Phillipa Ashley. Hier lees je informatie over de inhoud van de roman, de schrijfster en de uitgave. Bovendien is hier ook de recensie en waardering te vinden.

Phillipa Ashley Een perfecte kerst in Cornwall recensie

Wat een bijzondere kerst moet worden, loopt uit op een ramp. Zonder het te willen, onthullen Scarlett en haar zus Ellie een groot familiegeheim. Het zet alles op zijn kop. Zo erg dat het gezin het jaar erna er niet in slaagt weer balans te vinden. De kerst van dit jaar dreigt ook een treurige bedoening te worden.

De zusjes vinden enige afleiding bij mannen in het kleine stadje Porthmellow. Ze zijn in het leegstaande familiehuis getrokken om tot zichzelf te komen en raken betrokken bij het leven van de gemeenschap. Dat verloopt echter niet zonder slag of stoot. Er blijken nog wat meer geheimen verborgen te liggen…

Het dorpje Porthmellow leent zich perfect voor een knus en warm kerstverhaal. De toon wordt direct gezet, als Scarlett als verzopen kat op haar pantoffels in de plaatselijke pub boven komt. Wat is er gebeurd? Wat heeft haar zo van streek gemaakt? Gaandeweg wordt dat duidelijk. Maar dan nog blijven er genoeg vragen om op te lossen. De genegenheid tussen de zussen is hartverwarmend. Af en toe neigt de oudste zus een tikje teveel naar zich weg te cijferen, wat een beetje irritant kan worden. Zo nu en dan mist het verhaal wat pit en vaart. Maar het leest overwegend lekker weg. Mede dankzij het gemeenschapsgevoel dat erg naar voren komt.

Als je op zoek bent naar een lekker leesbaar kerstverhaal dat zich afspeelt in een knusse omgeving, is Een perfecte kerst in Cornwall absoluut de moeite van het lezen waard. Scarlett en Ellie zijn leuke vrouwen met wie je makkelijk mee leeft. Perfect verhaal om te lezen met wat kerstverlichting om je heen, terwijl het buiten koud en guur is! De kerstroman is gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (zeer goed).

Recensie van Jolien Dalenberg

Phillipa Ashley Een perfecte kerst in Cornwall

Een perfecte kerst in Cornwall

  • Auteur: Phillipa Ashley (Engeland)
  • Soort boek: kerstroman
  • Origineel: A Perfect Cornish Christmas (2019)
  • Nederlandse vertaling: Kyra Mind
  • Uitgever: Heartbeat
  • Verschijnt: 24 oktober 2024
  • Omvang: 362 pagina’s
  • Uitgave: ebook / luisterboek
  • Prijs: € 3,99 / € 9,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (zeer goed)
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol

Flaptekst van de kerstroman over Cornwall van Philippa Ashley

Kruip lekker onder de wol met deze hartverwarmende kerstromance en ontsnap naar het schitterende Cornwall

De kerstdagen staan voor de deur, maar omdat Scarlett afgelopen Kerstmis een schokkend familiegeheim ontdekte, voelt Scarlett zich niet bepaald vrolijk en opgewekt. Het enige wat ze voor kerst wil, is erachter komen wie haar echte vader is.

Dus vertrekt Scarlett naar het kleine stadje Porthmellow in Cornwall, want ze vermoedt dat daar de waarheid over haar verleden verborgen ligt. Ze had er alleen niet op gerekend dat ze meegesleurd zou worden in de voorbereidingen voor de plaatselijke kerstfestiviteiten. Of dat ze Jude daar zou ontmoeten, wiens charme haar leven nog ingewikkelder dreigt te maken.

Dan komt alles tot een hoogtepunt op het kerstfestival van Porthmellow. Kan Scarlett dit jaar een perfecte kerst beleven of liggen er nog meer verrassingen in het verschiet?

Bijpassende boeken en informatie

Yoko Tawada – De bruidegom was een hond

Yoko Tawada De bruidegom was een hond recensie en informatie over de inhoud van de novelle uit Japan. Op 28 november 2024 verschijnt bij Uitgeverij Koppernik de Nederlandse vertaling van 犬婿入り/ Inu mukoiri  het boek van de Japanse schrijfster Yoko Tawada. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de schrijfster, de vertaler en over de uitgave.

Yoko Tawada De bruidegom was een hond recensie van Tim Donker

Ook deze dingen kunnen je dag maken. Nog altijd zijn er dingen die je dag kunnen maken.

Het kan een kort en mals regenbuitje zijn, kletterend op je kop aan het begin van de lente. Het kan iets zijn dat nog nooit gegeten hebt en waarvan je de smaak niet helemaal thuis kunt brengen. Het kan een klein en mooi gesprekje zijn met iemand die je eigenlijk nauwelijks kent. Het kan het pianoloopje zijn in Comet # 9 van Helium. Het kan een kieteling zijn of een binnenpretje of iets leuks dat je je plotseling weer herinnert. Een droomflard, een kat die op je schouder gaat zitten, een perfect gepocheerd ei. Of: een uiterst merkwaardige novelle.

Zo merkwaardig als dit bijvoorbeeld: in een wat slaperig stadje geeft Mitsuko Kitamura bijles. Of naja, bijles. Kinderen komen naar haar huis, en Mitsuko zegt dan dingen. Ze geeft ongepaste tips, bijvoorbeeld. Dat je een papieren zakdoekje het beste drie keer gebruikt, de derde keer als weeseepapier. Of ze vertelt rare, en een beetje viezige sprookjes. Over een prinses met een heel lui kindermeisje; zo lui dat ze te beroerd is om de billetjes van de prinses af te kuisen en die dan maar steeds laat schoon likken door een hond waardoor de prinses zich op latere leeftijd genoodzaakt voelt te trouwen met de hond. Als kinderen thuis vertellen over de bijlessen, brengt dat geregeld wat geroddel teweeg. Nooit ernstig, er is altijd wel iemand die de “lesstof” van Mitsuko weet te relativeren, en niemand haalt ooit zijn kind uit haar klasje.

Dan, een dag, die man. Misschien had u het achterplat al gelezen. De man loopt Mitsuko’s achtertuin in, stelt een totaal willekeurig aandoende vraag (“Heeft u mijn telegram nog ontvangen?”), tilt Mitsuko op, ontdoet haar van haar korte broek, en wat zich dan ontspint kan het best omschreven worden met “verkrachting” want al dekt die term de lading niet geheel – van wederzijdse sex is evenmin echt sprake. Als de man zich bevredigd voelt, laat hij Mitsuko buiten achter, ruimt binnen wat op en kookt een maaltijd voor haar.

