Tag archieven: Recensie

Samantha Harvey – In Orbit

Samantha Harvey In Orbit recensie en informatie over de inhoud van de Engelse roman en winnaar van de Booker Prize 2024. Op 6 februari 2025 verschijnt bij Uitgeverij De Bezige Bij de Nederlandse vertaling van de roman Orbital van de uit Engeland afkomstige schrijfster Samantha Harvey. Hier lees je informatie over de inhoud van de roman, de schrijfster en over de uitgave.

Samantha Harvey In Orbit recensie en informatie

  • “In orbit is overweldigend mooi.” (The New York Times)
  • “In deze compacte roman lijkt Harvey alle menselijkheid te vatten. Het is een ongelooflijke prestatie.” (The Observer)

Samantha Harvey In Orbit recensie van Tim Donker

Ach dit neemt gewoon een klein beetje krijgen gewend aan. Was wat ik in eerste dacht. Een zweem van (kosmologische?) (hah!) eindeloosheid maar al gauw kwamen er prachtvolle vergezichten doorheen geschemerd. “Aan boord van het station is het dinsdagochtend kwart over vier, begin oktober. Buiten is het Argentinië is het Zuid-Atlantische Oceaan is het Kaapstad is het Zimbabwe. Over haar rechterschouder fluistert de aarde de ochtend – een ragfijn kiertje vloeibaar licht. Stil glijden ze door tijdzones.” is zoon schemering van schoonheid en “Met zijn zessen in een grote metalen H die boven de aarde hangt. Ze buitelen rond, vier astronauten (Amerikaans, Japans, Brits, Italiaans) en twee kosmonauten (Russisch, Russisch); twee vrouwen, vier mannen, één ruimtestation dat uit zeventien met elkaar verbonden modules bestaat, achtentwintigduizend kilometer per uur. Zij zijn de laatste zes in een lange reeks, het is niets bijzonders meer, gewone astronauten in de achtertuin van de aarde. De fantastische, ongelooflijke achtertuin van de aarde. Ze draaien traag zwevend over de kop en botsen zachtjes, hoofd tegen heup tegen hand tegen hiel, ze draaien en draaien met de dagen. De dagen vliegen om. Ieder blijft hier een maand of negen – negen maanden dit gewichtloos zweven, negen maanden dit gezwollen hoofd, negen maanden dit hutjemutje, negen maanden dit richting aarde staren, dan weer terug naar de geduldige planeet.” is een ander, is waar het op gang begint te komen; met “het zogend gedierte […] in zijn sluwste, meest opportunistische vorm, de vuurstokers, de steenhakkers, de ijzersmelters, de bodemploegers, de godsaanbidders, de tijdzeggers, de schipzeilers, de schoenendragers, de graanhandelaars, de landontdekkers, de systeembedenkers, de muziekwevers, de liedzangers, de verfmengers, de boekbinders, de nummervreters, de pijlengooiers, de atoomobserveerders, de lichaamsversierders, de pillenslikkers, de haarklovers, de hoofdkrabbers, de verstandbezitters, de verstandverliezers, de allesjagers, de dooduitstellers, de overmaatminnaars, de overmatige minnaars, de liefdeszoekers, de liefdeblinden, de liefdemissenden, de liefdelievenden, het ding op twee benen, de mens. Boeddha kwam om zes seconden voor middernacht, een halve seconde daarna de hindoegoden, na nog een halve seconde kwam Jezus en anderhalve seconde daarna Allah. In de laatste seconde van het kosmische jaar komen de industrialisatie, het fascisme, de verbrandingsmotor, Augusto Pinochet, Nikola Tesla, Frida Kahlo, Malala Yousafzai, Alexander Hamilton, Viv Richards, Lucky Luciano, Ada Lovelace, crowdfunding, atoomsplitsing, Pluto, surrealisme, plastic, Einstein, Flo-Jo, Sitting Bull, Beatrix Potter, Indira Gandhi, Niels Bohr, Calamity Jane, Bob Dylan, het RAM-geheugen, voetbal, rauhfaser, ontvrienden, de Russisch-Japanse Oorlog, Coco Chanel, antibiotica, de Burj Khalifa, Billy Holiday, Golda Meir, Igor Stravinsky, pizza, thermosflessen, de Cuba-crisis, dertig Olympische Zomer- en vierentwintig Winterspelen, Katsushika Hokusai, Bashar Assad, Lady Gaga, Erik Satie, Muhammad Ali, de deep state, de wereldoorlogen, vliegen, cyberspace, staal, transistoren, Kosovo, theezakjes, W.B. Yeats, donkere materie, de spijkerbroek, de effectenbeurs, de Arabische Lente, Virginia Woolf, Alberto Giacometti, Usain Bolt, Johnny Cash, anticonceptie, de diepvriesmaaltijd, het springveermatras, het higgsdeeltje, bewegend beeld, het schaakspel.” is er stoom, wat een prachtig godverdomsedagenopeengodverdomsebol-achtige schrijverij daar zeg.

Maar hum. Maar ja. De eerste twee flitsen troffen mij aant ganzelijk begin vant boek; het laatstgeciteerde stuk (veruit de allerprachtigste regels in het hele boek, de ruimschootse rechtvaardiging van een uitgave als In Orbit of van literatuur als geheel eigenlijk) vond ik bijkans aan het einde. Daartussen zit een boek. Daartussen zit een heel boek ja.

En dat boek is – bij vlagen – hum, tsja… een beetje saai. Toch. Wel. Soms. Maar het is niet jij, Samantha Harvey. Het is maar de wereld die mij teneder houdt. Of. De wereld. Wat heeft de wereld er eigenlijk zaken mee. De wereld moet je daarvoor niet meebrengen. Jij bent niet nodig hier om mij laag neder te houden, ik doe dat prima helemaal alleen. Want ik wil zeggen, mijn verwachtingen voor dit boek waren ook wel een weinig te torenhoog misschien.

Waarom waren mijn verwachtingen zo torenhoog eigenlijk, weet jij dat? Ik wist toch dat het zich aan boor van een ruimtestation zou afspelen, wat heb ik met ruimte, ik was al nooit een “trekkie”, Annette was een “trekkie” en Annette was mooi Annette was lief Annette was slim Annette was begeerlijk allerwegen ik wou dat Annette goed over mij dacht en ik wou onze gemene grond uitbreiden. Er was de liefde voor de Nederlandse taal, er was de interesse in literatuur, dat deelden we, ik schreef gedichten voor haar en die hing ze aan haar muur, dat deelden we, ik liet haar het eerste Tindersticksalbum horen en op haar kamervloer zaten we daar naar te luisteren in gedempt licht, dat deelden we, misschien konden we dan ook maar dat verdomde Star Trek gaan delen dan, want zij was zo iemand, zo iemand die meende dat je alles uit die serie kon halen, dat de hele geschiedenis van de mensheid daar voorbij kwam, dat je er eindeloos over filosoferen kon, en dat wilde ik, eindeloos filosoferen met Annette, wijntje erbij, lichten gedempt, ja dat wilde ik, dus zat ik, inmiddels weer in het ouderlijk huis, want inmiddels was ze mijn buurvrouw niet meer, ik heb maar een paar maanden in die kamer gewoond, en toen moest ik eruit, en ik was miserabel want iemand zag mij niet meer graag of liever gezegd iemand had Mallorca boven mij verkozen, niet Annette maar iemand anders, en dat maakte me miserabeler nog dan miserabel en dus vatte ik het aanbod van mijn ouders om gedurende de zomermaanden op hun huis te passen met beide handen aan, en heeldurdagen zat ik daar maar in mijn dooie eentje, één avond kwam Suzanne langs en ik liet haar So tonight that I might see horen, dat album was toen geloof ik net uit, samen luisterden we naar hoe Hope Sandoval zong fade into you, strange you never knew, fade into you, i think it’s strange you never knew, ik had het liever aan iemand anders laten horen, niet Annette maar iemand die liever in Mallorca was dan in mijn armen waardoor ik miserabel was waardoor ik helemaal alleen in het huis van mijn ouders naar Star Trek zat te kijken want ik moest dat leuk gaan vinden van mijzelf, ik moest daar dingen over kunnen zeggen straks, één of andere hyperintelligente theorie aan gaan verbinden maar god wat vond ik het ongelooflijk superstrontsaai, die gasten in dat stomme ruimteschip van ze. En ik wist dat In Orbit ook gasten in een stom ruimteschip zou zijn, waarom dan toch die hooggespannen verwachtigen?

