Tag archieven: Recensie

Rens Dietz – Popatlas

Rens Dietz Popatlas recensie en informatie boek over de 100 belangrijkste locaties in de Nederlandse popmuziek. Op 27 november 2025 verschijnt bij Uitgeverij Noordboek Van Gorcum het boek van Rens Dietz over de popmuziek in Nederland. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Rens Dietz Popatlas recensies en reviews

Ook de Nederlandse popmuziek ken een aantal boeiende verhalen. Niet zo veel en niet zo rijk als die van de Amerikaanse en Britse popmuziek, maar boeiend genoeg om er een interessant boek over te schrijven. En dat is wat Rens Dietz heeft gedaan.

Als uitgangspunt heeft hij gekozen voor honderd locaties die op de een of andere rol hebben gespeeld in de muziekgeschiedenis van Nederland. Naast straten en plaatsen waar belangrijke muzikanten, zangers en zangeressen opgroeiden, is er aandacht voor plekken die inspireerden tot een tekst die in het pantheon van de Nederlandse popmuziek een onuitwisbare herinnering hebben gekregen.

Grappig genoeg blijken sommige van deze locaties van uit te blinken door een onvergetelijke treurigheid, terwijl er bij andere nog steeds sprake is van een soort van grandeur. Dat Rens Dietz over een vlotte pen beschikt en bovendien sterk is in het vertellen van boeiende anekdotes zorgt ervoor dat het boek aangenaam leest en zelfs uitnodigt om zelf een aantal van de beschreven locaties te bezoeken en de beschreven muziek te (her)beluisteren. Al met al is de Popatlas een geslaagd boek geworden dat is gewaardeerd met ∗∗∗∗ (uitstekend).

Rens Dietz Popatlas

Popatlas

De 100 belangrijkste locaties in de Nederlandse popmuziek

  • Auteur: Rens Dietz (Nederland)
  • Soort boek: muziekboek
  • Uitgever: Noordboek – Van Gorcum
  • Verschijnt: 27 november 2025
  • Omvang: 336 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek
  • Prijs: € 29,90
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend).
  • Boek bestellen bij: Boekenwereld / Bol / Libris

Flaptekst van de atlas van de Nederlandse popmuziek

Iedereen kent het tuinpad van mijn vader, maar waar bevindt dat zich eigenlijk? En waar fietste de eenzame fietser?

Dit boek beschrijft de honderd belangrijkste plekken uit de Nederlandse popgeschiedenis. Waar velen Graceland of het zebrapad op Abbey Road op hun bucketlist hebben staan, vergeten ze de parels uit hun eigen land.

Zo lezen we in dit boek het verhaal achter de hits Oude Maasweg en Kronenburg Park en lezen we waar bekende nummers zijn bedacht en opgenomen. Het boek voert ons onder andere langt het veilinghuis in Blokker (The Beatles). Het Grolloo van C+B en het Makkum van anti-Trump-punkers. Met de verhalen, foto’s en kaarten in dit boek ga je vanzelf op safari langs plekken waar de muziekgeschiedenis tot leven komt.

Rens Dietz is communicatiewetenschapper en schrijft over muziekcultuur en de invloed van muziek op de maatschappij. Van hem verscheen eerder Geloof de hype!, over punkmuziek.

Bijpassende boeken

Evan Dara – Het verdwenen plakboek

Evan Dara Het verdwenen plakboek recensie, review en informatie over de roman van de Amerikaanse schrijver. Op 27 november 2025 verschijnt bij Uitgeverij Het Balanseer de Nederlandse vertaling van de roman The Lost Scrapbook van Evan Dara de uit de Verenigde Staten afkomstige schrijver. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Evan Dara Het verdwenen plakboek recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Het verdwenen plakboek, de roman geschreven door Evan Dara, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Recensie van Tim Donker

En dan. De hamerslag. Waar je zo lang naar zocht. Waar ik altijd naar zoek. De hamerslag, en dan neer. Behalve dat ik al lag. Op het bed van mijn dochter. Ze zat aan haar kaptafel haar nagels te lakken en ze vond het fijn om mij in haar buurt te hebben dus ik lag. Op haar bed. Te lezen. Het verdwenen plakboek. Evan Dara. De hamerslag, en neer. Maar ik lag al. Is dat een leuk boek?, vroeg mijn dochter, en eigenlijk haat ik die vraag. Behalve als mijn dochter hem stelt. Ja. Ik zei. Terwijl ik de hamerslag lag te ervaren. Van neergaan. Behalve dat ik al lag. Waar gaat het over?, vroeg mijn dochter. Eigenlijk haat ik die vraag. Behalve als mijn dochter hem stelt. Ja, dat is zoiets. Zei ik. Eerst ging het over een gast die in een of ander bureautje zat om een beroepskeuzetest te doen. Dat was eigenlijk best heel grappig. Maar daarna was het ineens een zwerver, of naja iemand die met zijn moeder in één huis woonde maar liever op straat was dan thuis, en toen waren er mensen die om één of andere vage reden vuurvliegjes gingen vangen, en was er iemand die ruzie kreeg met zijn zoon over een drumstel. En nu gaat het al een tijdje over iemand met een passie voor radio, en hij heeft een of ander zot plan om radio weer populair te maken. En ik weet nog niet of het steeds anderen zijn, of dat het allemaal herinneringen zijn van één persoon. Maar juist doordat ik dat niet weet, vind ik het heel erg goed. En mijn dochter lacht, en ze zegt iets, en ik zeg iets terug, en ik sla het boek dicht want er is een gesprek gaande nu, een gesprek tussen mijn dochter en mij, een gesprek dat niets te maken meer heeft met Het verdwenen plakboek.

Maar er eigenlijk alles mee te maken heeft.

Want alles heeft steeds alles te maken met dit boek.

Goed. Er was die ikfiguur dus, en hij deed een beroepskeuzetest, ja dat vond ik grappig, nou niet zozeer dat hij een beroepskeuzetest deed al zijn beroepskeuzetesten op zichzelf al stompzinnig genoeg om grappig te zijn, maar het waren vooral de cynische antwoorden die hij op stompzinnige vragen gaf die me aan het lachen brachten. Hij zou graag forensisch epidemioloog worden, of chef kousen en herenondergoed in een warenhuis, maar hydroakoestiek, kwantumbiografie en psychogeologie trekken hem ook wel. Maar neen, zeggen de vragenstellers, dat kan allemaal niet, dat kan niet allemaal, een mens beperkt zich beter tot één specialisme. Doch het grappige was net dat het me terugvoerde. Terugvoerde naar hoe ik daar zat, ooit, toen ik een opleiding deed die ik eigenlijk niet wilde doen, en in een kamertje zat waar ik eigenlijk niet wilde zitten, met tegenover mij de vrouw met het haar, niet per se de ergste die daar rondliep maar alsnog iemand die daar rondliep en alleen daarom al nooit helemaal deugen kon. Dat bleek ook wel, want ze ging me uithoren over wat ik wilde doen nadat ik de opleiding die ik niet wilde doen zou afgerond hebben. Hum. Ik weet niet. Zei ik. Een tijdschrift maken dat alle grenzen overschrijdt lijkt mij wel wat. En misschien een paar dichtbundels pennen, en een fragmentarische roman. Een experimentele film zou kunnen, en ook nog wat met geluidskunst doen. Maar dat kan niet, zei de vrouw met het haar, dat kan tegenwoordig niet meer, de homo universalis is niet van deze tijd, tegenwoordig moet je kiezen. En ik ging en deed niets, en de persoon in Het verdwenen plakboek gaat en doet niets, of zwerft over straat, en op zijn walkman klinkt Philip Glass en hee dat had ik ook vaak op mijn walkman toen ik daar was, op die opleiding die ik niet wilde doen, daar, toen, met de vrouw met het haar, kon Het verdwenen plakboek ook over mij gaan dan?

Maar als er een scene is met een vrouw die gewicht wil toekennen aan niet-stemmers, dat heet, al die mensen die om wat voor reden dan ook, nooit gaan stemmen, niet op de republikeinen stemmen en niet op de democraten (is er een reden om geen kant te willen kiezen, waarom wil je je verre houden van politiek?); de vrouw spreekt over een klein onderzoekje dat ze eigenhandig uitvoerde onder niet-stemmers, hoe ze langs de deuren ging om aan mensen te vragen of ze gestemd hadden en zo nee of ze even binnen mocht komen om te praten, dat kreeg nog een bizar gevolg; het gesprek over haar ervaringen hieromtrent lijkt veel op een interview, op televisie of op de radio, en het is voor het eerst dat ik denken ga, ofnee, het is voor het eerst dat ik anders denken ga, het is allang later, ik lig al niet meer op het bed van mijn dochter, ik zit in mijn leesstoel, het is allang de andere dag, en ik begin denken dat de opvatting dat het in Het verdwenen plakboek steeds om één en dezelfde figuur gaat, langzamerhand onhoudbaar aan het worden is. De pen is een camera, denk ik, en de camera vliegt over een land, het Amerika van toen en toen of het Amerika van nu, of overheen de hele wereld allicht, en overal flitsen, en overal beelden, en overal woorden, en overal mensen, en ik denk aan John Dos Passos, maar ook aan Augusto Fernandez Mallo, al is zijn Nocilla-trilogie van later datum, ik acht het niet onwaarschijnlijk dat Mallo Dara gelezen heeft, dat Dara Dos Passos gelezen heeft, ik acht het zeer goed mogelijk dat stemmen overal zijn.

