Categorie archieven: Recensie

Donna Ashcroft – Als het elke dag kerst was

Donna Ashcroft Als het elke dag kerst was recensie en informatie over de inhoud van de feelgood kerstroman. Op 14 oktober 2025 verschijnt bij Uitgeverij Heartbeat de nieuwe Donna Ashcroft kerstroman. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Donna Ashcroft Als het elke dag kerst was recensie ∗∗∗

Meg Scott heeft een voornemen in de Belofteboom gehangen: zij gaat helemaal alleen, zonder haar kibbelende familie, kerst vieren.  Een bijzonder voornemen voor iemand die het hele jaar door een kerstwinkel runt, dol is op glitter en regelmatig in een elfenpak rondloopt. Maar ze is de gemaakte sfeer tussen haar ouders zat. Het hele jaar door heerst er een ijzige spanning, behalve met kerst, dan is alles ineens voor een dag goed.

Ze schrikt zich dan ook kapot als haar familie ineens bij haar op de stoep staat. Ze is te aardig om ze de deur te wijzen. Bovendien,  haar zusje kan er weinig aan doen en ze mist het dat ze zo weinig contact hebben.

En dan is er ook nog de ietwat mysterieuze Tom. Meg ontmoet hem als hij met pech langs de weg staat en helpt hem. Hoewel hij een hartgrondige hekel heeft aan kerst, kan Meg het niet helpen dat ze zich tot hem aangetrokken voelt. Maar ze weet ook: ze zijn te verschillend. Dat gaat nooit werken. Toch…?

Als het elke dag Kerst was heeft alle ingrediënten voor een cosy Christmas verhaal: een knus dorp met kleurrijke personages die veel voor elkaar overhebben, veel glitter, een hoofdpersoon die met elke vezel kerst ademt en een ogenschijnlijk onmogelijke match met een man. Tel daar nog wat (familie)geheimen bij op, die natuurlijk ergens uitkomen, en je bent rond.

Je zou commentaar kunnen geven op het feit dat de reden waarom het clasht tussen Meg en Tom misschien wat ongeloofwaardig zijn. Het maakt Tom ergens wat kleinzerig een daardoor de romance wat minder geloofwaardig. Maar goed, in het geheel kan het boek het hebben.

Liefhebbers van een zoet, sfeervol, licht kabbelend, feelgood kerstverhaal zitten met Als het elke dag Kerst was, helemaal goed. De kerstroman is gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (zeer goed).

Recensie van Jolien Dalenberg

Donna Ashcroft Als het elke dag kerst was

Als het elke dag kerst was

  • Auteur: Donna Ashcroft (Engeland)
  • Soort boek: feelgood kerstroman
  • Nederlandse vertaling: Fanneke Cnossen
  • Uitgever: Heartbeat
  • Verschijnt: 14 oktober 2025
  • Omvang: 228 pagina’s
  • Uitgave: ebook / luisterboek
  • Prijs: € 7,99 / € 9,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (zeer goed)
  • Boek bestellen bij: Boekenwereld / Bol / Libris

Donna Ashcroft Als het elke dag kerst was recensie ∗∗∗

Meg Scott heeft een voornemen in de Belofteboom gehangen: zij gaat helemaal alleen, zonder haar kibbelende familie, kerst vieren.  Een bijzonder voornemen voor iemand die het hele jaar door een kerstwinkel runt, dol is op glitter en regelmatig in een elfenpak rondloopt. Maar ze is de gemaakte sfeer tussen haar ouders zat. Het hele jaar door heerst er een ijzige spanning, behalve met kerst, dan is alles ineens voor een dag goed.

Ze schrikt zich dan ook kapot als haar familie ineens bij haar op de stoep staat. Ze is te aardig om ze de deur te wijzen. Bovendien,  haar zusje kan er weinig aan doen en ze mist het dat ze zo weinig contact hebben.

En dan is er ook nog de ietwat mysterieuze Tom. Meg ontmoet hem als hij met pech langs de weg staat en helpt hem. Hoewel hij een hartgrondige hekel heeft aan kerst, kan Meg het niet helpen dat ze zich tot hem aangetrokken voelt. Maar ze weet ook: ze zijn te verschillend. Dat gaat nooit werken. Toch…?

Als het elke dag Kerst was heeft alle ingrediënten voor een cosy Christmas verhaal: een knus dorp met kleurrijke personages die veel voor elkaar overhebben, veel glitter, een hoofdpersoon die met elke vezel kerst ademt en een ogenschijnlijk onmogelijke match met een man. Tel daar nog wat (familie)geheimen bij op, die natuurlijk ergens uitkomen, en je bent rond.

Je zou commentaar kunnen geven op het feit dat de reden waarom het clasht tussen Meg en Tom misschien wat ongeloofwaardig zijn. Het maakt Tom ergens wat kleinzerig een daardoor de romance wat minder geloofwaardig. Maar goed, in het geheel kan het boek het hebben.

Liefhebbers van een zoet, sfeervol, licht kabbelend, feelgood kerstverhaal zitten met Als het elke dag Kerst was, helemaal goed. De kerstroman is gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (zeer goed).

Recensie van Jolien Dalenberg

Flaptekst van de Donna Ashcroft kerstroman

De sneeuw dwarrelt, het haardvuur knispert, en volgens traditie in Lockton hangt iedereen een belofte in de kerstboom op het dorpsplein – een belofte die ze dit jaar koste wat kost willen waarmaken…

Meg Scott heeft zichzelf beloofd dat haar eerste kerst alleen een succes wordt. Ze runt een kerstwinkel die het hele jaar door geopend is, midden in het kleine Schotse dorp, en ze houdt van alles wat glühwein, glinsterend en feestelijk is. Dus wanneer haar kibbelende familie onaangekondigd op de stoep staat, met chaos en stress in hun kielzog, is Meg vastbesloten haar favoriete tijd van het jaar niet door hen te laten verpesten.

Ondertussen is Tom Riley-Clark – die een hekel heeft aan kerst – naar de Highlands geroepen om een oude vriend te helpen in de Apple Cross Inn. Hij is van plan hard te werken en heeft geen tijd voor kerstkransjes, slingers of het ophangen van beloftes aan bomen. De gedachte aan een leven waarin het élke dag kerst is, is zijn ergste nachtmerrie. Je zult hem dan ook nooit een kerstbal zien kopen.

Tot ieders verbazing begint er iets te bloeien tussen kerstliefhebber Meg en kersthater Tom.

Maar Tom draagt een groot geheim met zich mee, en in een klein dorp als Lockton blijft niets lang verborgen. Zal alles instorten als Meg ontdekt wie hij werkelijk is? Het tweetal staat op het punt op pijnlijke wijze te leren dat sommige beloftes onmogelijk zijn om waar te maken.

Bijpassende boeken

Roelof Schipper – bleke gesp, beige zoom

Roelof Schipper bleke gesp, beige zoom recensie, review en informatie boek en debuut met gedichten. Op 10 oktober 2025 verschijnt bij Uitgeverij Vleugels de dichtbundel van Roelof Schipper. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Roelof Schipper bleke gesp, beige zoom recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van bleke gesp, beige zoom, de dichtbundel van Roelof Schipper, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Recensie van Tim Donkers

Stel: je bent verdwaald in een gedicht. De omgeving zou Antwerpen kunnen zijn, of Stadskanaal, Veendam, Ter Apel. Misschien bevind je je in een hotel, of in een kaffee in een voormalige watertoren. Je hoort flarden van gesprekken. Iets over de prijs van koffie, iemand die afwezig is, een bekende heeft een nieuwe betrekking aan de overkant. Er dringen wat flitsen tot je door. Bleke gezichten, een blauwe jas, je zoon die over het duister van de dijk fietst (beige zoom, bleke gesp). De versplintering is volledig. Een gedicht als een fragmentatiebom.

Dit is de ervaring die deze bundel u bieden kan. Abstracties worden afgewisseld met trivialiteiten, duister met licht. Zijn inderhaast afgebroken zinnen, zijn merkwaardige interpunctie en volledig naar eigen hand gezette grammatica genereren een koortsig ritme, en de soms lichtelijk verontrustende beelden versterken dit alleen maar.

Je weet het niet.
Steeds opnieuw weet je het niet.
En dan weer weet je nog minder.

Holofernes wordt aangeroepen. Wie was dat ookalweer? Waarom lette ik tijdens mijn studie niet op toen die cursus werd gegeven over de bronnen van onze beschaving, de docent die dat gaf mocht ik alleszins, en toch bleef mijn kop maar afdwalen, had Holofernes niet iets te maken met Nabukadnezar of is dat alleen maar een Duitse blackmetalband? In ieder geval overvallen licht nachtmerrie-achtige gevoelens me. Hitte, zweet, piramides, rituelen, een offermes. Ook is er sprake van schrijvers die naar tentenkampen worden gestuurd. Je kan denken aan oorlog, een of andere dystopie of anders maar meteen de apocalyps. Maar er zijn ook de allergewoonste dagdagelijksheden die nog niet het geringste vermoeden van gevaar inhouden. Christine vraagt wanneer je weer aan het werk gaat. Het boek van iemands zoon ligt nog in je auto. Er wordt getuinierd. Onkruid gewied. Je bestelling wordt straks in orde gemaakt.