Ja. Hoe gaat dat. Tijd zit daar voor iets tussen. Tijd doet dat met dingen. Tijd legt een slangetje naar de dingen die komen gaan of misschien nooit komen gaan en pompt en pompt en pompt en voor je het weet zijn de dingen die (n)ooit komen zullen giganties & buiten alle proporsies. In Orbit was een boekentafelboek voor veel boekhandels, en ik had er hier en daar iets juichends over gelezen, en shit, misschien dacht ik wel aan Annette (meer neen das dertig jaar geleden nu), of gewoon, mensen in een ruimteschip ik heb nog nooit een roman gelezen die zich afspeelde in een ruimteschip, misschien dacht ik dat het ritualiserende, de herhalende handelingen iets met taal zou doen, met herhaling, met ritme, dat het boek zichzelf tot zingen zou brengen, wat het ook doet, uiteindelijk, aan het einde, in dat stuk dat ik hoger citeerde, misschien dacht ik er niet eens zo heel erg veel van maar ik wilde lezen en men had dat boek wel maar men ging mij dat niet geven want nee nee nee nee men ging dat lekker zelf lezen, en hoe aanlokkelijk wordt datgene dat buiten je bereik gehouden wordt? Ja dat groeit en dat groeit en dat groeit mensen. In Orbit was me bijbels geworden. De schrijver die de lezer een blik gunt op de aarde als geheel moet wel met enkele straffe eindgeldige analyses over de mensheid afkomen! Ja. Toch?

Nee.

In Orbit heeft nu & dan toch vooral iets zeikerigs. Al die bespiegelingen over aarde & ruimte & wijsheid & onbeduidendheid & grootsheid & mensdom, pagina’s en pagina’s lang, al die gedachten die in geen enkel opzicht verheffender of verbluffender zijn dan jouw gedachten of mijn gedachten of die van je collega’s of de visboer of dat mens dat altijd langskomt met dat hele span honden aan haar zij. Het zijn steeds rake gedachten, dat wel. Maar niets wat je niet zelf had kunnen bedenken. Hoe menselijke begeerte de aarde (mis)vormt (dacht ik zegt iemand zegt wie zegt Tom Engelhardt dat klimaatverandering het effectiefste massavernietigingswapen ooit bedacht is). Hoe de op aarde elkaar naar het leven staande nationaliteiten in het ruimtestation één zijn. Hoe vooruitgang iets is dat zowel mooi als schadelijk kan zijn. Hoe de mens nietig is, en tegelijk ongekend megalomaan. Naja. Zulke dingen. Je moet dat boek niet gelezen hebben om het te kunnen bedenken. En als de zes astro/kosmonauten in hun ruimtestation zien hoe een tyfoon zich ontwikkelt, en raast over de gebieden waar mensen wonen die ze kennen en misschien liefhebben, achja, dan kun je Sting al bijna horen zingen over hoe frah-zjiel we zijn hoe frah-zjiel we zijn.

Moet je dit boek lezen om de verpletterende inzichten?
Nee.
Moet je dit boek lezen om de eindeloze herhaling en hoe dat wiegen kan, en zingen?
Nee. Ja. Soms.
Waarom moet je dit boek dan lezen?

Tikveel. Misschien ben je geïnteresseerd in ruimtevaart? Ik kan nooit geloven dat er volwassenen bestaan die geïnteresseerd zijn in ruimtevaart. Net zoals ik nooit kan geloven dat er volwassenen bestaan die het stoer vinden om zoon heel lawaaiige auto te hebben, of om op een Harley Davidson te rijden. Dat een peuter onder de indruk is van een Amerikaanse aandoende sportwagen met een streep over de motorkap en het dak en een uitlaat die pwrreuh zegt dat kan ik snappen maar als je als volwassene nog steeds graag zo’n soort auto wil rijden moet je toch een IQ hebben waarmee het godsonmogelijk is om ooit je theorie te halen? Zo ook snap ik de ruimtevaartobsessie beter voor kinderen. Je ziet die maan die ver weg is maar toch goed zichtbaar, de zwarte lucht snachts en daarin die lichtende puntjes die sterren zijn, wat is daar allemaal, wat we zien en toch niet kunnen bereiken of zelfs maar bevatten, wonen daar ook levende wezens?, ja ik snap dat wel. Ik had een buurjongen die helemaal lijp was van ruimtevaartlego. Ik hield als kind ook van lego, altijd vroeg hij me of ik bij hem met zijn lego kwam spelen, maar hij had alleen maar dat stomme saje grijze rotruimtelego, altijd zei ik nee, en dan zei hij maar je vindt lego toch leuk? Maar dan ben je volwassen en dan weet je dat er meer is zo heel erg veel meer zo oneindig godganselijk veel meer dan alleen maar dat lullige aardetje en ja dat zal, hoe onaards de aarde, zo heet het ergens in In Orbit, ik las dat en ik dacht aan het Engelse “weird” dat is afgeleid van het Oudnoorse “Urth” wat “in een lus” zou betekenen maar ik hoor oer en aarde en zie de lussen die een ruimtestation beschrijft rondom een “godverdoms bol” om terug te komen op het punt waar ze eerder waren maar dat gezien vanuit een andere hoek in zijn vertrouwdheid toch vreemd is (dissociatie!), dat zal, maar het is teveel en het is te groot en hoe lang kun je interesse bewaren in het oneindige dat ons omringt, maar ze zijn er, volwassenen met een interesse in ruimtevaart, er zijn zelfs volwassenen die astronaut worden, wel, Samantha Harvey heeft zich voor In Orbit denk ik zeer goed gedocumenteerd, ze is zelfs gaan praten met NASA en ESA dus als je, echt, dingen weten wil over ruimtevaart dan kan In Orbit je vast nog wel iets leren.

Mij trof naast de overdonderend schone passages vooral de stilte. In rust. Wat tot bevriezing is gekomen. Bijvoorbeeld het liefdeloze huwelijk van één van de astronauten. Zaboedjem, ladno? Een samenzijn evenzeer gedeeld als niet gedeeld. De veel te krappe ruimten waarin te vertoeven. Gek genoeg dacht ik meermaals aan De Ontvolker. De intergalactische interpretatie, heeft iemand daaraan al ooit gedacht, Katalijne De Vuyst? Of nog. In Orbit als dystopia. Kan ook. Of een overstijgen van een visie en objectgeoriënteerd. Kan ook. Kan allemaal.

Met de kleine flitsen. Ten diepste woont de mens waar het klein is. De tyfoon raast daar waar iemand woont die gekend wordt door één der astronauten. Die ooit dook. Ergens bij een eiland. Waar een visser woonde. Die een mes verloor. Dat opgedoken werd. Door de astronaut toen duiker tot dankbaarheid van de visser. Die ook ergens woonde, ook een leven had, ook vader was, ook echtgenoot was. Je overstijgt immers altijd alleen maar datgene wat je ook bent.

Als je In Orbit ergens om zou lezen, dan daarom.

Samantha Harvey In Orbit recensie Winnaar Booker Prize 2024

In orbit

  • Auteur: Samantha Harvey (Engeland)
  • Soort boek: roman
  • Origineel: Orbital (2024)
  • Nederlandse vertaling: Kitty Pouwels
  • Uitgever: De Bezige Bij
  • Verschijnt: 6 februari 2025
  • Omvang: 192 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs”€ 22,99 / € 12,99
  • Winnaar Booker Prize 2024
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de roman In orbit de winnaar van de Booker Prize 2024

Een team astronauten verzamelt in een internationaal ruimtestation meteorologische gegevens en voert er wetenschappelijke experimenten uit. Maar meestal observeren ze. Gezamenlijk kijken ze naar de stille blauwe planeet, ze cirkelen eromheen, draaien langs continenten en door de seizoenen, ze zien gletsjers en woestijnen, de toppen van bergen en de deining van oceanen.

Hoewel ze van de wereld afgescheiden zijn, kunnen ze toch niet ontsnappen aan de constante aantrekkingskracht van de aarde. Ze ontvangen het nieuws dat de moeder van een van hen is overleden en daarmee komen de gedachten op over een terugkeer naar huis. Ze kijken toe hoe een tyfoon zich samenpakt boven de mensen van wie ze houden, en zijn vol ontzag en angst. De kwetsbaarheid van het menselijk leven vult hun gesprekken, hun angsten en hun dromen. Zo ver van de aarde hebben ze zich nog nooit zo’n onderdeel ervan gevoeld.

Samantha Harvey geboren in 1975 in Kent, Engeland, is de auteur van vijf romans en een nonfictieboek. Ze heeft onder meer op de shortlist gestaan van de Orange Prize for Fiction, The Guardian First Book Award en, in 2024, de Booker Prize. Harvey woont in Bath.

Bijpassende boeken en informatie

Arnaldur Indriðason – Lange schaduwen

Arnaldur Indriðason Lange schaduwen recensie en informatie over de inhoud van de nieuwe Konráð thriller deel 6 van de IJslandse schrijver. Op 4 februari 2025 verschijnt bij Uitgeverij Volt de Nederlandse vertaling van Sæluríkið de nieuwe thriller van de uit IJslands afkomstige schrijver Arnaldur Indriðason. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de schrijver en over de uitgave.

Arnaldur Indriðason Lange schaduwen recensie

  • “Een geweldige plot. […] De beschrijvingen van de samenleving en de omgeving zijn treffend en de personages zijn uitmuntend.” (Juryrapport van de Blóðdropinn, de grootste IJslandse thrillerprijs)
  • “Een internationaal literair fenomeen, en het is gemakkelijk te zien waarom.” (Harlan Coben)
  • “De onbetwiste koning van de IJslandse thriller.” (The Guardian)

Recensie van onze redactie

Er is een klein aantal thrillerschrijvers die nooit teleurstellen en waarvan de blindelings een boek kunt lezen, recensie of juist wat ouder, maakt niet uit, de kwaliteit is gegarandeerd aanwezig.