Want de fragmenten, of zeg passages, noem het rustig beelden, vloeien onophoudelijk in elkaar over. Midscene. Midalinea. Zomwijlen zelfs midzin. Is er ineens iemand anders aan het woord. Een andere verteller, een andere handeling, een andere omgeving. Je kan denken dat dit een andere manier van lezen vereist. Kan je net denken. Een zekere oplettendheid misschien. Aandacht. Concentratie. Weten, steeds, wie is hier nu weer aan het woord, wat is er nu weer aan de hand. Maar. Misschien zit alles tot achter de komma willen begrijpen alleen maar in de weg. Misschien werkt het beter als je Dara alles gewoon maar over je uit laat storten, als je meedrijft op de stroom, als je je in trance laat brengen door de beelden, de zinnen, de woorden, het ritme.

Prachtig is bijvoorbeeld een stuk van ruim honderd pagina’s dat hoewel het uitgaat van iets auditiefs eigenlijk heel beeldend is. Centraal staat een “piraat” die “inbreekt” op iemands walkman; hij zendt uit op een golflengte die vooral ontvangen wordt door mensen die op straat lopen met een walkman op hun kop. Je kan echter evengoed stellen dat hij “inbreekt” in het boek; met veel witruimte omgeven golven zijn woorden overheen de pagina’s; in eerste instantie brengt hij vooral bizarre nieuws”feiten”: dat reclame kankerverwekkend zou zijn, bijvoorbeeld, of dat het bedrijf Xerox erin geslaagd zou zijn om energie te winnen uit taalstromen, en dan met name uit het verschil tussen de hoeveelheid betekenis die de verzender in zijn boodschap stopt en de hoeveelheid betekenis die de ontvanger eruit haalt; daartussen gaat heel veel verloren en uit dat verlies zou je, volgens Xerox, energie kunnen puren; maar later gaat de piraat over op een lang verhaal, een zeer lang verhaal over een ontmoeting tussen hemzelf en een man die in een bos op zoek was naar het gezicht van John Cage in het mos op de bomen; hoe zijn verhaal golft; hoe dat wiegt; en het wit; leegte die ademt.

Het verdwenen plakboek kent veel sprekers; vaak, zoals in bovenstaand geval, steken ze monologen af, die soms naar het essayistische neigen, lange, beschouwelijke stukken zijn over taalkunde, politiek, musicologie, kunst of economie -en vrijwel altijd raak en interessant en onderhoudend zijn- waar er anderen zijn, die weerwoorden geven, ook dingen zeggen, zou een mens kunnen spreken van een dialoog en dan ligt -inderdaad- een naam als William Gaddis voor de hand; denk JR of misschien denk ik dat alleen maar omdat dat het boek was waardoor ik Engels ben gaan lezen, het was en het is bij mijn weten nog altijd niet vertaald in het Nederlands en ik wou lezen dus moest het wel het Engels en pas daarmee ontdekte ik hoe ontzettend veel prachtboeken van -opvallend!- vooral Amerikaanse orzjiene nooit met een Nederlandse versie geëerd zijn.

Zoals eigenlijk ook dit. The lost scrapbook kwam al in 1995 uit; wie enkel Nederlands wenst te lezen heeft er dertig jaar op moeten wachten. het balanseer -val op uw knieën en schenk hen al uw eer- brengt tegelijkertijd met dit Het verloren plakboek het Engelstalige orzjieneel opnieuw uit maar in dit zeer unieke geval zou ik eerder aanraden de Nederlandse vertaling van Iannis Goerlandt te lezen want dan krijg je behalve dit geweldig gecomponeerde prachtboek er ook nog wat fantastische vlaamsigheden op de koop bij: “inkom” bijvoorbeeld, of “op zijn honger blijven zitten”, of “in hetzelfde bedje ziek zijn”, of “promopancarte” – het zijn net zulke woorden die dit boek nog net dat kleine tikje muzikaler maken dan het op zichzelf genomen al is.

Want.

De muzikaliteit.
Het ritme.
Het golven.
De beelden.

Eerst dacht ik: dit is het boek over één persoon, hij braakt al zijn herinneringen in één gulp uit over de lezers.
Toen dacht ik: dit is het verhaal van allen. Dit is het verhaal van velen.

Maar dan weer. Kleine prikjes. Een Toyota die steeds terugkeert, opvallend veel personages rijden Toyota? Of dat mopje over hoe je kunt weten dat Jezus Joods was dat, in minieme variaties dan weliswaar, verteld wordt door diverse personages, verspreid over uiteenliggende pagina’s. Of walkmans. Hoe er vrij vaak iets is dat te maken heeft met walkmans. Of blauwebessenmuffins, of een een stoelendans.

Flitsen. Beeldrijm. Echo’s. Herhalingen als kleine grapjes voor de oplettende lezer? Of dient het alles een grote opzet, en is Het verdwenen plakboek misschien toch niet zo radikaal fragmentaries als het op eerste gezicht lijkt te zijn?

Lijkt het vaak toch een overkoepelend thema te dienen.

De marginale mens.
De randfiguren.
Degenen die onderaan hangen.

De kleine luiden.

U weet.

Aldiegenen die door de ontmenselijkende machinaties -van maatschappelijke, kapitalistische, politieke of sociale aard- vergruizeld dreigen te worden. Een groot stuk gaat bijvoorbeeld over een fotobedrijf in het stadje Isaura dat onbeschaamd gif loost waardoor het drinkwater uiteindelijk ondrinkbaar wordt en een gedeelte van de bevolking geëvacueerd dient te worden. Eerst doet het bedrijf -Ozark- alsof er niks aan de hand is en daarna werkt het op het gemoed van de bevolking: het is de grootste werkgever in de omgeving, het geeft zoveel geld uit aan goede doelen, zonder Ozark zou er geen Isaura zijn, zou de bevolking niet wat dankbaarder moeten zijn? Wetenschappers, niet zelden in dienst van de staat, vallen Ozark bij in de opvatting dat er eigenlijk niet echt iets is om ongerust over te zijn.

Machinaties dus ook van wetenschappelijke snit. De politisering van de wetenschap? Dara gebruikt de term zelf, legt hem echter in de mond van een tabakslobbyist (heet dat zo?); onduidelijk of het gaat om een industrieel die zijn geld verdient met sigaretten of een advocaat die het opneemt voor een dergelijk figuur. Daar kun je nog denken dat “politisering van de wetenschap” ironizerend bedoeld is, maar verderop in het boek laat Dara wetenschappers wel degelijk het woord spreken van diegenen wier brood zij eten. Waarmee Het verdwenen plakboek ook nog een profetisch karakter krijgt ook (of in ieder geval iets zag wat ik pas door corona ben gaan inzien).

Maar Dara gaat onophoudelijk zijn eigen bladzijden te buiten. Plaatst hij doelbewust referenties (dat winkelcentrum dat lijkt te groeien, op de heenweg andere winkels herbergt dan op de terugweg, dat ken ik toch ergens van? van Prescott toch, of waarvan weer? of doet het me alleen maar denken aan dat krimpende en uitdijende huis van Danielewski? maar Danielewski is een beetje een poseur toch, niet?, zou Dara jatten van een poseur, niet erg waarschijnlijk nee) (en die uit ovengebakken rotzooi opgetrokken kunstwerken, die ken ik toch ook?) (waarvan dan?), of is zijn The lost scrapbook destijds zo invloedrijk geweest -een schrijvers schrijver- dat er zoveel mee aan de haal is gegaan dat het zijn eigen faam voorbij is gegroeid (Het verdwijnen is toch van veel later datum dan The lost scrapbook?)? Of is het dat beeldrijm -oja de gerbil Erwin en oja die gasten van Nonet Minus One, oja al die dingen die eerder genoemd werden, en ik blader terug, waar was het ookalweer?- dat maakt dat je ook dat wat je nergens van kent lijkt te herkennen. Of het ritme, het geluid van dit boek, de trance waarin het je onderdompelt, misschien maakt dat de lezer extra bevattelijk voor een deja vu omdat een scene soms pas als je er al enige tijd in verzeild geraakt bent werkelijk in je bewustzijn aankomt: veroorzaakt dat bij wijlen een “hee ik ken dit ergens van”-gevoel? Of nog. Misschien schrijft hij in weerwil van de soms bizarre of surreële toon zo dicht op de huid van de werkelijkheid dat Het verdwenen plakboek niet alleen in de 514 bladzijden is die het telt, maar overal rond je.

Het schoonst is misschien wel het einde. Een zin van zes pagina’s lang, beginnend met een exodus en eindigend met stilte. En haperend. En stotterend. En stromend. En pulserend. Gaat. Langsheen, bijvoorbeeld, een opsomming van vele steden en stadjes en dorpen en gehuchten en, bijna nonchalant, opkomt met een fantastisch flintertje als “zo veel werk, en mengpaneel”; alleen daarom al.

Ja daarom.
En om al het andere.

Want wat een onwaarschijnlijk goed boek is dit.
Wat een ongekend volslagen uniek fantastisch geweldig mooi boek is dit.
De hamerslag.
Maar ik lig allang niet meer.
En ik zit ook niet meer.
Ik sta. Op de tafel. Hyperbolen uit mijn botten slaand waar u bij staat. Bijvoorbeeld dat Het verdwenen plakboek maar zo het beste boek aan deze zijde van de millenniumwende zou kunnen zijn. Maar ja. Daar sta ik dan, op mijn tafel, terwijl gebarsten woorden nog zo’n beetje langs mijn lijf omlaag glibberen. Me bedenkend dat The lost scrapbook al in 1995 werd uitgebracht. En dan zou dit boek niet alleen het beste boek aan deze zijde van de millenniumwende zijn, maar ook van aan gene zijde. En het beste boek van twee millennia, sja, dat is zelfs voor mijn gemakkelijk tot hyperbolen geneigd zijnde inborst net een beetje te straf. Een beetje. Maar toch.

Niettemin: iedereen moet dit boek lezen. Nu. Vandaag nog. En als u nu nog niet op weg naar de boekhandel (moest u in de buurt van Gent wonen, kies dan vooral voor Paard van Troje) bent om Het verdwenen plakboek aan te schaffen, kom ik hoogstpersoonlijk naar u toe. En sleur ik u erheen. Naar de boekhandel. Opdat ook u Het verdwenen plakboek kunt hebben. Want vanaf heden is geen enkele boekenkast meer compleet zonder.