Sja. Dan zou je verschillende dingen kunnen doen. Je zou HELP kunnen schreeuwen. Of de politie bellen. Of zo’n vent buiten smijten. Weetikveel. Wat zou jij doen? Wat zou ik doen? Wat dondert het, wat Mitsuko doet is in ieder geval niet veel. Aan tafel gaan, en eten, en welaan het leven gaat verder met de ene dag aan de andere te rijgen. De man, die zich Taro noemt, meteen toegevend dat dat een slecht verzonnen schuilnaam is, blijft in het huisje van Mitsuko. Wonen, of logeren, geef het een naam. Wat alvast niet waar is, is wat het achterplat zegt. Ze beginnen verdorie helemaal geen “intense romantische en seksuele relatie”. De man, die iets dierlijks heeft, neemt veelal eenzijdig het initiatief tot sex, en of Mitsuko er nou heel veel lol aan beleeft, is maar zeer de vraag. Ze laat het eerder wat gelaten met zich gebeuren, is wat ik zou zeggen. En romanties? Hum. Hoeveel gevoelens koestert Mitsuko eigenlijk voor “Taro”? Vooral ergernis, toch? Taro is midden in de nacht wakker, dan is het ook wanneer hij “zijn” sex wil, ligt de rest van de dag te suffen, waardoor Mitsuko uit haar normale leefritme wordt geslagen. Nu nog niet zo’n enorme ramp, het is zomervakantie, maar als straks het klasje weer begint moet ze wel uitgeslapen kunnen zijn. Of omwonenden en de moeders van haar bijleskinderen geen aanstoot zullen nemen aan de aanwezigheid van Taro, is een andere angst.

Hum. Ja. Of die aanstoot genomen wordt? Wel, het is alvast niet waar wat het achterplat zegt. En ja dat zei ik eerder ook al, maar ik heb echtwaar zelden zo’n inaccuraat achterplat gelezen. Er is niet meteen “grote ergernis”, en als die er is ook niet bij “haar vrienden” maar eerder, dus, bij die moeders van de bijleskinderen die ook al voor er een halve weerwolf bij Mitsuko was ingetrokken, heersten op het roddelsirkwie (dat is ergens een sirkwie, ga anders zelf kijken). En het zijn ook niet “sommigen” die hun vermoedens hebben over de werkelijke identiteit van Taro, het is maar één moeder die hem uiteindelijk identificeert als Iinuma, de verdwenen / vermiste echtgenoot van Ryoko. Erg hartstochtelijk heeft Ryoko nooit naar hem gezocht, want eerst was Iinuma een timide, schuchtere, angstige sufbubbel maar na door een koppel honden aangevallen en gebeten te zijn, werd hij dierlijk en onberekenbaar. In geen geval een man die ze bijzonder hard miste.

Wel. Vanaf daar wordt het alleen maar maffer. Het is bijna ongelooflijk hoeveel mafheid Tawada in krap zeventig pagina’s proppen weet. Ryoko komt zelf naar Mitsuko toe om zich ervan te vergewissen of Taro werkelijk Iinuma is, een scene die Mitsuko’s kennismaking met Taro spiegelt: weer is er de vraag of het telegram ontvangen is, weer is er het optillen, geen sex deze keer, en geen hereniging van de echtelieden – Ryoko gaat weer, geluidloos, en Taro / Iinuma blijft bij Mitsuko achter. Er is een door de andere kinderen als “raar” bestempeld meisje in Mitsuko’s bijlesklas waarover Mitsuko meer en meer gaat moederen. Er is een vermoeden dat Iinuma / Taro een homosexuele verhouding heeft met de vader van dat “rare” meisje. Het zou kunnen zijn dat gamehal een eufemisme is voor homobar. Er is een treinreis van twee mannen. Er zijn mensen die overwegen daarover de politie te informeren. En er is een novelle die ineens afgelopen is.

Wat haalde ik uit dat alles? Geen meesterwerk. Ook geen pracht over het ondraaglijke. En zeker geen Kafka, hou die verdomde Kafka eens een keer in je kast man, kunnen jullie nou nooit eens iets beters verzinnen dan Kafka om mee te komen aankakken? Ook niet echt iets over anders zijn en je niet willen aanpassen aan conventies. Al zit dat hele deadpoetsociety-achtige “onconventionele leraar”-sfeertje er natuurlijk wel door de hele novelle heen verweven. Glinsterende vreemdheid dan misschien, ik ga akkoord met glinsterende vreemdheid.

Suffe buurten en bizarre gebeurtenissen, en hoe goed zij wel of niet rijmen met elkaar.
Een koortsdroom als je in slaap valt in het gras op een warme zomernamiddag.
Iets dat je even doortintelt, en achteraf kun je niet goed zeggen wat het was.

Dat is wat het was voor mij. Een uiterst merkwaardige novelle, die je gelezen hebt voor je het goed wel beseft, en dan iets kleins in je achterlaat, het kriebelt daar een beetje, je kunt het niet benoemen en je moet het misschien maar ook niet benoemen want het heeft je dag gemaakt en dat is al meer dan genoeg als de dagen grauw en grijs zijn, en de kou al bijna tot in je botten dreigde te kruipen.

Yoko Tawada De bruidegom was een hond

De bruidegom was een hond

  • Auteur: Yoko Tawada (Japan)
  • Soort boek: Japanse roman
  • Origineel: 犬婿入り/ Inu mukoiri (1993)
  • Nederlandse vertaling: Luc Van Haute
  • Uitgever: Koppenik
  • Verschijnt: 28 november 2024
  • Omvang: 60 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek
  • Prijs: € 18,50
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van het boek van de Japanse schrijfster Yoko Tawada

Een onderwijzeres vertelt haar leerlingen een fabel over een prinses die belooft met een hond te trouwen in ruil voor bepaalde gunsten. Het verhaal krijgt een vreemde wending wanneer in het echte leven een vreemde hondachtige man bij de lerares intrekt. Hij neemt het huishouden over, verleidt haar en ze beginnen een intense romantische en seksuele relatie. Dit tot grote ergernis van haar vrienden, van wie sommigen vermoedens hebben over de identiteit en motieven van de man.

De bruidegom was een hond is een ontwapenende en onvergetelijke moderne klassieker over anders zijn en je niet willen aanpassen aan conventies.

Yoko Tawada werd 23 maart 1960 geboren in Tokio en verhuisen op haar tweeëntwintigste naar Hamburg en in 2006 naar Berlijn. Ze schrijft in zowel het Japans als het Duits en heeft in beide talen verhalen, romans, gedichten toneelstukken en essays gepubliceerd.

Bijpassende boeken en informatie

 

Joost Oomen – Het paradijs van slapen

Joost Oomen Het paradijs van slapen recensie en informatie over de inhoud van de roman van de Nederlandse schrijver. Op 28 november 2024 verschijnt bij Uitgeverij Querido de nieuwe roman van de Nederlandse schrijver Joost Oomen. Hier lees je informatie over de inhoud van de roman, de schrijver en over de uitgave.

Joost Oomen Het paradijs van slapen recensie van Tim Donker

Dan Joost Oomen. En dan het achterplat.

Om te beginnen met dat laatste: dit boek zou over euthanasie gaan. Het zou die Gerrit zijn, die “een rijk en mooi leven” achter de rug heeft, het nu wel als voltooid kan zien, en eruit wil voor de pijn, het lijden, de aftakeling hem gaan vinden. En het zou Theo Engel zijn die hem daar bij zou kunnen helpen misschien. “Een ode aan de schoonheid”, alsmede “een pleidooi voor euthanasie bij een voltooid leven”. Zei dus dat achterplat. En dat is goed, dacht ik. Dat is mooi, dacht ik. Daar heeft die Oomen een goed onderwerp bij het nekvel, dacht ik. Dacht ik allemaal.