Een droom over het grootste distributiecentrum van een supermarkt, het natte asfalt, in die droom ben je aan het werk (dromend dat hij moet werken) (dat droom ik ook wel eens, een collega ook, vertelde hij mij). In de eerste twee gedichten duiken herhaaldelijk vrachtvliegtuigen op, dat kan nog alle kanten op – misschien komen eindelijk die spullen die je besteld had of moet er toch gevreesd worden voor oorlogsmaterieel?

Naar de letter genomen is bleke gesp, beige zoom een dichtbundel. Deze 56 pagina’s bevatten vier gedichten: functie en wet; elke zee; brandhout-lege kamer en beige zoom. Maar er ademt een eenheid, een verbinding. Een gevoel dat ik één lang gedicht zit te lezen. Over de wunderschönen monat mai, een schooldag, borrelpraat, weer aan het werk, een apocrief bijbelboek of het einde der tijden. Maar deze ongrijpbaarheid is nu juist wat deze poëzie zo intrigerend maakt.

Met niets te vergelijken, las ik ergens, behalve misschien met Faverij. Hum. Mij deed het juist denken aan de poëzie van F. van Dixhoorn. En ook een beetje aan die van B. Zwaal. En dan de laatste zin van het laatste gedicht: “parken en fonteinen”. Hoe kun je dan niet denken aan Parken en woestijnen? Als kind las ik daar trouwens steevast in: Parkeerwoestijnen, en dan dacht ik aan woestijnen vol geparkeerde auto’s. Bumper aan bumper aan bumper, onder de brandende zon. Die geleidelijk aan, door hitte, wind en zand, transformeerden in wrakken. Een hele woestijn vol autowrakken, ja dat vond ik als kind heel erg mooi.

Schipper stuurt de geest uit wandelen. Naar Egypte, naar de woestijn, naar een haven, de dijk, het distributiecentrum, een tentenkamp. Dromen of nachtmerries of de banaalste dag die je je voor kunt stellen. De ultieme fragmentatie of juist de grootst mogelijke eenheid. Aan al die dingen kun je denken als je bleke gesp, beige zoom leest. Aan Zwaal of Vasalis of Van Dixhoorn (aan Faverij dacht ik nu net weer niet). Of andere namen andere beelden andere dingen andere flitsen.

Het soort poëzie dat tot herlezing uitnodigt. Om bij elke volgende lezing het weer anders te lezen, nieuwe dingen op te merken, door andere gevoelens bevangen te worden.

Het groeit.

Het blijft groeien.

Dat soort poëzie is het. Lees het. Lees het vele malen. Een zeer eigenzinnige uitgave van een zeer eigenzinnige uitgeverij.

Roelof Schipper bleke gesp, beige zoom

bleke gesp, beige zoom

  • Auteur: Roelof Schipper
  • Soort boek: gedichten, poëzie
  • Uitgever: Uitgeverij Vleugels
  • Verschijnt: 10 oktober 2025
  • Omvang: 58 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Prijs: € 23,95
  • Boek bestellen bij: Bol

Recensie van Tim Donkers

Stel: je bent verdwaald in een gedicht. De omgeving zou Antwerpen kunnen zijn, of Stadskanaal, Veendam, Ter Apel. Misschien bevind je je in een hotel, of in een kaffee in een voormalige watertoren. Je hoort flarden van gesprekken. Iets over de prijs van koffie, iemand die afwezig is, een bekende heeft een nieuwe betrekking aan de overkant. Er dringen wat flitsen tot je door. Bleke gezichten, een blauwe jas, je zoon die over het duister van de dijk fietst (beige zoom, bleke gesp). De versplintering is volledig. Een gedicht als een fragmentatiebom.

Dit is de ervaring die deze bundel u bieden kan. Abstracties worden afgewisseld met trivialiteiten, duister met licht. Zijn inderhaast afgebroken zinnen, zijn merkwaardige interpunctie en volledig naar eigen hand gezette grammatica genereren een koortsig ritme, en de soms lichtelijk verontrustende beelden versterken dit alleen maar.

Je weet het niet.
Steeds opnieuw weet je het niet.
En dan weer weet je nog minder.

Holofernes wordt aangeroepen. Wie was dat ookalweer? Waarom lette ik tijdens mijn studie niet op toen die cursus werd gegeven over de bronnen van onze beschaving, de docent die dat gaf mocht ik alleszins, en toch bleef mijn kop maar afdwalen, had Holofernes niet iets te maken met Nabukadnezar of is dat alleen maar een Duitse blackmetalband? In ieder geval overvallen licht nachtmerrie-achtige gevoelens me. Hitte, zweet, piramides, rituelen, een offermes. Ook is er sprake van schrijvers die naar tentenkampen worden gestuurd. Je kan denken aan oorlog, een of andere dystopie of anders maar meteen de apocalyps. Maar er zijn ook de allergewoonste dagdagelijksheden die nog niet het geringste vermoeden van gevaar inhouden. Christine vraagt wanneer je weer aan het werk gaat. Het boek van iemands zoon ligt nog in je auto. Er wordt getuinierd. Onkruid gewied. Je bestelling wordt straks in orde gemaakt.

Een droom over het grootste distributiecentrum van een supermarkt, het natte asfalt, in die droom ben je aan het werk (dromend dat hij moet werken) (dat droom ik ook wel eens, een collega ook, vertelde hij mij). In de eerste twee gedichten duiken herhaaldelijk vrachtvliegtuigen op, dat kan nog alle kanten op – misschien komen eindelijk die spullen die je besteld had of moet er toch gevreesd worden voor oorlogsmaterieel?

Naar de letter genomen is bleke gesp, beige zoom een dichtbundel. Deze 56 pagina’s bevatten vier gedichten: functie en wet; elke zee; brandhout-lege kamer en beige zoom. Maar er ademt een eenheid, een verbinding. Een gevoel dat ik één lang gedicht zit te lezen. Over de wunderschönen monat mai, een schooldag, borrelpraat, weer aan het werk, een apocrief bijbelboek of het einde der tijden. Maar deze ongrijpbaarheid is nu juist wat deze poëzie zo intrigerend maakt.

Met niets te vergelijken, las ik ergens, behalve misschien met Faverij. Hum. Mij deed het juist denken aan de poëzie van F. van Dixhoorn. En ook een beetje aan die van B. Zwaal. En dan de laatste zin van het laatste gedicht: “parken en fonteinen”. Hoe kun je dan niet denken aan Parken en woestijnen? Als kind las ik daar trouwens steevast in: Parkeerwoestijnen, en dan dacht ik aan woestijnen vol geparkeerde auto’s. Bumper aan bumper aan bumper, onder de brandende zon. Die geleidelijk aan, door hitte, wind en zand, transformeerden in wrakken. Een hele woestijn vol autowrakken, ja dat vond ik als kind heel erg mooi.

Schipper stuurt de geest uit wandelen. Naar Egypte, naar de woestijn, naar een haven, de dijk, het distributiecentrum, een tentenkamp. Dromen of nachtmerries of de banaalste dag die je je voor kunt stellen. De ultieme fragmentatie of juist de grootst mogelijke eenheid. Aan al die dingen kun je denken als je bleke gesp, beige zoom leest. Aan Zwaal of Vasalis of Van Dixhoorn (aan Faverij dacht ik nu net weer niet). Of andere namen andere beelden andere dingen andere flitsen.

Het soort poëzie dat tot herlezing uitnodigt. Om bij elke volgende lezing het weer anders te lezen, nieuwe dingen op te merken, door andere gevoelens bevangen te worden.

Het groeit.

Het blijft groeien.

Dat soort poëzie is het. Lees het. Lees het vele malen. Een zeer eigenzinnige uitgave van een zeer eigenzinnige uitgeverij.

Flaptekst van de dichtbundel van Roelof Schipper

Het debuut bleke gesp, beige zoom van Roelof Schipper is een gebeurtenis. Zijn gedichten vragen om herlezing, het liefst hardop, zodat zijn taal in je gaat rondzingen. Bijna als vanzelf verbind je je met het lyrisch ik, zijn manier van waarnemen, en het aftasten van zijn schrijven. De regels met hun aparte interpunctie zijn doordrenkt van het zintuiglijke en het abstracte. Zo word je een wereld in getrokken waar je steeds opnieuw een veranderd zicht krijgt op de mens en zijn zijn. Dit werk is met geen andere poëzie te vergelijken, hooguit met die van Faverey.

Bijpassende boeken en informatie

Duco Hellema – Rode Hulp

Duco Hellema Rode Hulp recensie en informatie nieuwe Bob de Winter thriller die zich in de winter van 1949 in Amsterdam afspeelt. Op 8 oktober 2025 verschijnt bij Uitgeverij Prometheus de nieuwe Koude Oorlog thriller van Duco Hellema. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Duco Hellema Rode Hulp recensie

Als voormalig hoogleraar geschiedenis met als bijzonder aandachtgebied de periode van de Koude Oorlog beschikt Duco Hellema over grote hoeveelheid kennis over de jaren direct na de Tweede Wereldoorlog waar hij zijn reeks Bob de Winter thrillers zich laat afspelen.