Evan Dara Het verdwenen plakboek

Het verdwenen plakboek

  • Auteur: Evan Dara (Verenigde Staten)
  • Soort boek: Amerikaanse roman
  • Origineel: The Lost Scrapbook (1995)
  • Nederlandse vertaling: Iannis Goerlandt
  • Uitgever: Het Balanseer
  • Verschijnt: 27 november 2025
  • Omvang: 416 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Prijs: € 27,50
  • Bestelmogelijkheden roman >

Flaptekst van de roman van Evan Dara

Een jongen dwaalt door de straten, met in zijn koptelefoon een stuk van Philip Glass op oneindige herhaling. Een zoon verbreekt het contact met zijn vader na een fout verjaardagsgeschenk. Een groep vage kennissen haalt herinneringen op aan dezelfde overleden vriend, elk vanuit een eigen perspectief, en brengen hem zo weer even tot leven. Een vrouw wil met haar buren praten over de verkiezingen maar wordt vastgebonden met een tuinslang. En er is die jongen die als kind op zolder bij zijn grootvader een oud, gehavend plakboek vindt, en er jaren later naar op zoek gaat. Terwijl in de achtergrond een bedrijf stilletjes toxische stoffen lekt in de bodem van een stadje dat er al jaren economisch van afhankelijk is.

Het verdwenen plakboek van Evan Dara is een roman als een stroom: stemmen komen en gaan, verhalen haken in elkaar, perspectieven wisselen zonder waarschuwing. Samen vormen ze een polyfoon portret van een gemeenschap op drift – een meeslepende zoektocht naar wat verdwijnt, en wat ons ondanks alles met elkaar verbindt.

Evan Dara is een Amerikaanse auteur van vier romans en twee toneelstukken, wiens werk vaak wordt vergeleken met dat van William Gaddis, Thomas Pynchon en David Foster Wallace. Hoewel hij publiciteit bewust uit de weg gaat, heeft hij onder lezers en schrijvers een toegewijde schare volgers opgebouwd.

Bijpassende boeken en informatie

Jenny Erpenbeck – Tussen heden en morgen

Jenny Erpenbeck Tussen heden en morgen recensie en informatie over de inhoud van de roman de Duitse schrijfster. Op 25 september 2025 verschijnt bij Uitgeverij De Geus de Nederlandse vertaling van Aller Tage Abend de roman uit 2012 van de uit Duitsland afkomstige schrijfster Jenny Erpenbeck. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Jenny Erpenbeck Tussen heden en morgen recensie van Tim Donker

Het begint ermee dat een baby sterft.

Een baby gaat dood, en alles begint.

Het is waar het uiteenvallen begint.

Een man die tot voor kort vader was, neemt de boot naar Amerika.
Een vrouw die tot voor kort moeder was, ziet geen andere oplossing dan haar lichaam te verkopen.
Een moeder die tot voor kort oma was, blijft alleen achter.
Een opa en een oma die tot voor kort overgrootouders waren, gaan dood.

Een baby gaat dood en een familie valt uiteen. Dat is hoe dingen gaan.

Tenzij de dingen anders gaan. De dingen hadden altijd anders kunnen gaan, immers. Misschien had de baby gered kunnen worden met een handvol sneeuw, misschien had de moeder de tegenwoordigheid van geest gehad daaraan te denken, misschien was het kind blijven leven, misschien had de familie helemaal niet uiteen hoeven vallen.

Het had gekund.

Dan werd de baby een meisje, en oudste zus, want waarom zou er geen twede meisje gekomen zijn, dan zou de vader misschien zijn overgeplaatst naar Wenen, het had allemaal gekund, een jong gezin in Wenen, het meisje zou zijn opgegroeid tot puber, tegen een achtergrond van oorlog en armoede en ellende, en dan nog de kloterij waar elke puber in elk tijdsgewricht tegenaan loopt, misschien zou het teveel zijn, misschien zou ze, terugkomend van haar oma, inmiddels ook in Wenen, gevlucht vanwege de oorlog, haar Joodse oma, de oma die ze van haar moeder nooit mocht zien, de oma die ze wilde leren kennen, de oma die op die cruciale dag niet thuis was, zodat het meisje, het jonge arme kwetsbare droevige verloren pubermeisje onverrichte zake terugkeerde in de stad en een al even verdrietige jongeman tegen het lijf liep, een jongeman met een Mauser en zonder een reden om te blijven leven, misschien zou een overeenkomst gesloten worden, noemt het een suïcidepact, en de baby zou als veertienjarig meisje alsnog sterven.

Tenzij de dingen anders gingen. Want dingen kunnen anders gaan.

Misschien was de oma wel thuis geweest, en was het meisje bij haar oma op bezoek gegaan, en niet in de buurt gekomen van een treurige jongeman met een Mauser op zak. Misschien zou het niet gevroren hebben die dag zodat de gladheid het meisje niet genoopt had een andere route te volgen dan gewoonlijk. Misschien had de vader van de jongeman de la waarin hij zijn Mauser bewaarde naar behoren afgesloten. Misschien was de jongeman niet gedumpt geweest door zijn vriendin en was alles goed geweest voor hem.

Het had gekund.

Dan werd het meisje een vrouw die, misschien, toetrad tot de Communistische Partij van Oostenrijk, en via Praag naar Moskou emigreerde, en daar een grotere of kleinere rol speelde in de Partij, maar het is de dertiger jaren, het is de tijd van Stalin, overal verdachtmakingen, alles altijd onder druk, iedereen altijd op zijn hoede, alles wat je zegt, zelfs tegen vrienden, kan later altijd tegen je gebruikt worden, misschien zou de vrouw onder verdenking van trotskistische sympathieën (ja stel je voor dat je het fucking communisme fucking democratisch zou willen maken, dat kan nooit de bedoeling zijn) opgepakt worden, in een of ander stalinistische gevangenis gesmeten worden om daar dood te vriezen.

Tenzij de dingen anders waren gegaan.

De bureaucratische rompslomp had anders kunnen lopen. Een van haar kameraden had hun vroegere vriendschap indachtig kunnen zijn en haar amnestie kunnen gunnen. Het verplichte arrestatiequotum had gehaald kunnen zijn voor zij aan de beurt was, of misschien alweer afgeschaft kunnen zijn. Iemand had per vergissing haar echte naam, Hofmann, gebruikt kunnen hebben, in plaats van Fahrenwald, de naam die op de valse Duitse pas stond waarmee ze de Sovjetunie was binnengekomen, zodat ze op een andere stapel was terecht gekomen, en niet gearresteerd, en niet doodgevroren, maar geëmigreerd, uiteindelijk, naar Berlijn.

Het had gekund.

Misschien zou ze tijdens haar omzwervingen doorheen de Sovjetunie zijn bezwangerd door een Russische dichter, misschien zou ze als alleenstaande moeder met haar jonge zoon in Berlijn wonen, misschien zou ze in de DDR successen vieren als schrijfster van socialistische romans en toneelstukken, misschien zou dat haar leven zijn tot ze op haar zestigste ofzo van de trap zou vallen, haar nek breken, overlijden.

Tenzij de dingen niet zo gingen.

Misschien had ze haar rechtervoet neergezet in plaats van haar linker, misschien zou ze vijf minuten later en in andere staat van de trap zijn gegaan, misschien struikelde niet, misschien was ze blijven leven.

Het zou zomaar kunnen.

De zoon, inmiddels volwassen, inmiddels zelf een ouder, inmiddels bij zijn eigen gezin, zou met lede ogen toezien hoe zijn moeder oud werd, en dan nog ouder, vergeetachtig en dan nog vergeetachtiger, aftakelend, beetje bij beetje, eerst nog in haar eigen huis en later in het bejaardentehuis waar hij haar zeer tegenin zijn goesting naartoe had gebracht omdat zijn vrouw er niet op zat te wachten om haar schoonmoeder in huis te nemen.

En dan, kort naar haar negentigste verjaardag, zou de baby, zou het veertienjarig meisje, zou de vrouw, zou de zestiger, dan toch echt, eindelijk, sterven.

Is wat het is. In Tussen heden en morgen.

Alles geplaatst tegen een achtergrond van de geschiedenis van de twintigste eeuw. Koninkrijk Galicië (dus niet de gelijknamige streek in Spanje) (daar ben ik als kind veel geweest) (in de streek in Spanje); Donaumonarchie; Oostenrijk-Hongarije; eerste wereldoorlog; Spaanse Griep; Stalin; Hitler; tweede wereldoorlog; Sovjetunie; communisme; DDR; socialisme; val van de Muur – het komt allemaal lang. Maar het lijkt me niet het wezen te zijn van deze roman.

Het wezen van deze roman is – is ja, is wat?

Langste tijd peinsde ik, en langste tijd peinsde ik ernaast.

Eerst dacht ik dat het ging om determinisme, predestinatie, misschien iets dat zelfs het onderwerp had kunnen zijn van een flauwe hollywoodfilm.

Een baby sterft ofnee wordt gered maar sterft prematuur als jong meisje.
Een jong meisje sterft ofnee wordt gered maar sterft prematuur als vrouw midden in haar leven.

Hum.

Ja.

Als het in een ergens geschreven bedoeling vastligt dat je jong zult sterven, zul je ook jong sterven.

Maar als zestiger van de trap pleuren?
Als negentiger doodgaan in het bejaardentehuis?
Dat staat niet op één lijn met de dood van een baby of de (zelfgezochte) dood van een veertienjarige.

Of ook dacht ik eraan dat de dood soms misschien beter is.
Gered zijn van de dood ben je, maar gered voor welk leven?
Een eind aan de gedachte dat het altijd beter is te leven dan te sterven. Tussen heden en morgen als antinatalitische roman?