In Lange schaduwen is de inmiddels gepensioneerde Konráð de hoofdpersoon.  Maar ondanks zijn pensioen kan hij het werken en speuren niet laten, zeker niet als door recente gebeurtenissen een behoorlijk onverkwikkelijke zaak uit zijn verleden weer opdoemt en actueel wordt.

Uiteraard heeft Indriðason ook nu weer een boeiende plot bedacht die boeit van begin tot eind en nergens uit de bocht vliegt en dat doet hij in een mooie en verzorgde stijl. Bovendien geeft hij zijn karakters psychologische diepgang en complexiteit zonder clichématig te zijn en dat is precies wat ook nu weer zijn thriller boven veel werk van veel van zijn collega-schrijvers doet uitstijgen. Gewaardeerd met ∗∗∗∗ (uitstekend).

Arnaldur Indriðason Lange schaduwen

Lange schaduwen

Konráð thriller deel 6

  • Auteur: Arnaldur Indriðason (IJsland)
  • Soort boek: IJslandse thriller
  • Origineel: Sæluríkið (2023)
  • Nederlandse vertaling: Adriaan Faber
  • Uitgever: Uitgeverij Volt
  • Verschijnt: 4 februari 2025
  • Omvang: 288 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook / luisterboek
  • Prijs: € 21,99 / € 7,99 / € 12,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de nieuwe Konráð thriller van Arnaldur Indriðason

Oude zonden werpen lange schaduwen…

Bij een meer in de buurt van Reykjavík wordt een dode man aangetroffen. Wanneer ze erachter komen om wie het gaat blijkt dat de politie jaren geleden contact met hem heeft gehad toen een goede vriend van hem spoorloos was verdwenen, en dat hij vlak daarna naar Noorwegen is geëmigreerd. De gepensioneerde politieman Konráð werkte destijds aan die zaak en raakt geïntrigeerd: waarom was de man nu in IJsland? En heeft zijn dood iets te maken met die oude vermissing?

Tegelijkertijd raakt Konráð verstrikt in zijn eigen verleden als er een onverwachte ontwikkeling is in een van zijn andere oude zaken, die opschudding veroorzaakt binnen de politie. Hoe meer er bekend wordt, hoe meer hij beseft dat oude zonden lange schaduwen werpen.

Lange schaduwen is het meeslepende nieuwe boek van meermaals bekroond bestsellerauteur Arnaldur Indriðason dat los te lezen is van de andere boeken met de gepensioneerde politieman Konráð in de hoofdrol.

Arnaldur Indriðason Razende stormArnaldur Indriðason (IJsland) – Razende storm
IJsland thriller, Konráð  thriller deel 5
Uitgever: Uitgeverij Volt
Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
Verschijnt: 4 oktober 2023

Bijpassende boeken en informatie

Olga Tokarczuk – Huis voor de dag, huis voor de nacht

Olga Tokarczuk Huis voor de dag, huis voor de nacht recensie en informatie van de roman van de Poolse schrijfster en winnaar van de Nobelprijs voor de Literatuur in 2019. Op 4 februari 2025 verschijnt bij uitgeverij De Geus de heruitgave van de Nederlandse vertaling door Karol Lesman van roman Dom dzienny, dom nocny uit 1998, geschreven door Olga Tokarczuk. Hier lees je informatie over de inhoud van de roman, de vertaler en over de uitgave.

Olga Tokarczuk Huis voor de dag, huis voor de nacht recensie van Tim Donker

En stel je voor dat je ligt, met je klikken, met je klakken, met je al, op je rug in de lucht en je kijkt. Je ligt op je rug in de lucht en je kijkt naar het groen van het gras daar benee. Wat zou je zien? Je zou ze allemaal zien you would see them all of ik en ik (te wezen aardig te wezen aardig te wezen aardig) ik en ik ich sehe die alle in einer reihe:

De kleermaker. De accountant. De dienstmaagd. De tolk/vertaler. De andere zus. De andere vrouw. De toerist. De hulp.

De mensen. Het al.

De genese die recapituleert de andere genese.

& waar & in welke lucht zou je liggen?

Je kon kijken. Je kon zien. Elk gras. Altijd. Overal.

Je kon het hier zien. Of daar. Of helemaal elders. Het gras in iemands achtertuin het gras in Veghel het gras in Nowa Ruda.

Wat? U zegt?

U ligt in de lucht boven Nowa Ruda?

Hum.
Ja.
Waarom zou je niet?

& waar elders zou je liggen dan?

Waar nog dan.
Om het gras te zien groejen.
Om de tijd te zien groejen.
Om de mensen te zien groejen.

En dat is wat het boek is wat dit boek is wat de boeken zijn. De stedenboeken. U weet. De boeken die vooral over een plek gaan. Berlijn of. Petersburg of. New York of. Waar speelde Bright shiny morning zich ook alweer af?

In dit hier. Huis voor de dag, huis voor de nacht. Zijn verzameld. De verhalen van een plek. Nowa Ruda. Zei ik al? Nowa Ruda? Ik zou best oud willen worden en doodgaan in. Nowa Ruda. Waarom niet. Nowa Ruda. Zuidwest Polen. De mensen die daar zijn. Of. Naja. De mensen toch volgens dit boek hier. Zijnde. Marta. R.. De ikfiguuur. Zo-en-Zo. De getormenteerde Marek Marek. Of. Iemand die Wadera heet en altijd alle quizzen wint die Radio Nowa Ruda uitzet. Of. Krysia, de vrouw die droomde dat een man van haar hield. Of. Franz Frost, die van een boomstammetje een hoed maakte, een houten hoed om zich te beschermen tegen de kwalijke straling die volgens hem werd uitgezonden door een nieuw ontdekte planeet en toen brak de oorlog uit en Franz Frost werd onder de wapenen geroepen en ingelijfd bij de Wehrmacht en hij kwam om omdat hij weigerde zijn houten hoed te verruilen voor een helm. Of. De grenswacht die op oud en nieuw ongeweten spacecake te eten krijgt die hem gegeven wordt door dronken jongeren en de gedachten van de grenswacht beginnen op hol slaan en zijn taal brokkelt af en hij ziet een wolf die er misschien wel maar misschien ook niet echt is. Of. Wincenty Sum die een zoon krijgt en hem Ego noemt, wat een briljante vondst is van Wincenty, zeg nou zelf, en de zoon groeit op en gaat geschiedenis en klassieke literatuur in Lwów studeren en in de lente van 1943 ziet Ego Sum zich ergens in een steenkoude en onherbergzame streek gedwongen om samen met een aantal anderen het lichaam van een dode kameraad op te eten om niet van de honger om te komen en nog weer later, na de oorlog, wordt hij een wat cynisch ingestelde geschiedenisleraar aan het gymnasium van Nowa Ruda maar hij leest bij Plato dat hij die ooit mensenvlees gegeten heeft een wolf zal worden en begint hij te menen dat hij langzaamaan in een weerwolf verandert waardoor bij mij Ergo Sum ineens het hoofd van Jack Nicholson. Of. Een sekte van messenmakers die geloven dat de ziel een in het lichaam gestoken mes is dat het lichaam dwingt de onophoudelijke pijn die leven heet te ervaren. Of. De wat zonderlinge man die een biografie schrijven wil van de Heilige Ontkommer, een heilige die vermoedelijk nooit echt bestaan heeft maar in de Poolse folklore leeft in velerlei legendes die hun ontstaan vermoedelijk te danken hebben aan lieden die in een Christusbeeld zagen maar het gewaad van Jezus aanzagen voor een jurk en zodus dachten dat het om een aan het kruis genagelde vrouw ging, en in een van alle gemakken verstoken klooster schrijft en schrijft de man aan de biografie van Wilgefortis, Wilga, de Heilige Ontkommer, en zijn haar wordt langer en langer en naarmate hij zich meer en meer vereenzelvigt met zijn onderwerp wordt hij zelf langzaamaan een vrouw.

Zulke verhalen dus.
Zulke verhalen en vele andere.
Doorheen verschillende tijden, of, wel, dat hele Nowa Ruda blijft een beetje tijdloos, alsof het ligt in een enclave waarop de tijd geen vat heeft.

De onderkoelde droney poëzie van Charles Curtis Trio paste er goed bij.

Maar er zijn ook recepten, veel recepten met paddenstoelen, eetbare of oneetbare, dat maakte de ikpersoon niet zoveel uit.

Volledig volmaakte oneetbare paddenstoel (in een uiterst smakelijke bereiding).