Het is de herfst van 1949 wanneer Bob de Winter een telefoontje krijgt uit New York waarin hem wordt meegedeeld dat zijn moeder is overleden. Zij is vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog halsoverkop naar Amerika gegaan samen met haar zoon. Bob is na de oorlog teruggegaan naar Amsterdam en maar zij is daar gebleven. Hij besluit naar New York te reizen om bij haar begrafenis aanwezig te zijn.

In New York ontvangt hij van de Amerikaanse partner van zijn moeder onder andere een koffertje waarin papieren en andere zaken zitten die te maken hebben met haar activiteiten voor De Rode Hulp, een organisatie die Duitse communisten hielp vluchten uit Nazi-Duitsland. Zijdelings heeft Bob de Winter wel iets vernomen van deze activiteiten. Maar veel weet hij er niet vanaf en hij besluit uit te zoeken wat er zich in deze periode heeft afgespeeld met zijn moeder. Als snel komt hij erachter dat echo’s van de gebeurtenissen van toen nog doorklinken in het heden en de speurtocht blijkt niet zonder gevaren.

De politieke verwikkelingen rondom communisten voor en na de oorlog verwerkt Duco Hellema in deze boeiende thriller. Verwacht geen heftige actiethriller. Nee de kwaliteit van dit boek is vooral te vinden in de sfeertekeningen van de periode waarin de effecten van de Koude Oorlog voelbaar worden, maar ook schetst de nog altijd schrijnende en ongelijkwaardige verhoudingen tussen mannen en vrouwen. Kortom waarin Hellema vooral slaagt is op boeiende wijze een tijdbeeld te schetsen van het behoorlijk bekrompen Nederland van kort na de oorlog. Bovendien weet hij de kwaliteit die ook de voorgaande twee thrillers boden goed vast te houden. Gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (uitstekend).

Duco Hellema Rode hulp

Rode Hulp

Bob de Winter thriller 3

  • Auteur: Duco Hellema (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse thriller
  • Uitgever: Prometheus
  • Verschijnt: 8 oktober 2025
  • Omvang: 312 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 23,99 / € 13,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen bij: Boekenwereld / Bol / Libris

Duco Hellema Rode Hulp recensie

Als voormalig hoogleraar geschiedenis met als bijzonder aandachtgebied de periode van de Koude Oorlog beschikt Duco Hellema over grote hoeveelheid kennis over de jaren direct na de Tweede Wereldoorlog waar hij zijn reeks Bob de Winter thrillers zich laat afspelen.

Het is de herfst van 1949 wanneer Bob de Winter een telefoontje krijgt uit New York waarin hem wordt meegedeeld dat zijn moeder is overleden. Zij is vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog halsoverkop naar Amerika gegaan samen met haar zoon. Bob is na de oorlog teruggegaan naar Amsterdam en maar zij is daar gebleven. Hij besluit naar New York te reizen om bij haar begrafenis aanwezig te zijn.

In New York ontvangt hij van de Amerikaanse partner van zijn moeder onder andere een koffertje waarin papieren en andere zaken zitten die te maken hebben met haar activiteiten voor De Rode Hulp, een organisatie die Duitse communisten hielp vluchten uit Nazi-Duitsland. Zijdelings heeft Bob de Winter wel iets vernomen van deze activiteiten. Maar veel weet hij er niet vanaf en hij besluit uit te zoeken wat er zich in deze periode heeft afgespeeld met zijn moeder. Als snel komt hij erachter dat echo’s van de gebeurtenissen van toen nog doorklinken in het heden en de speurtocht blijkt niet zonder gevaren.

De politieke verwikkelingen rondom communisten voor en na de oorlog verwerkt Duco Hellema in deze boeiende thriller. Verwacht geen heftige actiethriller. Nee de kwaliteit van dit boek is vooral te vinden in de sfeertekeningen van de periode waarin de effecten van de Koude Oorlog voelbaar worden, maar ook schetst de nog altijd schrijnende en ongelijkwaardige verhoudingen tussen mannen en vrouwen. Kortom waarin Hellema vooral slaagt is op boeiden wijze een tijdbeeld te schetsen van het behoorlijk bekrompen Nederland van kort na de oorlog. Bovendien weet hij de kwaliteit die ook de voorgaande twee thrillers boden goed vast te houden. Gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (uitstekend).

Flaptekst van de nieuwe Bob de Winter thriller van Duco Hellema

Amsterdam, oktober 1949. De politieke atmosfeer wordt steeds grimmiger. De Koude Oorlog is in alle hevigheid losgebarsten en Nederland is toegetreden tot de NAVO. Met advocaat Bob de Winter gaat het steeds beter. Hij heeft zelfs een tweedehands Morris Minor op de kop getikt.

Maar dan krijgt hij in het holst van de nacht een telefoontje uit New York. Zijn moeder is overleden. In haar nalatenschap zijn aantekeningen gevonden. Over de dood van een Duitse vluchteling, vlak voor de oorlog, toen ze nog in Amsterdam woonde. Een kwestie die haar kennelijk altijd is blijven bezighouden.

De Winter besluit zich in de zaak te verdiepen. Daarbij stuit hij al snel op een mysterieuze organisatie die de Internationale Rode Hulp heette. Een communistische organisatie, zo lijkt het. Ondertussen groeit zijn twijfel. Heeft zijn moeder fouten gemaakt? Is er zelfs een moord gepleegd? Is ze daarom begin 1939 halsoverkop uit Amsterdam vertrokken en naar Amerika uitgeweken?

Duco Hellema is geboren in 1950. Hij is emeritus hoogleraar geschiedenis. Hij publiceerde verscheidene boeken over de Koude Oorlogsperiode. Rode Hulp is zijn derde Bob de Winter-thriller. Eerder verschenen Rendez-vous in Praag (∗∗∗∗∗) en De man in de Amstel (∗∗∗∗∗).

Bijpassende boeken

Özcan Akyol – Mijn moeder, de kleine reus

Özcan Akyol Mijn moeder, de kleine reus recensie en informatie over de inhoud van het nieuwe boek en familiegeschiedenis. Op 8 oktober 2025 verschijnt bij Uitgeverij Prometheus de memoir van Özcan Akyol over zijn familiegeschiedenis. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Özcan Akyol Mijn moeder, de kleine reus recensie

In zijn nieuwe boek beschrijft Özcan Akyol in columns zijn eigen leven, het getroebleerde gezin waar hij uit voortkomt en zijn huidige leven met zijn eigen vrouw en kinderen. Het zijn geen diepgravende filosofische verhalen maar anekdotische schetsen waarin hij reflecteert over zijn afkomst, zijn bepaald niet probleemloze jeugd en hoe dit zich verhoudt tot het succes dat hij tegenwoordig ervaart.

Voor mensen die iets van Özcan Akyol afweten zal de wijze waarop hij terugkijkt op zijn jeugd het geen verrassing zijn. Maar inmiddels toont hij wel veel meer begrip voor zijn moeder die als Turkse vrouw, met alleen lagere school die niet kan lezen opeens naar Nederland verhuist haar man achterna en hier dan in een voor haar volledig exotische omgeving zich staande moet houden, kinderen moet opvoeden en weerbaar moet zijn ten opzichte van een echtgenoot die een onberekenbare alcoholist is.

Akyol slaagt er in het boekje aardig in om een in korte schetsen een beeld te geven van zijn leven toen en nu. Bovendien beschrijft hij ook zijn veranderde kijk op zijn moeder, zeker nu hij zelf ook vader is. Mijn moeder, de kleine reus is een aardig boek geworden, ideaal om het nachtkastje te leggen en een aantal verhalen uit te lezen voor het slapengaan. Gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (zeer goed).

Özcan Akyol Mijn moeder, de kleine reus

Mijn moeder, de kleine reus

  • Auteur: Özcan Akyol (Nederland)
  • Soort boek: familiegeschiedenis, memoir
  • Uitgever: Prometheus
  • Verschijnt: 8 oktober 2025
  • Omvang: 176 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek / ebook
  • Prijs: € 20,00 / € 11,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (zeer goed)
  • Boek bestellen bij: Boekenwereld / Bol / Libris

Flaptekst van het boek van Özcan Akyol met zijn familiegeschiedenis

Er zijn weinig mensen met zulke originele observaties als Özcan Akyol, beter bekend als Eus. Sinds zijn debuutroman uit 2012 heeft hij zich keer op keer bewezen als de rebel van het Nederlandse literaire en culturele landschap, maar wel eentje met het hart op de juiste plaats.

Mijn moeder, de kleine reus is het liefdevolle verhaal van Eus en zijn familie. Alles laat hij langskomen: van alledaags ongemak met een overijverige moeder tot kleine en rake beschrijvingen van het menselijk tekort.

De realiteit beschrijft hij met scherpte en humor. Zijn veelzijdige geest is nooit klaar met vragen stellen en prikkelt de lezer telkens om na te denken. Özcan Akyol is een van de belangrijkste stemmen van Nederland, en zijn unieke kijk op de wereld laat de lezer achter met een glimlach en hernieuwde levenslust.

Özcan Akyol is geboren op 7 april 1984 in Deventer. Hij is schrijver, columnist en maakt programma’s voor radio en televisie en is columnist voor verschillende kranten en tijdschriften. Zijn romans Eus, Toerist en Afslag 23 werden stuk voor stuk bestsellers.