Ik dacht. Even.

Maar er worden een beetje teveel kinderen geboren hier, en het leven dat de hoofdpersoon leidt in Berlijn is best een goed leven, en anderen leiden goede levens, en het is niet alles kwaad daar.

Ploeteren is het wel.

Het leven is ploeteren, en het gaat teloor waar je bij staat.
De scenes in het bejaardentehuis spreken boekdelen. “De recreatieruimte is vol wensen’; iedereen wenst van alles nog één keer te kunnen, maar niemand kan. Al dat verleden, dat daar ligt, nu onbereikbaar ver. Al die aftakelende, dommelende, oude mensen.

Misschien gaat het over muren.

Echte muren, zoals de Berlijnse, ook in Kairos al zo aanwezig, maar ook de muren die maken dat mensen nooit echt nader tot elkaar kunnen komen. Altijd is er onbegrip, onvermogen, altijd zijn er geheimen, altijd is er antisemitisme, klassenverschil, machtsstrijd, seksisme, onwil. Altijd zijn er barrières die nooit geheel beslecht kunnen worden.

Misschien is het dat.

Dat, en de taal. Het ritme, de herhaling, de perspectiefwisselingen, de verschuivingen, soms is het niet duidelijk wie er aan het woord is of wat er überhaupt gezegd wordt, soms zweef je als lezer in het luchtledige.

Daarmee is Tussen heden en morgen geen voelgoedroman. Niet hoopvol, niet troostrijk. Maar wel verpletterend, hartverscheurend en ongekend bloedjemooi. Erpenbeck laat de taal zingen, de wind blaast hier doorheen de zinnen gelijk door draden. Aardehoorns en elektronische drones. Voor een schrijver is dat niks om je voor te schamen toch zeker!

Jenny Erpenbeck Tussen heden en morgen

Tussen heden en morgen

  • Auteur: Jenny Erpenbeck (Duitsland)
  • Soort boek: Duitse roman
  • Origineel: Aller Tage Abend (2012)
  • Nederlandse vertaling: Elly Schippers
  • Uitgever: De Geus
  • Verschijnt: 25 september 2025
  • Omvang: 272 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook / luisterboek
  • Prijs: € 22,99 / € 13,99
  • Boek bestellen bij: Boekenwereld / Bol / Libris

Flaptekst van de roman van Jenny Erpenbeck

In het stadje Brody sterft aan het begin van de twintigste eeuw een joodse baby. Of toch niet? We zien haar in het volgende hoofdstuk terug als jonge vrouw in Wenen, vlak na de Eerste Wereldoorlog. Daar sterft ze. Of toch niet?

Steeds opnieuw laat Jenny Erpenbeck haar hoofdpersoon doodgaan en toch weer verder leven. Via die mogelijke levens vertelt ze de geschiedenis van de hele twintigste eeuw.

Tussen heden en morgen is een aangrijpende moderne klassieker over leven, dood en toeval van de auteur van Kairos.

Jenny Erpenbeck is geboren op 12 maart 1967 in Oost-Berlijn de voormalige hoofdstad van de DDR. Sinds 1999, toen haar literaire debuut verscheen heeft ze ruim tien boek gepubliceerd. Zonder twijfel is Kairos de roman uit 2021 en waarvoor ze de International Booker Prize ontving, haar bekendste boek.

Bijpassende boeken en informatie

Jean-Paul Heck – Cesar Zuiderwijk

Jean-Paul Heck Cesar Zuiderwijk recensie en informatie boek met het persoonlijke verhaal van de drummer van Golden Earring. Op 18 november 2025 verschijnt bij Uitgeverij Spectrum het boek van Cesar Zuiderwijk dat hij samen schreef met muziekjournalist Jean-Paul Heck. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteurs en over de uitgave.

Jean-Paul Heck Cesar Zuiderwijk recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Cesar, geschreven door Jean-Paul Heck, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

  • “Radar Love is de drumpartij die elke werelddrummer zelf had willen verzinnen.” (Roger Taylor, drummer van Queen)

Recensie door de redactie

Zonder twijfel is Cesar Zuiderwijk één van de bekendste drummers van Nederland. Wat niet vreemd is als je decennia lang het slagwerk hebt bespeeld in golden Earring, zonder twijfel de bekendste en succesvolste Nederlandse rockband. En decennia lang spelen in de band heeft uiteraard een aantal boeiende verhalen opgeleverd.

In dit boek kijkt Cesar Zuiderwijk samen met schrijver Jean-Paul van Heck terug op zijn enerverende leven in Golden Earring maar ook op zijn leven buiten en na de band die door de dood van George Kooymans veroorzaakt door de slopende ziekte ALS een abrupt einde kende.

Het aardige boek staat vol met anekdotes die verteld worden door Cesar Zuiderwijk zelf maar ook in gespreken met bovenal muzikale vrienden van de drummer. Al met al heeft het een aardig boek opgeleverd dat inzicht geeft in zijn rol in de band, de avonturen die hij beleefde, maar ook inzicht geeft in de drijfveren van Zuiderwijk.

Cesar is een vermakelijk boek geworden dat prettig leest omdat Jean-Paul Heck een vlotte pen heeft en de verhalen beeldend tot leven weet te brengen. Niet dat je nu alles over Cesar Zuiderwijk en Golden Earring te weten, maar een aantal uren aangenaam en plezierig leesplezier levert het boek wel op. Gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (zeer goed).

Jean-Paul Heck Cesar Zuiderwijk

Cesar

Het verhaal van een drummer

  • Auteurs: Jean-Paul Heck, Cesar Zuiderwijk (Nederland)
  • Soort boek: memoir, muziekboek
  • Uitgever: Spectrum
  • Verschijnt: 18 november 2025
  • Omvang: 240 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 22,99 / € 12,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (zeer goed.)
  • Boek bestellen bij: Boekenwereld / Bol / Libris

Flaptekst van het Cesar Zuiderwijk boek

Toen Cesar Zuiderwijk in 1970 lid werd van Golden Earring, had Nederland plots zijn eigen drumheld. Zijn fantastische en onorthodoxe spel, zijn charisma en zijn soms gymnastische gekte maakten hem snel tot een eyecatcher. Golden Earring werd de grootste band van Nederland.

In de jaren 80 lanceerde Cesar het muzikale project Labyrinth, en hij opende zijn eigen drumschool. In 1992 hij kreeg het voor elkaar om 1000 drummers op de Maas in Rotterdam te laten spelen. Hij ging bovendien met zijn eigen programma het theater in. Aan de Earring kwam in 2021 door de ziekte van de dit jaar overleden gitarist George Kooymans een abrupt einde. Maar met de band Sloper, als jurylid van het uiterst populaire televisieprogramma The Tribute: Battle of the Bands, een nieuwe theatertour en de afscheidsconcerten in 2026 blijft de agenda van de drumlegende overvol.

Samen met muziekjournalist Jean-Paul Heck gingen ze langs bij talloze muzikale vrienden en de Hagenees beschrijft tot in detail zijn avonturen met de Earring en alle uitstapjes ernaast. Ook kijkt hij vooruit naar de reeks afscheidsconcerten die Golden Earring zal geven. Cesar. Het verhaal van een drummer is opwindend, verrassend en meeslepend. Net zoals het leven van Cesar Zuiderwijk. 

Bijpassende boeken

Maxime Garcia Diaz – Het netwerk moet gebouwd worden

Maxime Garcia Diaz Het netwerk moet gebouwd worden recensie, review en informatie over de inhoud van het nieuwe boek met gedichten. Op 13 november 2025 verschijnt bij Uitgeverij De Bezige Bij de nieuwe dichtbundel van Maxime Garcia Diaz, de Nederlandse schrijfster. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Maxime Garcia Diaz Het netwerk moet gebouwd worden recensies en reviews

Als er in de media een boekbespreking, review of recensie verschijnt van Het netwerk moet gebouwd worden, het boek met gedichten van Maxime Garcia Diaz, dan besteden we er op deze pagina aandacht aan.

Recensie van Tim Donker

Maar eigenlijk was mijn dochter dus de aanleiding. Want ze werd elf en ze wilde met het hele gezin naar de stad, ze wilde winkelen, en ik wist wel dat dat ook een werkwoord kon zijn maar toch verbaasde het me. En dus in de stad liepen we, in het sentrum van Utrecht liepen we, en ik dacht hier loop ik nooit, over de oude gracht liepen we, en ik dacht, als student kwam ik hier geregeld maar nu kom ik hier nooit meer. Het was zondag. We waren allemaal vrij en we liepen. En Broese was open, verrek, het is zondag en Broese is open dacht ik, en ik wilde naar binnen want hoe vaak kom ik nu helemaal in een boekhandel, in het dorp waar we nu wonen is geen boekhandel, wel een hele gekke winkel die tegelijkertijd huishoudwinkel, opticien, ING- en postkantoor, biologiese supermarkt, speelgoedwinkel, en ook wat boeken verkopende tijdschriftenhandel is, daar heb ik wel eens een Lauwereyns uit de voordeelbakken gevist, monkey business, in zoon idiote winkel gekocht dat ik het nog altijd niet heb durven lezen, Lauwereyns of niet. Maar Broese is een echte boekhandel, een hele grote boekhandel van meerdere verdiepingen, het doet mijn hart deugd dat dat nog kan blijven bestaan, ontlezing zeggen de mensen, maar in het vast niet goedkope sentrum van Utrecht, vooraan op de oude gracht, is een hele grote, misschien net iets te moje boekhandel, en die is open op zondag, en het was er druk ook, misschien omdat er iemand sprak, ik weet het niet, mensen in een boekhandel, er is zoveel, ik wou filosofie, ik wou engelstalig, ik wou proza, ik wou poëzie maarja ik ben de enige boekenliefhebber in het gezin en ik wou niet alle anderen op me laten wachten, ten slotte was het de verjaardag van mijn dochter en niet die van mij, dus ik beperkte me tot de poëziekast. En er sprak iemand, heb ik dat al gezegd, er sprak iemand, iemand werd geïnterviewd, een engelsman, ik meende die stem wel te kennen, volgens mij zoon mannetje dat er op de staatstelevisie wordt bijgehaald als het over klassieke muziek gaat, ik dacht hem wel te kennen, later speelde hij nog iets, cello docht mij en het was niet slecht docht mij, wie was het weer, ik hoefde mijn kop maar boven de poëziekast uit te steken om het te zien maar ik wilde mijn kop niet boven de poëziekast uitsteken, ik wilde de poëziekast en niets dan de poëziekast, best een grote poëziekast hebben ze daar en ik wilde hem helemaal zien en voelen en besnuffelen en betasten en lezen en kijken en zien en zien en zien. Er was moois te vinden. Er werd moois gevonden. Een bundel van Radna Fabias bijvoorbeeld & ik wilde al zo lang een keer een bundel van Radna Fabias, waarom belanden zulke dingen nou nooit eens spontaan op mijn recenseertafel?, en ook dit.