Maar ook meer essayisties aandoende stukken over bijvoorbeeld een blinde grotsalamander, of gedachten over pruiken die me deden denken aan Uit hoofde van de hoeden van Günter Kunert. Een prachtig stuk over het sexisme in woorden. Waarom is er geen vrouwelijk equivalent van “manmoedigheid”? Of “grijsaard”? Of “wijze”? Naja. Er is heks, in het Pools wiedźma, komend van wiedzieć, weten. De heks is dus de wetende (en ik dacht aan Baba Jaga legde een ei van Dubravka Ugrešic, een ander prachtboek waarin (volks)verhalen worden verweven met filosofie en feminisme) (en daardoor en daarvia en daarlangs dacht ik aan Bloedboek van Kim de L’Horizon, een ander prachtboek waarin verhalen en essayisme en gedachten en heden en verleden onophoudelijk in en uit elkaar blijven vloeien) (en na enig speuren leerde ik dat het Nederlandse woord heks via hecse en wicce, of omwegen daarlangs, ook wortelt in weten). Het Pools voor adopteren is usynowić, komend van “syn”: zoon, iemand als het ware “inzonen”, maar er bestaat geen “indochteren”; sterker, gans de mensheid is door Gode “ingezoond”: Bóg usynowić czlowieka: God heeft de mens als kind aangenomen, en interessante gedachte, dacht ik, maar ik dacht ook Bóg is dus God? Dan is dat inderdaad naar god verwijzende woordje bog in A Clockwork Orange gewoon gejat uit het Pools en ik die dacht dat Burgess ermee verwees naar een plat Schots woord voor toilet, god als de plee van de wereld, god de wereldplee, zo dacht ik, toen ik, ooit, hoe lang geleden nu alweer, dat boek las?

(zag ik ook de film ooit? ja geloof ik, samen met Peter toen ik een jaar of zestien was) (Peter die later bij de marine ging) (en ik daarna nooit meer zag) (laat staan dat ik ooit nog eens samen met hem op de voorstraat liep, ja midden op de voorstraat, op de weg dus, doodgemoedereerd een frietje etend, en pas na het zoveelste woedende getoeter denkend Misschien moeten we eens op de stoep gaan lopen?)

Zo’n soort boek dus.
Zo’n soort boek dat ook vele andere is.
Doorheen verschillende gedachten gaand, associaties, ideeën, overpeinzingen, herinneringen, flitsen, flarden, fluisteringen.

De druilerige verstilling van Wreckmeister Harmonies paste er goed bij.

De ikpersoon ruimt de zolder op, en denkt moje woorden over, hele moje woorden over het ouder worden van dingen, want ook zonder dat je ze gebruikt worden dingen ouder, ook zonder dat je het gebruikt wordt glas mat, gaat textiel rafelen, papier vergelen, ijzer roesten. Tussen al haar zonder haar tussenkomst verouderde spullen bedenkt zij zich hoe mooi dit proces eigenlijk is: “Ik zag hoe ze versleten, hoe ze in de naden sleets, zachter werden, ouder, van zichzelf, zonder mijn inbreng. En dat was een vorm van schoonheid, het omgekeerde van rijp worden, een schoonheid die vanzelf plaatsvindt, zonder hulp van wie dan ook, en die het meest fotogenieke gezicht van de tijd is.”

Wel.
Zulke gedachten dus.
En de onaardse schoonheid van slow life, zo’n klein en prachtig seedeetje van de anders wat suffige Theo Travis, paste er goed bij.

En alles goed en alles mooi maar helaas der helazen toch weer in datzelfde bedje ziek als altijd – Huis voor de dag, huis voor de nacht is misschien allicht mogelijkerwijs (bijwoorden van twijfel) een klein beetje te dik; het had best een pagina of vijftig, of, laat ik welwillend zijn, dertig slanker mogen zijn. Het boek was al een keer op één van de stapels geraakt, omdat het me begon te vermoeien, vanwege alle gedachten en associaties die het opriep ja maar ook omdat het af en toe een heel klein beetje tegen het saje aanschurkt, en, liggend op één van die stapels dreigde het bedolven te geraken, vergeten, onder weer nieuwe boeken, weer volgende stapels (hoe komen al die boekenstapels toch altijd weer mijn huis in) (wie brengt al die boeken hier toch mijn huis in?) (wie is toch die postbode die soms op vrijdagavond via de achterdeur naar binnen komt met zijn armen vol nagelnieuwe boeken?) (mijn kinderen lijken hem goed te kennen) (mijn kinderen begroeten hem altijd allerhartelijkst), en dan moeten die stapels zelfs zozeer aangroeien dat ik het totale overzicht verlies en op het idee kom om eens wat herschikkingen aan te brengen, en daar, daar kwam Huis voor de dag, huis voor de nacht weer boven water wacht eens even dat vond ik toch wel goed meen ik mij te herinneren?, een weinig voorbij pagina honderd gestombeld, vertelt mij de boekenlegger, en ik lees weer verder, en door, en voort, en weer, niet ver van de achterkaft verwijderd, geraak ik het boek een heel klein beetje moe, een heel klein beetje maar maar niettemin betekent het wel dat ik er steeds korter in lees, een viertal pagina’s hoogstens, dan moet ik iets anders doen, even, al is het maar een paar minuten uit het raam kijken, dus, misschien was vijftig ofzo pagina’s korter beter geweest, niet perse op het eind want sommige van de mooiste stukken zitten op het eind, zoals bijvoorbeeld het allereindigste eind, maar daarover later meer, gewoon, heel het boek doorheen, hier en daar, een pagina of wat eruit gezeefd, het zeefsel inkoken, het ingekookte samendrukken tot het orgelpunt te zetten op het eind.

Misschien wat van die dromen?
Dat deed Kadere misschien beter.
Nee. Niet beter. Konsistenter.
Maar dromen zijn als sex. In boeken dan. In boeken is het beide altijd penibel, en bijna nooit overtuigend.

Of anders gewoon een boek dat je het best met beetjes tegelijk leest.

En toen. Op het eind. Waarin iemand voorstelt de wolken te lezen om er boodschappen over de toekomst uit te halen. Toen raakte het me. Dit boek is niet, misschien wel juist niet als liggen in de lucht en kijken naar het gras. Dit boek is als liggen op je rug in het gras en kijken naar de lucht. De lucht lezen. Heel de oneindige lucht lezen. Traag en volledig en ad infinitum.

Olga Tokarczuk Huis voor de dag, huis voor de nacht

Huis voor de dag, huis voor de nacht

  • Auteur: Olga Tokarczuk (Polen)
  • Soort boek: Poolse roman uit 1998
  • Origineel: Dom dzienny, dom nocny (1998)
  • Nederlandse vertaling: Karol Lesman
  • Uitgever: De Geus
  • Verschijnt: 4 februari 2025
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 20,00 / € 14,99
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de roman uit 1998 van de Poolse schrijfster Olga Tokarczuk

Marta is de oude buurvrouw van de vertelster in Huis voor de dag, huis voor de nacht. In haar geheugen leven de verhalen over mensen, plekken en gebeurtenissen in het heuvelachtige gebied aan de Pools-Tsjechische grens, de Nowa Ruda.

Marta is geen prater. Maar Olga Tokarczuk weet uit haar schaarse en eenvoudige woorden een wereld tevoorschijn te toveren die meerdere eeuwen omspant. De vele sprookjesachtige anekdotes, die met elkaar een literair mozaïek vormen, vertellen zo de geschiedenis van een klein Pools stadje.

Tegelijkertijd schetst Tokarczuk in Huis voor de dag, huis voor de nacht een beeld van de veranderende samenleving aan het einde van de twintigste eeuw, waarin ook internet als broedplaats van dromen niet ontbreekt.

Olga Tokarczuk is geboren op 26 januari 1962 in Sulechów in Polen. Ze is de belangrijkste Poolse auteur van haar generatie. Ze ontving meer dan eens de Nike, de belangrijkste literaire prijs van Polen en won de Man Booker International Prize. In 2019 werd haar de Nobelprijs voor Literatuur 2018 toegekend, en in 2024 won ze samen met vertaler Karol Lesman de Europese Literatuurprijs voor haar roman Empusion.

Bijpassende boeken en informatie

Mariët Meester – Een vrij leven

Mariët Meester Een vrij leven recensie en informatie over de inhoud van de memoir en het nieuwe boek van de Nederlandse schrijfster. Op 28 januari 2025 verschijnt bij uitgeverij De Arbeiderspers het nieuwe boek van Mariët Meester over een radicale zoektocht naar een onafhankelijk bestaan – zonder de aarde te belasten. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de schrijfster en over de uitgave.

Mariët Meester Een vrij leven recensie

In de jaren tachtig van de vorige eeuw maakte Mariët Meester een rigoureuze keuze. Samen met haar vriend bouwt ze een kleine woonwagen die getrokken kan worden door een paard. Samen trekken ze door Frankrijk. Het is een keuze voor de ultieme vrijheid wars van huisje-boompje-beestje. Een leven ook dat door lang niet iedereen gewaardeerd wordt en soms ronduit op opstandigheid stuit.

In de memoir Een vrij leven brengt Mariët Meester een boeiende ode aan het leven dat ze toen leidde en waarmee ze ook daarna is doorgegaan. Het soort van klimaatneutrale leven waarover nu zoveel gesproken en geschreven wordt maar dat in de jaren tachtig van de vorige eeuw nog door weinigen ten uitvoer werd gebracht, laat staan dat we ons met het begrip bezighielden.