Bijpassende boeken en informatie

Marianne Braun – Wilhelmina Drucker biografie

Marianne Braun Wilhelmina Drucker biografie recensie en informatie boek over een vrouw in de oppositie. Op 7 oktober 2025 verschijnt bij Querido Facto de biografie van Wilhelmina Drucker. Het boek is geschreven door politicologe Marianne Braun. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Marianne Braun Wilhelmina Drucker biografie recensie

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Wilhelmina Drucker, Een vrouw in de oppositie, de biografie geschreven door Marianne Braun, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Recensie van Monique van der Hoeven

Wilhelmina Drucker – een vrouw in de oppositie is een uitgebreide biografie van een van Nederlands eerste feministen en medeoprichtster van de vrouwenbeweging. Een nodige biografie, een belangrijke en waardevolle aanvulling op de bekende geschiedenis, die we nog altijd als “de geschiedenis” leren in het onderwijs. Het werd geschreven door Marianne Braun, ze is politicologe en promoveerde op “De prijs van liefde”, over de eerste feministische golf en het huwelijksrecht. Het boek werd uitgegeven in een mooie hardcover uitgave met leeslint door uitgeverij Querido Facto.

Wilhelmina Drucker is het boegbeeld van een bekende feministische organisatie uit de jaren ’70 die nog maar onlangs weer nieuw leven in is geblazen: De Dolle Mina’s. Veel mensen kennen Wilhelmina Drucker daarvan, maar alleen van naam: een bekende pionierster en feministe uit de Nederlandse geschiedenis, net als Aletta Jacobs. Maar wie was deze vrouw nou eigenlijk? Wat bewoog haar om zich op een zo krachtige manier in te zetten voor het vrouwenkiesrecht en andere vrouwenrechten? Dat weten de meeste mensen – inclusief ikzelf – niet. En dat is precies waar dit boek over gaat.

Zo heeft Wilhelmina’s eigen verleden en haar familiegeschiedenis enorm veel impact op haar latere werk gehad. Ze was een onwettig kind en haar vader Louis Drucker, die later trouwde met een andere vrouw, met wie hij ook kinderen had. Die kinderen had hij wel erkend (ook al vóór zijn huwelijk met hun moeder).Wilhelmina werkte als naaister, samen met haar zus en haar moeder. Al jong was ze in veel onderwerpen geïnteresseerd en leerde ze graag. Ze waren verbolgen over hoe ze financieel achtergesteld werden bij de wettige tweede familie van hun vader en gingen een levenslange strijd hierover aan. Deze gebeurtenissen hadden een grote invloed op het politieke en feministische denken van Wilhelmina Drucker.

Eigenlijk haar hele volwassen leven was zij actief in de politiek en sprak ze in het openbaar over vrouwenrechten en de rechten van onwettige kinderen. Later in haar leven, als het haar zelf ook veel beter gaat, verschuift haar politieke voorkeur van links naar rechts.

Een heel waardevol boek met ontzettend veel goed onderzochte informatie over deze belangrijke Nederlandse feministe. Een dikke pil – maar liefst 792 bladzijden – met heel veel informatie en dus niet iets om vlotjes te lezen. Ik heb het zelf niet in één keer gelezen, al vond ik het boeiend om door de tijd heen te lezen over het lezen van Wilhelmina Drucker. Ik vond het vooral heel mooi om te lezen wat haar aanzette tot haar felle strijd en dat dat ook door heel persoonlijke omstandigheden kwam. Gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (uitstekend).

Marianne Braun Wilhelmina Drucker biografie

Wilhelmina Drucker

Een vrouw in de oppositie

  • Auteur: Marianne Braun (Nederland)
  • Soort boek: biografie
  • Uitgever: Querido Facto
  • Verschijnt: 7 oktober 2025
  • Omvang: 782 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek / ebook
  • Prijs: € 29,99 / € 13,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen >

Flaptekst van de biografie van Wilhelmina Drucker

‘Aanname op gezag is de vloek der mensheid’, was haar lijfspreuk. Wilhelmina Drucker (1847-1925) was een van de eerste Nederlandse feministen en medeoprichtster van de vrouwenbeweging. Ze stelde de veroordeling van vrouwen tot het moederschap aan de kaak, net als de ondergeschiktheid van getrouwde vrouwen en de dubbele seksuele moraal. Minstens zo belangrijk was haar strijd voor het recht van vrouwen op betaald werk en vrouwenkiesrecht.

Van de vrouwen die de eerste feministische golf teweegbrachten, zijn Wilhelmina Drucker en Aletta Jacobs het bekendst. Drucker dankt die bekendheid vooral aan de actiegroep Dolle Mina, die in de jaren zeventig van de twintigste eeuw dermate spraakmakend was dat ‘dolle mina’ het synoniem werd voor feministe.

Eigenzinnig als ze was verdedigde Wilhelmina Drucker nooit de gevestigde orde. Ze koos altijd de oppositie en keerde zich tegen religieuze en wereldse autoriteiten. Als vrijdenkster en vredesactiviste nam ze deel aan het publieke debat over tal van parlementair-politieke en economische kwesties. Toen Pieter Jelles Troelstra en Ferdinand Domela Nieuwenhuis het land toespraken, ging Wilhelmina Drucker met hen in gesprek, hoewel ze hen vaker tegensprak. En soms praatte ze er dwars doorheen.

In Wilhelmina Drucker herschrijft Marianne Braun een hoofdstuk uit de vaderlandse geschiedenis, met Drucker als lang onderbelicht gebleven hoofdpersoon.

Marianne Braun is historica, politicologe en neerlandica. Ze promoveerde op De prijs van de liefde, over de eerste feministische golf en het huwelijksrecht. Verder publiceerde ze tientallen artikelen over uiteenlopende aspecten van de vrouwenbeweging, het vrouwenkiesrecht en de cultuurgeschiedenis van de late negentiende eeuw.

Bijpassende boeken

Olivier Guez – Mesopotamië

Olivier Guez Mesopotamië recensie en informatie historische roman van de Franse schrijver over het leven van Gertrude Bell. Op 7 oktober 2025 verschijnt bij Uitgeverij Meulenhoff de Nederlandse vertaling van Mesopotamia. de roman van Olivier Guez de uit Frankrijk afkomstige schrijver. Hier lees je informatie over de inhoud van de roman, de auteur en over de uitgave.

Olivier Guez Mesopotamië recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking of recensie verschijnt van Mesopotamië, de historische roman van Olivier Guez, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

  • “De auteur slaagt erin ons mee te slepen door met een verfijnde pen de culturele en psychologische krachten te reconstrueren achter de vrouw die het hedendaagse Irak na de Eerste Wereldoorlog vormgaf.” (Le Pélerin)
  • “Er zijn vandaag de dag maar weinig Franse auteurs die zo’n kosmopolitische visie op de wereld verkondigen als Olivier Guez.” (Le Monde)

Recensie van de redactie

Gertrude Bell was een Britse archeologe, ontdekkingsreiziger en bovenal bijzondere vrouw. Aan het begin van de vorige eeuw, ze leefde van 1868 tot 1926, ondernam ze lange reizen in de Arabische wereld en deed daar vaak belangrijk archeologisch onderzoek. Vooral Mesopotamië, het gebied tussen de rivieren de Eufraat en de Tigris was haar werkterrein. Ze had contact met een aantal van de grote van de aarde zoals de jonge Winston Churchill en de schrijver T.E. Lawrence. Maar zoals het vaak ging met krachtige vrouwen van betekenis raakte ze na haar door al snel in de vergetelheid.

De Franse schrijver Olivier Geuz was er voor nodig om Getrude Bell in zijn historische roman weer tot leven te wekken. Het rijke en spannende leven en de belangrijke rol die ze speelde met alle tegenstrijdigheden die erbij hoorde, brengt Guez volledig tot leven. Haar twijfel, soms stuitende Britse nationalisme, onmogelijke verliefdheden, spannende reizen, het komt allemaal uitgebreid aan bod in deze uiterst boeiende roman die door onze redactie is gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (uitstekend).

Olivier Guez Mesopotamië

Mesopotamië

  • Auteur: Olivier Guez (Frankrijk)
  • Soort boek: historische roman, biografische roman
  • Origineel: Mesopotamia (2024)
  • Nederlandse vertaling: Tatjana Daan
  • Uitgever: Meulenhoff
  • Verschijnt: 7 oktober 2025
  • Omvang: 368 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek / ebook
  • Prijs: € 24,99 / € 14,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen bij: Boekenwereld / Bol / Libris

Flaptekst van de historische roman van Olivier Guez

Een meeslepende en epische historische roman over het leven van Gertrude Bell, een ten onrechte (bijna) vergeten vrouw die na de Eerste Wereldoorlog een cruciale rol speelde in de geschiedenis van het Midden-Oosten.

Gertrude Bell, geboren in 1868, kwam op vierentwintigjarige leeftijd voor het eerst in de mythische regio Mesopotamië, het gebied tussen de rivieren de Eufraat en de Tigris. Deze ervaring zou haar leven ingrijpend veranderen. De Arabische wereld liet haar niet los, en tegen alle normen van die tijd in zou ze zich ontwikkelen tot ontdekkingsreiziger, archeoloog, schrijver en spion. Als een van de belangrijkste Britse gezanten in de periode na de Eerste Wereldoorlog, in de nadagen van het Ottomaanse Rijk, was ze onmisbaar in de strijd van de Engelsen om grondgebied. Een vrouw met macht, maar ook een tragische heldin: patriottisch en onverschrokken, en tegelijk een onbegrepen kind uit een welvarend victoriaans milieu. En wanhopig verliefd.