Dit.
Dit is.
Dit is dit.

Maxime Garcia Diaz, ik kende haar eerlijk gezegd niet, Het netwerk moet gebouwd worden. Is wat dit is. Is. Hybride, noemen ze dat niet zo? Want het is poëzie, uiteraard is het poëzie, het stond in de poëziekast dus het moet haast wel poëzie zijn. Maar het is ook techniekfilosofie. Een geschiedenis van het internet. Dag- en fotoboek. Reisverslag. Meer nog – want Sybilaanval is een krankzinnige theatertekst met een uiterst beckettiaanse mis-en-scene. En evengoed zijn er politicologische en sociologische en feministische overpeinzingen. Niet alles is rechtstreeks van Garcia Diaz; rode teksten komen ergens anders vandaan en blauwe teksten komen uit een vertaalmachine. Vele werkelijkheden komen samen dit ongekend intrigerende boek.

Intrigerend in weerwil van alles.

Alles zijnde die dingen die normaal gezien mijn interesse niet hebben. Zoals. Haast alles dat hier aan de orde gesteld wordt.

Maar ik ben oud, Maxime Garcia Diaz, vind je het goed als ik dat als excuus aanvoer?

Ik ben één van die mensen. Ik heb het internet zien komen. Toen ik kind was, was het er nog niet. Wij hadden thuis wel een computer, niet veel mensen hadden een computer, mensen uit de straat kwamen bij ons binnen om te kijken naar de computer. Maar internet hadden we niet. Toen ik studeerde had je van die gasten, mensen als Chananja en Sandra enzo, en die gingen in de pauzes naar het computerlokaal om te “internetten”, het leek iets te zijn om de verveling te verdrijven, een aktiviteit ofzo, je kon misschien net zo goed gaan pingpongen. En toen, later, leek het meer te zijn dan dat. Een Grote Broer. Een dwingeland. Een hulpmiddel dat jou net zo goed dwong als andersom. Het leek me ook iets dat dingen kapot kon maken, ik herinner me spreken met iemand, ergens halfweg de negentiger jaren, over internet in deze trant, en dat mijn gesprekspartner zei Maar als journalist kan jij straks niet om internet heen, en ik zei Wie zegt jou dat ik journalist ben of zijn wil, en waarom kan ik niet om het internet heen, staat dat dan straks voor mijn huis ofzo en moet ik door het internet heen als ik boodschappen wil gaan doen?, want ik dacht nog, toen, dat het iets marginaals kon zijn en blijven, iets dat zou overwajen misschien, er waren tijden dat het er niet was en waarom zouden er geen tijden aanbreken dat het weer weg was. Maar Maxime Garcia Diaz is een millennial, die heeft nooit anders geweten. Die heeft het niet zien komen. Die heeft het aangetroffen. Zoals ik televisie aantrof, en de supermarkt, en auto’s. Zoals mijn kinderen internet aantreffen, en computerspellen, en youtube. En hoe je reflecteert op dingen die je aantreft is anders dan hoe je reflecteert op dingen die je hebt zien komen. En daarom. Intrigeert Het netwerk moet gebouwd worden.

Of Amerika. Maxime Garcia Diaz heeft iets met Amerika, het zit in de genen, ze was daar verschillende malen. Ik was ook ooit in Amerika, in Kentucky dan nog, het is enige tijd her, Bill Clinton was daar toen president, ik vind het een fascinerend land maar ik vind het geen boeiend land, maar Garcia Diaz heeft daar notoire voetstappen liggen, mijn god, Elizabeth Willis was haar scriptiebegeleider, ik zou een moord doen om Elizabeth Willis als scriptiebegeleider te hebben gehad, wat een prachtbundel Address was, tel je zegeningen met zo een scriptiebegeleider, publiceert ze tegenwoordig niet bij New Directions, wat een geniale uitgeverij is dat zeg.

(tegelijk met Het netwerk moet gebouwd worden komt een engelstalige versie uit, die is mij even ontgaan, die stond niet in die poëziekast misschien bij engelstalig maar daar heb ik om vermelde redenen niet meer kunnen kijken, zou het niet wat zijn als de engelstalige versie van dit boek bij new directions uitgekomen is?)

Maxime Garcia Diaz bestrijkt levens, era’s, werelden en haast alles kun je in dit boek wel tegenkomen. Iemand steekt de sociale huurwoning in brand terwijl iemand anders nog binnen was en voelt daarover geen spijt. Honger gaat dood, maag gaat dood, vijand gaat dood. Communistische penetraties in het politieke lichaam. Het geboorterecht van een cybernetische organisatie. Autopoëse versus allopoëse. Deep blue. Kasparov. Een datacenter met een skeuomorfische kramp. (en ik dacht aan die amerikaanse auto’s die eruit zien alsof ze deels van hout gemaakt zijn) (en het datacenter huilt en de hele stad heeft last van verbindingsproblemen). Latour die zegt: Netwerken hebben geen binnenkant, ze bestaan alleen uit randen en Steyerl die zegt: Het internet is niet dood, het is ondood en het is overal. (en Latour dat zal dan wel Bruno Latour zijn maar die Steyerl, die ken ik niet). Computerspellen die ik ten hoogste van naam ken. De Sims, Neopets, Travel Town. Wat je mee zou nemen als je huis in brand stond (Jean Cocteau zou de brand meenemen). Een vader die sterft (althans ik denk dat het de vader is en ook dat hij een niet heel aardige man was) (later vraag ik me af of ik dat laatste oordeel niet moet bijstellen). En een hele moje vrouw een onvoorstelbaar moje vrouw een ongekend moje vrouw heeft een tandenborstel in haar mond.

En al denk ik niet dat ik Imago van Octavio Butler ooit zou willen lezen.
En al is Heal van Strand Oaks niet zoon heel erg goede seedee.
En al is Sophie Schwartz toch wel een heel klein beetje overschat.
En al is Lana Del Ray – ofnee laat maar.
Of Sylvia Plath. Ik herinner me mijn buurman, mijn voormalig buurman, en hoe hij een keer, op straat (want ik kwam hem tegen toen ik een vuilniszak ging weggojen) stond te betogen dat hij Sylvia Plath maar een aanstelster vond, en ik heel erg woke wilde zijn en iets wilde zeggen over Ted Hughes en ook iets over de man in het algemeen maar alles wat ik kon zeggen was dat ik ondanks herhaalde pogingen nooit door De Glazen Stolp was heen gekomen.

Ondanks al die dingen.

Of, wie weet, dank zij.

Weet ik me gegrepen.
Zo heel erg vast gegrepen. Tweehonderdvijftig pagina’s lang.

Door de foto’s de onderwerpen de stijlen de afwisseling, of zinnen.

Zinnen als “Toen ik een Amerikaan was / heette ik Meilissa”; “Toen ik een meisje was zat ik op de computer / Toen ik op de computer zat was ik een god/ / probleem/ Amerikaan/ volwassen man/zoon / van mijn vader/lichaam in wachtstand.”; “ik ben nooit offline gegaan”; “wij weten dat Pepto-Bismol roze is / maar we weten niet wat Pepto-Bismol is”; “ik wil niet naar België ik wil dood”; “in het ziekenhuis vuur ik een machinegeweer af / om hen god te laten vrezen”; “nooit voor Amerika buigen”; “als er een introverte Amerikaan wordt geboren / nemen ze hem mee naar de achtertuin / en schieten hem af” –

en ik denk aan het internet of body en aan alles wat ik vreesde en aan de dystopie die ons wacht.

Of misschien.

Dit is alles gezien door de ogen van een millennial.
Ik sprak een millennial ooit. Op een van mijn postrondes. Ze deed me denken aan Iris. Wat een ontzettend fantastisch gesprek zich ontspon. Ze deed de academische pabo, liep stage, en vond “de huidige generatie” al iets om zich over te verbazen, en ik weet niet of dat me heel erg oud deed voelen of juist weer een heel stuk jonger. Maar Het netwerk moet gebouwd worden deed mij, iemand die het internet heeft zien komen (zei ik dat al?), denken aan de nuttige ficties van Hans Vaihinger, hoe kantiaans wil je de wereld hebben, de narratieven die we hanteren om de wereld kenbaar beheersbaar overzichtelijk te maken, misschien is alles online niet anders dan een nuttige fictie, “de handelingen ceremoniëel maar echt”. Er is geen onderscheid tussen het alsof en de voeten op de grond – er is geen ding an sich, alleen wat wij ervan maken.

Het netwerk moet gebouwd worden sloopt het karkas van je zienswijzen en start daarna opnieuw op. En krachtiger dan dat zul je poëzie nooit krijgen. Dus wacht niet tot uw dochter jarig is maar haast u. Want ja. Zo mooi dus kan literatuur zijn.