Toch was het ook de tijd waarin de gevolgen van de verontreiniging en uitputting van de aarde al behoorlijk merkbaar waren, voor wie er op lette in ieder geval. Gelukkig is Een vrij leven niet alleen een verantwoording van de behoorlijk radicale keuzes die de schrijfster al vroeg in haar leven maakte en tot op de dag van vandaag volhoudt. Het is ook een goed geschreven, boeiende en inspirerende memoir die door onze redactie is gewaardeerd met ∗∗∗∗∗ (zeer goed).

Mariët Meester Een vrij leven

Een vrij leven

Een radicale zoektocht naar een onafhankelijk bestaan – zonder de aarde te belasten

  • Auteur: Mariët Meester (Nederland)
  • Soort boek: memoir, levenskunstboek
  • Uitgever: De Arbeiderspers
  • Verschijnt: 28 januari 2025
  • Omvang: 304 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 24,99 / € 12,99
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van het nieuwe boek van Mariët Meester

Een vrij leven is een inspirerende memoir over hoe je met weinig geld en een zo klein mogelijke ecologische voetafdruk het boeiendste bestaan kunt leiden.

In de jaren tachtig, een tijd waarin duurzaamheid en klimaatverandering nog nauwelijks een rol speelden, belandt Mariët Meester in Frankrijk en bouwt met haar vriend een ‘overdekt bed op wielen’ van materialen van de vuilnisbelt. Wanneer ze met een paard als trekdier rondreizen in hun tiny house avant la lettre, ontdekken ze dat hun goede bedoelingen niet door iedereen worden gewaardeerd.

In Een vrij levenblikt Meester terug op tien intense, soms roekeloze
jaren waarin ze radicale keuzes maakte. Deze ervaringen brachten
inzichten die de rest van haar leven haar leidraad zouden worden.
Filmisch, geestig en inspirerend.

Mariët Meester (25 mei 1958, Den Haag) publiceert fictie en literaire non-fictie, waaronder De mythische oom, Hollands Siberië en Koloniekind. Opgroeien in het gevangenisdorp Veenhuizen. Ook schrijft ze essays voor onder meer NRC.

Bijpassende boeken en informatie

Mark Boog – De cartograaf en de wereld

Mark Boog De cartograaf en de wereld recensie en informatie over de inhoud van de nieuwe roman van de Utrechtse schrijver. Op 23 januari 2025 verschijnt bij uitgeverij Cossee de historische roman van de Nederlandse schrijver en dichter Mark Boog. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de schrijver en over de uitgave.

Mark Boog De cartograaf en de wereld recensie

De Utrechtse schrijver en dichter Mark Boog bouwt gestaag door aan zijn oeuvre. Sinds zijn debuut in 2000 verschijnt er bijna jaarlijks een nieuwe roman of dichtbundel. Met De cartograaf en de wereld heeft hij een historische roman geschreven die zich afspeelt in het Amsterdam van de zeventiende eeuw. Hoofdpersoon van het verhaal is Paulus, de cartograaf die geboren is in de kleine Noord-Duitse stad Husum en zijn geluk wil beproeven in wereldstad Amsterdam.

Aangekomen in Amsterdam vestigt hij zich in een logement waar zeelieden verblijven voordat ze aanmonsteren op een van de vele schepen die uit de stad vertrekken voor wereldreizen naar de Oost of West. Hij gaat op zoek naar werk en mag uiteindelijk wat klussen doen voor de tegenwoordig wereldberoemde kaartenmaker Blaeu die ook in tijd een vooraanstaand man was.

Paulus is een wat onzekere man die een beetje mank loopt. Desondanks krijgt hij een seksuele relatie met zijn hospita Catharina die wat ouder is. Maar hoe de relatie werkelijk is en of de genegenheid wederzijds beleefd wordt, is lastig voor hem te achterhalen.

Op een mooie en poëtische wijze verweeft Boog het verhaal van zijn hoofdpersoon met het levendige Amsterdam uit de zeventiende eeuw. Hij stipt zijdeling ook een aantal belangrijke en ingrijpende gebeurtenissen in de stad aan. Maar vooral de worsteling van Paulus staat centraal en komt tot leven in deze geslaagde historische roman die is gewaardeerd met ∗∗∗∗ (uitstekend).

Mark Boog De cartograaf en de wereld

De cartograaf en de wereld

  • Auteur: Mark Boog (Nederland)
  • Soort boek: historische roman
  • Uitgever: Cossee
  • Verschijnt: 23 januari 2025
  • Omvang: 224 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Prijs: € 22,99 / € 14,99
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)

Flaptekst van de nieuwe roman van Mark Boog

Als de zee het noord-Duitse stadje Husum bedreigt, vertrekt een jonge cartograaf met zijn tekeningen onder de arm naar Amsterdam, de stad waar men in de 17de eeuw de beste land kaarten maakt. Hij vindt snel (slechtbetaald) werk, hij beheerst zijn vak. ‘Ik durf te zeggen dat ik de zeeën beter ken dan zij die erover varen,’ zegt Paulus, maar hij weet inmiddels ook dat ‘afbeelding en werkelijkheid nooit helemaal overeen kunnen komen’. Elke landkaart schiet tekort, laat dingen weg, trekt zaken uit hun verband, vervormt.

Nog groter zijn de twijfels wat de liefde betreft, de liefde voor zijn kamerverhuurster. Niet alleen omdat Catharina ouder is dan hij, maar ook omdat hij volledig onervaren is. Waarom laat zij hem soms in haar bed slapen, om hem vervolgens geen blik waardig te gunnen? Is ze daadwerkelijk zo’n onafhankelijke ziel? Om haar liefde te winnen, tekent hij in zijn we reldkaart, vlak naast de evenaar, een ‘nog onontdekt’ eiland: Isla Catharina. Het is waar: elke landkaart trekt zaken uit hun verband, vervormt.

Een van de beste Nederlandse hedendaagse dichters betovert ook als prozaïst. Zijn roman toont niet alleen een ingenieuze blik op een wereld die in rap tempo verandert, maar ook op de liefde voor een vrouw die het oude (ongelijke) patroon niet meer kan en wil volgen.

Mark Boog (Utrecht, 14 september 1970) schreef de dichtbundels Alsof er iets gebeurt (C. Buddingh’-prijs 2001), Zo helder zagen we het zelden (2002, genomineerd voor de J.C. Bloemprijs), Luid overigens de noodklok (2003) en De encyclopedie van de grote woorden (2005, bekroond met de VSB Poëzieprijs). Zijn dichtbundel Het eigen oor (2007, met cd) is een keuze uit eigen werk. Er moet sprake zijn van een misverstand (2010) werd geroemd als een van de drie beste dichtbundels van dat jaar. In 2013 verscheen zijn zevende dichtbundel Maar zingend. Boog is ook de auteur van de Gedichtendagbundel 2008, Alle dagen zijn van liefde. In De rotonde brengt Mark Boog voor het eerst zijn twee koningsdisciplines, de poëzie en het proza, in een roman in verzen bij elkaar. Van de romancier Mark Boog verschenen zes romans, waarvan de meest recente Café de Waarheid (2018). Zijn recentste dichtbundel, Het einde van de poëzie, verscheen in januari 2022.

Bijpassende boeken en informatie

Pim te Bokkel – Even zweven de levende wezens

Pim te Bokkel Even zweven de levende wezens recensie en informatie nieuw boek met gedichten van de Nederlandse dichter. Op 16 januari 2025 verschijnt bij uitgeverij Wereldbibliotheek de nieuwe dichtbundel van Pim te Bokkel. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de schrijver en over de uitgave.

Pim te Bokkel Even zweven de levende wezens recensie van Tim Donker

Zwevende levende wezens, dat is niet moeilijk, ook niet voor even. Ziet hoe zweeft de albatros. Ziet hoe zweeft de adelaar. Ziet hoe zweeft een vleermuis. Maar het zal. Een kauwgombal blijkt een toverbal. Ook dat zal. De dingen zullen, de dingen worden, misschien is ook dat zweven, wie was het weer die zei dat een pijl op elk moment in zijn vlucht alleen maar is waar hij is, en niet waar hij niet is, en dat een zwevende pijl feitelijk dus stil staat, was dat niet Anselmus nee truttemie dat was Zeno natuurlijk, en dit is maar het vluchten, dit is maar het worden en het gaan. Het zijn en het schijnen. Volgens de zandhagedis is de maan het ei waaruit de wereld is ontstaan. De lieve man nam de maan naamloos op in zijn horizon. Het zal. Het is. Het klinkt.