Olivier Guez volgt in zijn krachtige roman het spoor van deze bijzondere, invloedrijke vrouw. Hij laat de lezer met haar meereizen van bergplateaus naar afgelegen woestijnen en kennismaken met bekende figuren als T.E. Lawrence en een jonge Winston Churchill. En hij reconstrueert op boeiende wijze haar cruciale rol in de geschiedenis van het Midden-Oosten.

Olivier Guez is geboren op 15 juni 1974 in Straatsburg, Frankrijk. Hij  is schrijver, journalist en scenario­schrijver. Hij publiceerde meerdere werken; ook schrijft hij regelmatig voor Le Monde, Le Point, The New York Times en de Frankfurter Allgemeine Zeitung. In 2016 ontving hij voor zijn script voor de film The People vs. Fritz Bauer de German Film Award. In 2018 verscheen bij Meulenhoff zijn roman De verdwijning van Josef Mengele en in 2023 het non-fictieboek Grand Tour Europa (∗∗∗∗∗), dat hij samenstelde met bijdragen van verschillende auteurs.

Bijpassende boeken

Walter van den Broeck – Averechts

Walter van den Broeck Averechts recensie en informatie over de inhoud van de laatste roman van de Vlaamse schrijver. Op 6 oktober 2025 verschijnt bij Pelckmans Uitgevers de roman van Walter van den Broeck de schrijver uit Belgie die op 5 februari 2024 overleed. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Walter van den Broeck Averechts recensie

In de nalatenschap van de op 5 februari 2024 overleden Vlaamse schrijver Walter van den Broeck, troffen familieleden het manuscript aan voor deze korte roman. Met name aan zijn oudste zoon Stefan, die zelf schrijver en vertaler is, is het te danken dat Averechts driekwart jaar na de dood van zijn vader het daglicht zag.

Het niet al te omvangrijke werk is de moeite waard. Je kunt het aanduiden als een lichtvoetig dystopisch verhaal wat natuurlijk eigenlijk een onmogelijkheid in zich draagt. Toch is dat wat Van den Broeck doet in deze novelle. Hij speelt lichtvoetig met het begrip tijd en de consequenties die het zou hebben als de tijd stil komt te staan, sterker nog terugloopt.

Hoofdpersoon Victor werkt op het meteorologisch instituut. Een bijzondere aardbeving die de gehele wereld blijkt te treffen, blijkt het resultaat te zijn van een tijdsomslag die alles op losse schroeven zet en eigenaardige gebeurtenissen in gang zet. En passant speelt de schrijver bovendien wetenschappelijke theorieën zoals die over de oerknal en de uitdijing van het heelal.

Hoe ver Walter van den Broeck zelf al was gekomen met het boek en wat het werk is dat zijn zoon heeft gedaan, is niet duidelijk. Maar belangrijk is dit eigenlijk helemaal niet want als laatste werk van een auteur die een rijk oeuvre heeft nagelaten misstaat het niet. De korte roman is gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (zeer goed).

Averechts

  • Auteur: Walter van den Broeck (België)
  • Soort boek: Vlaamse roman
  • Uitgever: Pelckmans Uitgevers
  • Verschijnt: 6 oktober 2025
  • Omvang: 144 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € € 22,00 / € 12,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (zeer goed)
  • Boek bestellen bij: Boekenwereld / Bol / Libris

Flaptekst van de laatste roman van Walter van den Broeck

Viktor, IT-er bij het Meteorologisch en Seismografisch Instituut, Sandra, romancière in spe, en hun crècherijpe dochtertje Mientje raken verstrikt in een wereld die ontspoort. Een aanhoudende hittegolf geselt het land, het instituut faalt in elke poging om een accurate weersvoorspelling te doen en de nachten worden verstoord door onverklaarbaar oorverdovend lawaai. En dan is er nog die aardbeving, die geen schade aanricht, maar wel wereldwijd voelbaar is.

Terwijl Viktors collega, seismoloog Omer Balfoort, zijn eigenzinnige theorieën debiteert, geeft de bevolking blijk van een vernieuwde vitaliteit en een laaiend libido. De overheid komt met oplossingen, maar voor welk probleem precies?

Wanneer Mientjes gezondheid zorgen begint te baren en Sandra vreemde symptomen vertoont, kiest Viktor voor een averechtse aanpak. Want als Omer gelijk heeft, ligt de weg voorwaarts achter ons. En wordt fictie feit. Of averechts.

Walter van den Broeck is geboren op 28 maart 1941 in Olen, Antwerpen. Hij was een van onze beste prozaisten en Vlaanderens populairste en meest gespeelde toneelauteur. Voor beide disciplines ontving hij de Staatsprijs. Hij was lid van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren. Zowel in zijn geboortedorp Olen als in zijn woonplaats Turnhout werd hem het ereburgerschap toegekend. Op 82-jarige leeftijd overleed hij op 5 februari 2024 in Turnhout.

Bijpassende boeken en informatie

Jutta Chorus – Dagen van melk

Jutta Chorus Dagen van melk recensie en informatie boek over de geschiedenis van ons familiebedrijf. Op 2 oktober 2025 verschijnt bij Uitgeverij Pluim het boek van Jutta Chorus. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Jutta Chorus Dagen van melk recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Dagen van melk, De geschiedenis van ons familiebedrijf, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

  • “Een snippertje van de wereldgeschiedenis. Maar zo Hollands, zo boeiend en herkenbaar!” (Geert Mak)
  • “De geschiedenis van een melkbedrijf is óók de geschiedenis van melk als nationaal symbool, bewijst Jutta Chorus.” (Robin Goudsmid, Trouw)

Recensie van de redactie

Melk is decennia lang belangrijk geweest in het gezondheidsdenken van Nederland. En niet alleen dat melk was bovendien een van de belangrijkste symbolen van de Nederlandse landbouweconomie. Velen van ons die inmiddels de vijftig gepasseerd zijn kent zonder twijfel nog de reclame slogan Melk de witter motor, die symbool stond voor dit denken en nog langer geleden speelden schoolmelk en het reclamepersonage Joris Driepinter die in de jaren zestig en zeventig van de vorige aandrong op het drinken van drie glazen melk per dag. Als je deze zaken zo beschouwt is er in de afgelopen twintig jaar veel veranderd ten aanzien van onze houding ten opzicht van het nuttigen van melk.

Schrijfster Jutta Chorus groeide op in een familie die sinds het begin van de twintigste eeuw nauw verbonden was met melk. Haar grootvader startte in 1917 op kleine schaal met het ophalen van melk bij boeren wat hij daarna doorverkocht aan particulieren. Zijn activiteit groeide uit tot een melkbedrijf van omvang en aanzien. Menken Melk zoals het bedrijf genoemd werd, was op veel plekken een begrip, mede door dat de flessen, zakken en pakken melk dagelijks op tafel te vinden waren. Uiteindelijk zou Menken het laatste particuliere melkbedrijf zijn dat in Nederland operationeel was, maar moest uiteindelijk ook de deuren sluiten.

Jutta Chorus werd door haar familiebanden van jongs af aan geconfronteerd met de melkhandel. En nu er nog familieleden zijn die alles van dichtbij meemaakten was nu het moment aangebroken om in haar familiegeschiedenis te duiken. Ze moet vele uren gesproken hebben met een aantal van hen, en de archieven van de familie en elders hebben doorgeploegd om te komen tot het boek dat er nu is.

Wat vooral boeiend is dat Jutta Chorus de persoonlijke, soms kleine familiegeschiedenis op een zeer organische manier weet de verbinden aan de geschiedenis van de melkindustrie in Nederland. En juist dat gegeven maakt dit boek extra interessant. Neem daarbij dat Chorus over een vlotte en prettige schrijfstijl beschikt en je hebt een boek dat een genot is om te lezen. En ze heeft het werk waaraan haar grootmoeder ooit begonnen is, het schrijven van de familiegeschiedenis, maar in 2022 overleed, weten te voltooien en waarschijnlijk vervolmaken. Het boek is door onze redactie gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (uitstekend).

Jutta Chorus Dagen van Melk

Dagen van melk

De geschiedenis van ons familiebedrijf

  • Auteur: Jutta Chorus (Nederland)
  • Soort boek: familiegeschiedenis
  • Uitgever: Uitgeverij Pluim
  • Verschijnt: 2 oktober 2025
  • Omvang: 256 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek / ebook
  • Prijs: € 24,99 / € 14,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen >

Flaptekst van het boek van Jutta Chorus met de geschiedenis van het familiebedrijf

Hoe een jongen uit de Hollandse modder kroop en van zijn handel in melk een miljoenenbedrijf maakte. En over de generatie die het weer uit handen liet glippen.