Maxime Garcia Diaz Het netwerk moet gebouwd worden

Het netwerk moet gebouwd worden

  • Auteur: Maxime Garcia Diaz (Nederland)
  • Soort boek: gedichten, poëzie
  • Uitgever: De Bezige Bij
  • Verschijnt: 13 november 2025
  • Omvang: 240 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Prijs: € 25,00
  • Bestelmogelijkheden boek >

Flaptekst van de nieuwe dichtbundel van Maxime Garcia Diaz

Wat is een computer? Is de Amerikaanse eeuw al voorbij? Alles gaat dood, dood, dood. De stad, het internet, ____ _____. Het netwerk moet gebouwd worden is een hybride poëziebundel, gelijktijdig uitgegeven in het Nederlands en Engels, die verschillende vormen en genres mengt om een labyrintische geschiedenis op te tekenen. Deze veelvormige bundel trekt als een verwrongen reisverslag langs de data centers van Nederland en de siliconen valleien van Amerika, langs een Amsterdamse kindertijd en een universiteitsstad in Iowa.

Het netwerk moet gebouwd wordenis een persoonlijk onderzoek naar het dode scherm, de geannuleerde stad, het falen van taal en representatie, naar de waanzinscène en het kraakpand, de servers en de sociale huurwoningen, verlies en verzet. Deze computer spreekt Engels omdat hij Amerikaanse botten heeft; deze machine vermoordt fascisten omdat ze wil moorden. Alles gaat dood, behalve Neopets.

Maxime Garcia Diaz schrijft poëzie en proza in zowel het Nederlands als het Engels. Ze studeerde cultuurwetenschappen aan de Universiteit van Amsterdam en poëzie aan de Iowa Writers’ Workshop. In 2019 won ze het NK Poetry Slam. Ze debuteerde in 2021 met Het is warm in de hivemind, een bundel die lovend werd ontvangen en bekroond met de C. Buddingh’-prijs, de prijs voor het beste poëziedebuut van het jaar. Haar tweede poëziebundel, Het netwerk moet gebouwd worden verscheen in november 2025 in het Nederlands en Engels.

Bijpassende boeken

Vrouwkje Tuinman – De straaljager

Vrouwkje Tuinman De straaljager recensie en informatie over de inhoud van de roman van de Nederlandse schrijfster. Op 13 november 2025 verschijnt bij Uitgeverij Cossee de nieuwe roman van Vrouwkje Tuinman, de uit Nederland afkomstige schrijfster en dichteres. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Vrouwkje Tuinman De straaljager recensie

Vrouwkje Tuinman stuitte op het waargebeurde verhaal van Jan Mieremet en raakte erdoor gefascineerd. Hij was in de eerste helft van de twintigste eeuw uitgegroeid van een eenvoudige melkboer tot een wichelroedeloper en bovenal een man die beweerde de negatieve effecten van aardstralen te kunnen bestrijden met behulp van een kastje dat hij zelf had ontwikkeld. Hij wist een flinke groep mensen te overtuigen van de positieve werking van zijn uitvinding tot in Amerika aan toe maar overtuigend wetenschappelijk bewijs voor zijn beweringen bleven uit.

In de roman voert Vrouwkje Tuinman rechercheur Peeters op die in 1961 wordt opgeroepen als de brandkast van Mierenmet gestolen wordt met hierin de tekeningen en blauwdruk van zijn uitvinding. Alhoewel de personage Peeters door de schrijfster verzonnen is, heeft ze hierdoor een mooie haak om het boeiende levensverhaal van Mierenmet te vertellen.

Het verhaal krijgt actualiteit omdat het gaat over de waarheid, tegenover alternatieve waarheden en laat zien dat dit fenomeen niet iets is wat alleen nu aan de orde is maar ook in vroeger tijden speelde. Tuinman heeft met deze roman een boeiend portret geschreven over een man die waarschijnlijk heilig geloofde in zijn eigen uitvinding en de strijd die hij zijn hele leven voerde voor erkenning. Een boeiende roman die gewaardeerd is met ∗∗∗∗ (uitstekend).

Vrouwkje Tuinman De straaljager

De straaljager

  • Auteur: Vrouwkje Tuinman (Nederland)
  • Soort boek: Nederlandse roman
  • Uitgever: Cossee
  • Verschijnt: 13 november 2025
  • Omvang: 256 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 24,99 / € 14,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de roman van Vrouwkje Tuinman

Als rechercheur Peeters midden in de nacht naar een plaats delict wordt geroepen, treft hij daar een wat verwarde oude man. Zijn brandkast blijkt gestolen – en daar zat meer in dan geld alleen. Deze Jan Mieremet, ooit Nederlands bekendste wichelroedeloper, weet zeker dat het de dief te doen is om iets totaal anders: ‘Mijn hele leven zit in die kluis.’ Om het onderzoek op gang te krijgen, zal Peeters dat leven moeten doorgronden – Mieremet is uitgegroeid van melkboerknecht, pianist en magnetiseur tot een roemruchte aardstralenbestrijder. Zijn klanten komen uit alle rangen en standen, tot het Koninklijk Huis aan toe. Ondanks de kritiek en weerstand weet Mieremet naarmate hij ouder wordt met steeds meer zekerheid hoe de wereld in elkaar steekt. En dat hij die kennis moet uitdragen.

De straaljager is het portret van een eigenzinnige man die door een heilig geloof in zichzelf anderen weet te redden. Een ongelooflijk maar waargebeurd verhaal over de aantrekkingskracht van alternatieve waarheden, over gedrevenheid en buiten de kaders durven leven.

Vrouwkje Tuinman is geboren op 14 september 1974 in Den Bosch.  Ze schrijft artikelen, columns en recensies voor onder meer TrouwPreludium en het Concertgebouw. Ze publiceerde vier romans, een novelle en zes dichtbundels. In 2010 ontving ze de Halewijnprijs voor haar werk tot dan toe. Haar roman Afscheidstournee (2016) werd ook lovend ontvangen. In september 2019 verscheen haar dichtbundel Lijfrente, die bekroond werd met de Grote Poezieprijs 2020. In 2022 verscheen Tijdelijk verblijf en kreeg Tuinman van de stad Utrecht de C.C.S. Croneprijs voor haar hele oeuvre.

Bijpassende boeken

L.H. Wiener – In verlatenheid

L.H. Wiener In verlatenheid recensie en informatie autobiografische roman van de Nederlandse schrijver. Op 5 november 2025 verschijnt bij Uitgeverij Pluim het boek van L.H. Wiener. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

L.H. Wiener In verlatenheid recensie van Tim Donker

L.H. Wiener, een man met zo’n uitgebreide bibliografie, en zo’n bekende naam, maar wat las ik van hem?, ik weet dat Nestor in mijn kast staat, mijn kast nog te lezen, ben in dat Nestor een paar keer in begonnen maar ik kom er gek genoeg nooit doorheen, ging het niet over een vogel ofzo?, ik weet het niet meer en kan het boek ook niet meer vinden, het stond, het staat, het hoort te staan in mijn kast nog te lezen, ooit twee IKEA-boekenkasten vol, in de kamer hier recht boven, bedoeld, ooit, als werkkamer maar niemand werkt er ooit en bij en bij wordt het meer een opslagkamer, de twee IKEA-boekenkasten (Billy heten die geloof ik) zijn overstroomd, en er staan nu vele rijen boeken voor, boeken nog te lezen, ik wil altijd veel meer boeken lezen dan ik daadwerkelijk lees maar ik kan niet meer lezen, ik heb maar één  hoofd helaas, en voor die rijen en rijen boeken voor de boekenkasten zijn weer andere spullen gezet en daarvoor zijn inmiddels ook weer nieuwe rijen boeken gerezen, ergens in die kamer moet Nestor staan, ging het niet over een uil ofzo?, ik weet het niet meer, ik kwam er nooit doorheen, ik kocht het boek pas naderhand, toen ik al besloten had dat L.H. Wiener een goed schrijver was, maar wat had ik van hem gelezen dat me dat deed besluiten, was het een boek, of stond hij ooit in Raster misschien?, hij staat in mijn hoofd als een goed schrijver, maar een beetje latent, want ik kan het oordeel nu nergens meer aan verbinden, hij staat ook in mijn hoofd als een licht experimenteel schrijver, niet hardekern-experimenteel, maar wel iemand die zich van traditie en van stijlen en genres en de grenzen daartussen niet zoveel aantrekt, en In verlatenheid leek die indruk aanvankelijk te versterken.

Want ik kon me in eerste nog wel afvragen wat het nu precies was wat ik daar in mijn handen hield, een bewustzijnsstroom, een bundeling columns misschien, of zeg thematies verwante zkv’s, maar gaandeweg krijgt In verlatenheid toch steeds meer het karakter van een roman, of een novelle, ik weet niet exactelijk waar de grens ligt, 207 pagina’s praten we hier, maar een tamelik groot lettertiep, en een schrijfstijl die maakt dat je dit in een achternamiddag uitleest, wat geen kritiek wil zijn, integendeel misschien, ofnee dat ook weer niet, er zijn geen integendelen als het om literatuur gaat, nu eens is dit de beste manier om binnen te geraken, dan weer dat, een boek alleszins, laat ik het daarop houden, over een al wat oudere man, en omdat de tekst zelf al genoeg argumenten aandraagt om het als autobiografies te zien zal ik zo vermetel zijn in die oudere man Wiener zelve te vermoeden, die alleen is, een vrouw is weggegaan, de ook als Kenau gekende Laatste Vriendin, ze ging, en nu, in de woorden van Malcom Middleton: “now you’ve gone / and left me / and there’s nothing here / but a tenner in my pocket / and a fridge full of beer”, al zal het in Wieners geval eerder wijn zijn, een relatiebreukboek dus, is dat een term?, zonee dat munt ik hem graag bij dezen, relatiebreukliedjes zijn er vele toch?, vroeger noemde ik ze wel break up songs, dan ik kon ik dingen zeggen als “Ich mag dich einfach nicht mehr so van Tocotronic is misschien wel de mooiste break up song allertijden”, maar nu weet ik niet meer of dat wel helemaal waar is en zeker niet of het wel zo gezegd moet worden, in ieder geval toch, een boek over een man alleen, met zijn dagdagelijksheden, zijn bekommernissen, en zijn gedachten.