Klankenspel zal. Klank is plank. Nee klank is een schaal. Nee klank is plonk. Nee klank is plinketieplonk, is een golf, is beweging, het gaat in en het gaat uit fase, klank bestaat uit golven, als de klank ophoudt bewegen de golven immer nog. Ook poëzie kan klankenspel zijn. Meestal is dat rijm. Klank gaat de betekenis vooraf, schoonheid niet zelden zelfs, breek taalpracht opdat het rijmen zal. Offer de zeggingskracht op aan de plinketieplonk. Opdat het rijmen zal. O. Hoe haat ik gedichten op rijm. Het kinderachtige ervan. Kleuterliedjes rijmen altijd. Slogans meestal ook. Maar er is weinig verschil tussen dat eerste en dat twede. Simplisme en dwang. Het woord zelf is al lelijk. “Rijm”. Maar Te Bokkel laat ander klankenspel zien hier. En laat zien hoe. Klanken allianties kunnen aangaan die niet altijd per se rijmen. Niet-rijmende allianties. Maken ritme. Melodie. Muziek. Golfjes. Klank bestaat uit golven. Het kabbelt. Het klatert. Ook daarin het zweven, het gaan, het worden.

De man draait zijn hand niet om voor vette mooischrijverij als “Er komt een dag verwacht ook de vader in de echokamer met de slapeloze huiler.” Of voor pseudo-diepzinnigheden in de sfeer van: “Weet dat licht ook overdag verdwijnt als jij de andere kant op kijkt” (de dingen verdwijnen niet als je de andere kant op kijkt) (de wereld gaat niet weg als jij je ogen sluit) (objectpermanentie) (ook de slapeloze huiler in de echokamer weet dat) (ook als niemand luistert maken vallende bomen geluid) (de wereld is niet alleen maar een voorstelling voor onze zintuigen) (ook zonder waarnemers bestaat de wereld) (de wereld als wil en voorstelling) (de wereld is niet subjectgericht) (alles bestaat niet alleen maar opdat subjecten het horen zouden subjecten het zien zouden subjecten het beleven zouden) (alsof alleen onze zintuigen het waargenomene zin verlenen) (alsof alleen wat wordt waargenomen bestaat).

Ja. Te Bokkel kan het er goed overheen duwen. Over het hoogste punt, achter de gezichtseinder, voorbij elke horizon. Maar Even zweven de levende wezens heeft zijn momenten. Momenten waarop het gaat klinken, het er even bovenuit zingt, me voor een moment even raakt. Soms danst ook het paginawit. Misschien zoiets als een gaatje in je kist. Gewoon voor het uitzicht.

Ik dacht aan taalfragmentatie. Elke splinter weerspiegelt het geheel der taal. Flintertjes taal is wat de lezer hier toch minimaal bemachtigen kan. En wie het flintertje heeft, die heeft -. Pars pro toto. Ja. Ik ben blij dat jij het zegt. Hoef ik het niet meer te zeggen.

Want wat ineens in het licht staat. Hij is niet voor jou gestorven. Hij is voor jou gestorven. Velen zijn voor jou gestorven. Eén miljoen zijn gestorven om dit geluid te maken. Binnenin leeft het geluid. Het geluid dat jij haat maar ik lief heb. Geluid gaat in en uit fase. Geluid bestaat uit golven. Jij gaat niet door naar de volgende ronde.

Dat is de fragmentatie waar ik het over heb.
Dat zijn de fragmenten.
De splinters. De flinters. Dit is wat je vangen kunt als je Te Bokkel leest.

Zegt iemand zegt wie zegt Rachel Blau Duplessis (de praline dankt haar naam aan de kok van de Franse maarschalk Du Plessis-Praslin. hij brandde als eerste een gesuikerde amandel): ‘Gedicht’ is een druppel in die emmer en belooft niets.

Druppel. Emmer. Ja.

De druppel kan in Even zweven de levende wezens wel gevonden worden. De emmer komt een andere keer wel misschien. Of misschien is de lezer zelf wel de emmer. Het zal. Het kan. Het is.

Pim te Bokkel Even zweven de levende wezens

Even zweven de levende wezens

  • Auteur: Pim te Bokkel (Nederland)
  • Soort boek: gedichten, poëzie
  • Uitgever: Wereldbibliotheek
  • Verschijnt: 16 januari 2025
  • Omvang: 80 pagina’s
  • Uitgave: paperback
  • Prijs: € 22,99
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de nieuwe dichtbundel van Pim te Bokkel

Zo haastig we leven, zo heerlijk beleef je dat ene moment, als je durft. De tijd trekt zich terug. Je wankelt, springt en bent, voor even, vrij.

Even zweven de levende wezens is een eigentijds, sprankelend memento mori – een rijke bundel met verzen voor natuurliefhebbers, dromers, lopers, zwemmers, forensen, zinzoekers, ouders, grootouders, smartphonestaarders, kinderen, stedelingen, dichters, dorpsbewoners, levensgenieters, nabestaanden, strandwandelaars, lezers, buitenlui, vakantiegangers, vaders, liefhebbers – iedereen die soms het gevoel heeft dat we gedachteloos snel aan de dingen voorbijgaan.

In tastbare, zorgvuldig uitgeserveerde zinnen roept Pim te Bokkel een wereld op die er eigenlijk niet meer had mogen zijn.

Pim te Bokkel is op 21 maart 1983 geboren in Winterswijk in de Achterhoek en groeide op in Aalten. Hij debuteerde in 2007 met Wie trekt de regen aan? Hierna verschenen met enige regelmaat nieuwe bundels zoals De Achterhoekse verzen en Dit en alles en heel het heelal.

Bijpassende boeken en informatie

Tina N. Martin – Het appelmeisje

Tina N. Martin Het appelmeisje recensie, review en informatie over de inhoud van de nieuwe Zweedse thriller. Op 7 januari 2025 verschijnt bij A.W. Bruna Uitgevers het eerste deel in een nieuwe reeks thrillers van de Zweedse schrijfster Tina N. Martin die zich in het noorden van Zweden afspelen. Hier lees je informatie over de inhoud van de thriller, de schrijfster en over de uitgave.

Tina N. Martin Het appelmeisje recensie

Het appelmeisje is het thrillerdebuut van de Zweedse schrijfster Tina N. Martin. En de liefhebber van de betere Scandinavische thriller zal na lezing ook deze keer niet teleurgesteld zijn. Het is niet te merken dat dit een eersteling is.

De thriller speelt zich af in en rond de Noord-Zweedse stad Boden. Maar alhoewel Boden in 1919 stadsrechten heeft de stad zelf slechts zo’n 16,500 inwoners en de gelijknamige gemeente iets meer dan 28.000 inwoners. Van een wereldstad kun je hier niet spreken. Maar door de ligging in het noorden van Zweden, niet ver van de Oostzee waarmee de verbonden is door de mondig van de rivier de Luleälven wel een prachtige locatie om een thriller in te situeren.

Rechercheur Idun Lund moet een moord oplossen die op brute en gruwelijke wijze is gepleegd en dat doet ze samen met Calle Brandt die misschien wel het prototype is van hoe wij de Noord-Scandinaviërs zien, gesloten, naar binnen gekeerd en nogal alleen. Zo op het eerste gezicht clichés die je bij Scandithrillers vaak tegenkomt en dat klopt ook wel. Maar Tina N. Martin weet er toch mee weg te komen. Ze weet de spanning op prima wijze op te bouwen en zorgt ervoor dat je als leze het boek moeilijk kunt wegleggen.

Kortom de liefhebber van de betere Zweedse thriller stelt ze zeker niet teleur en voor niet wachten kan, gelukkig ligt het tweede deel in de reeks De dondermaker sinds september ook in de boekhandel. Gewaardeerd met ∗∗∗∗ (uitstekend).

Tina N. Martin Het appelmeisje

Het appelmeisje

Idun Lind thriller deel 1

  • Auteur: Tina N. Martin (Zweden)
  • Soort boek: Zweedse thriller, Scandithriller
  • Origineel: Befriaren (2022)
  • Nederlandse vertaling: Nannie De Graaff
  • Uitgever: A.W. Bruna
  • Verschijnt: 7 januari 2025
  • Omvang: 432 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook / luisterboek
  • Prijs: € 22,99 / € 12,99 /
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol

Flaptekst van de eerste thriller van Tina N. Martin

Een reeks bijbelcitaten
Een duister geheim
Een brute moord

De eerste zaak voor rechercheur Idun Lind. Een macabere misdaad doet de Noord-Zweedse stad Boden op haar grondvesten schudden. Een docente die geen vijanden lijkt te hebben, wordt vermoord aangetroffen door haar man. De dader etaleerde haar lichaam op brute wijze: ze hangt aan een plafondhaak.

Rechercheur Idun Lind wordt op de gruwelijke zaak gezet. Ze worden geconfronteerd met een reeks anonieme bijbelcitaten die een duistere geschiedenis blootleggen. Samen met haar eenzame partner Calle Brandt duikt Idun diep in de schokkende zaak. Maar dan belandt Idun zelf in het vizier van de moordenaar.

Bijpassende boeken

Karel F. Gildemacher – Taal van het Friese landschap

Karel F. Gildemacher Taal van het Friese landschap recensie en informatie boek over Friesland. Op 20 november 2024 verschijnt bij Uitgeverij Noordboek het boek over het landschap van Friesland, geschreven door Karel F. Gildemacher. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de auteur en de uitgave.