Zestien was Jutta Chorus’ opa toen hij melk ging ophalen bij boeren in de buurt. Tegen de tijd dat Chorus werd geboren reed hij in een Mercedes en rookte hij dikke sigaren. Dit bijna Amerikaanse familieverhaal van armoe naar rijkdom speelt zich af tegen de wonderbaarlijke geschiedenis van de melkproductie in Nederland. Grootvader Leen Menken bracht met ‘Menken melk, lekkere melk’ de zuiveldrank aan de man en was de laatste particuliere melkproducent in Nederland. Maar tegen welke prijs?

Jutta Chorus daalt af in de jeugd van haar moeder, zoekt haar ooms en tantes op, ontdekt handgeschreven memoires van opa Leen en reconstrueert de opkomst en nadagen van het familiebedrijf

Een liefdevol verhaal over een grote katholieke familie, die leep, maar eerlijk handel dreef in het meest Nederlandse van alle producten.

Jutta Chorus is geboren op 17 januari 1967 in Leiden. Ze is schrijver en journalist voor NRC Handelsblad. In 2003 won ze de Prijs voor Dagbladjournalistiek voor haar bijdragen over de korte politieke carrière van Pim Fortuyn. Ze beschrijft van dichtbij prominente maatschappelijke figuren, zoals het campagneboek In de ban van Fortuyn (met Menno de Galan) laat zien of het portret Beatrix. Dwars door alle weerstand heen (2013). In 2009 verscheen de kroniek Afri. Leven in een migrantenwijk over de Rotterdamse Afrikaanderwijk. Het werk werd genomineerd voor de M.J. Brusseprijs 2010 voor het beste journalistieke boek en het Beste Rotterdamse Boek. Samen met Bas Blokker werkt Chorus aan een biografie van de jonge Claus von Amsberg.

Bijpassende boeken

Erik Vlaminck – Het nachtlicht

Erik Vlaminck Het nachtlicht recensie en informatie over de inhoud van de nieuwe roman van de Vlaamse schrijver. Op 1 oktober 2025 verschijnt bij Uitgeverij Weerwoord de nieuwe roman van Erik Vlaminck, de uit Vlaanderen afkomstige romanschrijver. Hier lees je informatie over de inhoud van de roman, de auteur en over de uitgave.

Erik Vlaminck Het nachtlicht recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Het nachtlicht, de roman van de Vlaamse schrijfster Erik Vlaminck, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

  • “Niemand laat arme sukkelaars en maatschappelijke outcasts zo mooi en elegant over het leven en over zichzelf struikelen als Vlaminck. De humor is vaak wrang en bijna bij elke lach loeren pijn, schaamte of verdriet om de hoek.” (Maarten de Rijk, Tzum)

Recensie van de redactie

Aan alles in deze roman kun je merken dat Erik Vlaminck het leven aan de zelfkant in het Antwerpen van de jaren negentig van de vorige eeuw door en door kent. En dat klopt dan ook want hij heeft in deze periode zelf als straathoekwerker gewerkt in het Antwerpse stadsdeel waar zijn roman zich afspeelt.

De rauwheid van het leven als dakloze en als prostitué, de kansloosheid van het bestaan, de uitzichtloosheid en de uitbuiting die hiermee vanzelfsprekend gepaard ging, spat bijna letterlijk van elke pagina af. Bovendien klinken er in de roman echo’s door van Dikke Freddy, het personage dat Vlaminck in zijn maatschappijkritische columns gebruikte om het establishment het vuur aan de schenen te leggen.

Het Nachtlicht leest dan ook als een aanklacht tegen de ontmenselijking en rauwheid van het leven aan de zelfkant van de maatschappij. Maar ondanks dat weet Erik Vlamick een zekere mate van lichtheid en luchtigheid in zijn verhaal te houden wat ervoor zorgt dat je wilt blijven lezen. Ook knap is dat hij het verhaal voor zicht laat spreken en moralisme slechts in zeer beperkte mate toelaat.

Als met al is Het Nachtlicht een geslaagde en gelaagde rauwe roman die een rauw en realistisch beeld schets van de zelfkant van Antwerpen. Gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (zeer goed).

Erik Vlaminck Het nachtlicht

Het nachtlicht

  • Auteur: Erik Vlaminck (België)
  • Soort boek: Vlaamse roman
  • Uitgever: Uitgeverij Weerwoord
  • Verschijnt: 1 oktober 2025
  • Omvang: 160 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 21,99 / € 10,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (zeer goed)
  • Roman bestellen >

Flaptekst van de roman van Erik Vlaminck over daklozen in Antwerpen

Met zijn confronterende roman Het nachtlicht werpt Erik Vlaminck treffend en met mededogen een licht op de verschoppelingen en verloren zielen die langs de rafelranden van de maatschappij dolen.

Het is 1993. Ooit had Ronny Van De Kieboom een vrouw, een kind en een eigen zaak. Tegenslag, een voorliefde voor drank en een koppig karakter brachten hem van een nieuwbouwverkaveling naar de straten van Antwerpen.

Hij slaapt onder gevonden vodden en lorren, probeert zijn maag en zijn zakken te vullen met kleine criminaliteit en lest zijn dorst in Het Nachtlicht, bij Jeanne, een cafébazin met een groot hart.

Kompanen Half-Zeven-Donker, Johnny Cash en Dikke Freddy zijn samen met de jukebox en de vers getapte vaasjes bier de laatste houvast die Ronny in zijn bestaan lijkt te hebben.

De komst van de jonge getroebleerde sekswerker Nicky lijkt daar verandering in te brengen. Maar de straat laat zich niet zomaar uit een mens verjagen.

Erik Vlaminck is geboren op 2 juli 1954 in Kapellen, Antwerpen. Hij schrijft romans, theaterteksten en columns. Zijn romans Een berg mens onder witte lakens, Suikerspin en Iconen en zijn pittige column Brieven van Dikke Freddy zijn allemaal maatschappelijk geëngageerd. Zijn oeuvre vond een weg naar een groot en trouw lezerspubliek.

Bijpassende boeken

Victor Gijsbers – Oneindigheid

Victor Gijsbers Oneindigheid recensie en informatie boek en filosofische gids van de Nederlandse filosoof. Op  30 september 2025 verschijnt bij Boom Uitgevers het nieuwe boek van Victor Gijsbers. Hier lees je informatie over de inhoud van het filosofieboek, de auteur en over de uitgave.

Victor Gijsbers Oneindigheid recensie van Tim Donker

Of dat de bel gaat, en dat Boele voor de deur staat, die je kollega is uit een ander gebied maar die nu hier loopt, in jouw straat, jouw hoogsteigen straat, die niet de vorige straat is, waar hij trouwens ook gelopen heeft, hij volgt je spoor terug, nee heen, de nieuwe straat met een watertje en een bruggetje erover, wie was het weer die zo graag een bruggetje voor de deur zou hebben, het was geloof ik zomaar iemand, iemand op straat, niet deze straat, de straat waar je nu woont, de straat met het watertje en het bruggetje, de straat waar Boele nu staat met een pakje in zijn hand, het is voor jou, waarom belt hij daarvoor aan, het is niet zoon heel erg groot pakje, het had met gemak door de brievenbus gepast, misschien wil hij even een praatje maken, maar als je dan een praatje begint loopt hij al snel weer verder, hij heeft ook post voor de buren, en voor de buren van de buren, misschien was het geen goed praatje, denk je, het ging over politiek, iets met een zaag, dat vond hij niet goed, je gaat terug, naar de keuken, je was al aan het koken, zou hij hebben gezien dat je daar de hele tijd met een bol knoflook in je hand gestaan hebt?, en later, als het pruttelt, dit moet goed pruttelen, dit moet lang pruttelen, denk je, later dus, tijdens het pruttelen, open je dat pakje dat veel kleiner was dan je gedacht had.

Victor Gijsbers komt af met een boek over de oneindigheid en ik had het veel lijviger verwacht ja. Ik dacht dat gaat vast hardkaft zijn, en minimaal achthonderd pagina’s ofzo, de oneindigheid is groot maar boeken moeten ergens eindigen. Gijsbers al na 238 pagina’s. Ja. Ik weet. Die specificaties kun je allemaal zien als je een boek bestelt maar het ding is, filosofie bestel ik bijna altijd in een opwelling. Literatuur niet. Of een roman of een dichtbundel dik of dun is kan me soms net dat essentiële vertellen dat me over de streep trekt of erachter houdt, dan is ook schrijfstijl van belang, dan doe ik mijn voorwerk, grondig, niet altijd grondig genoeg, maar grondiger steeds, doch dit kwam langs in de nieuwsbrief van Boom Filosofie, en via een linkje las ik een stukje uit de inleiding en dat ging over kinderen en een keukentafel. Hoe er niet een uiterste getal is tot waar een mens kan tellen omdat je bij elk getal weer een getal kan optellen om tot bij het volgende getal te komen. Dat vond ik mooi. Als mens. Als vader. Mijn mooie lieve grappige wijze tienjarige dochter had die week net wat filosofie voorgeschoteld gekregen op school, een vraag was geweest of nergens ergens is (of nergens misschien), ik was in die stemming, in die stemming van kinderen, keukentafel en filosofie, en ik bestelde dus, een boek dat dunner uitpakte dat ik vantevoren bedacht had.