Het leven is een gift. Een gift waar niemand om gevraagd heeft. Zomaar word je ineens dit bestaan in gesleurd. En dan is er al dat moeten, al die plichten, al dat gedoe waarin je helemaal geen zin hebt maar zich toch elke dag weer aandient. Omdat je de gift gekregen hebt. Ja. Mooie gift zeg. Heb je het bonnetje nog? En uiteindelijk wordt het je ook gewoon weer heel leuk ontnomen, waarschijnlijk net als je een beetje op je gemak begint te geraken (stel ik mij zo voor). Wat ik niet snap is waarom dat allemaal zo per se tachtig, negentig, misschien wel honderd jaar moet duren. Hoe mensen zelf altijd maar vast blijven houden, of in ieder geval denken dat te doen. Dat zit hem in droge januari, in dat maniakale rennen in belachelijke kledij, in de sportschool, in 0%-bier (als je zo nodig “gezond” denkt te moeten doen, kun je ook gewoon water drinken weet je), in de idee dat je lichaam je “tempel” is, alsof jij iets anders bent dan je lichaam, alsof je maar “toevallig” in dat lichaam woont ofzo en het verplicht bent aan de rechtmatige eigenaar (God?) om het zo lang mogelijk mee te laten gaan. En anders zijn de anderen er wel om ons te verbieden ziek te worden of dood te gaan. Symptomaties is zeker ook de verkrampte houding ten opzichte van euthanasie. Het “mag” ja, zo waar, maar dan moet het lijden wel uitzichtloos zijn, pijn ondraaglijk, verbetering niet meer te verwachten.

Dus dan is het goed. Dan is het goed als zo’n Oomen de diskussie op punt gaat zetten door een figuur op te voeren die niet lijdt, en zeker niet uitzichtloos, maar gewoon klaar is met het leven. Van mij had het zelfs nog scherper gemogen. Gerrit Blauw is een al wat oudere man, en zijn leven was goed en fijn en leuk en mooi, ik had het nog beter gevonden als die Oomen was afgekomen met een vent van vijftig met een kutleven. Of. Naja. Geen depressies ofzo, geen somberte, nee geen psychiatrisch geval, gewoon een man en zijn aldagsleven, gevuld met net iets te veel moeten, net iets te veel werk, net iets te veel verplichtingen, net iets te veel saaiheid, en net iets te weinig liefde, en dan op je vijftigste geen noodzaak zien om dat nog dertig of veertig jaar te laten voortduren. Maar voor nu neem ik genoegen met Gerrit Blauw en die euthanasiearts met zijn wat te vet aangezette achternaam. Voor nu ga ik lezen.

Kom ik na een ultrakort proloogje waarin inderdaad sprake is van een euthanasiearts terecht in wat me op het eerste gezicht aandoet als zo’n typisch Oomenboek. Gerrit Blauw is jong in de jaren zestig. Net scholier af, staat op het punt te beginnen met een studie rechten aan de universiteit in Groningen. Maar nu is de zomer nog heet in het Sneek waar hij geboren werd. Er is Douwe, zijn beste vriend. En er is Saartje, het meisje waarop hij straalverliefd is maar dat uiteindelijk een relatie zal krijgen met Douwe. Gedrieën leven ze dat typische jongerenleven op het kale kamertje dat Saartje huurt bij een hospita. De kachel, de muziek, de gesprekken, de dingen die gebeuren. Ik zal het u niet alles ganzelijk uitkauwen want u las dit al talloos vele malen eerder. Bij al die schrijvers die het daadwerkelijk in de zestiger jaren beleefden, opschreven en publikeerden maar ook in al die tijdperken daarna (want de zestiger jaren dienen voor een groot deel louter als achtergrond). Het komt naar Oomens hand te staan doordat de personages zo totaal oomenesk innemend, charmant en schattig zijn, en in de zomwijlen nogal vervelende metaforiek. Blauws gevoel voor Saartje wordt getypeerd als: “hoogst verliefd als een kleine ree of een kommetje yoghurt of een veldboeket”, en dat slaat natuurlijk als een lul op een drumstel, dat is alleen maar gezocht om de gezochtheid. Waarom een kleine ree, waarom een veldboeket? En dan dat kommetje yoghurt. Dat snotweke, doordeweekse, truttige, zure goedje – hoe heeft het in godsnaam met verliefdheid te maken? Maar dan denk ik natuurlijk te beperkt, ik moet me waarschijnlijk voorstellen op welke manier een kommetje yoghurt verliefd zou zijn. Naja, het zit om te beginnen al in een kommetje, niet eens in een teil waarin het nog een beetje kan klotsen en spetten en zich anderszins wild gedragen, en daarnaast is het snotweek en doordeweeks en truttig en zuur dus van zijn gevoelsleven stel ik me ook niet bijster veel voor. Maar het is Oomen en omdat het Oomen is vergeef ik het hem, pseudopoëties willen doen is immers zijn twede natuur, en bezijden, dat “een grijze man die een beetje op een boos potlood lijkt”, eindsweegs verderop, slaat evenmin ergens op maar dat bracht dan weer een hele brede grijns op mijn gezicht. Dus. Welaan. Ik lees voort.

Het eerste deel is uit, ik ben op eenderde, met euthanasie heeft het vooralsnog erg weinig van doen.

In het twede deel volgen we Theo Engel. De euthanasiearts ja. Dus daar gaat het. Engel blijkt een vermoeide, licht verbitterde veertiger. Wat is er van zijn arbeidzame leven geworden? “Elke maand meerdere mensen omleggen heeft weinig met beter maken te maken”, stelt hij cynisch vast, en ook dat vond ik grappig, daar moest ik zelfs eventjes om lachen, niet heel hard maar toch hard genoeg om mijn dochter, mijn moje lieve grappige negenjarige dochter, te laten opkijken en vragen Wat is er zo grappig pappa? Verdermeer een niet bijster aimabele man, die Engel, hij jat dingen van de patiënten voor wie hij het levenseinde verzorgt en als de nabestaanden maar blijven vragen waar de spullen zijn, geeft hij ze desnoods terug door ze dwars doorheen hun ruit te keilen (dat vond ik niet echt Oomen meer, dat vond ik meer iets voor iemand als Brusselmans). De ellende die hij tegenkomt, de droefnis. De allerduisterste zijden van de gift. Maar van enig kontakt tussen hem en Gerrit Blauw is nog altijd geen sprake.