Karel F. Gildemacher Taal van het Friese landschap recensie en informatie

Taal van het Friese landschap is echt zo’n boek voor de liefhebber. Auteur Kerel F. Gildemacher moet bijna wel bezeten zijn van Friesland om aan zo’n monnikenwerk, het boek is vuistdik en bevat 560 pagina’s, te beginnen. Het kan niet anders dan dat er vele jaren werk aan vooraf zijn gegaan. Jaren van uitzoeken, begrijpen, bevatten en verklaren.

Dit is geen boek dat je van begin tot eind in een keer uitleest. Het eerder een encyclopedisch werk dat uitputtend verhaalt over de taal die gebruikt werd om het landschap in Friesland te benoemen in al haar verscheidenheid. Een boek om in te bladeren en een beetje in te verdwalen. Bedoeld voor de liefhebber van taal en Friesland. En als je tot die groep behoort is dit boek niet te versmaden en zal je zeker niet teleurstellen. Het boek is gewaardeerd met ∗∗∗∗ (uitstekend).

Karel F. Gildemacher Taal van het Friese landschap

Taal van het Friese landschap

  • Auteur: Karel F. Gildemacher (Nederland)
  • Soort boek: boek over Friesland
  • Uitgever: Noordboek
  • Verschijnt: 20 november 2024
  • Omvang: 560 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek
  • Prijs: € 34,90
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen bij: Boekhandel / Bol

Flaptekst van het boek over Friesland

Het Friese landschap is een boeiend geheel van gevarieerde gebieden. Het merengebied, de kleistreken van Westergo en Oostergo, de woudstreken, het Waddengebied of Gaasterlân, steeds zijn er veel bijzondere plekken als je erdoorheen rijdt, fietst, vaart of loopt.

Dat landschap is in de afgelopen eeuwen sterk veranderd. Er is veel verdwenen en begrippen die erbij hoorden zijn vergeten. In dit boek is veel van deze vaak vergeten Friese landschapstaal bewaard. Het vertelt over het gebruik en de beleving van het landschap zoals de mensen het vooral in de negentiende en vroeg twintigste eeuw zagen en voelden. Een Friese landschapsbiografie zoals die is vastgelegd in taal.

Karel F. Gildemacher (1946) verzamelde vele jaren uit tal van bronnen woorden, begrippen en namen die iets vertellen over het landschap en de geschiedenis van de mensen in de verschillende streken. Het werd een biografie van het Friese landschap in taal. Eerder (1993) promoveerde hij op historische waternamen en publiceerde onder andere over schipperstaal (2003), Friese plaatsnamen (2007), terpen en terpnamen (2008). In 2015 verscheen Het Friese water, een standaardwerk over de plek en de functie van al dat water in de provincie.

Bijpassende boeken en informatie

Josephine Rombouts – De tien geboden voor vrouwen

Josephine Rombouts De tien geboden voor vrouwen recensie en informatie over de inhoud van het boek over de strijd voor gelijke vrouwenrechten. Op 19 november 2024 verschijnt bij Uitgeverij Querido het nieuwe boek van de Nederlandse schrijfster Josphine Rombouts. Hier lees je informatie over de inhoud van het boek, de schrijfster en over de uitgave.

Josephine Rombouts De tien geboden voor vrouwen recensie van Monique van der Hoeven

Ik las al eerder boeken van Josephine Rombouts, zoals het boek Opmerkelijke Vrouwen, dus ik was heel benieuwd naar dit kleine werkje met als titel De 10 geboden voor Vrouwen. Een titel die meteen nieuwsgierig maakt, want welke vrouw zit er nou te wachten op nóg meer moeten, nóg meer de wet voorgeschreven krijgen?

En natuurlijk is dat precies waar het boekje over gaat. De inhoudsopgave bestaat uit deze 10 geboden, met zelfs nog een elfde gebod.

In 11 korte hoofdstukken stelt Josephine ongeschreven regels aan de orde, waar vrouwen nog altijd geacht worden aan te voldoen. Ze doet dat op de pittige en humoristische manier die we van haar kennen. Ze geeft veel actuele voorbeelden van de “geboden”, wat hopelijk veel bewustzijn creëert bij mensen.

Ik denk dat er geen vrouw is die zich niet herkent in deze geboden – of dat een feest van herkenning is (zoals op de achterkant van het boekje wordt verkondigd). Ik blijf het op z’n minst opvallend vinden dat er nog zoveel ongeschreven regels zijn, waar we nog altijd geacht worden aan te voldoen. Maar ja… dan neem ik het 8ste gebod misschien weer niet in acht: Gij zult niet zeuren.

Ik heb genoten van dit werkje – en ja, in dat opzicht was het lezen van dit boekje  zeker een feestje!  Een aanrader – voor vrouwen, én mannen en gewaardeerd met ∗∗∗∗ (uitstekend).

Josephine Rombouts De tien geboden voor vrouwen

De tien geboden voor vrouwen

  • Auteur: Josephine Rombouts (Nederland)
  • Soort boek: feministische non-fictie
  • Uitgever: Querido
  • Verschijnt: 19 november 2024
  • Omvang: 80 pagina’s
  • Uitgave: gebonden boek / ebook
  • Prijs: € 13,99 / € 9,99
  • Waardering redactie: ∗∗∗∗ (uitstekend)
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van het nieuweboek van Josephine Rombouts

Vrouwen stuiten voortdurend op maatschappelijke barrières: dit mag je wel doen, dat mag je juist niet. Alsof voor hen andere regels gelden dan voor mannen. Een rimpel moet bij de vrouw vakkundig worden weggepoetst, maar maakt de man karakteristiek, en verbaal moeten vrouwen niet te veel willen opvallen. Aristoteles zette al de toon toen hij stelde dat vrouwen een gebrek aan temperament hebben en mannen strijdlustiger zijn en dus beter toegerust voor het publieke leven. Een vruchtbare bodem voor eeuwen aan verschillende verwachtingen van en voorschriften voor de seksen.

Josephine Rombouts gaat ‘de tien geboden voor vrouwen’ langs op geestige en opmerkelijke wijze. De tien plus één geboden samen zijn een feest van herkenning voor iedere vrouw en een bron van nieuwe inzichten voor iedere man.

Josephine Rombouts (1971, Den Haag) studeerde kunstgeschiedenis en Nederlands. Vijf jaar woonde ze met haar gezin in de Schotse Hooglanden, waar ze achtereenvolgens huishoudster, personal assistant en manager was op een kasteel. Tegenwoordig schrijft ze boeken en artikelen, onder meer voor NRC, en geeft ze lezingen. Van alle delen van Cliffrock Castle samen werden ruim 125 000 exemplaren verkocht. In 2023 verscheen het boek Opmerkelijke vrouwen.

Bijpassende boeken en informatie

Musih Tedji Xaviere – Deze brieven eindigen in tranen

Musih Tedji Xaviere Deze brieven eindigen in tranen recensie en informatie roman van de in Kameroen geboren schrijfster. Op 15 november 2024 verschijnt bij Uitgeverij Orlando in samenwerking met Oxfam Novib de Nederlandse vertaling van de eerste roman These Letters End in Tears van Musih Tedji Xaviere. Hier lees je informatie over de inhoud van de roman, de schrijfster, de vertaalster en over de uitgave.

Musih Tedji Xaviere Deze brieven eindigen in tranen recensie en informatie

  • “Xavieres debuut schildert een portret van verdriet – in het bijzonder de pijn van het queer-zijn in een niet-tolerante samenleving. Een diep-tragische roman, een getuigenis van onrecht, corruptie en geweld.” (Booklist)
  • “Een intelligent, geraffineerd boek dat niet alleen over seksualiteit, homofobie en traditionele genderrollen gaat, maar ook over de erfenis van het kolonialisme in West-Afrika.” (Kirkus Reviews)

Recensie van Tim Donker

De jaren. De kamers. De boeken. De stapels. En het ineens.

Want ineens ben je een besprekerken, of een professioneel lezer, of welke omschrijving kun je er ook aan geven? Ineens zijn de boekenstapels vanzelf gaan groeien. Ooit groeide alleen wat je zelf plaatste. Toen je antiquariaten afschuimde, selecteerde op wat je kende, wat je dacht te weten, vaak slechts ruwweg, aan de hand van uitgeverijen, perioden, landen, of je liet je leiden door een kaft, een titel, iets dat je ertoe prikkelde een boek op te pakken, in te kijken, hier en daar wat te lezen, en dan ja te zeggen misschien, met boeken in je handen naar de kassa te lopen, weer meer om mee naar huis te nemen, weer meer voor op de stapels. Later raakten antiquariaten uitgedund. Was het geen zekerheid meer dat je in elk stadje maar een fractie groter dan een dorp wel een winkel kon treffen waar twedehands boeken werden verkocht. Toen moest je gerichter zoeken, via websites gespecialiseerd in antiquariatiese boeken, ongezochte vondsten waren er toen niet meer bij, nog later bestelde je je boeken uit Amerika via obskure uitgeverijen, en toen. Toen was je ineens een besprekerken of een professioneel lezer of welke omschrijving er ook aan gegeven kan worden. Toen belandden de boeken als vanzelf op je besprekerstafel. Daar moest je niks meer voor doen. Je kon gewoon maar lezen wat er binnen kwam.