Gijsbers kwam als student natuurkunde met filosofie in aanraking; zodus hoeft het geen verwondering te wekken dat hij (ook) een wiskundig licht over de oneindigheid laat schijnen. Misschien ben ik bezig aan de volstrekt tegengestelde beweging. Ik liet de exacte vakken zo snel mogelijk vallen, kwam al de allereerste les wiskunde in het allereerste jaar op de mavo niet goed mee; natuurkunde en scheikunde kwamen achterop als nog grotere verschikkingen, het moest alles het raam uit, en wel zo snel mogelijk, ik hield, denk ik, teveel van nadenken, waardoor ik niks kon met vakken die voor het grootste gedeelte bestonden uit aannemen, aannemen dat het zo is, met deze getallen, deze natuurwetten, deze samenstellingen van deze vloeistoffen, maar eigenlijk was ik ook al geen echte alfa want aan rijen woordjes leren had ik om dezelfde reden een al even grote hekel terwijl mijn taalbegrip doorgaans goed in orde was, zoals keer na keer bij luistertoetsen en tekstverklaring wel bleek. Maar toen ik later in filosofie geïnteresseerd raakte, begonnen de hardere wetenschappen me al wat meer te trekken. Als iets wat ook een venster op de wereld kan zijn. Of verdere (filosofische) overpeinzing behoeft.

Waarom zou je niet het oneindige wiskundig benaderen, bijvoorbeeld? Is wat Gijsbers doet, in een hoofdstuk, en hiermee biedt hij de mens die maar twee jaar wiskunde heeft gehad, op de mavo dan nog, een verrassend bruikbaar handvat in de filosofie van het oneindige. Kardinaalgetallen, ordinaalgetallen, het was allemaal nieuw voor mij, en het was lang niet zo dor als ik bij aanvang vreesde; die Georg Cantor leek me eigenlijk best een boeiende figuur, Ω, en een symbool voor oneindigheid dat niet op deze computer zit maar het is niet de lemniscaat (die zit er wel op); de verzamelingenleer als droste-effect: hoe je nooit alle verzamelingen in een verzameling kunt stoppen want dan maak je een nieuwe verzameling en heb je dus niet alle verzamelingen in je verzameling. Aardigheidjes. Akkoord. Maar wel boeiende aardigheidjes. Een manier van zien die inderdaad van enige hulp kan zijn bij het filosoferen over oneindigheid met kinderen. Wat ik niet dagelijks doe. Maar ineens kon ik wiskunde gaan zien als iets dat in zichzelf oneindig is, waar ik het altijd als statisch had gezien, misschien kun je zoeven, langs al die getallen, waar nooit een einde aan komt, maar dan haalt Gijsbers in het navolgende hoofdstuk even fijntjes Wittgenstein aan die gezeid haadt dat wiskunde van menselijke makelij is en dat je er niks in kunt vinden dat er niet door mensen is ingestopt en je het dus juist niet moet zien als een eindeloos te exploreren terrein.

Al moet een mens wel iets met het gegeven dat in het oneindige het eindige nooit bereikt kan worden.

Je kunt aannemen dat het universum oneindig is, en daar steekhoudende argumenten voor geven.
Je kunt aannemen dat het universum eindig is, en daar steekhoudende argumenten voor geven,
Je kunt steekhoudende argumenten bedenken voor de (on)eindigheid van de tijd, je kunt het met Zeno eens zijn en menen dat Achilles de schildpad nooit kan inhalen omdat hij daarvoor een oneindige reeks handelingen moet voltooien en het voltooien van een oneindige reeks handelingen is onmogelijk. Je kunt duizelen bij oneindig grote getallen of je kunt Wittgenstein volgen en tot de conclusie komen dat je die duizeling alleen maar jezelf aan doet. Je kunt met Louis Blanqui menen dat een oneindig groot universum dat is samengesteld uit een eindige hoeveelheid stabiele atomen uiteindelijk wel in herhaling moet vallen zodat de kans zeer groot is dat er ergens in dat oneindige universum zich nog meer werelden bevinden zoals deze, met daarop mensen zoals wij, en misschien zelfs wel onze exacte dubbelgangers. Je kunt het met Quentin Smith eens zijn dat al onze handelingen zonder waarde zijn omdat geen enkele individuele handeling iets toevoegt (of afdoet) aan de totale hoeveelheid waarde in een oneindig groot universum, zeker niet als zich er in dat universum meerdere werelden bevinden met daarop mensen zoals wij, handelingen verrichtend zoals wij ze verrichten. Je kunt je daardoor laten verlammen. Je kunt niets doen. Je kunt wel alles willen doen. Wat moet je doen met zoveel oneindigheid, die je ook nog eens op schier oneindig veel manieren kunt benaderen.

Je helemaal in jezelf keren, alles niet groter maken dan je allerzelfste zelf groot is?

Gijsbers meent van niet. Hij haalt de ervaringsmachine van Robert Nozick erbij. Stel je voor dat je je hele leven in een machine zou kunnen slijten. Die machine tovert voor jou persoonlijk een prachtig en succesvol leven tevoorschijn. Je hebt een moje partner, je bent intelligent, je schijft een boek dat goed ontvangen wordt, misschien krijg je nog wel de nobelprijs voor de literatuur, en passant breng je wereldvrede, je bent een gevierd en geliefd mens. Je zou nooit weten dat het maar een virtueel leven is en dat je in werkelijkheid al je jaren in een machine hebt gezeten. Zou je willen? Of zou je niet willen? Nozick meent van niet, en Gijsbers valt hem daarin bij. Het zou immers niet echt zijn, en alles wat niet echt is, heeft geen waarde. Ik vraag me af of deze filosofen gelijk hebben in hun oordeel dat de meeste mensen nee zouden zeggen tegen een leven in de ervaringsmachine. Om te beginnen, leven we in zekere zin allemaal al in een ervaringsmachine. Ik doel hiermee niet op de idee dat we zomaar figuranten zouden kunnen zijn in de droom van een godheid of dat soort debiliteiten, of dat we nooit volledig kunnen uitsluiten dat heel het leven maar een door een demon bewerkstelligde hallucinatie is. Ik bedoel dat er geen ander “echt” is dan het “echt” in onze kop, en dat er geen toegang is voor ons mensen tot de buitenkopse werkelijkheid. Wat “alleen” maar in je kop gebeurt is niet perse onechter dan wat zich ook nog ergens daarbuiten bevindt (als Ding an sich ofzo, weetikveel). Bovendien valt de keuze tussen een “echt” leven vol armoede, uitzichtloze baantjes, eenzaamheid en vernedering (wat dat soort levens bestaat ook, Gijsbers) en een “louter” virtueel leven vol rijkdom, succes, liefde en lof misschien niet per se altijd in het voordeel van dat eerste uit. In een hierop gelijkend gedachte-experiment komt Gijsbers met de idee dat je bespot en uitgelachen wordt door je kollega’s – maar alleen maar achter je rug. Ze vinden je zielig, belachelijk, sneu en steken de draak met je maar ze vinden je zo zielig dat ze je hier nooit iets van laten blijken, en in je gezicht doen ze alleen maar aardig tegen je. Ook dit soort aardigheid zouden mensen afwijzen, meent Gijsbers want diene mens is klaarblijkelijk geobsedeerd door oprechtheid. Tsja. Als je er vlak voor je dood achter zou komen dat al het vriendelijks en moois en liefs dat je ooit op je levensweg ontmoet had allemaal maar nep was, zou dat nogal een schok zijn denk ik. Maar dan bedoel ik alles, ook wat je dacht te betekenen voor geliefden en vrienden en familie. Bepaalde categorieën mensen echter, en dit moge materialistisch klinken maar ik denk dat het zo is, hebben voornamelijk (of misschien zelfs alleen maar) instrumentele waarde voor elkaar. Kollega’s. Buren. Kennissen. Ze hoeven me niet echt te mogen. Als ze doen alsof is dat goed genoeg. Van kollega’s wil ik alleen maar dat ze bereid zouden zijn eens een keer een dienst van me over te nemen. Bij buren wil ik een ei kunnen lenen. En met kennissen een oppervlakkig nikspraatje maken als ik bij de slager op mijn beurt sta te wachten. Dieper dan dat kan de band wel gaan, maar dat hoeft niet. Oprechtheid en echtheid zijn niet altijd van richtinggevende waarde. Zelfs niet als we zoeken naar wat nog telt in het aangezicht van de oneindigheid.

Misschien wordt Gijsbers hier een beetje te prekerig?

Hij doorzoekt zelfgerichtheid nog wat verder. De miljonair op zijn jacht, bijvoorbeeld. Dat noemt Gijsbers obsceen. Omdat het bestaat “in een wereld waarin andere mensen geen schoon drinkwater, medicijnen of menstruatieproducten kunnen betalen” (het laatste lid in die opsomming vond ik een opvallende). In zichzelf een rake observatie, maar hoeveel rijkdom is precies obsceen wanneer je weet dat er ook mensen zijn die op een bankje in het park moeten slapen? Een kollega van mij vindt het onethisch om in een heel groot huis te wonen in tijden van woningnood. Wanneer is je huis te groot? Wanneer heb je teveel? Een jacht is klaarblijkelijk teveel ten overstaan van de armoede die ook in deze wereld bestaat. Om de hand in eigen boezem te steken: ik heb heel erg veel, echt wel heel erg veel, boeken. Goed, een deel ervan werd me ongevraagd op mijn recenseertafel geworpen, maar een niet onaanzienlijk deel kocht en bestelde ik zelf. Ten aanzien van mijn cd-verzameling is het nog erger: slechts een verwaarloosbaar klein deel kwam voort uit mijn roemruchte verleden als marginaal muziekrecensentje en al die zovele, zo heel erg veel vele andere cd’s kocht ik allemaal helemaal zelf. Is dat net zo obsceen als dat jacht? Wanneer moet je beschaamd zijn om wat je hebt? Gijsbers laat die vraag onbeantwoord. Maar duidelijk is wel dat hij de mensen hun besloten wereldje uit wil hebben.