Want eerst krijgen we nog een derde deel. Met Gerrit Blauw als volwassen man. Zijn studie rechten blijkt hij zeer voortijdig afgebroken te hebben, hij werd theatermaker, natuurlijk in Amsterdam, ik krijg wat van die stad. Maar vanwege de liefde voor vroeger tijden, trekt hij in dit deel weer noordwaarts, naar waar zijn wortels lagen, en noordelijker nog, naar waar de wortels lagen van zijn geadoreerde Saartje. Terschelling. Het Oerolfestival. Omdat Saartje ooit eens iets vertelde over een giraf op het strand, bedacht Blauw voor Oerol een theaterstuk met een giraf erin, een heusche giraf, hij heeft er voor de pers en voor de subsidiënten een politiekcorrect verhaal omheen geluld maar het is eigenlijk puur effectbejag, die giraf, een ode aan de Saartje die hij doorheen al die jaren nooit vergeten is. Daar zijn ze, theatermakers en festivalbezoekers, op de boot naar Terschelling als langszij komt de vrachtboot met de giraf erin, iedereen kijken, het water, de giraf, de boot, de wind, oké, die is ook weer aardig vet maar dat beeld, de giraf die op zijn vrachtboot de passagiersboot van de kijkers (het camerastandpunt, ha!) passeert, zit stevig in mijn kop om daar vermoedelijk de komende jaren nog wel te blijven. Op Terschelling dan gedoe met die giraf, weerzien met Saartje, gemekker met het festival, wat maakt het uit, we zijn op tweederde en Gerrit Blauw en Theo Engel hebben elkaar nog altijd niet ontmoet.

Dat komt pas in het laatste deel. Dat doet een beetje afgeraffeld aan. Als een schoolopstel, en de leerling komt er te laat achter dat zijn werk nog niet aan de opdracht voldoet, breit er dan nog maar wat aan vast opdat hij geen onvoldoende zal krijgen (gesproken daarvan: waarom moet het achterplat vermelden dat Oomen voor dit boek zijn vader interviewde? waarom moet hij toch altijd dat imago opgeplakt krijgen van een dromerige, onbeholpen schooljongen? die man is nu toch ook al ver in de dertig?). Het is jammer. We zijn weer wat decennia verder in de tijdlijn, Blauw ontmoet Engel, doet hem kondt van zijn leven (dat leven dat de lezer zojuist vernomen heeft), laat hem weten dat voor hem wel genoeg is zo, en dat hij er een eind aan wil, ook zonder pijn, ook zonder ondraaglijke somberte, ook zonder uitzichtloos lijden. Engel twijfelt, oppert bezwaren, maar doet het uiteindelijk toch.

Wel. Ja. Helaas. Een “pleidooi voor euthanasie bij een voltooid leven” kan ik dit niet noemen, en ook niet echt een “ode aan de schoonheid”. Blauws grote oog voor schoonheid is werd aan haren getrokken om er nog bij te kunnen zijn, en is sowieso licht flauwig. Ja je hoeft je kop maar uit het raam te steken om iets moois te zien, je hoeft je kop maar weer uit dat raam terug te trekken om weer iets moois te zien. En ja, de moje dingen hebben jou niet nodig om gezien te worden – maar is dat echt een sterk argument voor een doodswens? Een goed ding is dat die Blauw volgens mij helemaal niet zo’n “rijk en mooi leven” achter de rug heeft. Douwe was al heel lang dood en met Saartje is het nooit tot een echte relatie gekomen, en dat waren dan de twee allerbelangrijkste mensen uit zijn leven. Hij had bijzonder moje jaren als scholier, en als beginnende student. Toegegeven. Maar is niet iedereen het gelukkigst tussen pakweg zijn zeventiende en pakweg zijn twintigste? Als theatermaker vierde hij wat successen, en je kunt je afvragen of het vieren van successen een leven rijk of mooi maakt. Wat er na Oerol gebeurde laat Oomen over aan de lezer, wel deze lezer maakt er in zijn reconstructie geen noemenswaard fantasties leven van, iets als gemiddeld, met tijden die mooi waren en tijden die gewoon tijden waren. Daarom is het des te jammer dat de gesprekken van Theo Engel en Gerrit Blauw zo weinig ruimte krijgen. De vraag wanneer een leven ten einde “mag” zijn, is zeer relevant. Maar wordt er hier in minder dan twintig pagina’s doorheen gejast, twintig pagina’s die eigenlijk vooral aandacht voor details hebben. Waarom niet meer aandacht gegeven aan Engels twijfels? Wat is moreel handelen? Hoe ethisch is euthanasie, hoe ethisch is hulp bij zelfdoding? Waar eindigt euthanasie en waar begint hulp bij zelfdoding? Hoe lang moet een leven geduurd hebben om voltooid te mogen heten? Wat is lijden, wat is uitzichtloos, wat is ondraaglijk? Hoe hard zijn zulke grenzen te stellen, en wie stelt die dan? Het leven is een gift, wat moet je ermee als je na enkele decennia denkt te weten dat je die gift helemaal niet hebben wil? Wat als je dood wil maar niks voor zelfmoord voelt, omdat je graag zo pijnloos en zo waardig mogelijk wil gaan? Wat betekent het om arts te zijn? Moet je er altijd op uit zijn om iemand te “redden”, en betekent dit redden altijd de levensduur rekken? Vallen er wel harde wetten te maken rondom euthanasie? Het paradijs van slapen laat veel liggen. Het had bespiegelingen kunnen bevatten. Filosofie. Overpeinzingen. Het is er niet, het is er nauwelijks. Waarom zijn er zoveel pagina’s gebruikt voor Blauws voorgeschiedenis terwijl die, gezien wat volgens het achterplat het thema zou zijn, nauwelijks ter zake doet? Ik kan niet helpen te denken aan Gerrit Blauw zelve, en de plek van de giraf in zijn theaterstuk. Die was alleen maar om zijn Saartje naar Oerol te lokken. Maar om het uit te kunnen voeren, moest Blauw er een sausje overheen gieten dat pers en geldverstrekkers zou aanspreken.

Zoiets.

Het paradijs van slapen is een typische Joost Oomen-roman. Maar om het meer te laten zijn dan een typische Joost Oomen-roman is de euthanasie-thematiek er maar zo’n beetje doorheen geweven.

Wat niet meteen slecht is. Als ge zien kondet: het roept wel vragen en overpeinzingen op. Al is het dan voor het grootste gedeelte een vrij gemiddelde roman over, laten we zeggen onvermogen en onmogelijke liefde, in handen van Joost Oomen wordt het gemiddelde altijd net iets meer. Wat je eraan overhoudt? Onbeantwoorde vragen. En enkele beelden die je misschien nooit meer vergeet.

Joost Oomen Het paradijs van slapen

Het paradijs van slapen

  • Auteur: Joost Oomen (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse roman
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt 28 november 2024
  • Omvang: 256 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 22,99 / € 12,99
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de nieuwe roman van Joost Oomen

Een man is oud. Hij schreef, maakte theater, leefde een leven in dienst van kunst en poëzie. Nu kijkt hij terug op dat leven, niet uit weemoed, maar om zijn huisarts ervan te overtuigen dat ‘het boeltje voltooid is’. Dat je na een leven vol schoonheid en liefde het recht hebt er een punt achter te zetten, juist wanneer het geloof in die twee verdwijnt.

Zijn steeds ouder en zieker wordende plattelandspatiënten maken grote indruk op de huisarts. Wat kun je voor ze betekenen? En hoe zorg je dat je eigen hart niet steeds stiller wordt?