Natuurlijk is het dat laatste dat dit boek zo interessant maakt.

Wiener, of noem hem Lo, want zo wordt hij ergens in dit boek aangeschreven, peinst wat af, en dat is soms heel grappig, soms schrijnend, soms keelschroevend, soms ontroerend, soms platvloers, soms afgezaagd, soms mooi, soms pretentieus, als dat gaat in een leven, een mannenleven, het leven van een man alleen, een wat oudere man alleen, die zich doorheen zijn dagen slaat, nu Laatste Vriendin ervandoor is en je wel zoon beetje peinzen kunt dat de laatste benen van je leven hun beste tijd hebben gehad, zodat er in ieder geval veel meer herinneringen resten dan er nog vooruitzichten zijn, aan de auteur als kind of als jonge man, aan zijn tijd als leraar op een middelbare school, toen hij ijverde voor wat in modern jargon wel “de onderpresterende hoogbegaafde” heet, want tegenwoordig is iedereen hoogbegaafd, iets daaraan raakte me, vanwege, denk ik, mijn toch niet onintelligente zoon die er nu in 2 VWO met de per naar gooit, een nogal smotsige pet zelfs zou ik zeggen, precies om de reden die Wiener ergens in dit boek haarscherp omschrijft, inderdaad ziet hij heel het instituut school als saai en geestdodend, terwijl zijn geest, meen ik als vader, niet gedood mag worden, maar vliegen moet, ik wens hem een leraar toe als Wiener zegt te zijn geweest, en de dingen zijn geweest, in dit boek is vooral heel veel geweest, want als de weg vooruit nog maar weinig te zien laat, rest niks anders dan de achteruitkijk, maar dat zei ik al.

De dagdagelijksheid geeft tochtjes te zien door Haarlem, naar de bibliotheek, want daar, op zolder, doet Wiener klaarblijkelijk zijn schrijfwerk, ik heb iemand gekend die altijd naar een kaffee in Den Haag ging om te schrijven, een dichter was dat, niet meteen ’s lands bekendste dichter maar toch iemand met een redelijk aantal bundels op zijn naam, ik heb dat altijd een beetje aanstellerig gevonden, zo koket gaan zitten schijven in een publieke gelegenheid, terwijl schrijven bij uitstek iets is dat overal kan en waarvoor je zeker niet de deur uit hoeft, het kan in het bed waarin je wakker werd als het moet, zelf heb ik al eens tijdens het koken aan het aanrecht staan schrijven, maar misschien is het als je meer bent dat een hobbyschrijver of een piepklein besprekerken wel nodig om echt het huis uit te gaan om het werk te verzetten dat verzet moet worden en dat binnenshuis misschien bedolven zou worden onder was en vaat en zitten en treuren en wijn, of naar de winkel, ik vond die scene met die zwerver en die fiets wat anekdotisch van aard, de scene met de pubermeisjes ging wat mij betreft over een grens of drie of vier maar dat maakt het misschien des te openhartig, naar de jachthaven, want Wiener (ja ik hou vol dat hij het gewoon zelf is) heeft een zeilschip dat af en toe onderhoud nodig heeft, en varen misschien, dat poes Sarah hierbij verdronk is iets wat ik nog altijd niet verkroppen kan, maar ik ben een groot, een zeer groot, een heel erg groot kattenliefhebber, of, soms, naar een vrouw, misschien maar de buurvrouw, dan moet je niet te ver lopen, of anders allicht een niet ver uit de buurt wonende ex die hem, de ik, Lo, of, ja, Wiener, altijd als haar grote liefde is blijven zien, dat is mooi toch?, misschien een beetje triest als er veertig contactloze jaren zijn geweest, maar het is mooi om iemands grote liefde te zijn geweest, toen ik een jaar of negentien was kwam ik in de trein Lonneke tegen, die mijn vriendinnetje was op de lagere school, toen we beiden een jaar of acht, negen, tien waren, veel langer kan dat niet geduurd hebben, maar toen, in de trein, zei ze tegen me Je was mijn eerste grote liefde, en van het station tot aan het huis op de Boschdijk waar ik in die dagen woonde liep ik op wolken.

Een boek over liefde, zeg gerust.
Een relatiebreukboek over liefde.
Over alle liefde.
Liefde voor een kat, liefde voor vogels, liefde voor zeilen, liefde voor vrouwen, liefde voor literatuur.

Dat laatste, ja, daarin brengt Wiener helaas weinig verrassing, de schrijvers waarmee hij afkomt zijn tot op het bot gekend, Shakespeare, Hermans, Nabokov, Flaubert, Fitzgerald, Chaucer, altijd weer dezelfden, altijd weer die eeuwig zelfden, schoon je referenties een keer op man, woorden van deze aard (maar dan anders), sprak de Huub goedkeurend tot mij toen ik tijdens een redactievergadering als jonge stagiair het voornemen uitsprak een artikel over literatuur te schrijven gebaseerd op een uitspraak van Zappa, goedkeurend omdat ik met Zappa voor iets anders koos dan die altijd weer eeuwig zelfden, maar het uiteindelijke artikel vond hij niks, en hier geldt het omgekeerde: voor een aanzet tot verdere lezing moet je niet bij Wiener zijn, slechts voor deze, enkele, deze, huidige, lezing, van dit hier boek, deze In verlatenheid.

Want verlaten zijn we allemaal.
Demonen hebben we allemaal.
En doorgaan doen wel allemaal.

De ene voet voor de andere.

In verlatenheid is een meer dan aardig werkje. Je kunt je erdoor laten troosten. En dan lachen, of dan een traan. Je kunt het ook gewoon lezen natuurlijk. En een hele fijne middag hebben.

L.H. Wiener In verlatenheid

In verlatenheid

  • Auteur: L.H. Wiener (Nederland)
  • Soort boek: autobiografische roman
  • Uitgever: Uitgeverij Pluim
  • Verschijnt: 5 november 2025
  • Omvang: 208 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Prijs: € 23,99
  • Boek bestellen bij: Boekenwereld / Bol / Libris

Flaptekst van de L.H. Wiener roman

Nadat zijn Laatste Vriendin hem verlaten heeft gaat Lodewijk Wiener, gepensioneerd docent, gebrekkige minnaar en geboren schrijver, de wanhoop te lijf en op zoek naar een manier om de eenzaamheid te over- winnen. Hij blikt terug op zijn leven en legt vast wie hij was of had willen zijn, nu de onvermijdelijke Dood, nog wat talmend, maar onvermurwbaar, op weg is naar zijn huis. Niet anoniem passeren is tenslotte het credo van iedere schrijver.

L.H. Wiener is geboren op 16 februari 1945 in Amsterdam, Hij debuteerde in 1966 met een kort verhaal in Tirade. Zijn jarenlange schrijverschap resulteerde in een breed gevarieerd oeuvre. Voor zijn roman Nestor ontving hij in 2002 de F. Bordewijk-prijs. Zijn roman De verering van Quirina T. werd genomineerd voor de shortlist van de Libris Literatuur Prijs. Zijn laatste roman, Zeeangst (∗∗∗∗), werd eveneens alom bejubeld.

Bijpassende boeken

Jonas Jonasson – Hoe de Zweden het dromen uitvonden

Jonas Jonasson Hoe de Zweden het dromen uitvonden recensie en informatie over de inhoud van de nieuwe roman van de Zweedse schrijver. Op 4 november 2025 verschijnt bij A.W. Bruna Uitgevers de Nederlandse vertaling van Det rådiga kommunalrådet, de novelle van de uit Zweden afkomstige schrijver Jonas Jonasson. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Jonas Jonasson Hoe de Zweden het dromen uitvonden recensies

  • Het is een onderhoudend, heel kort boek… met zo’n 130 pagina’s is het veel korter dan andere Jonasson-romans, maar het zit nog steeds boordevol charmante ondeugendheid.” (NDR-Kultur)

Recensie van de redactie

Voor wie al eerder een boek van de Zweedse bestesellerschrijver Jonas Jonasson gelezen heeft zal deze korte roman een feest der herkenning zijn. Het verhaal van het boek bevat ook nu weer de zo kenmerkende elementen zoals de onderkoelde droge humor, gebruikt in licht absurdistische scenes waarin uiteraard nog wel een serieuze ondertoon te vinden is.

Vanzelfsprekend leest het boek gemakkelijk weg wat voor al de romans van Jonas Jonasson geldt. Maar gezien de beperkte omvang van dit boek, heb je het uitgelezen in een mum van tijd. Wellicht had de schrijver een langer verhaal van kunnen maken, maar in dit geval is het prima dat hij dat niet heeft gedaan.

Voor wie nog nooit wat van de Zweedse schrijver heeft gelezen is het een mooi begin. En heb je al eerder wat van hem gelezen, dan weet je wat je ongeveer te wachten staat en gelukkig is dat geen straf. Het boek is door onze redactie gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (zeer goed).

Jonas Jonasson Hoe de Zweden het dromen uitvonden

Hoe de Zweden het dromen uitvonden

  • Auteur: Jonas Jonasson (Zweden)
  • Soort boek: Zweedse roman
  • Origineel: Det rådiga kommunalrådet (2024)
  • Uitgever: A.W. Bruna Uitgevers
  • Verschijnt: 4 november 2025
  • Omvang: 128 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek / ebook / luisterboek
  • Prijs: € 20, / € 12,99 / € 13,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗∗ (zeer goed).
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van het nieuwe boek van Jonas Jonasson

Een charmante, grappige novelle van Zweedse meesterverteller Jonas Jonasson.