Alles veil hebben voor je land dan? Nationalisme blijkt ook afkeurenswaardig. Ik weet niet of het wenselijk is om je politieke mening naar voren te brengen in een filosofisch werk, en zeker niet als het zo’n obligate mening is, maar iets over Gijsbers overpeinzingen ten aanzien van nationalisme wil ik wel kwijt. Volgens hem leidt nationalisme per definitie tot een soort van obscurantisme omdat nationalisten niet willen horen dat onze rijkdom gedeeltelijk is gebaseerd op een slavernijverleden. Je bent niet alleen maar een nationalist, je bent een extreem domme nationalist (voor zover al geen pleonasme) als je denkt dat de wereld voorbij je landsgrenzen ophoudt te bestaan. Zouden nationalisten al het kwaad dat hun land een ander land heeft aangedaan nu werkelijk ontkennen? Of zouden nationalisten sociaal-darwinisten zijn (dat zou me niet verbazen), en menen dat sommige naties andere naties mogen uitbuiten, dat het volstrekt in orde is met de wetten der natuur als de zogenaamd “moedige”, “avontuurlijke”, “ondernemende”, schepen bouwende volkeren parasiteren op andere? Het lijkt me een denkfout dat wie iets of iemand lief heeft de ogen sluit voor de slechte eigenschappen daarvan. Ik kan het geklier van mijn eigen kinderen in elk geval veel beter hebben dat het geklier van andere kinderen. Ik meen serieus dat mijn kinderen leuker, grappiger en intelligenter klieren dan alle andere kinderen.

Maar bij familie mag het ook niet stoppen van Gijsbers. Hij wijst de lezers in de richting van de potentiële oneindigheid. Er zijn altijd meer mensen te spreken, meer verhalen te horen, meer boeken te lezen, meer dingen te leren, meer zaken te ontdekken.

Diene mens zijn moeder schijnt over zijn hoofdstuk over het eeuwige leven gezegd te hebben dat dat duidelijk geschreven is door iemand die nog jong is. Hoewel Gijsbers maar negen jaar jonger is dan ik, komt gans zijn boek een beetje op mij over als “geschreven door iemand die nog jong is”. Zijn pleidooi tegen nihilisme, en voor “potentiële oneindigheid”, duiden niet alleen op een bevoorrechte, zeg “zeven vinkjes”-, positie (hier is duidelijk iemand aan het woord die schrijft, en leest, en intelligent is en goed in staat tot reflectie, omgeven wordt door academici of in ieder geval wat men “intellectuelen” pleegt te noemen; iemand die zich niet dag na dag hoeft af te beulen in één of andere fabriek en bij thuiskomst te moe is voor iets anders dan de maaltijd en wat SBS6 voor het bed alweer lonkt) maar ook op een bepaalde “jongheid van geest”. Ofwel: waartoe Gijsbers aan het einde op lijkt te roepen, werkt vooral voor wie nog niet blasé is (het leven brengt ons allemaal daar, vroeger of later) (hoewel, mijn opa is na zijn pensioen bij de Nederlandse Spoorwegen nog Russisch gaan studeren). Want dat de “potentiële oneindigheid” niet alleen kan enthousiasmeren maar evengoed een verlammende werking kan hebben, ontdekte ik reeds in de puberteit. Ik was in die dagen een metaalhoofd, als je dat zo kan zeggen. Toen ik als achtjarige in het bruiner dan bruine café waar mijn tante werkte de liveversie van Lola van The Kinks hoorde, was ik voor de rest van mijn leven (dacht ik toen) verkocht voor rock. Harde rock. Steeds hardere rock. Tot ik op mijn vijftiende of zestiende grindcore ontdekte. De elpee From enslavement to obliteration van Napalm Death leek me de allerextreemste elpee te zijn ooit gemaakt, en die moest ik hebben. En even later had ik hem. En ik was trots. Ik had hem. De hardste, bizarste, idiootste plaat die maar bestond. De zanger leek op een gekooid dier, de gitaren bruisten onophoudelijk uit de speakers en de drummer brak alle snelheidsrecords. En dat stond gewoon in mijn platenverzameling. Op mijn kamer. Dat had ik, dat luisterde ik, dat was in mijn bezit. Tot een klasgenoot een paar weken later naar me toe kwam met op zijn walkman een bandje met daarop wat liedjes van Sore Throat. In de Aardschok besproken als de band die Napalm Death liet klinken als een huisorkestje. Dat moest ik horen, vond die klasgenoot, en of ik wilde of niet: hij liet het me horen. En inderdaad. Het was nog net een tikje gestoorder, een tikje heftiger, een tikje extremer dan From enslavement to obliteration. Allicht dacht ik er toen niet in die termen over na, maar ik denk dat dit mijn eerste gewaarwording van de potentiële oneindigheid moet zijn geweest. Er was helemaal geen allerextreemste plaat ooit gemaakt, en die zou er ook nooit zijn. Het kon altijd wel nóg een tandje extremer. Was dit geworden van mijn liefde voor (rock)muziek? Een jacht naar de ultiem extreme plaat, een jacht die nooit zou eindigen? Daar en dan, op het schoolplein, hield ik op een metaalhoofd te zijn. Van lieverlee omarmde ik elke muziekstijl, iets wat ik nog steeds doe. Waarmee gezegd wil zijn dat het potentieel oneindige ook een eindigende uitwerking kan hebben (maar wat enerzijds eindigt, opent anderzijds nieuwe deuren dus).

En daar komt nog iets bij. In het geval van bovengenoemde extreme platen zijn de verschillen tussen de ene allerextreemste plaat en de volgende nog-net-iets-extremere plaat miniem. Bij Sore Throat, b’voorbeeld, viel eigenlijk vooral de zang op die iets gestoorder leek te zijn dan bij Napalm Death. Maar hoe anders is dat bij het leven met de potentiële oneindigheid zoals Gijsbers dat voorstelt? Ja, er zijn altijd meer mensen te ontmoeten, meer boeken te lezen, meer dingen te zien, er is altijd meer kennis te verwerven, er is altijd een volgende grens tot waar je verstaanshorizon kan worden opgeschoven. Maar de verschillen tussen wat je al kende en wat er nog bij komt, worden wel steeds kleiner totdat het “altijd nog meer” niet meer is dan oude wijn in nieuwe zakken. Tot een bepaalde leeftijd kan het potentieel oneindige erg inspireren, maar er kan ook een moment komen waarop je je schouders zult ophalen bij de gedachte aan alles wat er nog te ontdekken, te kennenleren, te vernemen, te zien valt.

“Oneindigheid. Een filosofische gids” zal dan ook wel het interessantst zijn voor een wat jonger publiek. Bij mij rees na lezing één vraag: hoe zou Gijsbers dit onderwerp benaderen als hij zestig is, of zeventig? Ik stel een deel twee voor, Gijsbers, door jou te schrijven over twintig jaar jaar. Dat boek zou namelijk wel eens briljant kunnen worden.

Victor Gijsbers Oneindigheid

Oneindigheid

Een filosofische gids

  • Auteur: Victor Gijsbers (Nederland)
  • Soort boek: filosofieboek
  • Uitgever: Boom Uitgevers
  • Verschijnt: 30 september 2025
  • Omvang: 240 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 24,90 / € 19,90
  • Boek bestellen bij: Boekenwereld / Bol / Libris

Flaptekst van het boek van Victor Gijsbers de Nederlandse filosoof

Prikkelende verkenning van het oneindige – en verder.

Het oneindige is grenzeloos fascinerend. Als eindige wezens zullen we het oneindige nooit volledig kunnen vatten. Toch duikt het onderwerp telkens opnieuw op in de filosofie – we kunnen er kennelijk ook niet aan ontkomen. Filosoof Victor Gijsbers leidt de lezer langs de belangrijkste vragen over het oneindige in de wiskunde, de natuur, de werkelijkheid en het menselijk leven.

Via Aristoteles, Descartes, Nietzsche en Wittgenstein leren we hoe de mens het oneindige heeft proberen te temmen, of juist als God boven zich heeft gesteld. Aan het eind van de reis komen we uit bij Kant, die de eindige mens zag als maatgever van de werkelijkheid – maar een maatgever met een opdracht die hij nooit kan voltooien. Door na te denken over de oneindigheid zien we zowel de meest inspirerende als de meest tragische kant van het menszijn.

Victor Gijsbers is geboren in 1982. Hij studeerde natuurkunde en filosofie in Utrecht en is werkzaam als filosoof aan de universiteit Leiden. Eerder publiceerde hij bij Boom een vertaling van Wittgensteins Tractatus.

Bijpassende boeken