Het paradijs van slapenis een roman over de liefde en de dood. Over Friesland, Terschelling, kunst en euthanasie. Een boek over de in sterk vergrijzend Nederland steeds actuelere vraag wanneer iemand dood mag en welke rol schoonheid daarin speelt.

Joost Oomen is geboren 18 november 1990 in De Bilt. Hij is schrijver, dichter en theatermaker. Zijn debuutroman Het Perenlied werd genomineerd voor de Anton Wachterprijs. In verscheen zijn boek Visjes (∗∗∗∗)met reisverhalen van het Italiaanse eiland Salina. Hij speelde op Oerol en Lowlands en in vrijwel elk theater van Nederland, hij schrijft columns voor de noordelijke dagbladen en is regelmatig te gast bij radio en televisie. Lievegedicht, zijn vorig jaar verschenen dichtbundel, beleefde herdruk na herdruk, voor poëzie ongekend. Zijn vader is arts bij het Expertisecentrum Euthanasie. Oomen interviewde hem daarover voor De Groene Amsterdammer. Het inspireerde het voor zijn roman Het paradijs van slapen.

Bijpassende boeken en informatie

Karel F. Gildemacher – Taal van het Friese landschap

Karel F. Gildemacher Taal van het Friese landschap recensie en informatie boek over Friesland. Op 20 november 2024 verschijnt bij Uitgeverij Noordboek het boek over het landschap van Friesland, geschreven door Karel F. Gildemacher. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en de uitgave.

Karel F. Gildemacher Taal van het Friese landschap recensie en informatie

Taal van het Friese landschap is echt zo’n boek voor de liefhebber. Auteur Kerel F. Gildemacher moet bijna wel bezeten zijn van Friesland om aan zo’n monnikenwerk, het boek is vuistdik en bevat 560 pagina’s, te beginnen. Het kan niet anders dan dat er vele jaren werk aan vooraf zijn gegaan. Jaren van uitzoeken, begrijpen, bevatten en verklaren.

Dit is geen boek dat je van begin tot eind in een keer uitleest. Het eerder een encyclopedisch werk dat uitputtend verhaalt over de taal die gebruikt werd om het landschap in Friesland te benoemen in al haar verscheidenheid. Een boek om in te bladeren en een beetje in te verdwalen. Bedoeld voor de liefhebber van taal en Friesland. En als je tot die groep behoort is dit boek niet te versmaden en zal je zeker niet teleurstellen. Het boek is gewaardeerd met ∗∗∗∗ (uitstekend).

Karel F. Gildemacher Taal van het Friese landschap

Taal van het Friese landschap

  • Auteur: Karel F. Gildemacher (Nederland)
  • Soort boek: boek over Friesland
  • Uitgever: Noordboek
  • Verschijnt: 20 november 2024
  • Omvang: 560 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek
  • Prijs: € 34,90
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol

Flaptekst van het boek over Friesland

Het Friese landschap is een boeiend geheel van gevarieerde gebieden. Het merengebied, de kleistreken van Westergo en Oostergo, de woudstreken, het Waddengebied of Gaasterlân, steeds zijn er veel bijzondere plekken als je erdoorheen rijdt, fietst, vaart of loopt.

Dat landschap is in de afgelopen eeuwen sterk veranderd. Er is veel verdwenen en begrippen die erbij hoorden zijn vergeten. In dit boek is veel van deze vaak vergeten Friese landschapstaal bewaard. Het vertelt over het gebruik en de beleving van het landschap zoals de mensen het vooral in de negentiende en vroeg twintigste eeuw zagen en voelden. Een Friese landschapsbiografie zoals die is vastgelegd in taal.

Karel F. Gildemacher (1946) verzamelde vele jaren uit tal van bronnen woorden, begrippen en namen die iets vertellen over het landschap en de geschiedenis van de mensen in de verschillende streken. Het werd een biografie van het Friese landschap in taal. Eerder (1993) promoveerde hij op historische waternamen en publiceerde onder andere over schipperstaal (2003), Friese plaatsnamen (2007), terpen en terpnamen (2008). In 2015 verscheen Het Friese water, een standaardwerk over de plek en de functie van al dat water in de provincie.

Bijpassende boeken en informatie

Josephine Rombouts – De tien geboden voor vrouwen

Josephine Rombouts De tien geboden voor vrouwen recensie en informatie over de inhoud van het boek over de strijd voor gelijke vrouwenrechten. Op 19 november 2024 verschijnt bij Uitgeverij Querido het nieuwe boek van de Nederlandse schrijfster Josphine Rombouts. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de schrijfster en over de uitgave.

Josephine Rombouts De tien geboden voor vrouwen recensie van Monique van der Hoeven

Ik las al eerder boeken van Josephine Rombouts, zoals het boek Opmerkelijke Vrouwen, dus ik was heel benieuwd naar dit kleine werkje met als titel De 10 geboden voor Vrouwen. Een titel die meteen nieuwsgierig maakt, want welke vrouw zit er nou te wachten op nóg meer moeten, nóg meer de wet voorgeschreven krijgen?

En natuurlijk is dat precies waar het boekje over gaat. De inhoudsopgave bestaat uit deze 10 geboden, met zelfs nog een elfde gebod.

In 11 korte hoofdstukken stelt Josephine ongeschreven regels aan de orde, waar vrouwen nog altijd geacht worden aan te voldoen. Ze doet dat op de pittige en humoristische manier die we van haar kennen. Ze geeft veel actuele voorbeelden van de “geboden”, wat hopelijk veel bewustzijn creëert bij mensen.

Ik denk dat er geen vrouw is die zich niet herkent in deze geboden – of dat een feest van herkenning is (zoals op de achterkant van het boekje wordt verkondigd). Ik blijf het op z’n minst opvallend vinden dat er nog zoveel ongeschreven regels zijn, waar we nog altijd geacht worden aan te voldoen. Maar ja… dan neem ik het 8ste gebod misschien weer niet in acht: Gij zult niet zeuren.

Ik heb genoten van dit werkje – en ja, in dat opzicht was het lezen van dit boekje  zeker een feestje!  Een aanrader – voor vrouwen, én mannen en gewaardeerd met ∗∗∗∗ (uitstekend).

Josephine Rombouts De tien geboden voor vrouwen

De tien geboden voor vrouwen

  • Auteur: Josephine Rombouts (Nederland)
  • Soort boek: feministische non-fictie
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt: 19 november 2024
  • Omvang: 80 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek / ebook
  • Prijs: € 13,99 / € 9,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van het nieuweboek van Josephine Rombouts

Vrouwen stuiten voortdurend op maatschappelijke barrières: dit mag je wel doen, dat mag je juist niet. Alsof voor hen andere regels gelden dan voor mannen. Een rimpel moet bij de vrouw vakkundig worden weggepoetst, maar maakt de man karakteristiek, en verbaal moeten vrouwen niet te veel willen opvallen. Aristoteles zette al de toon toen hij stelde dat vrouwen een gebrek aan temperament hebben en mannen strijdlustiger zijn en dus beter toegerust voor het publieke leven. Een vruchtbare bodem voor eeuwen aan verschillende verwachtingen van en voorschriften voor de seksen.