Overal ter wereld slapen mensen gelukkig in de verrukkelijke bedden van het merk Traumbett, gemaakt in Hamburg, Duitsland. Overal? Nee, alleen in Zweden heeft het bedrijf zich nog niet kunnen vestigen. Dit wil de nieuwe eigenaar Konrad Kaltenbacher Jr. snel veranderen. En als het aan Julia, de burgemeester van het Zweedse provincieplaatsje Halstaholm, ligt, zou Traumbett met zijn 800 nieuwe banen allang al bij hen in het dorp gevestigd moeten zijn.

Om de Duitsers van de voordelen van haar stad te overtuigen, start Julia vastberaden een charmeoffensief dat zijn weerga niet kent: van de plots hernoemde Angela-Merkel-rotonde, natuurlijk met zwart-rood-gouden beplanting, tot een gloednieuw gebouwde Duitse school onder leiding van drie bejaarde juffen én een heuse ‘Bierstube Badehaus’ – het zwembad stond immers toch al jaren leeg!

De burgemeester betrekt alle inwoners bij haar offensief – ze is het namelijk gewend om haar zin te krijgen. Deze vastberadenheid imponeert én charmeert ook Konrad Junior.

Jonas Jonasson is geboren op 1 juli 1961 in Växjö, Zweden. Hij woont op het eiland Gotland, in de Oostzee. Jarenlang is hij journalist en mediaconsultant geweest. Zijn debuutroman De 100-jarige man die uit het raam klom en verdween was een ongekend fenomeen. Wereldwijd is deze in meer dan 45 talen uitgegeven. Ook zijn latere boeken werden stuk voor stuk bestsellers Al Jonassons boeken worden gekenmerkt door doldwaze plots vol verrassende wendingen, flamboyante personages, humor en een verraderlijke lichtvoetigheid – met een serieuze ondertoon over wat er in de wereld mis is.

Bijpassende boeken en informatie

Het grote literatuurboek

Het grote literatuurboek recensie en informatie boek over de geschiedenis van de wereldliteratuur. Op 3 november 2025 verschijnt bij Uitgeverij Noordboek de Nederlandse vertaling van The Literature Book, het boek over de geschiedenis van de wereldliteratuur. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteurs en over de uitgave.

Het grote literatuurboek recensie

Natuurlijk is er bovenmatig veel te schrijven en vertellen over de wereldliteratuur. En wat de inhoud van het boek zal zijn, altijd kun je er kritiek op uitoefenen, klagen dat sommige boeken en auteurs vergeten zijn of precies het tegenovergestelde dat er veel te veel aandacht voor is. Toch is het grote literatuurboek een geslaagde poging.

Op levendige wijze wordt in korte en goedgeschreven artikelen verteld over de geschiedenis van de literatuur, boeken en verhalen door de eeuwen heen. En de artikelen zijn op een aangename wijze verrijkt met goede afbeeldingen en foto’s, soms met verhelderende schema’s die dwarsverbanden en invloeden duidelijk zichtbaar maken.

Voor deze vertaling is het boek uitgebreid met hoogtepunten uit de Nederlandse en Vlaamse literatuur waarvoor in de oorspronkelijk uitgave geen aandacht is. Dat het boek hierdoor wel een wat vertekend beeld geeft over de importantie van de literatuur uit de Lage Landen is niet erg.

Al met al is het boek een geslaagde poging om de wereldliteratuur enigszins inzichtelijk te maken. Bovendien nodigt het uit om romans, poëzie en andere literatuur te herlezen om voor het eerst te ontdekken. Kortom een goed boek voor iedereen die iets meer over de wereldliteratuur te weten wil komen en geïnspireerd wil raken. Gewaardeerd met ∗∗∗∗ (uitstekend).

Het grote literatuurboek

Het grote literatuurboek

  • Auteurs: Diverse auteurs
  • Nederlandse bewerking: Jan Bos
  • Nederlandse vertaling: Joost Zwart
  • Uitgever: Noordboek
  • Verschijnt: 3 november 2025
  • Omvang: 352 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek
  • Prijs: € 39,90
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen bij: Boekenwereld / Bol / Libris

Flaptekst van het boek over de wereldliteratuur

Het grote literatuurboek is de perfecte introductie tot de ideeën achter de literaire meesterwerken van ’s werelds grootste auteurs. Het beschrijft de belangrijkste romans, verhalen, toneelstukken en gedichten uit alle continenten en culturen – inclusief Nederland en Vlaanderen – aan de hand van de veranderende ideeën over literatuur en literaire stromingen.

Dit rijk geïllustreerde boek bevat meer dan honderd baanbrekende ideeën over grote literaire werken. Ze worden toegelicht aan de hand van auteursbiografieën, kernconcepten, tijdlijnen, portretten, mindmaps en andere afbeeldingen.

Samengesteld door een internationaal team van literatuurexperts, waaronder Richard Gilbert, Diana Loxley, Kirsty Seymour-Ure, Marek Walisiewicz en Christopher Westhorp.

Bijpassende boeken

Nora Fischer – Hoogspanning

Nora Fischer Hoogspanning recensie en informatie boek van de Nederlandse operazangeres over hoe ze haar stem verloor. Op 3 november 2025 verschijnt bij Uitgeverij Pluim het boek van operazangeres Nora Fischer over hoe ze haar stem verloor. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en over de uitgave.

Nora Fischer Hoogspanning recensie van Monique van der Hoeven

Als klassiek geschoold zangeres ken ik de prachtige, spetterende optredens van Nora Fischer. Toen ik jaren geleden een concert van haar bezocht was ik onder de indruk van de weg die zij als zangeres gevolgd had – conservatorium niet afgemaakt en afgereisd naar Kopenhagen om daar aan het Complete Vocal Institute te studeren. Haar programma was zó belichaamd, doorleefd en ze gebruikte allerlei niet-klassieke tools. Ik vond het geweldig.

In haar boek Hoogspanning beschrijft Nora Fischer echter rauw de andere kant van dit plaatje. Ze groeide op in een muzikaal gezin en werd verliefd op het instrument zangstem. Ze had er ook buitengewoon talent voor en ging klassieke zang studeren. Ze was echter niet op zoek naar een “standaard klassiek geluid” zoals dat werd onderwezen, want ze was best tevreden met haar stem en wilde graag andere dingen leren. Haar carrière nam een grote vlucht en ze trad op met grote orkesten en dirigenten en op de mooiste podia die je je maar voor kunt stellen. Het lijkt een droomleven voor veel mensen.

Maar in Nora’s leven liep het anders. Heel eerlijk vertelt ze daarover in haar boek. Ze vertelt over de angst en de spanning om “het niet te halen” en ze vertelt het heel persoonlijke verhaal van de band met haar zus. Ze vertelt hoe ze lange tijd niet anders kon dan doorzingen – tot haar stem het letterlijk begaf. Tot ze terecht kwam in “hoe harder ik oefende, hoe slechter het ging”. En toen was het tijd voor iets anders. En dat vond ze – want uiteindelijk vond ze de weg naar de verbinding met haar eigen bron van creativiteit en inspiratie weer terug. En kon ze haar verhaal vertellen – opnieuw op het podium.

Ik heb Nora’s boek in één ruk uitgelezen. Ze heeft een vlotte schrijfstijl en wat ze schrijft is zo persoonlijk, dat het voelt of je met haar aan tafel zit. Een verhaal over de Imposter, die soms zó groot kan worden, dat hij alles overheerst. Maar ook een verhaal van hoop – dat je de weg terug kan vinden, ook al kost dat wel wat. Een prachtig, schrijnend en tegelijkertijd zó krachtig verhaal over het vinden van je authentieke stem. Ook een bijzondere inkijk in backstage kant van de concertwereld.

Een enorme aanrader! Gewaardeerd met ∗∗∗∗ (uitstekend).

Nora Fischer Hoogspanning

Hoogspanning

Hoe ik mijn stem verloor

  • Auteur: Nora Fischer (Nederland)
  • Soort boek: memoir, boek over zingen
  • Uitgever: Uitgeverij Pluim
  • Verschijnt: 3 november 2025
  • Omvang: 224 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 22,50 / € 14,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen bij: Boekenwereld / Bol / Libris

Flaptekst van het boek van zangeres Nora Fischer over haar stemproblemen

Een verhaal over verstikkend perfectionisme en het verlies van plezier.

Als zangeres met een succesvolle internationale carrière reist Nora Fischer de hele wereld over. Ze geniet ervan te zingen. Tot haar drang tot perfectie haar totaal verlamt en zelfs bètablokkers haar niet meer helpen haar angst onder controle te houden. Ze kan geen noot meer uitbrengen. Terwijl Nora’s stem verstilt zakt ook haar geliefde oudere zus steeds dieper in het duister.

Hoe kan het dat twee zulke getalenteerde, levenslustige vrouwen allebei niet meer verder kunnen? Met die vraag begint Nora Fischer aan een speurtocht door haar leven.

In 2024 vertelde Fischer dit verhaal in haar veelgeprezen voorstelling De Sprong, die ze meer dan twintig keer door Nederland speelde. Over de artistieke en persoonlijke reis achter dit verhaal werd een documentaire gemaakt die in november 2025 zal worden uitgezonden bij het Uur van de Wolf, vlak na de publicatie van het boek.

Nora Fischer is geboren in 1987 in Londen. Ze is een gevierd zangeres. Zij is veelzijdig en nieuwsgierig, wat haar bracht van het Concertgebouw tot Lowlands, van samenwerkingen met Pierre Audi tot Louis Andriessen. In 2020 moest zij het zingen opgeven toen haar stem het begaf. Hierover maakte ze de veelgeprezen voorstelling De sprong.

Bijpassende boeken