Iemand zei dat de stapels niet op je leken. Dat kan kloppen. Jij bent een mens. De stapels zijn geen mensen. De stapels zijn gewoon maar de stapels, en vaker nog hoger dan menshoog. Maar je moet toegeven dat je houdt van de stapels. Je houdt van ze omdat ze je literaire horizon aanzienlijk hebben verruimd. Ooit dacht je dat boeken moesten zingen. Dat alleen het razen, het kolken, het bulderen telde. Hoe kon er geraasd en gekolkt en gebulderd en gezongen worden? Dat kon alleen maar via taal. Dat is het instrument van een schrijver en het was aan elke schrijver omdat instrument zo scherp mogelijk te stemmen. Elk proza moest poëties zijn, en het liefst op een beetje een duistere manier. Wat vormexperimenten erbij om het af te maken – dat was kunst, kunst was altijd vorm, en alleen maar vorm, en wat kletste die gast die je zo’n beetje van ver of nabij kende en die een uitgeverij had in de stad waar je woonde, wat kletste hij toch enorm uit zijn randdebiele nekharen toen hij zei Die experimenten ken ik nu wel, vertel me liever een goed verhaal! Verhaal psss, psss, wat is nou verhaal, verhalen vertellen doe je in de kroeg, je keek die gast wat meewarig aan en zei toen Die verhalen die ken ik nu wel, vertel het me liever op een opzienbarende manier!

Want er zijn maar twee verhalen: dat van de liefde en dat van de dood. Zei je. Zei je altijd maar. Zei je steeds maar weer opnieuw.

Maar wat nu je huis binnenkomt, lees je, of het experimenteel is of niet, of het poëties is of niet, of het raast en kolkt en buldert of niet. En wat peinst ge? Ja, je schaamt je misschien zelfs het toe te moeten geven (terwijl je schoort met je voeten), maar sjee, wat kan je soms onder de indruk zijn van een mooi verhaal.

Een mooi verhaal. Hoor jou nou toch weer.

En toch.

Neem dit hier Deze brieven eindigen in tranen. Als er één plotgedragen boek is, dan is dit het. Musih Tedji Xaviere zet niet vol in op taal, en evenmin op stijl. Het minieme beetje experiment dat in dit boek gezocht wordt, is dat sommige hoofdstukken verhalend zijn waar andere de vorm hebben van een brief. Van de ene hoofdpersoon aan de andere hoofdpersoon, de lezer zit daar niet tussen, die moet alleen maar aanschouwen. Maar er valt dan ook wel heel veel te zien! Een verhaal dus ja, en van de liefde dan nog, en evenzeer van de dood, al wordt met die toevoeging misschien al teveel verraden.

Bessem en Fatima zijn twee tienermeisjes. Fatima is moslim; Bessem christen. Ze wonen in Kameroen. En ze houden van elkaar. Meer dan dat, ze zijn tot over hun oren verliefd op elkaar. Het is een hartverwarmende, mooie, prachtvolle en soms wat aandoenlijke liefde – voor Bessem is het haar eerste, echte grote liefde. Het is een lieve liefde. Ja. Behalve dan dat liefde tussen twee personen van hetzelfde geslacht verboden is in Kameroen. Tijdens een romanties samenzijn in een homobar, worden de meisjes door de broer van Fatima en zijn vrienden naar buiten gesleurd, ongenadig in elkaar geslagen, en vervolgens aan de politie uitgeleverd. Bessem wordt vrijgekocht maar Fatima blijft in de cel. Later is ze onvindbaar. Dertien jaar lang is ze onvindbaar. Bessem is inmiddels hoofddocent in de economische wetenschappen maar ze is Fatima nooit vergeten. Elke nieuwe liefde die zich aandient, wordt met Fatima vergeleken en moet het onherroepelijk afleggen tegen de grote, intense, zo dramaties afgelopen liefde. Wanneer ze op straat een toenmalige vriendin van Fatima ziet lopen, intensiveert Bessem het zoeken naar Fatima. Het eindigt in een schokkende ontdekking waarin Fatima’s broer -de hypocriete lul is inmiddels wijd en zijn gerespecteerd als imam wil je wel geloven- een weerzinwekkende rol speelt.

Wel. Hier heb je dus. Hier heb je het. Hier heb je een boek dat voornamelijk bezig is een verhaal te vertellen. Is het een goed verhaal? Wel. Het is in ieder geval een verhaal dat naar de strot grijpt. Een verhaal over de haat waar liefde mee te maken kan krijgen. Een verhaal over onverdraagzaamheid, intolerantie, over mensen verbieden te zijn wie ze willen zijn. Peins niet te snel dat zulke verhalen zich altijd elders bevinden. Zo vreselijk als het Bessem en Fatima verging zal het er in, pak m beet, Veghel misschien aan toe gaan. Maar idiote wetten heb je overal, sadistiese politieagenten heb je overal, en homohaat heb je overal (ik ken iemand die bijna gewurgd werd door zijn vader toen hij bekende dat hij op jongens viel). Maar het thema van een liefde waaraan niet toegegeven mag worden is bovenal universeel. Daarmee is wat dit boek vertelt zeker niet exclusief aan Kameroen voorbehouden.

Deze brieven eindigen in tranen is het soort boek waarop ik altijd heb neergekeken: het soort boek dat je voornamelijk blijft lezen omdat je wil weten hoe het afloopt. Dat vond ik altijd zo’n goedkope reden om door te lezen! Dat is waarom mensen soaps kijken. Je kijkt morgen weer omdat je hoopt meer duidelijkheid te krijgen omtrent de dingen die gisteren gebeurden. De stompzinnigste manier om zwakbegaafden geboeid te houden. Maar als het zo verpletterend, zo onthutsend, zo adembenemend gebeurd als in dit debuut van Musih Tedji Xaviere, gooi ik met liefde mijn voormalige principes overboord.

Dit is niet het soort boek dat me nog twintig jaar zal bijblijven, het boek waarnaar ik in mijn stervensuur ga willen teruggrijpen (ik vooronderstel dat grijpen naar boeken sowieso niet iets is dat meteen in je opkomt op enig stervensuur). Maar een mijlpaal niettemin; een boek om mijn opnieuw verruimde literaire horizon af te palen. Ja. Oké. U had gelijk, mijnheer de uitgever, waar u nu ook bent: ook experimentloze boeken die in eerste instansie allenig maar een verhaal willen vertellen, kunnen zeer de moeite waard zijn. Toch, het mooist was dit boek op de momenten dat de taal zich eventjes boven het verhaal uit wilde zingen; als Bessem per brief het woord richt tot haar verdwenen lief Fatima. De dingen die ze dan zegt. “Mijn leven is weer geworden zoals het was voordat ik jou ontmoette alleen weet ik nu precies wat ik mis.” bijvoorbeeld: “Er is geen morgen voor mij, alleen het verleden en dit oneindige wachten.” – om een levensgroot verdriet te comprimeren tot luttele woorden; dat is toch echt de kracht van taal en daar kan nog altijd geen verhaal tegenop. Maar het verhaal dat je erbij krijgt maakt wel dat je je in dit boek begraaft tot de laatste letter gelezen is. En dan eindigt het in tranen. Uw tranen.

Musih Tedji Xaviere Deze brieven eindigen in tranen

Deze brieven eindigen in tranen

  • Auteur: Musih Tedji Xaviere (Kameroen)
  • Soort boek: Kameroense roman
  • Origineel: These Letters End in Tears (2024)
  • Nederlandse vertaling: Lara Visser
  • Uitgever: Uitgeverij Orlando, Oxfam Novib
  • Verschijnt: 15 november 2024
  • Omvang: 256 pagina’s
  • Uitgave: paperback / ebook
  • Winnaar Pontas Prize
  • Boek bestellen bij: Bol / Libris

Flaptekst van de roman Musih Tedji Xaviere Deze brieven eindigen in tranen

Ontroerend verhaal over een onmogelijke liefde in Kameroen.

Bessem ziet Fatima voor het eerst op het voetbalveld en het is liefde op het eerste gezicht. Eén speelse knipoog van Fatima en Bessem weet dat haar leven nooit meer hetzelfde zal zijn. In Kameroen, een land waar relaties tussen mensen van hetzelfde geslacht strafbaar zijn, is een gezamenlijke toekomst voor hen uitgesloten. Wanneer Fatima wordt opgepakt bij een politie-inval in de enige homobar in de stad, verdwijnt ze vervolgens spoorloos. Bessem blijft ontredderd achter.

Dertien jaar later is Bessem hoogleraar aan de universiteit. Wanneer ze een oude vriendin tegenkomt – de laatste persoon die Fatima misschien heeft gezien – begint Bessem aan een zoektocht naar haar verloren liefde.

Deze brieven eindigen in tranen is het liefdesverhaal van een christelijk meisje met een rebels hart en een moslimmeisje dat een dubbelleven leidt.

Musih Tedji Xaviere is geboren in Njinikom in Kameroen, en woont nu in Groot-Brittannië. Haar debuutroman, Deze brieven eindigen in tranen, won de Pontas Prize en de JJ Bola Emerging Writers Prize.

Bijpassende boeken en informatie