Josephine Rombouts gaat ‘de tien geboden voor vrouwen’ langs op geestige en opmerkelijke wijze. De tien plus één geboden samen zijn een feest van herkenning voor iedere vrouw en een bron van nieuwe inzichten voor iedere man.

Josephine Rombouts (1971, Den Haag) studeerde kunstgeschiedenis en Nederlands. Vijf jaar woonde ze met haar gezin in de Schotse Hooglanden, waar ze achtereenvolgens huishoudster, personal assistant en manager was op een kasteel. Tegenwoordig schrijft ze boeken en artikelen, onder meer voor NRC, en geeft ze lezingen. Van alle delen van Cliffrock Castle samen werden ruim 125 000 exemplaren verkocht. In 2023 verscheen het boek Opmerkelijke vrouwen.

Bijpassende boeken en informatie

Musih Tedji Xaviere – Deze brieven eindigen in tranen

Musih Tedji Xaviere Deze brieven eindigen in tranen recensie en informatie roman van de in Kameroen geboren schrijfster. Op 15 november 2024 verschijnt bij Uitgeverij Orlando in samenwerking met Oxfam Novib de Nederlandse vertaling van de eerste roman These Letters End in Tears van Musih Tedji Xaviere. Hier lees je informatie over de inhoud van de roman, de schrijfster, de vertaalster en over de uitgave.

Musih Tedji Xaviere Deze brieven eindigen in tranen recensie en informatie

  • “Xavieres debuut schildert een portret van verdriet – in het bijzonder de pijn van het queer-zijn in een niet-tolerante samenleving. Een diep-tragische roman, een getuigenis van onrecht, corruptie en geweld.” (Booklist)
  • “Een intelligent, geraffineerd boek dat niet alleen over seksualiteit, homofobie en traditionele genderrollen gaat, maar ook over de erfenis van het kolonialisme in West-Afrika.” (Kirkus Reviews)

Recensie van Tim Donker

De jaren. De kamers. De boeken. De stapels. En het ineens.

Want ineens ben je een besprekerken, of een professioneel lezer, of welke omschrijving kun je er ook aan geven? Ineens zijn de boekenstapels vanzelf gaan groeien. Ooit groeide alleen wat je zelf plaatste. Toen je antiquariaten afschuimde, selecteerde op wat je kende, wat je dacht te weten, vaak slechts ruwweg, aan de hand van uitgeverijen, perioden, landen, of je liet je leiden door een kaft, een titel, iets dat je ertoe prikkelde een boek op te pakken, in te kijken, hier en daar wat te lezen, en dan ja te zeggen misschien, met boeken in je handen naar de kassa te lopen, weer meer om mee naar huis te nemen, weer meer voor op de stapels. Later raakten antiquariaten uitgedund. Was het geen zekerheid meer dat je in elk stadje maar een fractie groter dan een dorp wel een winkel kon treffen waar twedehands boeken werden verkocht. Toen moest je gerichter zoeken, via websites gespecialiseerd in antiquariatiese boeken, ongezochte vondsten waren er toen niet meer bij, nog later bestelde je je boeken uit Amerika via obskure uitgeverijen, en toen. Toen was je ineens een besprekerken of een professioneel lezer of welke omschrijving er ook aan gegeven kan worden. Toen belandden de boeken als vanzelf op je besprekerstafel. Daar moest je niks meer voor doen. Je kon gewoon maar lezen wat er binnen kwam.

Iemand zei dat de stapels niet op je leken. Dat kan kloppen. Jij bent een mens. De stapels zijn geen mensen. De stapels zijn gewoon maar de stapels, en vaker nog hoger dan menshoog. Maar je moet toegeven dat je houdt van de stapels. Je houdt van ze omdat ze je literaire horizon aanzienlijk hebben verruimd. Ooit dacht je dat boeken moesten zingen. Dat alleen het razen, het kolken, het bulderen telde. Hoe kon er geraasd en gekolkt en gebulderd en gezongen worden? Dat kon alleen maar via taal. Dat is het instrument van een schrijver en het was aan elke schrijver omdat instrument zo scherp mogelijk te stemmen. Elk proza moest poëties zijn, en het liefst op een beetje een duistere manier. Wat vormexperimenten erbij om het af te maken – dat was kunst, kunst was altijd vorm, en alleen maar vorm, en wat kletste die gast die je zo’n beetje van ver of nabij kende en die een uitgeverij had in de stad waar je woonde, wat kletste hij toch enorm uit zijn randdebiele nekharen toen hij zei Die experimenten ken ik nu wel, vertel me liever een goed verhaal! Verhaal psss, psss, wat is nou verhaal, verhalen vertellen doe je in de kroeg, je keek die gast wat meewarig aan en zei toen Die verhalen die ken ik nu wel, vertel het me liever op een opzienbarende manier!

Want er zijn maar twee verhalen: dat van de liefde en dat van de dood. Zei je. Zei je altijd maar. Zei je steeds maar weer opnieuw.

Maar wat nu je huis binnenkomt, lees je, of het experimenteel is of niet, of het poëties is of niet, of het raast en kolkt en buldert of niet. En wat peinst ge? Ja, je schaamt je misschien zelfs het toe te moeten geven (terwijl je schoort met je voeten), maar sjee, wat kan je soms onder de indruk zijn van een mooi verhaal.

Een mooi verhaal. Hoor jou nou toch weer.

En toch.

Neem dit hier Deze brieven eindigen in tranen. Als er één plotgedragen boek is, dan is dit het. Musih Tedji Xaviere zet niet vol in op taal, en evenmin op stijl. Het minieme beetje experiment dat in dit boek gezocht wordt, is dat sommige hoofdstukken verhalend zijn waar andere de vorm hebben van een brief. Van de ene hoofdpersoon aan de andere hoofdpersoon, de lezer zit daar niet tussen, die moet alleen maar aanschouwen. Maar er valt dan ook wel heel veel te zien! Een verhaal dus ja, en van de liefde dan nog, en evenzeer van de dood, al wordt met die toevoeging misschien al teveel verraden.

Bessem en Fatima zijn twee tienermeisjes. Fatima is moslim; Bessem christen. Ze wonen in Kameroen. En ze houden van elkaar. Meer dan dat, ze zijn tot over hun oren verliefd op elkaar. Het is een hartverwarmende, mooie, prachtvolle en soms wat aandoenlijke liefde – voor Bessem is het haar eerste, echte grote liefde. Het is een lieve liefde. Ja. Behalve dan dat liefde tussen twee personen van hetzelfde geslacht verboden is in Kameroen. Tijdens een romanties samenzijn in een homobar, worden de meisjes door de broer van Fatima en zijn vrienden naar buiten gesleurd, ongenadig in elkaar geslagen, en vervolgens aan de politie uitgeleverd. Bessem wordt vrijgekocht maar Fatima blijft in de cel. Later is ze onvindbaar. Dertien jaar lang is ze onvindbaar. Bessem is inmiddels hoofddocent in de economische wetenschappen maar ze is Fatima nooit vergeten. Elke nieuwe liefde die zich aandient, wordt met Fatima vergeleken en moet het onherroepelijk afleggen tegen de grote, intense, zo dramaties afgelopen liefde. Wanneer ze op straat een toenmalige vriendin van Fatima ziet lopen, intensiveert Bessem het zoeken naar Fatima. Het eindigt in een schokkende ontdekking waarin Fatima’s broer -de hypocriete lul is inmiddels wijd en zijn gerespecteerd als imam wil je wel geloven- een weerzinwekkende rol speelt.

Wel. Hier heb je dus. Hier heb je het. Hier heb je een boek dat voornamelijk bezig is een verhaal te vertellen. Is het een goed verhaal? Wel. Het is in ieder geval een verhaal dat naar de strot grijpt. Een verhaal over de haat waar liefde mee te maken kan krijgen. Een verhaal over onverdraagzaamheid, intolerantie, over mensen verbieden te zijn wie ze willen zijn. Peins niet te snel dat zulke verhalen zich altijd elders bevinden. Zo vreselijk als het Bessem en Fatima verging zal het er in, pak m beet, Veghel misschien aan toe gaan. Maar idiote wetten heb je overal, sadistiese politieagenten heb je overal, en homohaat heb je overal (ik ken iemand die bijna gewurgd werd door zijn vader toen hij bekende dat hij op jongens viel). Maar het thema van een liefde waaraan niet toegegeven mag worden is bovenal universeel. Daarmee is wat dit boek vertelt zeker niet exclusief aan Kameroen voorbehouden.

Deze brieven eindigen in tranen is het soort boek waarop ik altijd heb neergekeken: het soort boek dat je voornamelijk blijft lezen omdat je wil weten hoe het afloopt. Dat vond ik altijd zo’n goedkope reden om door te lezen! Dat is waarom mensen soaps kijken. Je kijkt morgen weer omdat je hoopt meer duidelijkheid te krijgen omtrent de dingen die gisteren gebeurden. De stompzinnigste manier om zwakbegaafden geboeid te houden. Maar als het zo verpletterend, zo onthutsend, zo adembenemend gebeurd als in dit debuut van Musih Tedji Xaviere, gooi ik met liefde mijn voormalige principes overboord.

Dit is niet het soort boek dat me nog twintig jaar zal bijblijven, het boek waarnaar ik in mijn stervensuur ga willen teruggrijpen (ik vooronderstel dat grijpen naar boeken sowieso niet iets is dat meteen in je opkomt op enig stervensuur). Maar een mijlpaal niettemin; een boek om mijn opnieuw verruimde literaire horizon af te palen. Ja. Oké. U had gelijk, mijnheer de uitgever, waar u nu ook bent: ook experimentloze boeken die in eerste instansie allenig maar een verhaal willen vertellen, kunnen zeer de moeite waard zijn. Toch, het mooist was dit boek op de momenten dat de taal zich eventjes boven het verhaal uit wilde zingen; als Bessem per brief het woord richt tot haar verdwenen lief Fatima. De dingen die ze dan zegt. “Mijn leven is weer geworden zoals het was voordat ik jou ontmoette alleen weet ik nu precies wat ik mis.” bijvoorbeeld: “Er is geen morgen voor mij, alleen het verleden en dit oneindige wachten.” – om een levensgroot verdriet te comprimeren tot luttele woorden; dat is toch echt de kracht van taal en daar kan nog altijd geen verhaal tegenop. Maar het verhaal dat je erbij krijgt maakt wel dat je je in dit boek begraaft tot de laatste letter gelezen is. En dan eindigt het in tranen. Uw tranen.

Musih Tedji Xaviere Deze brieven eindigen in tranen

Deze brieven eindigen in tranen

  • Auteur: Musih Tedji Xaviere (Kameroen)
  • Soort boek: Kameroense roman
  • Origineel: These Letters End in Tears (2024)
  • Nederlandse vertaling: Lara Visser
  • Uitgever: Uitgeverij Orlando, Oxfam Novib
  • Verschijnt: 15 november 2024
  • Omvang: 256 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Winnaar Pontas Prize
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de roman Musih Tedji Xaviere Deze brieven eindigen in tranen

Ontroerend verhaal over een onmogelijke liefde in Kameroen.

Bessem ziet Fatima voor het eerst op het voetbalveld en het is liefde op het eerste gezicht. Eén speelse knipoog van Fatima en Bessem weet dat haar leven nooit meer hetzelfde zal zijn. In Kameroen, een land waar relaties tussen mensen van hetzelfde geslacht strafbaar zijn, is een gezamenlijke toekomst voor hen uitgesloten. Wanneer Fatima wordt opgepakt bij een politie-inval in de enige homobar in de stad, verdwijnt ze vervolgens spoorloos. Bessem blijft ontredderd achter.

Dertien jaar later is Bessem hoogleraar aan de universiteit. Wanneer ze een oude vriendin tegenkomt – de laatste persoon die Fatima misschien heeft gezien – begint Bessem aan een zoektocht naar haar verloren liefde.

Deze brieven eindigen in tranen is het liefdesverhaal van een christelijk meisje met een rebels hart en een moslimmeisje dat een dubbelleven leidt.

Musih Tedji Xaviere is geboren in Njinikom in Kameroen, en woont nu in Groot-Brittannië. Haar debuutroman, Deze brieven eindigen in tranen, won de Pontas Prize en de JJ Bola Emerging Writers Prize.

Bijpassende boeken en informatie

Caroline Wahl – 22 banen

Caroline Wahl 22 banen recensie en informatie over de inhoud van de Duitse debuutroman. Op 14 november 2024 verschijnt bij Uitgeverij Cossee de Nederlandse vertaling van 22 Bahnen, de eerste roman van de uit Duitsland afkomstige schrijfster Caroline Wahl. Hier lees je informatie over de inhoud van de Duitse roman, de schrijfster, de vertaalster en over de uitgave.

Caroline Wahl 22 banen recensie

  • “Wahl vindt het bijzondere in het alledaagse en het troostende in het pijnlijke. Ontroerend en subtiel.” (Benedict Wells)
  • “Een opwindende nieuwe stem in de Duitse fictie.Wahl zet een scherp beeld neer van het sociale leven in een kleine stad. Van een jonge vrouw en van het gewicht van verantwoordelijkheid die zij al op de drempel van volwassenheid moet dragen.” (New Books in German)

22 banen recensie van onze redactie

Caroline Wahl beschrijft het alledaagse van een vrouw in Duitsland die een  zeer leven lijdt zonder hoogte- en dieptepunten en daarmee worstelt. Het gezin waarin ze leeft met haar moeder en zus is doordrenkt van treurigheid, wat alles er niet beter op maakt. Zwemmen is haar enige passie dat haar helpt om haar leven enigszins dragelijk te houden. En als er een kans om haar leven te ontvluchten, worstelt ze met het nemen van een beslissing.

Alhoewel de roman van triestheid aan elkaar hangt, weet Caroline Wahl er toch een soort van lichtvoetigheid in te brengen. Zeker de subtiele compassie die ze toont voor haar hoofdpersoon is goed gelukt. Dat maakt de roman die door onze redactie gewaardeerd is met ∗∗∗∗∗ (zeer goed) lezenswaardig.

Caroline Wahl 22 banen

22 banen

  • Auteur: Caroline Wahl (Duitsland)
  • Soort boek: Duitse roman
  • Origineel: 22 Bahnen (2023)
  • Nederlandse vertaling: Ymke van der Staay
  • Uitgever: Cossee
  • Verschijnt: 14 november 2024
  • Omvang: 224 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (zeer goed)
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de roman van Caroline Wahl

Tilda is wiskundestudent en haar dagen zijn strikt gepland: studeren, werken achter de kassa van de supermarkt, voor haar zusje Ida zorgen, en op slechte dagen ook voor haar moeder. Met z’n drieën wonen ze in het treurigste huis aan de Fröhlichstraße, in een klein stadje waar Tilda een hekel aan heeft. Haar vrienden wonen al lang in Amsterdam of Berlijn, alleen Tilda is gebleven. Want iemand moet er voor Ida zijn, geld verdienen, de verantwoordelijkheid nemen. Er is geen vader die het vermelden waard is, en haar moeder is alcoholist.

Op een dag begint alles te veranderen: Tilda krijgt het vooruitzicht op een promotie plek in Berlijn, en daarmee op een toekomst die vrijheid belooft. En Viktor verschijnt, de grote broer van Ivan, een vriend van vroeger. Viktor zwemt net als zij elke dag 22 baantjes. Maar als Tilda denkt dat alles misschien toch goedkomt, loopt de situatie thuis volledig uit de hand.

Caroline Wahl is in 1995 geboren in Mainz, Duitsland. Ze studeerde Duitse taal en letterkunde en werkte daarna voor verschillende uitgeverijen. In 2023 verscheen haar debuutroman 22 Bahnen (22 banen). Ook haar nieuwste roman, Windstärke 17 (Windkracht 17), voet na verschijnen meteen de Duitse bestsellerlijsten aan en zal ook in Nederlandse vertaling verschijnen bij Uitgeverij Cossee.

Caroline Wahl Windkracht 17 recensieCaroline Wahl (Duitsland) – Windkracht 17
Duitse roman
Uitgever: Cossee
Verschijnt: 4 september 2025

Bijpassende informatie

Tove Ditlevsen – Vilhelms kamer

Tove Ditlevsen Vilhelms kamer recensie en informatie over de inhoud van de Deense roman. Op 13 november 2024 verschijnt bij uitgeverij Das Mag de Nederlandse vertaling van Vilhelms værelse de laatste roman uit 1975 van de uit Denemarken afkomstige schrijfster Tove Ditlevsen. Hier lees je informatie over de inhoud van de roman, de schrijfster, de vertaler en over de uitgave.

Tove Ditlevsen Vilhelms kamer recensie

  • “Niemand kan zo luchtig over zulke vreselijke ellende schrijven als Tove Ditlevsen.” (Connie Palmen)
  • “Misschien wel de meest spectaculaire herontdekking van de afgelopen jaren.” (Der Spiegel)

Begin jaren tachtig van de vorige eeuw maakte ik kennis met het werk van de Deense schrijfster Tove Ditlevsen. Haar werk verscheen in Duitse vertaling in de sobere pockets die Suhrkamp Verlag op de markt bracht. Als lezer geïnteresseerd in Scandinavische literatuur was je in die jaren aanwezen op  vertaling in Duits want Nederlandse uitgevers hadden op een enkele uitzondering na nauwelijks interesse in.

Dat is inmiddels heel anders geworden. Op de golf van de populaire Scandithrillers is er ook veel meer aandacht gekomen voor literatuur uit Scandinavië. Elke zichzelf serieus nemende uitgeverij brengt jaarlijks één of meerdere boeken uit van auteurs uit Scandinavië. En op die golf wordt er ook meer en meer werk dat jarenlang over het hoofd is gezien in vertaling uitgebracht.

De romans van de Deense schrijfster Tove Ditlevsen zijn hiervan misschien wel het meest duidelijke voorbeeld. Wereldwijd zijn haar boeken inmiddels bestsellers en dat terwijl ze zelf in al op 17 maart 1976 overleed nadat ze voor de vijfde keer een zelfmoordpoging ondernam.

Ditlevesen ging nogal gebukt onder de zwaarte van het leven en daarmee is haar werk dan ook grotendeels doordrenkt. In Vilhelms værelse dat een jaar voor haar dood verscheen doet ze op literaire en indringende wijze verslag van haar zeer moeizame huwelijk met Victor Andreasen.

Het bijzondere van de roman is dat deze bol staat van relationele gruwelijkheden maar dat Ditlevsen hierover bijna lichtvoetig schrijft. Maar ondanks al de ze perikelen blijf je geboeid doorlezen. Vilhelms kamer wordt naast de driedelige Kopenhagen trilogie gezien als haar beste werk en dat is volkomen terecht. De roman is inmiddels vijftig jaar oud maar heeft in die halve eeuw niets aan actualiteit en intensiteit verloren. De roman is gewaardeerd met ∗∗∗∗ (uitstekend).

Vilhelms kamer

  • Auteur: Tove Ditlevsen (Denemarken)
  • Soort boek: Deense roman
  • Origineel: Vilhelms værelse (1975)
  • Nederlandse vertaling: Lammie Post-Oostenbrink
  • Uitgever: Das Mag
  • Verschijnt: 13 november 2024
  • Omvang: 220 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 23,50 / € 12,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol

Flaptekst van de laatste roman van Tove Ditlevsen

Lise en Vilhelm – zij een instabiele kinderboekenauteur, hij een opvliegende krantenman – hebben oprechte strijd en minstens zo oprechte verzoeningen. Maar na twintig jaar van aantrekken en afstoten lijkt hun huwelijk finaal te knappen wanneer Vilhelm daadwerkelijk zijn biezen pakt om er met zijn zoveelste minnares vandoor te gaan en zijn kamer leeg komt te staan.

In Vilhelms kamer ontmaskert Tove Ditlevsen het huwelijk als een loopgravenoorlog waar zelfs de liefde niet kan overwinnen. Wie vernietig je eerst: jezelf of de ander? Het is Ditlevsens meest gewaagde roman en wordt, samen met de Kopenhagen-trilogie gezien als haar meesterwerk.

Tove Ditlevsen (14 december 1917, Kopenhagen – 7 maart 1976, Kopenhagen) werd jarenlang gezien als een schrijver die niet in de literaire kringen van haar tijd paste: ze was een huisvrouw uit de arbeidersklasse, met vier gestrande huwelijken en een sluimerende drugsverslaving, die zichzelf en haar naasten genadeloos gebruikte in haar schrijven. In haar tijd werd ze zowel omarmd als neergesabeld, en tegenwoordig is haar rauwe en springlevende oeuvre wereldwijd herontdekt: haar vermaarde, autobiografische Kopenhagen-trilogie wordt in 36 landen uitgegeven.

Bijpassende boeken en informatie